7.
wanneer
de zilveren draaitol
uiteindelijk op een kant valt
is de richting
eenduidig
en
zonder tegenspraak
aangegeven
niets of alles
geven of nemen
half of heel
centrifugale waarheden of onomkeerbare zekerheden
verdrongen haat of verdraaid plezier
onvoorstelbare verwondering of ingebeeld verdriet
bevroren zomer of ontdooide herfst
alleen
blijft de vraag
wie draait de dreidel
en hoe