Firmin
Van Hecke werd geboren te Ertvelde op 21 november
1884. Zijn middelbare studies deed hij aan het Jezuïetencollege te
Turnhout. Hierna studeerde hij een jaar wijsbegeerte en letteren aan de
Gentse universtiteit. Hij werd dan beambte op het gemeentehuis van zijn
geboortedorp. Zijn vader was er gemeentesecretaris. In 1914 week hij
uit
naar Engeland waar hij soldaat werd. In april 1919 keerde hij terug
naar
België. In 1920 werd hij opsteller benoemd bij het Ministerie van
Openbaar Onderwijs. In 1921 werd hij redacteur van het Vlaams beknopt
verslag
van de Senaat. In 1923 volgde dan zijn benoeming tot onderdirecteur van
de Dienst Schone Kunsten en Letteren op het Ministerie van Onderwijs.
Na
kabinetssecretaris te zijn geweest, werd hij uiteindelijk directeur van
voormelde dienst. Dit bleef hij tot zijn pensionering in 1947.
Het oeuvre van deze dichter is eerder beperkt. Zijn poëzie is
echter aangrijpend en getuigt van een intens gemoedsleven, hoewel de
vormkracht
vaak zwak is. De nieuwe stromingen waren aan hem niet besteed.
Misschien
tot wanhoop van de critici was zijn verdienste dat hij goede gedichten
trachtte te maken, niet uit roeping of morele dwang, maar enkel voor
zijn
eigen genoegen.
Firmin Van Hecke was redactielied van "Nieuw Leven", "De Boomgaard"
en "Het roode zeil". Buiten zijn gedichten schreef hij ook nog enkele
monografieën
(1).
Firmin Van Hecke overleed te Gent op 29 juli 1961.
Bibliografie:
* Verzen (poëzie, 1912)
* Gedichten (poëzie, 1925) (heruitgave
in 1936)
* Lazarus (poëzie, 1949)
* Gustaaf Van de Woestijne (monografie, 1951)
* Jules De Sutter (monografie, 1958)
* Gedichten (1962)
-----------
(1) monografie = verhandeling over één enkel onderwerp
Terug naar Louis' Thuispagina - index Vlaamse schrijvers