Historische films: geannoteerde lijst van speelfilms

 

NIEUWSTE TIJD: NEGENTIENDE EEUW - AFRIKA

 

Zulu - Gr.-Britt., VS 1964 - duur: ca. 133 minuten - DVD - Engels (origineel) en Duits - ondertitels: Nederlands, Engels, Arabisch, Bulgaars, Deens, Duits, Fins, Hongaars, IJslands, Noors, Pools, Roemeens, Tsjechisch, Turks, Zweeds.

Producer: Stanley Baker.

Regie: Cy Enfield

Acteurs: Michael Caine (Bromhead); Stanley Baker (Chard); Jack Hawkins; Ulla Jacobsson; Chief Buthelezi (koning Cethswayo).

Inhoud

Op 23 januari 1879 arriveert in Londen een telegram van Lord Chelmsford, militair bevelhebber voor Natal, Zuid-Afrika: de dag daarvoor was een Britse legermacht van 1500 man totaal in de pan gehakt op de heuvel van Isandhlwana, door een overweldigende overmacht van met assegaaien (korte steeksperen) bewapende Zoeloes. Slechts 50 overlevenden ontsnapten aan het bloedbad.

Dezelfde dag rukten twee impi's (Zoeloe-regimenten) op tegen de missiepost Rorke's Drift, die gebruikt werd als legerhospitaal. In totaal stonden 4000 krijgers tegen slechts 100 verdedigers van het 24ste regiment infanterie, dat voornamelijk bestond uit soldaten uit Wales. Nog voor het begin van de strijd namen de zwarte hulptroepen de benen. (In de film is dat veroorzaakt door de bijbelse oraties van de dominee.) Tegen alle krijgskansen in wisten de verdedigers twee dagen lang alle aanvallen af te slaan, tot de Zoeloes met zeer zware verliezen de aftocht bliezen. Na afloop werd 11 keer het Victoria Cross toegekend, de allerhoogste Britse militaire onderscheiding, het hoogste aantal voor een afzonderlijke actie uit de hele geschiedenis van het ereteken.

Dit is het verhaal dat Zulu brengt. De film begint met het telegram van Chelmsford (ingesproken door Richard Burton). Dan verplaatst het toneel zich naar de kraal van koning Cethswayo (rol gespeeld door Chief Buthelezi), waar de Zweedse zendeling Witt met zijn dochter een massale huwelijksceremonie bijwoont. De dansen worden onderbroken door een boodschapper, die het relaas brengt van de grote overwinning te Isandhlwana. De zendelingen ontvlieden de kraal om de bezetting van Rorke's Drift te waarschuwen. Hier voert de arrogante luitenant Bromhead, telg uit een geslacht van generaties militairen het bevel. (Rol gespeeld door de jonge Michael Caine.) Toevallig is echter net de genie-officier Chard gearriveerd, die enkele maanden meer anciënniteit heeft en dus het commando overneemt. (Rol gespeeld door Stanley Baker.) Veel tijd rest hem niet om de verdediging te organiseren: reeds enkele uren later duiken de Zoeloes op. Tot verbazing van de Britten opereren zij als een geregeld leger, met een generale staf die vanop een naburige heuvel de aanval leidt. En tot hun ontzetting blijken de Zoeloes te beschikken over vuurwapens ... Engelse geweren, buitgemaakt te Isandhlwana.

 

Bespreking

Zulu was in 1964 een ophefmakende film. Een letterlijk historische productie ook. Het was de eerste keer dat de Zoeloes met respect werden voorgesteld en niet enkel als karikaturale 'sneuvelende massa wilden' in beeld gebracht. De film maakte een diepe indruk en kende een gigantisch succes. Hij is in de volgende veertig jaar regelmatig op televisie uitgebracht, voornamelijk in de kersttijd, tussen de gebruikelijke suikerzoete prenten in, die in deze periode het kleine scherm plegen te teisteren. Nu is hij dus op DVD verkrijgbaar. Zonder Zulu zouden latere superproducties als de internationale televisiereeks Shaka Zulu (1986 met een budget van 26 miljoen dollar) onmogelijk zijn geweest.

"Veldslagen? Er is niets zo opwindend, intens en levensgevaarlijk om er aan deel te nemen of te verfilmen ... en niets zo saai om er te lang te moeten naar kijken op het witte doek." Dit verklaart waarom enkele van de -uit geschiedkundig oogpunt- beste verfilmingen van beroemde veldslagen of oorlogsepisodes in de filmzalen geen groot succes werden, denk aan Waterloo (1970) of Tora! Tora! Tora! (1970, over de Japanse aanval op Pearl Harbor).

