August
Vermeylen werd geboren te
Brussel op 12 mei 1872 als jongste zoon van een aannemer van bouw- en
schilderwerken
en een huisvrouw. Hij volgt de lessen aan het atheneum te Brussel. Hier
wordt de basis van zijn vlaamsgezindheid gelegd. In deze periode sterft
ook zijn vader. Vervolgens gaat hij geschiedenis studeren aan de
"Université
libre de Bruxelles" van 1890 tot 1894. Na reeds stichter te zijn
geweest
van het tijdschrift "Jong Vlaanderen, is hij In 1893 medestichter van
"Van
nu en straks". Hij promoveert in 1894 op het in het Frans opgestelde
proefschrift
"Het Twaalfjarig Bestand". Hij studeert nog verder in Berlijn en Wenen
en wordt in 1899 tot speciaal doctor aan de Brusselse universiteit
uitgeroepen
op het (nederlandstalig) proefschrift "Leven en werken van Jonker Jan
Van
der Noot". Ondertussen was hij in 1897 gehuwd met de Waalse Gabrielle
Brouhon,
met wie hij twee kinderen kreeg. Hij wordt docent kunstgeschiedenis aan
de Brusselse universiteit in 1901. Vanaf het jaar hierop doceert hij de
geschiedenis van de Nederlandse letterkunde. In 1903 is hij
medeoprichter
van het tijdschrift "Vlaanderen". Door zijn toedoen wordt er in 1910
aan
de Brusselse universiteit de sectie Germaanse filologie
(1) opgericht. Tijdens de eerste wereldoorlog is hij tegen elke
vorm
van activisme
(2). Hij zag dit als een verraad aan de Vlaamse zaak. Hij
ondertekent
zelfs een protestbrief tegen de vernederlandsing van de Gentse
universiteit
! In 1919 wordt hij lid van de "Komissie ter vervlaamsching der
Gentsche
Hoogeschool" en lid van de "Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal- en
Letterlunde". Hij ligt samen met Frans van Cauwelaert en Julius Hoste
in
1919 aan de basis van de oprichting van het AVV, doch trekt zich hier
vlug
uit terug omdat hij als unitarist
(3) niet kan akkoord gaan met het radicale minimumprogramma. In
1921
wordt hij gecoöpteerd senator voor de socialistische partij. In
1922
is hij medestichter van de Vlaamse PEN-club. In 1923 werd te Brussel de
VZW Vlaamse Club voor Kunsten, Wetenschappen en Letteren opgericht.
Vermeylen
werd voorzitter ; leden waren o.a. Ernest Claes
en Herman Teirlinck. Vanaf 1923 geeft hij
les
aan de universiteit van Gent, eerst moderne letterkunde van de
Germaanse
talen en geschiedenis van de Nederlandse litteratuur en vervolgens ook
de geschiedenis van de kunst in de Middeleeuwen en de Moderne Tijd en
geschiedenis
van de schilderkunst. Hij wordt benoemd als eerste rector van de
vernederlandste
Gentse universiteit (1930-1933), een bekroning van zijn inzet voor de
vernederlandsing
van het onderwijs in Vlaanderen. In de franstalige pers werd hij toen
de
"anarchist
(4)-rector
(5)" genoemd. In 1938 wordt hij vice-voorzitter van de Senaat. Bij
het uitbreken van de oorlog in 1940 wordt hij door de Duitsers uit zijn
functies ontzet.
De veelzijdige August Vermeylen was dichter, romanschrijver, criticus,
essayist en kunsthistoricus. Hij debuteerde met sensualistische verzen
en impressionalistische
(6) prozaschetsen en soms bijtende kritieken. Hij brengt de Vlaamse
litteratuur op een hoger peil, maar hij wou het Vlaamse cultuurleven in
het algemeen opheffen tot op een Europees niveau. Reeds in 1896 verwijt
hij in zijn revolutionair-anarchistische "Kritiek der Vlaamsche
Beweging"
de flaminganten hun taal- en rasromantiek. Volgens hem mocht de Vlaamse
Beweging niet enkel een taalbeweging zijn maar moest de
sociaal-economische
en geestelijke ontwikkeling van de Vlamingen nagestreefd worden.
Langzamerhand
ruilt hij zijn anarchisme in voor een humanistisch-socialistische
beleving
van de Vlaamse strijd. Hij geeft zelf zijn geestelijke evolutie weer in
het essay "Eene Jeugd" (1896). De laatste zinnen uit zijn essay
"Vlaamsche
en Europeesche Beweging" (1900) zijn beroemd geworden : "Om iets te
zijn
moeten we Vlamingen zijn. Wij willen Vlamingen zijn om Europeeërs
te worden.".
Het geestelijke avontuur van zijn jeugd werd door de schrijver in
symbolische
vorm weergegeven in de roman "De wandelende Jood" (1906).
Mede door zijn humanistisch levensideaal ging op kunsthistorisch gebied
zijn voorkeur uit naar de renaissance. Dit blijkt uit zijn grote
synthetische
studie "De geschiedenis der Europeesche plastiek en schilderkunst in
Middeleeuwen
en Nieuwe Tijd" (3 delen, 1921-1925). De drie delen werden in 1946
herwerkt
tot één deel met als titel "Van de catacomben tot Greco".
Zijn zin tot synthese komt tevens tot uiting in het
litterairhistorische
"Van Gezelle tot Timmermans" (1923).
In 1943 verschijnt de autobiografische roman "Twee vrienden".
Hij publiceerde ook onder de pseudoniemen Frits Carène, Halieus, Frans
Heuvels, Karl-Christian-Friedrich Krause, Victor Lieber, A. Van der
Meere en Karel de Visscher.
August Vermeylen werd getroffen door een hartverlamming en overleed
te Ukkel op 10 januari 1945.
Bibliografie :
* Het twaalfjarig bestand (proefschrift, 1894)------------
(1)
filologie = wetenschap van de
taal
(2)
activisme = politieke beweging
die streefde naar de oplossing vande
Vlaamse
kwestie met behulp van de bezettende
macht (1914-1918)
(3)
unitarist = voorstander van de
eenheidsstaat
(4)
anarchist = iemand die alle
gezag verwerpt
(5) rector
= bestuurder
(6)
impressionalistisch =
uitsluitend de onmiddellijke indruk weergevend
Terug naar Louis' Thuispagina - index Vlaamse schrijvers