Werkgroep Mensenrechten in de Kerk - motto Van Slachtoffer tot Overlever

 

Twintig jaar :

 

 

WERKGROEP MENSENRECHTEN IN DE KERK (1992-2012)

 

 

 

 

Onstaansgeschiedenis

In september 1992 ondernam het Aartsbisdom Mechelen-Brussel in België een poging om het eerste boek van de katholieke priester Rik Devillé, nl. “De Laatste Dictatuur”, uitgegeven door Kritak – Leuven, te verbieden. Dat mislukte door de grote belangstelling van de pers, die juist omwille van dat verbod zo groot was. Het boek is een analyse van de toen opkomende malaise in de katholieke kerk. Rik Devillé kwam tot het besluit dat er in de RKK slechts één groot probleem was, nl. de middeleeuwse bestuursvorm van Rome, het pausdom.

 

Ook al wordt er in dat boek met geen woord gerept over de problematiek van seksueel misbruik binnen de kerk, toch vonden meteen heel wat slachtoffers van diezelfde Rooms-Katholieke Kerk de weg naar Devillé, bij wie ze hun negatieve ervaringen met die kerk konden ventileren. Heel snel, al een paar weken later reeds, was de “Vlaamse Werkgroep Mensenrechten in de Kerk” (VWMK) geboren, tot in 2010 de enige vereniging van slachtoffers van seksueel misbruik in België.

 

De eerste maandelijkse samenkomsten gingen door in de lokalen van Pax Christi-Vlaanderen aan de Italiëlei in Antwerpen. Er was enorm veel belangstelling. Zelfs kerkjuristen en theologen namen aan de besprekingen deel. Ondertussen liepen de meldingen van allerlei mensenrechtenschendingen in de RKK binnen.

 

Om efficiënt te werken werd de werkgroep in drie groepen opgesplitst: een kerkrechtelijke werkgroep, een groep voor theologische onderbouw en een groep voor bijstand aan de slachtoffers.

 

In 1994 resulteerde dat alles in de uitgave van het boek van Rik Deville,“De Katholieke Ziekte, een diagnose”, uitgeverij Kritak – Leuven. Daarin wordt voor het eerst het probleem van machtsmisbruik in de Belgische kerk in kaart gebracht. Er werden mechanismen blootgelegd (o.a. de backlash) en methodes aangereikt voor genezing en heling. Maar ook dit aanbod werd door de bisschoppen genegeerd. Daarom besloot de VWMK om in 1997 met het studieboek “In de Ban van de Kerk”, uitgegeven door Van Halewijck – Leuven, een handleiding te maken voor kerkelijke oversten en hun diensten om op een meer evangelische en correcte wijze met de problematiek van seksueel en ander machtsmisbruik in eigen rangen om te gaan.

 

In dat boek bieden wij, aan de hand van een vijftal type-verhalen, bijbels-theologische en kerkrechtelijke bouwstenen aan. Verschillende Vlaamse theologen en kerkjuristen werkten mee aan dit document van de leden van de bijstandsgroep van de VWMK. Na de publicatie van dit boek zijn zowel de kerkrechtelijke werkgroep als de groep van theologen gestopt. Sinds 1997 is de bijstandsgroep - de groep van mensen die vooral de contacten met de slachtoffers onderhield - uitgegroeid tot de huidige “Werkgroep Mensenrechten in de Kerk”.

 

Activiteiten

Haar reden van bestaan haalt onze werkgroep uitsluitend uit de klachten van de slachtoffers van de RKK.

De WMK wil vooral een stem geven aan de mensen die persoonlijk door de kerk, haar ideologie en handelingen, haar instituten en verantwoordelijken op de ene of andere manier werden gekwetst, benadeeld of gediscrimineerd.

 

Herkenningsdagen

 

Daarom werden reeds verschillende (H)Erkenningsdagen voor overlevers georganiseerd:

in 1994 in Drongen bij Gent

in 1996 in Antwerpen in het Theologisch en Pastoraal Centrum 

in 1998 in Hasselt in het Cultureel Centrum

in 1999 in Antwerpen (in het Theologisch en Pastoraal Centrum

in 2001 in Dworp het Vormingscentrum Destelheide van de Vlaamse Gemeenschap

in 2010 in Leuven in een Stadzaal in de Van Teympelestraat

in 2011 in Hasselt in het Cultureel Centrum

in 2012 in Brugge in de Sint-Salvatorkathedraal

in 2013 in Antwerpen in de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal

in 2014 in Buizingen in de Don Boscoparochie

2015 in Oud-Heverlee in het Meerdaalwoud

2016 in Gent met een Leieboottocht

2017 in Brussel in de Basiliek van Koekelberg

2019 in Mechelen Diocesaan Pastoraal centrum

 

Per regio of provincie worden ook locale bijeenkomsten gehouden naargelang de aanvraag of belangstelling van overlevers.

