De mening van Luc Van den Bossche

Deze tekst werd geschreven als "woord vooraf" bij het Oefenboek "7 lessen in Emotionele Intelligentie"

Laat ik bij het "woord vooraf" van dit Oefenboek beginnen met een constatering die op het eerste gezicht misschien niets vandoen heeft met deze 7 lessen in emotionele intelligentie. Eťn van de vaststellingen uit het actuele wetenschapsdenken vertelt ons dat er in de moderne wetenschap soms een grote kloof bestaat tussen empirische observatie en theorie. Dat gaat zelfs zo ver dat men geredelijk kan stellen dat de wetenschappelijke theorie vaak een product is van de creatieve verbeelding. Daaruit kan men dan weer afleiden dat de zachte en de harde wetenschappen voor een stuk complementair zijn geworden. Inderdaad: Einstein meets Magritte.

Zowel de cartesiaans-objectieve als de mechanistische realiteit zijn een stille dood gestorven. Naar achterhoedegevechten kan men alleen nog kijken in de geÔnstitutionaliseerde wereld, die altijd wat achterop hinkt.

Termen en begrippen als 'emotionele intelligentie', 'logica van het gevoel', 'het denken van het lichaam' en een van subjectiviteit doordrenkte 'objectiviteit' zijn niet echt nieuw meer, maar het lijkt erop dat ze pas nu ferm doorbreken, op een moment dat datgene wat in verschillende wetenschappen, filosofieŽn en wereldbeelden, zowel in Oost als in West, al bekend was nu eindelijk doorsijpelt via organisatie- en managementtheorieŽn. Hoe dit ook zij, we zullen er vanaf nu rekening mee moeten houden dat het dualisme, dat tot nog toe impliciet en vaak ook expliciet werd gehuldigd, definitief passť is.

Denkers als Korzybski, Bateson, Goodman en vele anderen hebben ons beeld van de werkelijkheid behoorlijk en dynamisch bijgesteld, maar ik merk met plezier op dat ook oude denkers soms in dit nieuwe patroon passen.

Het spreekt vanzelf dat ook onderwijs niet achterblijft bij dit 'nieuwe' denken. Bestaat allicht de vrees dat de omhelzing van de emotionele intelligentie (ik gebruik deze term nu maar even als 'key word') in het economische veld niet altijd even filantropisch geÔnspireerd is, dan kan men er geredelijk van uitgaan dat dit in het onderwijsveld wťl het geval is. Hier wordt inderdaad via de eindtermen gewerkt aan een manier van leven en leren die aandacht vraagt voor luisterbereidheid, communicatievaardigheden (ook non-verbale), het kunnen uiten van gevoelens en gewaarwordingen, groepsprocessen en -dynamieken, conflicthantering, bijsturingprocessen, de interactie van lichaam, persoonlijkheid en omgeving, stresshantering, het interdisciplinaire, creativiteitsstrategieŽn, complementariteit, dit allereerst met het oog op de ontplooiing van de leerling - en ik ben uiteraard niet exhaustief in mijn opsomming. Ik meen ook dat dit Oefenboek met zijn Neuro-LinguÔstische basis ertoe kan bijdragen positieve oplossingen aan te reiken voor datgene wat bij Goleman wat vaag en zelfs pessimistisch blijft. Inderdaad, met de technieken zoals die hier geschetst worden kan op elke leeftijd begonnen worden. Men vertrekt van 'aanleerbaarheid' op elk niveau en tijdstip, en dat is geen geringe verdienste te midden van profetieŽn over het einde van de wetenschap. In dit boek krijgt de wetenschap (en de mens) een nieuwe glans. Daaraan zullen we moeten wennen maar het is de moeite waard, zeker nu we op de drempel staan van een nieuwe era.

 

23 Maart 1998

 

Luc VAN DEN BOSSCHE
Minister vice-president van de Vlaamse regering,
Vlaamse Minister van Onderwijs en Ambtenarenzaken


Hyperlinks: