hij.txt

INHOUD:

iets moois? 1
iets moois? 2   -
iets moois? 3
 
 



 
 
 
 
 

Iets moois?
 
 

1.

"Schrijf je ook eens iets moois" vroeg ze, half leunend tegen de deurstijl,

pose?
was ze niet ooit mannequin of model geweest?
mijn dichtbundeltje doorbladerend zoals je een van vlooien verdachte hond zou strelen.
mijn dichtbundel: agressief postsurrealisme
trotski of malatesta?

Ik had het teruggevraagd aan haar man ("hij is er niet") die gewoonlijk  in de kleine werkkamer op een oude schrijfmachine stencils aaneenratelde voor zijn literair tijdschrift (een paar maal werd ik vernoemd als medewerker)

maar nu: geen dichtbundels, geen schrijfmachines meer
mitrailleurs
- of black en deckers om een gaatje in het hoofd te boren -
Ze stond tussen de living en de werkkamer in, en dank zij het tegenlicht kon ik door de lichte, linnen zomerrok het schijnsel van haar benen zien.
de samenvloeiiing
het tweestromenland
Mesopotamië
de stad Oer

Een aanspannend lichtrose tricottruitje flatteerde haar borstjes.

een slapend kind
dat dromend
de vuistjes balt
Ik glimlachte.
Iets moois?
Mijn rechterhand onder haar minirok?
Mijn linkerarm om haar heen
de hand onder het truitje
de tepel scherpend?
Of met twee handen in de kaken van haar kont knijpen
haar hard tegen mij drukken
de granaat voelen
de pal eruit
de knal
Nietchaiev
nihil

Ik bleef glimlachen.
"Dank u" zei ik. En: "ik zal proberen".
 

Ik droomde van de revolutie -
haar man droomde van de vrije liefde.
Een tweetal jaren later zag ik haar terug in een van de in-zijnde provobeatnikstuffersjazzliefhebbersartiesten-cafeetjes
half verveeld stond ze aan de bar te zoenen met een vrouw
hij probeerde toen het hoofdstuk "trio" uit
lag met neus en bril op hen in bed
en schreef
close-nose-writing

nog een aantal jaren later zag ik dat ze een kleerwinkeltje openhield
ze leefden gescheiden
ze kende mij al lang niet meer

en nog een aantal jaren later las ik zijn zelfmoord in de krant

dus toch een geweer
hij

ik?
de dichtbundel (agressief postsurrealisme) is zoekgeraakt
de revolutie is voor later
de zelfmoord ook

misschien
 
 




 
 

2.

"Schrijf je ook eens iets moois" vroeg ze.

Ze stond naast het bed, haar lingerie terug aantrekkend (een soort wijde slip, een beha die vooraan toeknoopte - bah, lelijk!.),
voorovergebogen,( jantje zag eens peertjes hangen), een papier te lezen, waarschijnlijk door één van mijn katten (Erasmus? Kropotkin? Bakoenin? Malatesta?) te voorschijn gehaald.

Postmodernisme.
Tekst.
Wij hadden tegen elkaar aangedrukt gestaan in een overvolle dancing. Zij was beginnen  praten. Ik wilde mijn katten de trofee tonen en nam haar mee naar huis.
Haar man had ik weet niet meer wat met kunst te maken en zij was lerares of ook artiste.
Een van hun vrienden was fotokunstenaar. Aan de buitendeur van een galerij hing werk "in opbouw".
Minimal?
conceptual?
Ik moest maar eens bij hen thuis komen, toen ze terug waren van reis. Haar man was "modernminded" zei ze.
Modernminded?
BI zeker.
Mijn reet BInnen, ja.
Dank u wel niet met deze knaap..

Twee weken later las ik het in de krant: het echtpaar was omgekomen bij verkeersongeval, ergens in een Afrikaans land.
 
 




 
 

3.

"Schrijf je ook eens iets moois?" vroeg ze.

Ze zat met opgetrokken knieën in een zetel.
Ik zat rechtover haar op de rand van het bed,

vol geloof, hoop en liefde.
Ze probeerde het gesprek gaande te houden, en sprak, riep, schreeuwde luider en luider. In de kamer ernaast (ze huurden een kleine benedenverdieping,  twee theaterstudentinnen)  was haar vriendin aan het kraaien van het neukgenot.
We waren aan het praten geslagen  in het café van Skoop. Ik zag meer in haar medestudente, mooier, losser, maar die had al iets met een designer of een tekenaar, leraar aan een of andere school. Om indruk te maken had ik iets over literatuur laten vallen,dacht daarmee beet te hebben, hàd inderdaad beet, raakte wel het appartement binnen, maar haar niet.. En kon nu blijven doorbomen over kunst, wat mijn boompje zijn lusten niet stilde.

Weken heb ik het geprobeerd. De diepchristelijke ritsen van haar broeken waren van onwrikbaar staal, haar vlaamsgezinde handen doodstijf toen ik ze naar het goede doel  probeerde te leiden.

nader tot u mijn god
Ze wou zich geven, weende ze, maar had zware psychologische remmen, snikte ze. Dat zag ik, ja.
Het begon mij sexuologisch te beklemmen. Dat voelde ik, ja.
in dit geloof wil ik leven en sterven

Op een dag belde ze aan bij mij, ik deed nietsvermoedend open, en zij stelde vast dat mijn katten een andere dame op bezoek hadden. Wenend liep ze weg.

Ze  had rechten gestudeerd uit gehoorzaamheid, en volgde nu toneelschool. Uit roeping.
Volgens mij had ze alles om een uitstekend advokaat te zijn.
Een of twee keer heb ik haar naam gelezen in de bespreking van een teatervoorstelling: derderangsrol in een tweederangsgezelschap in haar homeland Zuidwestvlaanderen.
Jaren later heb ik haar gezien in een televisieserie. Een vierderangsrol.
 


TERUG NAAR: hij.txt

TERUG NAAR HOMEPAGINA