Historische films: geannoteerde lijst van speelfilms

 

NIEUWSTE TIJD: FILMS OVER DE TWEEDE WERELDOORLOG

 

The pianist - video en DVD - 2002 - speelduur: 148 minuten - Engels, Nederlandse ondertitels.

 

Tijd en ruimte: Tweede Wereldoorlog, Polen.

Thematiek: holocaust.

Gouden Palm, Cannes 2002; 3 Oscars (Beste acteur: Adrien Brody; beste regisseur: Roman Polanski; beste scenario gebaseerd op een boek.

Gebaseerd op het boek van Wladyslaw Szpilman, De pianist - Herinneringen aan Warschau 1939 tot 1945 , Amsterdam, 2002, BZZTôH, 224 blz

Rolverdeling : Adrien Brody (Wladyslaw Szpilman); Thomas Kretschmann (Wilhelm Hosenfeld)

Regisseur: Roman Polanski

Scenario: Ronald Harwood

Muziek: Wojciech Kilar.

 

Inhoud

De film 'The pianist' vertelt het waar gebeurde verhaal van de joods-Poolse pianist Wladyslaw Szpilman (1911-2000), die dankzij zijn talent het getto van Warschau overleefde. Vlak na de oorlog stelde Szpilman zijn ervaringen voor zichzelf te boek. In 1999 werd het boek (als 'Het wonderbaarlijke overleven' ) opnieuw uitgegeven. Het werd een succes, net als de film.

Op 23 september 1939 speelt de jonge pianist Wladyslaw Szpilman (Adrien Brody) in Warschau tijdens een Duits bombardement voor de radio 'Nocturne in d-mineur' van Frédérique Chopin. Door het lawaai van de bomexplosies kan hij zichzelf nauwelijks horen. Een halfuur na afloop van dit optreden wordt de zaal van de Poolse omroep geraakt en is de radio definitief uit de lucht. Kort daarop capituleert Warschau en is de overwinning van Hitlers troepen een feit.

Vlak nadat de Duitsers in september 1939 Warschau binnentrokken begonnen de maatregelen tegen de joden. Het getto herbergde al snel alle 360.000 joden uit Warschau. Daarbij kwamen nog eens zo'n 100.000 joden uit nabijgelegen plaatsen. Toen de gruweldaden van de Nazi's duidelijk maakten dat de moeilijk te geloven geruchten van slachtingen en vernietigingskampen wel eens op waarheid konden berusten groeide het verzet dat uitmondde in de heroïsche opstand in april 1943. Het succes van de opstand deed de Duitsers hun plannen versnellen en zo werd de grootste joodse gemeenschap van Europa meedogenloos over de kling gejaagd. Maar terwijl zijn volledige familie en vele vrienden worden uitgemoord, overleeft Szpilman in de ruïnes van zijn geliefde stad. Hij krijgt daarbij niet alleen de hulp van Poolse verzetsstrijders, maar ook van de Duitse officier Wilhelm Hosenfeld (Thomas Kretschmann), die hem op 23 september het stuk van Chopin had horen spelen.

 

Bespreking

Omdat het Warschau uit Wladyslaw Szpilmans verhaal niet meer bestond moest het nagebouwd worden in verschillende bestaande straten en gebouwen in het oude Praga district van Warschau. Het werk van 'production designer', Oscar winnaar Allan Starski ("Schindler's List") en zijn team is hierbij van onschatbare waarde geweest. In Polen zelf is na de oorlog veel herbouwd en de ruines zijn grotendeels verdwenen. Na een intensieve zoektocht werd een verlaten Russische legerbasis gevonden bij Juterborg. Hier wist Allan Starski het nachtmerrieachtig maanlandschap van een vernietigde stad te reconstrueren.

Voor de realisatie van de productie werd een internationale 100 man sterke crew samengesteld met deelnemers uit Polen, Duitsland en Frankrijk, allen bijeengehouden en gemotiveerd door de thematiek van de film en de kans om met Polanski samen te werken.

Na twee dagen filmen vertrok de crew naar Potsdam voor de opnames waarin Szpilman ontdekt wordt door een Duitse officier (Thomas Kretschmann) en letterlijk moet spelen om te overleven. De Poolse pianist Janusz Olejniczak speelde hiervoor Chopin's Ballade No.1 g-moll op.23. De opname werd een emotionele gebeurtenis.

