Hermes in uitbreiding

 

Waldseemüller en de geboorte van Amerika

Een historische odyssea

Deel 1: de wereld in kaart

 

Jos Martens

Atlassen en globes

Geschiedenis speelt in drie interfererende dimensies: tijd, ruimte, socialiteit. (Zie Visietekst Historische Vorming) In historische cartografie is hun interdependentie sterker dan eender waar: wetenschap, historische antropologie (wat men vroeger mentaliteitsgeschiedenis noemde), economie, techniek en technologie... Kaarten waren en zijn zelfs een politieke machtsfactor: de koloniale grenzen in Afrika; de demarcatielijn van Tordesillas (1493-1494) en het vastleggen van de lijn aan de andere kant van de globe; de gestage verlegging van de territoriale wateren tot de twaalf mijlszone nu; de kaart van Guatemala waarop Belize ingetekend stond als een Guatemalteekse provincie, of die van Irak waar hetzelfde gebeurde met Koeweit (met twee Golfoorlogen tot gevolg)...

Landkaarten, atlassen zijn tijdens de voorbije twintigste eeuw doodgewone gebruiksvoorwerpen geworden. De notities voor dit artikel schrijf ik boven een bureau-onderlegger met een geplastificeerde wereldkaart in Mercatorprojectie (schaal op de evenaar: 1/66. 650.000), voor net geen 2 euro gekocht in de Aldi. Die vervangt mijn dure bureau-set in leder-met- vloeipapier, omdat ik nu in één oogopslag permanent gegevens kan lokaliseren. Dan neem ik mijn Grote Wereldatlas van Wolters voor meer details, of mijn globe van Reader's Digest, waarop ik twee schalen instel met lengte- en breedtegraden, waarna de geselecteerde lokatie via een inwendig lichtje zichtbaar wordt. Daarbij hoort een boekje met de correcte ligging van meer dan 30.000 plaatsen. Nuttig, doch volkomen verouderd ondertussen. Als ik de cd-rom met de Encarta Grote Wereldatlas 2000 Winkler Prins in een computer schuif, kan ik de schaal van de kaarten variëren alsof ik met een communicatiesatelliet in een geostationaire baan* om de aarde wentel op 36.000 km hoogte, of dichter bij het aardoppervlak op 120 km hoogte om de wereld suis in twee en een half uur. En dan is verder inzoomen mogelijk. Het voorlopige eindpunt lijkt bereikt met een GPS (Global Positioning System) in de wagen. Via een cd-rom stel je vertrek- en eindpunt in. Een evoluerend plannetje op een schermpje geeft aan hoe je moet rijden en een aangename vrouwenstem -resultaat van Lernout & Hauspie-technologie- vertelt je waar je moet afslaan. Wijzig je de route wegens wegenwerken, dan gaan plannetje en stem moeiteloos over op een nieuwe koers. Kostprijs: iets meer dan 1000 euro. (Begin 2004 zag ik reclame voor een draagbaar systeem voor amper de helft van die prijs!)

Bovenstaande is een poging om te verduidelijken hoe achteloos en vanzelfsprekend wij door de technologische vooruitgang kennis benutten, waarvan het moeizaam verwerven mensenlevens lang zware studie van vele geniale geesten heeft gekost. Dat geldt bijvoorbeeld zowel voor Mercator als voor de astronomische wetenschap van Copernicus of de anatomische van Vesalius (wiens De humani corporis fabrica (Over de bouw van het menselijk lichaam) in hetzelfde jaar 1543 gedrukt werd als De revolutionibus orbium coelestium (Over de omwentelingen van de hemellichamen), het postume levenswerk van de Poolse sterrenkundige). Want die vanzelfsprekende bereikbaarheid was in de vijftiende en zestiende eeuw lichtjaren ver te zoeken. Landkaarten waren een staatsgeheim, even angstvallig bewaakt als de Amerikaanse atoomformules na de Tweede Wereldoorlog. Verkopen van zeekaarten of reisverslagen aan het buitenland, werd als hoogverraad met de dood bestraft. Dan zwijgen we nog over het alleszins niet van levensgevaar gespeende 'veldwerk' van de explorators, die de gegevens voor de cartografen verzamelden en van wie velen hun terreinverkenning effectief met hun leven moesten bekopen.

 

* Geostationair: communicatie- en weersatellieten wentelen in een vaste baan boven de evenaar. Hun snelheid komt overeen met de omwentelingssnelheid van de aarde om haar as, zodat ze steeds op dezelfde plaats blijven hangen.



Copyright © 2005 VVLG, 02.01.2005