Nothobranchius rubroreticulatus Blache & Miton, 1960
Rubroreticulatus
: De naam is afgeleid van de Latijnse woorden ruber= diep rood, purper; en reticulatus= gevlekt - als verwijzing naar het gevlekt kleuren patroon bij de mannen, die duidelijk diep rode tot purperkleurige punten vertonen op dorsaal en anaal vinnen.Eerst Beschrijving
Blache
& Miton, 1960 - Poissons nouveaux du bassin du Tchad et du Bassin adjacent du Mayo Kebbi; III Cyprinodontidae - Cichlidae - Bull. Mus. Nat. Hist. Nat. (Paris); 20 Série, Tome 32; N° 3, 1960: 215-216.Terra Typica
Afwateringssysteem van het
Tchad meer, weg naar Bougar nabij Koundoul (deze plaats wordt soms ook aangeduid als Koundoun), omgeving van Fort-Lamy, ten zuiden van N'Djamena [15°09'O, 11°58'N], Tchad, en van Bahr-Marako, ook nabij Fort-Lamy, deze maal echter in Kameroen.|
|
|
Figuur 1: Verzamelplaatsen van N.rubroreticulatus in Tchad en Kameroen |
Meristische Gegevens
D. 16-20, A. 16-20, P. 18-20, V. 6,
29-34 schubben over laterale zijlijn, en 24-30 schubben om het lichaam heen, voor de Ventraal.
De beschrijving van de soort werd als volgt aangegeven door
Tabel 1: Metingen uitgevoerd door
Blache en Miton (1960) op N.rubroreticulatus|
Aant |
Schubben in longitudinale lijn |
Schubben om het lichaam |
Dorsaal |
Ventraal |
||||||||||||||||
|
29 |
30 |
31 |
32 |
33 |
34 |
24 |
26 |
28 |
30 |
16 |
17 |
18 |
19 |
20 |
16 |
17 |
18 |
19 |
20 |
|
|
# |
2 |
2 |
3 |
8 |
7 |
1 |
5 |
8 |
7 |
3 |
1 |
7 |
12 |
2 |
1 |
2 |
2 |
6 |
10 |
3 |
Synoniemen
Geen
Holotype
Mus. Nat. Hist. Nat. (Paris) N° 59.232 - 3 specimens (2 mannen en 1 vrouw) van
Koundoul, nabij Fort-Lamy, ten zuiden van N'Djamena (15°09'O, 11°58'N), Tchad, verzameld op 18 Oktober 1958.Paratypes
Mus. Nat. Hist. Nat. (Paris) N° 59.235 - 3 specimens (2 vrouwen van 21-48 mm., 1 man van 27 mm.) van
Bahr-Marako, eveneens vanuit de omgeving van Fort-Lamy, deze maal echter in Cameroun, verzameld op 13 Oktober 1955.Grootte
50 mm totale lengte.
Code
RUR
Verspreiding & Biotoop
Volgens
Blache en Miton (1960), werden alle verzamelingen gemaakt in tijdelijke waterpoelen van enkele 10 m² grootte, gevuld met regenwater (deze poelen werden uitgegraven om aarde te winnen voor het verhogen der wegen); alle verzamelde individuen waren seksueel rijp of hadden juist eieren gelegd. Het leven van deze individuen overtreft dus zelden enkele maanden, gedurende dewelke deze ontginningspoelen gevuld worden met regenwater. Het overleven is verzekerd door langdurige eieren, in staat om te weerstaan aan een lange droogte in de verharde modder gedurende het ganse droogseizoen (van december tot en met mei inbegrepen).|
|
|
Figuur 2: Meteorologisch profiel van Tchad |
N.rubroreticulatus
vormt de meest westelijke vertegenwoordiger van het Nothobranchius geslacht. Meer naar het westen toe, vindt men Pronothobranchius Kiyawensis, dat voor het eerst gevangen werd door L. Lloyd in de Kiyawe rivier, nabij Katagum [10° 20'O - 12° 15'N] in de noordelijke provincies van Nigeria. De aanwezigheid van een Nothobranchius binnen het Tchad bekken is niet zo verwonderlijk, daar er algemeen aanvaard wordt dat dit drainage systeem eens veel uitgestrekter was en dat het deel uitmaakte van het Nijl systeem waar het geslacht vertegenwoordigd wordt door N.virgatus in Sudan, en door N.ugandensis en N.robustus in het boven Nijl systeem.Geschiedenis
Beschrijving
De beschrijving van de soort werd door
Blache en Miton (1960) als volgt aangegeven: mannen zijn fel gekleurd; het gans lichaam draagt een purperen reticulatie over een licht groene achtergrond met parelmoer reflecties; deze reticulatie wordt gevormd door de schubben wiens zichtbare rand omzoomd wordt door purper. Het hoofd is eveneens purper, met grote parelmoer vlekken op de kieuwdeksels. Dorsaal en anaal vinnen zijn rijkelijk voorzien van dicht geplaatste onregelmatige purperen punten. Deze aan de basis der vinnen verspreidde punten versmelten dikwijls tot een uniforme mediane band in het midden der vinnen. De randen van deze vinnen zijn zwart, en er is tevens ook een brede witte submarginale band. De onderste 2/3 der caudaal vin is donker rood, dan vertoont ze een witte transversale band met blauwe reflecties, distaal beperkt door een zwarte of nacht blauwe rand, wat de buitenste rand der vin duidelijk accentueert. Pectoraal en ventraal vinnen zijn kleurloos.Kweek & Verzorging
The kweek en verzorging van deze soort is nog onbekend daar er nog geen levende specimens in de hobby werden ingevoerd.
Literatuur