Minister van Sociale Zaken en Pensioenen
Vraag nr. 966 van mevrouw de Bethune d.d. 12 december 2000 (N.) :
Gelijke kansen voor mannen en vrouwen in het beleid. — Strategische doelstellingen. — Middelen. — Methodologie.
Terecht benadrukt de federale minister bevoegd voor het gelijke-kansenbeleid mevrouw Onkelinx in haar beleidsnota voor het begrotingsjaar 2001 (doc. 50 0905/020), dat sinds de VN-vrouwenconferentie van Peking (in 1995) het gelijke-kansenbeleid geleidelijk een ruimere inhoud krijgt.
Zo moeten we ook op dit vlak vorm geven aan een stroomlijningsbeleid of een beleid van «mainstreaming » waarbij « elke maatregel of elk programma wordt bestudeerd en geanalyseerd op basis van een mogelijke verschillende impact op mannen en vrouwen ». Tevens meldt de federale minister bevoegd voor het gelijke-kansenbeleid dat alle leden van de federale regering, elk voor de aangelegenheden waarvoor zij bevoegd zijn, een strategische doelstelling hebben bepaald, waarvan de opvolging moet uitmonden in reële stappen voorwaarts wat de gelijkheid van mannen en vrouwen betreft.
Daarom kreeg ik graag een antwoord op volgende vragen :
- Welke zijn de strategische doelstellingen inzake gelijke kansen van mannen en vrouwen die u binnen uw bevoegdheidsdomein hebt bepaald voor het jaar 2001 ?
- Hoeveel middelen hebt u ingeschreven, in uw begroting van 2001, in globo en per post, ter verwezenlijking van de gelijke kansen van vrouwen en mannen in uw beleid ?
- Wie is binnen uw diensten/kabinet bevoegd voor de opvolging van deze doelstellingen? Welke methodologie hebt u voorzien om dit beleid op te volgen onder de coördinatie van de regering ?
Antwoord : Ik heb de eer het geachte lid het volgende op haar vragen te antwoorden.
- Vrouwen komen beduidend meer voor in beroepsrisico's zoals lumbale aandoeningen wat het zorgpersoneel betreft en in de risico's met betrekking tot het werken met beeldschermen. Deze aandoeningen worden onvoldoende erkend als beroepsrisico's.
Er dient specifieke aandacht besteed aan toegang tot en/of kwaliteit van zorg met betrekking tot gezondheidsproblemen waarmee vrouwen uitsluitend of hoofdzakelijk worden geconfronteerd. Er zullen specifieke programma's worden ontwikkeld op volgende domeinen: indicatiestelling voor sectio caesarea; in-vitrofertilisatie; chirurgische behandeling bij obesitas; vroegtijdige opsporing van borstkanker; erkenning en behandeling van het chronisch vermoeidheidssyndroom en abortus.
- Aangezien ik ervan uit ga dat de genderdimensie in zoveel mogelijk beleidsmaatregelen en programma's geďntegreerd wordt, werden geen aparte middelen ingeschreven in de begroting 2001 ter verwezenlijking van de gelijke kansen tussen mannen en vrouwen.
- Op mijn kabinet is de heer Guy Van De Velde bevoegd voor de opvolging van deze doelstellingen, in de administratie werd deze bevoegdheid toegekend aan mevrouw Nelly Scheerlinck.
Wat de voorziene methodologie betreft kan ik u het volgende meedelen.
In het verslag van de regering over het beleid gevoerd overeenkomstig de doelstellingen van de Vierde Wereldvrouwenconferentie in september 1995, heeft de regering zich geëngageerd tot :
- per departement, het formuleren van een strategische doelstelling inzake gelijke kansen;
- aanduiden van een verantwoordelijke op elk kabinet en in elke administratie belast met deze materie.
Overeenkomstig hiermee heeft een interkabinettenwerkgroep de strategische doelstellingen van elke minister voorgelegd aan de Ministerraad. Deze werden definitief goedgekeurd tijdens de Ministerraad van 26 januari 2001.
De minister van Gelijke kansen stelde een budget van 6,5 miljoen frank ter beschikking om de interkabinetten- en interadministratie-werkgroep te ondersteunen en te vormen. Dat gebeurt door middel van een « cel Mainstreaming » waaraan vijf universiteiten meewerken : UCL-UIA-ULB-VUB-Ulg.
Deze cel Mainstreaming heeft tot doel de personen die zich bezighouden met de strategische doelstellingen inzake gelijke kansen te begeleiden doorheen het ganse proces, met name
- vorming aanbieden;
- identificatie van de specifieke situatie van mannen en vrouwen inzake de strategische doelstellingen;
- analyse en evaluatie van de impact van de voorgestelde beleidsmaatregelen en eventueel het uitwerken van alternatieven;
- evaluatie en verspreiding van « good practises ».
|