maandag 17 januari 2005

Donau-promenade

  
Ons ventje op de Donaupromenade. Waar hij vandaan komt weten we niet. Maar hij zit daar toch zo parmantig mooi.

We gaan de Donau afwaarts. Koud, maar frontaal deugddoend zonneweer op de promenade.

Zuidelijk Boedapest

Het Gellért Badhuis (Gellértfürdö) (en het Gellért Hotel). Late Jugendstil

De baden en het Gellérthotel vormen zonder twijfel het meest 'prestigieuze' complex van Boedapest en de bron aan de Gellértberg met haar, naar zeggen "uitstekende geneeskrachtige werking", -opgeklopte lariekoek dus- is al meer dan 1.000 jaar bekend. Al in de 13de eeuw stond hier een badhuis dat in de 16de eeuw door de Turken werd uitgebouwd. Het kreeg in het begin van deze eeuw zijn huidige vorm en de hoofd- en zijhallen met hun late Jugendstildecoraties kwamen er in 1918. Volledige inrichtingen voor balneo-, mechano- en electrotherapie, evenals een Thais massagecentrum en een tandartsenpraktijk maken deel uit van het badhuis. Te bezoeken, sinds kort mits een electronische toegangspas (waarmee je zelfs nog nieteens gemakkelijk buiten geraakt).
Kort gezegd, er is daar niet alleen al langer een warmwaterbron, maar ook (nog altijd) een goudmijn.

  

     

Vásárcsarnok (de centrale markthal)

  
Op de begane grond veelkleurige marktstalletjes, met fruit en groenten en slingers knoflook en de beroemde paprika's.

Magyar Nemzeti Múzeum (Hongaars nationaal museum) en Dohány utcai zsinagóga

  
Alle twee toe!

Polgámesteri Hivatai (stadhuis)

Het 'ministerie van verkeer'


Vanuit het antiek aandoend postkantoor zullen de kaartjes in géén tijd in België ter bestemming komen. Fotograferen verboden!

En, ook al had Poedapest de eerste ondergrondse metro van West-Europa, daar rijden nu nog trams zoals in Gent 40-50 jaar geleden!

Langs straten en pleinen

Kunstuitingen van alle vormen en allerlei stijlen kom je overal tegen.

Schitterend voorbeeld van de secessions-stijl.

En vwoila zie, dienen zijnen dag heeft weeral wat minder zwaar gewogen!

Vörösmarty tér

Met het beroemde jugendstil-koffiehuis Gerbeaud, opgericht in 1884 door de Zwitserse banketbakker Émile Gerbeaud, en waar de koffie heerlijk smaakt.

Országház (Parlementsgebouw) en Néprajzi Múzeum (Etnografisch museum)

Wat vroeger dan verwacht zit onze trip richting zuid erop en besluiten nog een wandeling te maken naar het Parlementsgebouw. Dit is op dat moment streng bewaakt wegens een of ander hoog bezoek, en we moeten achterom. Geen probleem, meteen krijgen we dan ook het Etnografisch Museum te zien.

  
De voorzijde (vanop de linkeroever van de Donau) en achterzijde van het parlementsgebouw.
Dit gigantisch neogotische, sacraal aandoende monumentale gebouw ligt tussen de Donau en het Kossuth Lajos tér.
Door de koepel, torentjes, pinakels, torenspitsen en de arkaden en de galerijen aan de kant van de Donau doet het gebouw denken aan de Londense Parlementsgebouwen of zelfs aan de koepel van Milaan.
Op de gevels staan 88 beelden van Hongaarse vorsten, prinsen en militaire leiders.


Dit gebouw in neorenaissancestijl (zoals zovele gebouwen, opgetrokken einde van de 19de eeuw) is het voormalig kantongerecht en hof van cassatie.
Boven het door zes zuilen ondersteunde fronton herinnert een beeldhouwwerk aan de eerste functie van het gebouw:
het stelt vrouwe Justitia voor met een zegewagen met drie ingespannen paarden.
Nu herbergt het het Etnografisch Museum.

En wandelen langs de Donau terug richting het hotel. 't Wordt alweer avond.


Nog maar eens de Kettingbrug, nu mooi verlicht.

En terug naar onze wijnkelder


"Thank you!", vriendelijke man, maar 't was wel een stukje van de kelder dat we in beeld wilden brengen.

  
Gezondheid. 't Moet niet alle dagen frieten van Mc Donnalds zijn.

Vorige Omhoog Volgende