Om te slagen moet een dergelijke prent het hebben van de karaktertegenstellingen bij de protagonisten en van karakteristieke nevenfiguren. Voor het eerste zorgen Bromhead en Chard, voor het tweede de Zweedse dominee en zijn dochter (de enige vrouwenrol), maar vooral de recalcitrante plantrekker soldaat Hook, die zich verderop ontpopt tot ongewilde held en winnaar van het Victoria Cross. (De afstammelingen van de echte Hook hadden nogal wat bezwaren tegen de manier waarop hun voorvader getypeerd werd: in werkelijkheid blijkt hij een totaal verschillend karakter te zijn geweest, maar dat zou filmisch heel wat minder dankbaar zijn.)

Toch is de spanningsopbouw voortreffelijk. Enkele voorbeelden: de opmars van de Zoeloes, met een geluid dat Bromhead doet denken aan een trein in de verte; het angstig en onbegrijpend afwachten van de eerste charge. Paniek bij een dergelijke massale bliksemaanval kan alleen geriposteerd worden door uiterste militaire discipline. Daarvan krijgen we aan Britse zijde twee spectaculaire voorbeelden. Doch bij de allereerste schermutseling blijkt dat het begrip 'kadaverdiscipline' bij de Zoeloes nog een veel krassere invulling kent!

 

Historische achtergrond

In de slag van Isandhlwana sneuvelden meer Britse officieren dan in de slag bij Waterloo! Deze ramp was het totaal onvoorziene gevolg van het eigenmachtige arrogante optreden door het plaatselijke Britse koloniale bewind, tegen de zin in van de regering in Londen (Wesseling 1991: 338).

Na Isandhlwana was er voor Engeland geen andere weg dan de weg terug. De nederlaag moest worden gewroken. De Zoeloe-oorlog die nu ontstond, was een van de grote onder de koloniale oorlogen. Versterkingen werden gevraagd en verzonden. Onder de hulptroepen bevond zich niemand minder dan de Prince Impérial van Frankrijk, de zoon van Napoleon III dus. Op 1 juni 1879 maakte deze een verkenningstocht in de omgeving van een plaats die kort tevoren te zijner ere Napoleon Koppie was genoemd. De patrouille was nogal zorgeloos en merkte pas op het laatste moment dat ze door enkele Zoeloekrijgers werd bedreigd. 'Dépêchez-vous, Votre Altesse,' riep een van de gezellen nog, maar het was al te laat. Napoleon jr. wist niet op tijd op zijn paard te klimmen. Terwijl de anderen wegvluchtten, bleef hij achter, zonder zijn paard en met het zwaard van zijn oudoom (Napoleon I) in de hand. Dat bleek echter van weinig nut tegen de assegaaien van de Zoeloes. De volgende dag trok een kolonne van maar liefst duizend man er op uit om hem te zoeken. Zij vonden slechts zijn lijk, naakt, op zeventien plaatsen doorstoken en met een bosje Zoeloehaar in de vuist geklemd. Het nieuws sloeg in Engeland in als een bom. Het was voor de pers de gebeurtenis van het jaar en maakte meer indruk dan Isandhlwana zelf. In Frankrijk was de sensatie uiteraard nog groter en werd de dood van de prins toegeschreven aan een complot. Naar keuze werden de Franse regering, de Engelsen en de vrijmetselaars als de schuldigen aangewezen.

(Wesseling 1991:338-339)

Extra's

De 'Extra's' op deze DVD bestaan voornamelijk uit interviews met betrokkenen, afgenomen in 2001-2002, dus bijna veertig jaar na de film. Die werd gedraaid in 1963. In de voorstelling destijds werd hij gepresenteerd als een superproductie. In feite was het low budget project, een persoonlijk initiatief van Stanley Baker, die met veel moeite 2 miljoen dollar bij elkaar schraapte bij voornamelijk Amerikaanse geldschieters. Daarbij kwam dat Zulu gefild werd in een uiterst ondankbaar tijdsgewricht: in Zuid-Afrika kwam de beruchte Apartheid op kruissnelheid en in de VS was de toestand van de zwarten in het Zuiden al niet veel beter. Zo mochten de Zoeloes van de blanke autoriteiten geen geld krijgen voor hun aandeel. (Een slinkse poging om de film te boycotten? De Zuid-Afrikanen waren alles behalve gelukkig met de genuanceerde voorstelling van de Zoeloes) De producenten schonken hun dan maar de driehonderd stuks vee die ze in de film gebruikten en lieten hen de gebouwen die ze opgetrokken hadden na als school en gemeenschapshuis.