Als de crew weer teruggaat naar Juterborg voor de slotscènes van de film sneeuwt het en dat komt het realisme te goede.

Terwijl Ronald Harwood ("The Dresser", "Taking Sides") het boek herschreef tot een script was production designer Allan Starski met zijn team al bezig de sets te ontwerpen van het Warschau van net voor de oorlog, tijdens de bouw van het getto en de uiteindelijke ineenstorting van de stad tot een grote ruïne. Hierbij maakte Starski gebruik van de herinneringen van Polanski, archieven, foto's en documentaires.

Ook het zoeken van de spelers werd een pittige taak. De getalenteerde jonge Amerikaanse acteur Adrien Brody ("Bread and Roses", "The Thin Red Line") kreeg de rol van Szpilman. Naast hem is een internationale cast te zien van Engelse en Duitse acteurs waaronder de Duitse acteur Thomas Kretschmann ("U 571") in de rol van kapitein Hosenfeld.

Van Juterborg vertrok de crew op 2 maart naar Belitz, een klein plaatsje ten zuiden van Berlijn voor de opnames waarin Szpilman zich verbergt in een verlaten hospitaal in Warschau. Vervolgens werden de opnames voortgezet in de Babelsberg Studio waar een reeks straten uit Warschau werd nagebouwd.

Hier werden de complexe opnames gemaakt van de aanval op het getto nadat Duitse troepen onder vuur zijn genomen door joods verzet.

De productie werd weer opgepikt in het Praga district in Warschau. Omdat dit stadsdeel het oorlogsgeweld grotendeels bespaard was gebleven was het een uitstekende locatie. Allan Starski en zijn team recreërden er tot in het kleinste detail de hoofdweg die door het getto van Warschau liep. Op de eerste opnamedag leek het alsof de klok 60 jaar was teruggezet toen de acteurs en figuranten in hun kostuums door de straat liepen. De straat zou dagen daarna dienst doen voor de opnames waarbij een onafgebroken stroom joodse mannen, vrouwen en kinderen over een houten brug gaan en voor de scènes waarin Szpilman gekleed in lompen moet werken voor de Duitsers.

De inwoners van de straten van Praga sloegen de opnames zwijgzaam gade. Voor de ouderen was het een herbeleving van een ver verleden, voor de jongeren een geschiedenisles. Na de opnames waren binnen 24 uur de gettomuren, de poorten en de brug weer verdwenen. Het straatleven in Praga was weer normaal met uitzondering van enige posters en tekens aan de muur, overblijfselen van een ver en vreselijk verleden. Er gingen veel mensen aan de posters voorbij, ze stopten even om ze te lezen en zetten hoofdschuddend hun weg voort.

 

Historische achtergrond

Toen op 1 september 1939 de tweede Wereldoorlog uitbrak was Warschau, de hoofdstad van Polen, een van de eerste doelen voor de Duitse Luftwaffe en vlak daarna lag de stad onder beleg. Ondanks heldhaftig verzet door het Poolse leger en de burgerbevolking moest de bevolking, verzwakt door ernstige verliezen en hongersnood, zich op 27 september overgeven. Van de 3.5 miljoen Poolse Joden, woonden er 360.000 in Warschau, ongeveer een derde van de totale bevolking.

In het verlengde van hun bezetting van Polen zetten de Duitsers hun SS en Gestapo in om de Joodse bevolking bruut te behandelen. Honger, confiscatie van huis en haard en willekeurige moordpartijen waren aan de orde van de dag met het oog op de Endlösung.

Op 1 december 1939 werd alle Joden verplicht een armband te dragen met een Davidster en werden in hoog tempo al hun bezittingen afgenomen, voedselrantsoenen teruggebracht tot minder dan een minimum. Ze mochten geen gebruik meer maken van openbaar vervoer en parken, niet op bankjes zitten en niet op het trottoir lopen.