 

Naast het organiseren van de (H)Erkenningsdagen komt de werkgroep ook geregeld samen om steun te verlenen bij het zoeken naar professionele hulp (doorverwijzing naar therapeuten, politie, gerecht en naar de kerkelijke overheden) en om te zoeken hoe in concrete dossiers naar erkenning kan worden gestreefd en verwerking mogelijk zou kunnen zijn.

 

Bewustmaking

 

Na de start van Operatie Kelk en het ontslag van de Commissie Adriaenssens (lente 2010) stond onze werkgroep er weer alleen voor. We lanceerden op 24 juni een noodkreet op de trappen van de Sint-Michielskathedraal te Brussel onder massale internationale belangstelling van de pers en besloten een campagne bij alle politieke partijen om een Parlementaire Onderzoekscommissie op te richten rond het schuldig verzuim van de RKK in deze materie.

In september van datzelfde jaar al mocht onze werkgroep de spits afbijten en werden wij als eerste getuige gehoord in de hiervoor opgerichte Parlementaire Commissie voor Seksueel Misbruik.

 

Bij de eindconclusies (voorjaar 2011) werd besloten een Arbitragecommissie op te richten waardoor zogenaamde verjaarde zaken toch nog behandeld konden worden.

In diezelfde periode werden vele overlevers gemotiveerd om samen een Class-Action met dagvaarding van Belgische Bisschoppen en Oversten én de Heilgie Stoel te dagvaarden om zo het schuldig verzuim van oversten in kaart te brengen.

 

Hoeveel meldingen zijn er in onze werkgroep beluisterd in die 20 jaar?

 

Hoewel elke indeling iets kunstmatigs heeft, onderscheiden we zeven grote groepen van klachten. Ongeveer 800 klachten kwamen bij ons binnen.

 

1.   Celibaatsverplichting voor geestelijken, geen recht op intieme relaties, geheime relaties, seksuele aberraties met als vreselijkste uitwas: het seksueel misbruik van onschuldige kinderen.

 

2.   Het is vooral deze laatste groep "seksueel misbruik van kinderen en jongeren" waardoor onze werkgroep bekend is (in die 20 jaar meer dan 550 meldingen) maar daarnaast zijn ook nog andere vormen van machtsmisbruik gemeld:

 

3.   Klachten van buiten België. De WMK was als vzw tot 2004 lid van het Europees Netwerk Mensenrechten in de Kerk en heeft nog steeds internationale contacten met groepen of slachtoffers uit Amerika en Afrika.

 

4.   Financiële klachten: schendingen door de kerk of haar instellingen van de wet op de sociale zekerheid, gebrek aan pensioenregeling, problemen i.v.m. het niet betalen van vergoedingen, ontslag omwille van echtscheiding of (nieuw) huwelijk e.d.

 

5.   Misbruik van machtposities, o.a. ideologische onverdraagzaamheid, kloostersituaties, gebrek aan inspraak, hypocrisie en kerkelijke sekten en sektarische groepen. In 1996 publiceerde Rik Devillé het boek “Het Werk, een katholieke sekte”. In het najaar van 1996 werd een Parlementaire Commissie voor onderzoek naar sekten in België opgericht.

 

6.   Gebrek aan verweer: het niet gehoord worden of niet reageren, het uitblijven van noodzakelijke maatregelen, al kwam de Belgische bisschoppenconferentie in 1996 aan dit gebrek ten dele tegemoet door het oprichten van een “Geschillencommissie”.

 

7.   Discriminatie van vrouwen, homo's, gehuwde priesters, het schenden van de mensenrechten. Hierover publiceerde priester Norbert Bethune, medestichter van de WMK, het boek “Zonde van het Verplicht Celibaat”, uitgegeven door Epo – Leuven in 1995.

