Marita de Sterck

Met huid en haar


leven

boeken

cursussen

lezingen

vragen

reizen

nieuw

links

e-mail

home
 

English

Français

   

Thema

Terwijl zijn ouders een weekje op vakantie zijn, organiseert Joppe met zijn vrienden een grote vredesdemonstratie. Tussendoor zorgt hij voor zijn overgrootvader Tist die verkouden is, en probeert hij werk te maken van Alya, voor zijn vriend Tobias haar inpikt.
Maar dan wordt Tist echt ziek. Algauw is Joppe met handen en voeten aan de norse oude man gebonden. Terwijl de stad davert onder het geweld van de demonstratie, reist Tist terug naar de Eerste Wereldoorlog, toen hij een jongen was. Oude angsten komen naar boven, gebeurtenissen zo aangrijpend dat er geen woorden voor zijn. Tist vertelt over zijn oorlogen, maar hij maakt zijn verhalen niet af. Joppe wil nu echt te weten komen wat hij verzwijgt. Voor het te laat is.
Tist zijn tijd raakt op. Maar ook Alya vraagt tijd. En er hangt weer oorlog in de lucht. Joppe ervaart aan den lijve dat noch de dood, noch de liefde zich laat dirigeren.

Een verhaal over vaders en zonen,
over vergeten en herinneren,
over oorlog en vrede,
over leven en sterven,
en over liefhebben, met huid en haar.

 

De Pers

Mart Seerden, Nederlandse Bibliotheekdienst:
‘Het verhaal is geschreven in een meeslepende, beklemmende, betoverende poëtische taal en geeft mondjesmaat zijn intens beleefde, met veel geheimen omgeven, dramatiek vrij. De auteur, bekend van en veelgeprezen voor haar eerdere werk, heeft aan haar oeuvre een juweel toegevoegd: over vergeten en herinneren, over vaders en zonen, over vrouwelijke oerkracht, over leven, sterven en liefhebben.’

Juryrapport Zilveren Zoen, april 2005:
‘De centrale figuur in deze roman is een verteller in hart en nieren. Dat maakt dit boek een ode aan de kunst van het vertellen. De roman is knap van compositie, met om en om een hoofdstuk in het ‘hier en nu’ (2003) en een hoofdstuk dat in het verleden speelt, van 1913 tot 1985. Aanvankelijk is het oude verhaal veel indringender, maar de twee lagen grijpen steeds meer in elkaar, wat symboliseert hoezeer het heden in deze roman verweven is met het verleden. De overgangen tussen de twee tijdlagen zijn heel geraffineerd: een kleinigheid – een woord, een voorwerp – roept een associatie op met het verleden, waaraan een verhaal vast zit. Schrijnend zijn de verhalen over honger en armoede in de ‘Grote Oorlog’ en de ellende in de Tweede Wereldoorlog. In Europa lijkt de geschiedenis zich te herhalen, en in de familie herhaalt elke nieuwe generatie met kleine variaties de fouten van ouders en grootouders, gedreven door variaties op dezelfde angsten. Er zijn méér uitgesproken karakters in deze roman, die ook nog eens wordt gekenmerkt door krachtige beelden en prachtige taal. Een Zilveren Zoen met een Gouden randje.’

Ria de Schepper in Vlaanderen, juni 2005:
‘Het verhaal is strak opgebouwd, met afwisselend hoofdstukken uit het heden en het verleden, die via motieven aan elkaar worden gekoppeld. Daarin nemen vooral de vroege jeugdherinneringen van Tist en de Eerste Wereldoorlog een belangrijke plaats in. Door de gelijklopende thema’s, zoals familiebanden, afscheid nemen, het samengaan van liefde en dood en de kracht van verhalen die generaties bindt, is dit boek sterk verwant met “Wild vlees”, een andere adolescentenroman van deze auteur. Een aangrijpende, diepgravende  roman met scherp getypeerde, authentieke personages. Het boek werd in april terecht bekroond met de Nederlandse Zilveren Zoen.’

Pol Van Damme in Pluizuit (www.pluizuit.be):
‘Zoals Joppe de verhalen van zijn overgrootvader te horen krijgt – in kleine stukjes – zo krijgt ook de lezer het verhaal. Een hoofdstuk in het heden wisselt telkens met een hoofdstuk uit het verleden. Op prachtige wijze weet de schrijfster deze stukjes met elkaar te verbinden, zodat ze bijna naadloos in elkaar overlopen. Op heel indringende wijze leeft de lezer mee met de verschrikkingen van de Grote Oorlog, de koppigheid van Tist, de Tweede Wereldoorlog en de tegenslagen die zich in het leven van Tist afspelen. Deze stukjes staan als het ware haaks op het enthousiasme en bruisende leven van Joppe en zijn vrienden en toch vullen ze elkaar aan, vormen ze één geheel. Want ook Joppe heeft veel van zijn overgrootvader; diezelfde koppigheid, zich vastbijten in iets wat hij wil… De personages zijn heel knap uitgewerkt: zoals Tist die door de omstandigheden van de oorlog zo hard geworden is, voor zichzelf, maar ook voor de anderen; die de hunkering naar genegenheid heel zijn leven heeft weggedrongen en pas nu, op het einde van zijn leven, terug toelaat. Of Joppe die tot over zijn oren verliefd is op Alya en door jaloersheid door het lint gaat tegen zijn beste vriend. Een heel boeiend, beklijvend en erg knap geconstrueerd verhaal. Een aanrader!’