Een deel van Warschau, het Joden District, werd in allerijl voorzien van een muur en daarmee op 15 november 1940 van de buitenwereld afgesloten. Er was toen inmiddels een half miljoen Joden tussen de muren ondergebracht. Ondanks de vreselijke omstandigheden van overbevolking, ziekten en willekeurige moorden probeerden de inwoners van het getto nog een relatief normaal bestaan te leiden. Zo'n 100,000 mensen stierven binnen de muren en clandestiene activiteiten beperkten zich aanvankelijk tot politieke, educatieve en culturele acties. Een deel van de getto-inwoners werd als dwangarbeider tewerkgesteld.

De grenzen van het getto werden steeds meer ingekrompen en vanaf juli 1942 werden meer dan 300.000 joden onder het voorwendsel van dwangarbeid gedeporteerd naar het vernietigingskamp Treblinka. Er bleven uiteindelijk slechts 40.000 joden in leven waarvan er 200 op 19 april 1943 een opstand starten onder leiding van Mordechai Anielewicz vanuit zijn bunker aan Mila 18.

Een wanhopige worsteling ontvouwde zich. De strijd die bijna een maand duurde maakte vele slachtoffers aan Duitse zijde totdat SS troepen onder commando van de beruchte Gruppenführer Jurgen Stroop met tanks en artillerie de revolte neersloegen. Anielewicz en zijn groep pleegde zelfmoord. Een aantal van de joodse strijders, waaronder Marek Edelman, wist te ontkomen. Alle andere overlevenden werden uit hun schuilplaatsen gedreven en werden of ter plekke geëxecuteerd of afgevoerd naar de gaskamer. Het hele gebied van het joodse getto werd, toen de Duitsers zich terugtrokken uit Warschau, met vlammenwerpers totaal in de as gelegd. Slechts 20 joden overleefden de hel in de stad.

 

De regisseur: Roman Polanski

Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft Roman Polanski (° 1933) als kind het getto van Krakau overleefd.

In een interview zegt hij: "Ik heb altijd geweten dat ik ooit een film zou maken over deze pijnlijke periode uit de Poolse geschiedenis maar ik wilde er geen autobiografisch werk van maken. Toen ik de openingshoofdstukken van Wladyslaw Szpilman's memoires las, wist ik dat THE PIANIST het onderwerp van mijn nieuwe film zou worden. Het was het verhaal waar ik naar zocht: ondanks alle verschrikkingen spreekt het van hoop.

Ik overleefde zelf het bombardement van Warschau en ik wilde al de herinneringen uit mijn jeugd in de film verwerken. Ik wilde zo dicht mogelijk bij de realiteit blijven en een Hollywood-interpretatie daarvan zoveel mogelijk vermijden.

Naast mijn eigen ervaringen kon ik putten uit de authenticiteit van Szpilman's verhaal, dat hij vlak na de oorlog schreef. Dat is ook de reden waarom het zo krachtig en authentiek overkomt. In zijn weergave van de realiteit toont hij verrassend genoeg een welhaast ijzige objectiviteit. Het boek schetst goede Polen en slechte Polen, goede joden en slechte joden, goede Duitsers en slechte Duitsers.

Voor de opnames begonnen hebben we, uiteraard, historici en overlevenden uit het getto geraadpleegd. Ik heb de hele crew een hele reeks documentaires laten zien over het getto van Warschau.

Voor de acteur die de rol van Szpilman zou gaan spelen was ik niet op zoek naar iemand die op hem leek. Ik wilde een acteur die het karakter zo kon weergeven als ik het voor ogen had toen ik het script schreef. Daarbij was ook van belang dat het een onbekende acteur zou zijn. En omdat de film in het Engels opgenomen zou worden moesten we iemand hebben die de taal vloeiend sprak.

We organiseerden audities in London. Tot onze verbazing kwamen er 1400 mensen opdraven, waaronder enige vrouwen, Aziaten en zwarte acteurs. Na de audities realiseerden we ons dat het erg moeilijk zou zijn om iemand zonder enige ervaring te vinden. We breiden onze zoektocht daarom uit naar de professionele acteurs. Ik kon geen geschikte acteur vinden in Engeland dus zochten we ook in de Verenigde Staten. Ik wilde een jonge acteur en toen ik werk zag van Adrian Brody was er geen twijfel over mogelijk: hij was THE PIANIST."