 

8.   Slachtoffers van de starre moraal: schuldgevoelens, de problematiek van echtscheidingen, ongewenste kinderlast e.d.

 

 

Bijbelse motivatie van onze werking

Het boek Genesis vertelt hoe de broers van Jozef hem naar het leven staan. Jaren later, als Jozef onderkoning van Egypte is, staan zij weer tegenover elkaar. Jozef maakt zich bekend en verzoent zich met zijn broers. Maar als hun vader Jacob sterft wordt alles opgerakeld en is het opnieuw zoeken naar verzoening. Het Bijbels model voor verzoening is een langdurig proces en mondt niet automatisch uit op inkeer en vergeving.

 

Prediken over vergeving kost weinig, maar verwoest veel.

Wat de Bijbel typeert is de centrale plaats van het slachtoffer in het proces van verzoening. Verzoening betekent daar het herstel van een verbroken relatie. Het Bijbelse strafrecht houdt concrete genoegdoening aan het slachtoffer in. Bovendien heeft in de Bijbel de aard van de straf te maken met de overtreding, zodat

de straf zelf bijdraagt tot herstel van het onrecht.

Schadeloosstelling aanbieden behoort tot het opnieuw goedmaken van het begane onrecht.

Vergeving ja, maar niet ten koste van het slachtoffer.

 

Het feit dat een samenleving kan besluiten tot verjaring en dus afziet van strafrechtelijke vervolging, kan goede redenen hebben. Tegelijkertijd kan dat tot minachting voor de slachtoffers leiden, alsof zij het probleem zijn in plaats van de daders. In talrijke gevallen van seksueel misbruik wordt de bekendmaking ervan meestal voorafgegaan door een periode van verdringing en ontkenning door het slachtoffer, periode die decennialang kan duren en zo de verjaring in de hand werkt. Als slachtoffers over hun ervaring gaan praten is er meestal al heel veel tijd overheen gegaan. Verjaring speelt dan ten onrechte in het voordeel van de dader. De samenleving heeft de plicht om respect voor de slachtoffers te tonen door de verjaringstermijnen af te schaffen, vooral in de context van seksueel machtsmisbruik in de kindertijd. Voor de slachtoffers bestaat geen verjaring. Zij - en de mensen rondom hen - hebben nu al “levenslang”.

 

Een voorbeeld:

De Rechtbank van Brussel heeft kardinaal Danneels en zijn vicaris in eerste aanleg veroordeeld tot de betaling van 12.500 euro smartengeld aan een van de slachtoffers van een pastoor die wegens seksueel misbruik tot zes jaar gevangenisstraf werd veroordeeld. Danneels wijst echter alle juridische aansprakelijkheid voor het wangedrag van ondergeschikten af en tekende daarom hoger beroep aan. Onmiddellijk voelde het Interdiocesaan Pastoraal Beraad (IPB) zich geroepen om de bisschoppen te hulp te snellen met de verklaring “In deze verwarrende tijd willen wij onze bisschoppen niet alleen laten in een delicate opdracht” (Kerk en Leven nr. 13 - 1998). Waarom komt datzelfde IPB niet op het idee een open brief te schrijven om begrip te vragen voor de slachtoffers? De kringen van de Belgische kerk ademen, zelfs na het Vangheluwe-schandaal, nog steeds dezelfde sfeer uit. 

 

Een doctrine

 

Natuurlijk zijn de bisschoppen geschokt door de feiten die nu al jaren uitgebracht worden. Maar meestal worden die feiten voorgesteld als betreurenswaardige afwijkingen van individuen. De Kerk, het Instituut, treft nooit schuld.

 

Of het gaat over de rol van de kerk in de genocide in Rwanda, of het gaat over de rol van de kerk in de Holocaust van 6 miljoen Joden, of het gaat om de duizenden en duizenden slachtoffers van seksueel geweld in de kerk, altijd wordt alles voorgesteld als fouten van individuen. Niet alleen historisch, maar ook theologisch dubieus, is de tegenstelling die wordt geconstrueerd tussen de houding van individuele gelovigen en de rol van de kerk als geheel. De kerk trekt het boetekleed aan voor “het falen van haar zonen en dochters” maar houdt vol zelf zonder smet te zijn. De kerk zelf is heilig. De conservatieven (Ratzinger) binnen het Vaticaan, die ervan overtuigd zijn dat de kerk een aan de geschiedenis ontstegen instituut is, trekken kennelijk nog altijd aan het langste eind. In hun conservatieve zelfbeeld is geen plaats voor een falende kerk en dus ook niet voor een falende paus of bisschop, priester of kloosterling.