Een onbetaalbaar pluspunt was het feit dat Stanley Baker en zijn vrouw op goede voet raakten met Chief Buthelezi, een afstammeling van koning Cethswayo en toenmalig eerste minister van de Zoeloenatie. Buthelezi had een goede opleiding genoten aan Engelse universiteiten en werd door de Zuid-Afrikaanse regering erg ontzien. Later, na 1991, zou hij een verbitterd tegenstander worden van Nelson Mandela en diens ANC, wat tot bloedige rellen en bijna tot een burgeroorlog leidde. Toen hij overtuigd was van de eerlijke bedoelingen van de filmmakers, raakte hij enthousiast voor het project. Hij nam zelfs de rol op zich van zijn voorvader Cethswayo. (En verdorie, hij lijkt fysiek op hem, al was Cethswayo, een boom van een kekrel, op de oude foto's heel wat vleziger dan Buthelezi in 1963!) Daardoor konden zij rekenen op de volledige medewerking van de Zoeloes, die trots zijn op hun verleden. Buthelezi's moeder was, als een soort minister van Cultuur, verantwoordelijke voor de culturele erfenis van de Zoeloes en in die functie speelde zij een belangrijke rol bij de indrukwekkende sequentie in de koninklijke kraal en de enscenering van de krijgstaferelen, die beide zo authentiek verfilmd zijn als maar mogelijk is. (Een van de meest imposante en ontroerende gevolgen van die inbreng zie je bij het einde van de film, als de Zoeloeregimenten een gezongen eresaluut brengen aan de moed van hun vijanden, vooraleer voorgoed over de heuvels te verdwijnen.) Hierom alleen al blijft Zulu belangwekkend en een historisch filmmonument.

Typerend voor de situatie is, dat de choreografie voor de bruidsscène aan de deelnemers moest aangeleerd worden. En dat een groot deel van de krijgsuitrustingen van de Zoeloes voor veel geld moest besteld worden in Zuid-Afrikaanse ateliers: er waren in heel Natal onvoldoende schilden en assegaaien aanwezig voor alle figuranten. Daardoor ook konden slechts 500 Zoeloes tegelijk ingezet worden voor de massascènes. De uitrustingen werden voor het merendeel eveneens bij wijze van betaling achtergelaten. Heel waarschijnlijk heeft de film zo aanzienlijk bijgedragen tot het nationale culturele reveil van dit trotse, maar toendertijd erg vernederde volk.

(Een historisch voorbeeld van die trots, dat niet in de 'Extra's' voorkomt: in de 19de eeuw moesten Boeren en Britten met de Zoeloes onderhandelen in hun eigen taal. Zij vertikten het om Afrikaans of Engels te spreken. Zo voerde koning Cethswayo in 1882 het eerste deel van zijn historische ontmoeting met koningin Victoria in het Zoeloe, hoewel tijdens dat gesprek bleek, tot verlegenheid van de aanwezigen die heel wat onaangenaams gezegd hadden over de 'wilden', dat hij perfect het Engels beheerste!)

Een 'blooper' waardoor Zulu in de filmencyclopedieën is beland, tref je evenmin aan in de 'Extra's': op een bepaald ogenblik wachten de Britse verdedigers in angstige stilte op de volgende stormloop. Als je goed luistert, hoor je in de verte het geluid van passagiersvliegtuigen. De condensstrepen in de lucht zijn niet zichtbaar, die konden weggeknipt op de montagetafel. Maar het geluid van de straalmotoren werd te laat opgemerkt en de betreffende scène kon niet meer hernomen. In 1963 beschikte men nog in lange tijd niet over de digitale middelen om een film te bewerken!

Stanley Baker zou tien jaar later, in 1974, aan kanker overlijden, amper 45 jaar oud. Zulu betekende voor Michael Caine zijn eerste echt grote rol en het begin van een indrukwekkende filmcarrière die nu, anno 2004, nog steeds voortduurt.

 

Didactische verwerking

 

In het leerplan is de annexatie van Zoeloeland slechts een voetnoot in de lessen over de Europese expansie in Afrika tijdens de 19de eeuw. Als je de film uitsluitend in een les wil gebruiken (en niet in zijn geheel als forumfilm) ga je je dus beperken tot enkele fragmenten. Ik adviseer in dat geval de volgende sequenties: de start (het telegram van Chelmsford), Isandhlwana en de huwelijksdans van krijgers en maagden in de kraal van Cethswayo (al was het maar omwille van het historisch belang van de opname, zie hoger). Duur: ongeveer 10 minuten. Dan: Rorke's Drift: de boer die de Zoeloestrategie uitlegt; een van de aanvallen naar keuze, maar neem een fragment waarop je ook de 'generale staf' van de Zoeloes in actie ziet.

Pas op deze fragmenten het didactisch verwerkingsmodel toe: zie: Speelfilms en geschiedenis. Didactisch verwerkingsmodel.

Bezorg de leerlingen de tekst van de bespreking hierboven (bevat de essentie uit het boek van Wesseling) of laat het hele stuk p. 328 - 341 uit dit boek lezen en door een vrijwilliger of werkgroepje naar voor brengen: het bevat ook de aanloop naar de Boerenoorlogen (als je tenminste nog enkele bladzijden verder erbij neemt).

 

Geraadpleegd

Wesseling, H., Verdeel en heers. De deling van Afrika 1880 - 1914, Amsterdam, Bert Bakker, 1991, p. 328 - 341.

Jos Martens



Copyright © 2004 VVLG, 24.02.2004