Roman Polanksi werd in Parijs geboren als kind van Poolse ouders maar grootgebracht in Polen. Hier volgde hij een kunstopleiding in Krakow en studeerde aan de Nationale Film School in Lodz. Op 14-jarige leeftijd maakte hij zijn debuut als acteur en bleef daarna optreden in een populaire radioshow, "The Merry Gang". In zijn tienerjaren speelde hij in de film THREE STORIES en dook vervolgens op in kleine rollen in verschillende Poolse films waaronder Andrzej Wajda´s GENERATION. Terwijl hij een opleiding volgde aan de filmschool regisseerde Polanski al verschillende bekroonde korte films waaronder TWO MEN AND A WARDROBE (1957), WHEN ANGELS FALL (1958), THE FAT AND THE LEAN (1958) en MAMMALS (1961). Zijn speelfilmdebuut maakte hij met KNIFE IN THE WATER (1962), waarmee hij de Critics' Prize won bij het Filmfestival van Venetie en werd genomineerd voor een Oscar voor Beste Buitenlandstalige film.

Polanski maakte zijn Engelstalige debuut met REPULSION (1964), met Catherine Deneuve in de hoofdrol. Hij won een Zilveren Beer bij het Filmfestival van Berlijn. Vervolgens regisseerde hij CUL-DE SAC (1965) waarmee hij deze keer de Gouden Beer won. In zijn volgende film THE FEARLESS VAMPIRE KILLERS (1967) speelde hij zelf een hoofdrol. Zijn eerste Amerikaanse film werd ROSEMARY`S BABY (1968), waarvoor hij een Oscarnominatie kreeg voor Beste Script. In 1972, keerde Polanski terug naar Europa om daar MACBETH te regisseren (mede geschreven door Kenneth Tynan) en in 1973 regisseerde hij Marcello Mastroianni in WHAT?

In 1974 kwam Polanski weer terug in Hollywood met CHINATOWN, winnaar van de Golden Globe en genomineerd voor elf Academy Awards, waaronder Beste Film en Beste Regisseur. Hij won uiteindelijk alleen Beste Originele Script. In 1976 stak Polanski weer de oceaan over naar Europa voor THE TENANT met Isabelle Adjani en Shelly Winters. Wederom speelde hij zelf een hoofdrol. Zijn volgende film TESS (1979) werd genomineerd in zes categorieën, waaronder Beste Regisseur en hij won drie Oscars voor Cinematography, Art Direction en Costume Design.

In 1984 schreef Polanski zijn autobiografie, Roman, een best-seller in verschillende talen.

Twee jaar daarna regisseerde hij de avonturenkomedie PIRATES, met Walther Matthau. Polanski's volgende film, de thriller FRANTIC uit 1988 met Harrison Ford, toonde voor de eerste maal Emmanuelle Seigner, die ook te zien is in BITTER MOON (1992), met Hugh Grant en Peter Coyote en THE NINTH GATE (1998), met Johnny Depp en Lena Olin.

Polanski regisseerde op het toneel de opera van Alban Berg "LULU" tijdens het Spoleto Festival, Verdi's "RIGOLETO" in de opera van München en "HOFFMAN's ERZAHLUNGEN" in Parijs. In 1981, regisseerde hij en speelde hij in Peter Shaffer's "AMADEUS", eerst in Warschau, later in Parijs. In 1988, speelde hij de hoofdrol in Stephan Berkoff`s toneeladaptatie van Kafka´s "METAMORPHOSIS". Hij regisseerde in 1996 in Wenen vervolgens de musical comedy "TANZ DER VAMPIRE". In 1993 was hij te zien naast Gerard Depardieu in Giuseppe Tornatore's film "A PURE FORMALITY".

 

FILMOGRAFIE

SPEELFILMS

KORTE FILMS

 

Didactische verwerking: zie op deze site: Tweede Wereldoorlog. Een multimediale vakoverschrijdende leereenheid ...

Zie ook de andere films op deze website rond de Tweede Wereldoorlog.

Website van de film: http://www.thepianist.nl/

Voor deze bespreking werd dankbaar gebruik gemaakt van de persmap over deze film, die te vinden is op de bovenstaande website.

Jos Martens



Copyright © 2004 VVLG, 13.06.2004