 

De wereld op zijn kop

In 1994 schreven we al in het boek “De Katholieke Ziekte” dat de kerk van Rome het backlash-mechanisme zou toepassen als slachtoffers van seksueel misbruik met hun verhaal naar buiten zouden komen. Tot vandaag, en met steeds grotere hardnekkigheid en zelfs hoe langer hoe meer openlijk, passen ze dat principe toe. Slachtoffers worden als daders bestempeld: “jullie willen de kerk zwartmaken”, “jullie hebben een verborgen agenda” enz. In de parlementaire commissie kwamen de bisschoppen getuigen dat ze jarenlang het probleem van seksueel misbruik onderschat hadden. Het werd een grote “berouwshow” (dixit San Deurinck). Het optreden van de bisschoppen was een “volgehouden vlucht voor de eigen verantwoordelijkheid”. Zelfs mensen uit het gerecht kwamen getuigen: “We konden zo'n gerespecteerde instelling toch niet opzadelen met het ondervragen van alle bestuursleden van de organisatie.”

En als onze werkgroep klachten ging neerleggen bij de politie werd dat soms door een procureur uitgelegd als “belemmering van het onderzoek”. Of de onderzoeksrechter van Brugge, de heer Berkvens, die onze werkgroep aanmaande er zich niet mee te bemoeien. “Schoenmaker blijf bij uw leest”, zo spelde hij onze slachtofferbeweging de les.

 

Maar de grootste tegenstand komt uit Rome.

Meer zelfs, het Vaticaan verdedigt beschuldigde priesters. Eén voorbeeld: de Ierse Bisschoppenconferentie stuurde in 1996 een richtlijn rond om alle daden van pedofilie door geestelijken voortaan aan te geven aan de politie. In januari 1997 kreeg iedere Ierse bisschop hierop een brief van het Vaticaan met de nadrukkelijke stempel "Persoonlijk-Vertrouwelijk". Deze brief had het over ernstige "canonieke en morele" bedenkingen bij de voorgestelde richtlijn van de Ierse bisschoppen.

Het Vaticaan schreef zelfs dat het ieder beroep tegen een uitspraak van de Ierse bisschoppen, om een priester te laïciseren wegens misbruik, zou steunen. Het Vaticaan bracht dit dreigement daarna trouwens verschillende keren in praktijk, waardoor een aartsbisschop zelfs dreigde ontslag te zullen nemen.

 

Tijdens een ontmoeting met kardinaal Castrillón Hoyos, voorzitter van de Congregatie voor de clerus (1996-2006), heeft de toenmalige aartsbisschop van Dublin, Desmond Connel, van frustratie met de vuist op tafel geslagen, omdat het Vaticaan boven alles de rechten van de beschuldigde priesters verdedigde.

Bij een bezoek van de Ierse bisschoppen aan het Vaticaan in 1999 werden zij er nogmaals aan herinnerd dat ze "eerst bisschoppen en geen politieagenten zijn". Het Ierse tv-programma waarin dit werd onthuld, verklaarde onomwonden dat het Vaticaan én de Paus weigerden de regels van het eigen canoniek recht toe te passen.

 

Welke theologie?

De officiële “theologie van het priesterambt” plaatst de priester als dusdanig nog altijd op een voetstuk. Door dit opvoedingssysteem zijn priesters en religieuzen eerder getraind in de ontkenning en verdringing van hun seksualiteit dan in een eerlijke onderkenning van hun affectieve behoeften. Priesters, religieuzen en pastorale werkers hebben tijdens hun opleiding, in een cruciale periode van hun leven wat de verkenning van hun seksualiteit betreft, meestal heel weinig echt contact met vrouwen. Zo “boetseert” de kerk priesters tot daders. Bovendien biedt het “verplichte celibaat” een ideaal schuiloord en een excuus voor pedofielen.

 

Vele priesters zijn ook homoseksueel, maar zij kunnen hun seksualiteit niet in openheid beleven zolang de kerk hun seksuele voorkeur als immoreel afwijst en met sancties dreigt als deze priesters samenlevingscontracten afsluiten.

 

Binnen de kerk is dringend behoefte aan een grondige herziening van de theologie van het ambt, de opleiding van de kerkelijke bedienaars en de kerkelijke moraal over seksualiteit. De leiding van de kerk is daartoe niet bereid of in staat. Bijgevolg zullen in de nabije toekomst nog veel meer pijnlijke onthullingen volgen. Veel zinvoller zou zijn dat de feiten publiek erkend worden en dat de dringend nodige stappen gezet worden om alle beslissingsmacht uit handen te geven en de burgerlijke en de strafrechtelijke overheden alle kansen te geven om herstelprocedures uit te werken. Deze overheden kunnen dan voor de kerk maatregelen tot herstel uitwerken en haar verplichten die herstelmaatregelen uit te voeren tot genoegdoening van de slachtoffers.

