Hermes in uitbreiding

 

Waldseemüller en de geboorte van Amerika

Een historische odyssea

Deel 2: de wereldreizen van Zeng he

 

Jos Martens

De Eunuch met de Drie Juwelen

 

In de vroege 15de eeuw was China met voorsprong de grootste zeemogendheid ter wereld (4). Admiraal van de zeemacht was Zheng He, de Eunuch met de Drie Juwelen, die dicht bij de keizer stond. Vanaf 1405 leidde hij herhaaldelijk langdurige expedities.

In 1416 brachten de kapiteins van Zheng He tot grote vreugde van keizer Zhu Di een aantal giraffen mee van een tocht naar de oostkust van Afrika. (Dit is -geïllustreerd- gedocumenteerd in Chinese bronnen.) De keizer stelde het dier voor als de mythische Chinese quilin, een teken van goedkeuring van de goden voor zijn heerschappij. Zo kon hij de weerstand van de mandarijnen breken tegen de bouw van de Verboden Stad, de verhuizing van de hoofdstad naar Peking en de grootscheepse expedities.

Na de inhuldiging van de Verboden Stad beval Keizer Zhu Di zijn admiraals om "helemaal naar het eind van de wereld te varen om schatting te innen bij de barbaren ver achter de oceanen en om alle mensen op de wereld ervan te overtuigen dat zij zich moesten laten beschaven en in confucianistische harmonie samenleven."

Vijf armada's, onder leiding van Zheng He, vertrokken in 1421, in een keizerlijke vloot van meer dan 100 schepen, stuk voor stuk veel groter dan de Europese karvelen van 1492. De grootste schepen waren ongeveer 146 meter lang en 58 meter breed. Een groep kleinere handelsjonken zeilde er rond en aan de zijkanten voeren eskadrons snelle, wendbare oorlogsschepen. Maar liefst 28.000 man hadden ze aan boord, een complete stad: zeelieden, ambachtslieden, astronomen, cartografen en tolken, onderlegd in zeventien verscheidene Indiase en Afrikaanse talen. Ook tal van pleziervrouwen, gerekruteerd in de drijvende bordelen van Kanton, scheepten in. Niet enkel voor het vertier van de bemanning, ze zorgden tevens voor nazaten van de Chinese kolonisten. Silhouet van Zhen He's admiraalsschip in vergelijking met Columbus' Santa Maria (China 1988:80). Deze illustratie werd overgenomen in de meeste Vlaamse schoolboeken geschiedenis uit de jaren 1990, gewoonlijk bij een korte tekst die de Europese Grote Ontdekkingen voorafging.

Maquette van het admiraalsschip van Zhen He (China 1988:81)

Tot aan de Indische Oceaan voerde Zheng He het oppercommando, waarna hij terugkeerde naar China en het bevel overliet aan drie eunuchadmiraals die elk op een eigen koers naar een ander deel van de wereld zeilden. Een vloot was al voorop gestuurd om de vorsten en ambassadeurs van de staten aan de Perzische Golf terug naar huis te brengen, na een twee jaar durend luxueus verblijf ter gelegenheid van de inhuldiging van de Verboden Stad, het nieuwe keizerlijke paleis. Hun tweede opdracht was: proefondervindelijk een oplossing te testen voor het bepalen van de geografische lengte.

Maquette van een overdekt escortevaartuig, het oud-Chinese equivalent van de moderne snelle destroyers. Dit waren lange, uiterst ranke en zeer wendbare vaartuigen (China 1988: 80).

 Iedere vloot bestond uit 25 tot 30 schepen. Al het nodige hadden ze aan boord: honden en kikkers als vleesvoorraad, afgerichte otters voor de visvangst, kippen als medium voor waarzeggerij, paarden voor tochten over land, rijst, tarwemeel en sojabonen, al dan niet gepekelde groenten, gedroogd fruit, een immense hoeveelheid drinkwater en paraffine of zeehondenvet als brandstof voor het raffineren van zeewater. De alcohol om hun ontdekkingen te vieren, distilleerden ze aan boord.

De Chinezen trotseerden de Indische Oceaan,voeren om de kapen van Afrika en Zuid-Amerika heen en staken vervolgens de Zuidelijke Atlantische Oceaan over. Een aantal van die Chinese schepen zou zelfs de kust van Antarctica bereikt hebben. Ze ontdekten de kusten van Zuid-Amerika en Australië, en zeilden op de Caraïbische zee en de Zee van Cortés, voor de kust van wat tegenwoordig Baja California heet.

Tussen 1422 en 1423 kwamen de gehavende restanten van de vier vloten terug in China. Slechts een op de tien bemanningsleden overleefde de odyssea. Daar ontdekten ze ontsteld dat het keizerrijk zich ondertussen compleet van de buitenwereld had afgesloten. De confucianistische mandarijnen, die een hekel hadden aan de grootse plannen van de keizer, hadden aan het hof de macht overgenomen van de eunuchen waarmee Zhu Di zich had omringd en dompelden China onder in een langdurig isolement.

Noten

4. Van de Voorde, H., Het tijdperk van Azië (ca. 500-ca.1800), in: Hermes, nr. 17, 2001, p. 12-22.



Copyright © 2005 VVLG, 15.03.2005