Annemie Leysen in De Morgen, 27 april 2005-12-13
Met huid en haar is geen historische roman geworden, en al evenmin een journalistieke zoektocht naar feiten, data en protagonisten. In een nieuwsoortige 'jongerenstreekroman' plaatst Marita De Sterck vier generaties tegen een achtergrond waarin de oorlogen van de voorbije eeuw, 9/11, en de nasleep ervan manifest of dreigend aanwezig zijn. In een nauwkeurig uitgekiende compositie, waarin heden en verleden elkaar afwisselen, vertelt ze hoe de beklemmende angst voor zinloos geweld levens verknoeit, relaties vertroebelt, gevoelens verlamt en zelfs weleens alle hoop en zekerheid ontneemt.
Joppe is erg verknocht aan zijn bokkige overgrootvader Tist, en aan diens epische verhalen over toen. Als Tist ziek wordt, net op het moment dat zijn ouders even op reis zijn, is dat een streep door zijn rekening. De voorbereiding van een vredesdemonstratie tegen de oorlog in Irak én een ontluikende romance komen algauw in het gedrang. Hij laveert dan maar tussen het ziekbed van de koppige, veeleisende maar intrigerende oude man, het café waar zijn maten spectaculaire stunts bedenken voor de vredesoptocht en de hunkering naar de fascinerende Alya. Met Tist gaat het intussen fysiek van kwaad naar erger. Maar met die aftakeling verbrokkelt ook stilaan zijn ondoordringbaar pantser, zijn hardnekkige bescherming tegen de pijn, het verdriet en het oeverloze gemis, die gingen niet meer over sinds die dag in 1917, toen zijn kleine zusje Trieneke van honger en ellende doodging en zijn geadoreerde moeder als een gekwetst moederdier voor eeuwig rond ging dwalen. Met een haast waanzinnige verbetenheid stortte Tist zich daarna in de modder van de loopgraven ("Tist zocht de dood maar die wou hem niet hebben") en vocht als een duivel in een wijwatervat "voor mijn moeder, voor mijn zuster". Ook na die oorlog blijft hij op de vlucht voor affectie en verbondenheid, voor "dat machteloze, grenzeloze houden van, dat een mens een leven lang bang maakte"; geen vrouw, en zeker geen kind in zijn leven, want "ze vallen als vliegen, van het ene moment op het andere".
Beetje bij beetje krijg je, samen met Joppe, een zicht op een duister verleden van een familie als "een ordeloze kast vol geheimen en stiltes". De twee verhaallagen vallen ten slotte perfect samen en de drie resterende generaties vinden elkaar aarzelend in een bijzonder aangrijpende, goed gedoseerde toenaderingsscène.
Met huid en haar is een knap geconstrueerd boek. De Sterck zette haar verhaallijnen vakkundig uit en hield ze behendig in de hand. Heden en verleden kregen een eigen ritme en taalregister mee, die meestal consequent en overtuigend worden volgehouden: het vrij authentieke hedendaagse jongerenidioom van de ik-verteller en het plastische Vlaams in de verhalen van vroeger lopen doorgaans vlotjes in elkaar over. Hoewel: een bijna honderdjarige Vlaamse bonk hoor ik niet meteen "werk ze!" roepen om een kleinzoon tot ijver aan te moedigen...
Het personage van Tist komt fors uit de verf: een koppige, grimmige einzelgänger ("koppiger dan de Duvel die hij drinkt"), met zijn aan het front gehavende "patattenneus" en zelfvertrouwen, die, met het einde in zicht, langzaamaan ontdooit. Tegelijk een entertainer en rasverteller, net als zijn vader, van wie hij leerde hoe je als kleermaker je klanten kunt inpakken met rijkelijke stoffen en wijdlopige vertelsels. Het boek zit dan ook boordevol overtuigend en zintuiglijk vertelde verhalen: over zotte Sus, bijvoorbeeld, "zo zot als een achterdeur", de bok die Tist ooit op de jaarmarkt had gewonnen. Of over de bottenmadam en de pekduivels, die kleine kinderen het slib van de donkere rivier insleuren en ze met huid en haar verslinden. Soms voel je de schrijfdocente De Sterck aan het werk en wordt een en ander te rationeel en bedacht ingezet: wanneer zo'n verhaal al te nadrukkelijk gerepeteerd wordt, bijvoorbeeld, en als spitsvondige profetische rode draad wordt uitgesponnen. Ook de bonsais van Joppes moeder en de djembé van Alya als symbolen voor nieuw leven lijken me wat al te doorzichtig en kunstmatig . Het leidmotief, 'met huid en haar', duikt te pas en te onpas op en de functionaliteit ervan is niet steeds duidelijk. Minder zou, alweer, meer geweest zijn.
En toch is Met huid en haar een aangrijpend en geloofwaardig boek dat, meer dan vorige romans van Marita De Sterck, boeit, ontroert, meesleept en aan het denken zet.