Canon 1395 § 2 van het Kerkelijk Wetboek zegt: “Een clericus die tegen het zesde gebod van de Decaloog misdaan heeft, dient, als het misdrijf bedreven is met geweld of bedreigingen of in het publiek of met een minderjarige beneden de leeftijd van zestien jaar, met rechtvaardige straffen gestraft te worden, wegzending uit de klerikale staat eventueel niet uitgesloten”.

 

Schulden vergeven of schulden betalen?

Wij roepen de bisschoppen en de oversten van congregaties op de hoogste prioriteit te geven aan het horen van de slachtoffers. Bij de commissie van de Belgische katholieke kerk zijn sinds de zomer van 2010 meer dan 450 dossiers van strafbare feiten van seksueel geweld door clerici bekend. In onze WMK zijn dat er nog eens 555 (dd. 21/06/2012) meldingen bovenop.

 

Wij roepen de bisschoppen en oversten van de congregaties dan ook op hun houding grondig te wijzigen. Natuurlijk zijn het niet zij die de feiten hebben gepleegd. Maar juridisch moeten zij wel verantwoordelijk gesteld worden als door hun toedoen misbruiken in de doofpot werden gestopt, als door hun toedoen misbruikers elders nieuwe kansen tot misbruik kregen of als door hun toedoen de slachtoffers geen of onvoldoende recht wordt gedaan. Lijdzaam toekijken getuigt van medeplichtigheid. Getuigenissen met bewijsmateriaal zijn ons veelvuldig gemeld. Het wordt ook meer en meer duidelijk dat hier en daar een bisschop uitzonderlijk wel wil werken aan herstel, maar er worden nog steeds nieuwe geheime documenten van het Vaticaan ontdekt waarin bisschoppen opgedragen wordt te zwijgen. Zo blijft de terechte angst bestaan dat seksueel misbruik onder de zwijgplicht begraven wordt in de kerk van Rome.

 

De bisschoppen zouden de kerk een ontzettend grote dienst bewijzen als zij de moed zouden hebben, als “machthebbers” binnen het instituut kerk, om aan de slachtoffers van misbruik publiekelijk om vergeving te vragen en om openlijk duidelijke stappen te zetten naar volledig herstel van het aangedane onrecht. Dat herstel moet gepaard gaan met daden.

Ze zouden ook openlijk om vergeving moeten vragen voor het “misvormen” van priesters door het Romeinse instituut.

 

Dialoog tussen de WMK en de verantwoordelijken van de RKK

Tientallen en tientallen brieven werden naar bisschoppen en oversten verstuurd. Zelden kwam een antwoord. De bisschoppen en oversten werden ELKE keer uitgenodigd op onze (H)Erkenningsdagen. Enkel onder druk van de zaak-Vangheluwe is eindelijk, in 2010, één bisschop opgedaagd. Maar aartsbisschop Léonard heeft onlangs nog laten weten dat de WMK geen gesprekspartner kan zijn in deze materie. Toch blijven wij de bisschoppen op hun verantwoordelijkheid wijzen.

 

Het bekend worden van het seksueel misbruik door bisschop Vangheluwe van Brugge heeft de publieke opinie wakker en door elkaar geschud. Het gerechtelijk apparaat is in actie getreden. Huiszoekingen in het aartsbisdom maakten duidelijk dat er binnen de top van de kerk klaarblijkelijk interne afspraken zijn om tot elke prijs te voorkomen dat dossiers gevonden worden. Ze doen er alles aan om te beletten dat daders berecht worden. Zij huren advocaten in om zich te verdedigen tegen de slachtoffers die ze zelf maakten. Nooit nemen zij de verdediging van een slachtoffer op zich. Ook Congregaties bieden juridische bijstand aan daders, nooit aan slachtoffers, ook al zijn beiden verbonden aan hun instituten.

 

Dat was de reden waarom wij in juni 2010 de politieke partijen van dit land openlijk hebben opgeroepen een Parlementaire Onderzoekscommissie te installeren (zoals hierboven beschreven).

 

Als WMK zijn wij er trots op dat wij een niet gering aantal overlevers van seksueel misbruik binnen de RKK een stem hebben kunnen geven.

