Lezing door Mevrouw Lieve Dams,
kinderpsychiater
Cultuurcentrum ‘De Muze’ te Zolder, 10 maart 2004
Mevrouw Dr. L. Dams
is naast kinderpsychiater in België ook gerechtelijk psychiater in
Nederland. Uit de interessante lezing van Mevrouw Dams vatten we hier vooral
die elementen samen die ons als ouders helpen bij het opvoeden van onze HB
kinderen.
1. Hoogbegaafdheid en stoornissen
Hoogbegaafdheid kan verward worden met, maar ook samen gaan met sommige
problemen of stoornissen (Aandachtstekortstoornis, autisme, leerstoornissen,
NLD…). HB kinderen met andere
problemen worden best behandeld. Hiervoor moet men als het ware een lijstje
maken van wat er goed gaat, en wat er slecht gaat. Professionele hulp is
nodig.
Tips voor ouders hierbij:
Volg je intuïtie, wees consequent, neem de signalen van je
kind serieus (ook psycho-somatische signalen, zoals misselijk worden),
overleg met de school!
2. Waarom is werken met HB kinderen in het onderwijs zo
moeilijk?
Hoogbegaafde kinderen verschillen van andere kinderen op
verschillende punten, die het de leerkrachten moeilijk maken. Ze hebben een andere leerstijl, vertonen stoorgedrag, steken maar energie
in het lesgebeuren als ze iets leren kunnen, hebben persoonlijke
codes die anders zijn dan die van de groep. Codes zijn principes,
afspraken waaraan je je wil houden.
HB kinderen ervaren hierdoor veel eenzaamheid. Help hen door
hen de bevestiging te geven die zij ook nodig hebben. Hoe doe je dat? Veel
knikken, lachen naar het kind, aankijken; door helderheid te bieden
(bijvoorbeeld als kinderen blijven vragen stellen zeggen: “ik begrijp wat je
bedoelt, maar nu doe ik eerst … dan kom ik bij jou”, dus zeker niet door af
te breken met “zwijg nu eens even”). Je kan ook helpen door via de eigen
ideeën van je kind de principes van anderen aan te brengen (bijvoorbeeld:
jij wordt niet graag gestoord als je werkt, voor de andere kinderen zijn
jouw vragen moeilijk omdat ze hun nadenken storen….).
HB
kinderen begrijpen anderen
niet altijd
en de anderen (leerkrachten en medeleerlingen) ervaren dat als een
bedreiging, weten niet hoe ze ermee om moeten. Dat wekt
schuldgevoelens op bij het kind en kan tot faalangst leiden. Voor de ouders:
je kind is geen bedreiging, ook een moeilijkere opvoeding kan lukken. Speel
anderzijds ook geen struisvogel: als er een probleem is, praat er dan over.
Wees altijd eerlijk tegen je kind.
3. Problemen ontstaan rond vier domeinen
Dat zijn: wat
denkt je kind dat het kan, niets …alles (identiteit); zelf willen bepalen
wat ik wel of niet doe (autonomie) en verantwoordelijkheid; leren (ik wil
geen fouten maken); onlust of onvrede met de situatie (waar ben ik hier
eigenlijk mee bezig).
Op school doen de meeste problemen zich voor rond leren en
onlust, thuis vooral rond identiteit en autonomie.
Volgens Dr. Dams loopt het met twee op zes herkende HB niet
goed af. (Natuurlijk worden probleemloze HB niet zo snel herkend).
4. Hoe
kan je helpen als leerkracht en ouder?
Baseer je steeds op een degelijke analyse (wat gaat goed, wat
gaat niet goed, zijn er stoornissen). Een nauwe samenwerking met alle
betrokkenen, thuis en op school is zeker nodig. Hou ook rekening met de
signalen van het kind bijvoorbeeld: hoofdpijn, buikpijn, tics, onaangepast
of agressief gedrag, drukdoenerij of dagdromen, motivatieverlies, zelfs
depressie…
Komen ook voor: ontwikkelingsstilstand of zelfs
–achteruitgang.
Wat je
zeker niet doet op school
- Niet werken
met stickertjes, geen openbare beloningen
- Niet afremmen
- Niet straffen
voor wegdromen, stoorgedrag
- Niet laten
dubbelen
- Niet laten
nablijven voor herhalingsleerstof als straf
- Geen extra
(gelijkaardig) werk als ze vroeger klaar zijn
- Niet zeuren
over het slordige handschrift
- Geen
negatieve opmerkingen over het trage werktempo
Wat je wel kan doen
- Laten testen; goede analyse van goede en minder
goede kwaliteiten van het kind
- Uitdagend leermateriaal bieden, bijvoorbeeld
van een hoger niveau
- Erkennen dat niet alle kinderen evenveel
herhaling nodig hebben
- Werken van toetsenblad naar toetsenblad tot het
vastloopt; geef extra moeilijke toetsen
- Laat HB kinderen samenwerken (kangoeroeklas)
- Alle leerlingen hebben recht op aangepast
onderwijs; HB kinderen moeten zich niet aanpassen aan de middelmaat;
laat hen op discrete wijze andere dingen doen
- Aansporen, ondersteunen (door knikken,
aankijken …, niet links laten liggen)
- Rekening houden met de neiging tot
perfectionisme
Na afloop was er tijd voor vragen van de aanwezige ouders. Mevr. Dams
legde erg de nadruk op het belang van helderheid, duidelijkheid. Praat
over alles, maak problemen bespreekbaar. Dit is beter dan straffen.
Verslaggever : Marina Vandermeulen
Aanverwante informatie
www.hoogbegaafdvlaanderen.be
www.hbkopzoek.be
naar boven ▲ |