Wij zijn er ons anderzijds ook van bewust dat “onze armen nog veel te kort zijn” om op te boksen tegen het almachtige apparaat van de kerk in Rome en van haar zwijgende bisschoppen. Zo is bv. Vangheluwe, twee jaar na de bekendmaking van de feiten nog steeds niet gesanctioneerd door de Heilige Stoel.

 

Hoopvol perspectief?

 

Na 20 jaar aandringen staan we toch een stap verder. Wij kunnen nu al vier verschillende wegen tot herstel (zie openingspagina: Opvangpunten, Arbitrage en Class-Action) voorstellen. De contacten met politie lopen ook vlot. Alleen de contacten met bisschoppen en kerkelijke oversten blijven stroef verlopen. Al zijn ook hier lichtpuntjes. Zo werd op paaszaterdag van dit jaar in de Sint-Salvatorkathedraal in Brugge door de bisschop van Brugge een Gedenkbeeld van onze Werkgroep in ontvangst genomen en geïnstalleerd in de doopkapel van de kathedraal.  En er zijn nog plannen.

 

 

Contact:

www.mensenrechtenindekerk.be 

mensenrechtenindekerk@gmail.com

 

 

 

 

 

 

De Werkgroep Mensenrechten in de Kerk hebben een nieuwe (H)erkenningsdag georganiseerd !

 

Deze vond plaats op zaterdag 22 oktober 2011 in het Cultureel Centrum te Hasselt.

 

 

Programma (H)Erkenningsdag 2011              

 

 

 

 

 

 

·        9.30 u : onthaal

 

·        10 u : Welkomstwoord en gedenkmoment voor alle slachtoffers die er niet meer zijn of geen stem hebben,

 

·        Drie getuigenissen van en door slachtoffers/overlevers:

 

·        Voorstelling namiddagprogramma door Linda

 

·        Middagmaal (bestaande uit soep, keuze tussen 2 hoofdgerechten, dessert) tot 13 30u

 

·        Werken in groepen na de middag tot 15 u

 

1.   Partners/familie van slachtoffers

2.   Hoe (lokale) ontmoetingsdag organiseren? Nut van zulke bijeenkomsten?

3.   Evolutie bij slachtoffers

4.   Juridische aspecten

5.   Slachtoffers die voor de eerste keer spreken

 

·        Koffiepauze tot 15 15u, dan verslag uitbrengen per groep

 

·        Mededelingen van de laatste actualiteiten en nieuwtjes

 

·        Bedanking en afsluiting met een lied

 

·        Einde : 16 u.

 

·        16.30u persconferentie voor wie geïnteresseerd is.

 

 

 

 

 

Verslag (H)erkenningsdag 2 oktober 2010 te Leuven

 

- De Werkgroep organiseerde een HErkenningsdag waar slachtoffers aan het

woord kunnen komen, hulp en steun vinden bij lotgenoten en waar ze in

groepjes kunnen verder praten over bepaalde thema's.

Waar: Seniorama, Vanden Tymplestraat 35, 3000 Leuven

 

 

 We hebben deze dag met ongeveer een 80 tal personen beleefd.

Er waren de sprekers Rik, Linda, San, Luc en Diane die soms een erg emotionele getuigenis aflegden.

In de pauze bracht Bert zijn liedje …Klik hier om het nogmaals te beluisteren.

De tekst van het liedje kun je hier ook downloaden !

Om 12.00 u hebben we de voortreffelijke overleverssoep van Linda en Ilse mogen smaken. Mogelijk wordt het recept nog bekend gemaakt.

In de namiddag werd er gepraat in groepjes:

·        Lieve: Juridische mogelijkheden

·        Rik: Misbruik bij volwassenen

·        Linda: Misbruik bij kinderen (Ook Bisschop Bonny heeft dit gesprek gevolgd)

·        Ilse: Groepje Limburgers

·        Luc en Ronny : Partners van slachtoffers

·        San: Verdere acties

·        Mieke : Therapie

Om 16.00 u heeft Rik een slotwoord gebracht

Dan was er om 16.30 u nog een persconferentie

Een verslag en voorgestelde acties kunt u lezen onder de rubriek Pers

We raden slachtoffers aan klacht neer te leggen bij :

Onderzoeksrechter De Troy Quatre-Brasstraat 4 1000 Brussel 

Afspraak maken op Tel. 02/508.73.97.

 

Bedankt iedereen om er een mooie dag van te maken !