Historische jeugdboeken: lectuursteekkaart

 

Ed Franck. In de greep van de macht. Leuven, Infodok, 1989, 267 blz. -kaart; bibliografie - latere herdruk bij Davidsfonds/Infodok.

Doelgroep: tweede/derde graad

Situering in de tijd: Oudheid

Onderwerp: Hannibal

INHOUD:

Voorstelling van het boek

Thematiek: structuren van de macht - vriendschap - initiatie in de wereld van de volwassenen.

 

Inhoud

Girkis groeit op in het Carthago van na de Eerste Punische Oorlog (264-241 v.C.). Zijn vader is Abdimon, secretaris en raadgever van Hamilcar Barcas, de grote Carthaagse veldheer. Hannibal, zoon van Hamilcar, is zijn bloedbroeder.

Geboycot door de kortzichtige politiek van de oude oligarchen die hem, ongeslagen, dwongen een vernederende vrede te sluiten met Rome, zoekt Hamilcar de uitbouw van een eigen rijk in Iberia (Spanje). Doel blijft steeds: een machtsbasis om op lange termijn de erfvijand, Rome, te verpletteren, vooraleer de Romeinen Carthago zullen vernietigen. Want in tegenstelling tot de Grote Geslachten is Hamilcar ervan overtuigd dat de Romeinen niet zullen rusten voor Carthago eens en voor altijd uitgeschakeld is.

De hele Barcashuishouding steekt over naar Iberia. Onder het huispersoneel treden twee personen uit de schaduw: de vrijpostige slavin Ewa, die geen blad voor de mond neemt en de opstandige, gemelijke Tsedek, die met toenemende kwaadaardigheid zijn wraakzucht botviert op Girkis.

Ietwat afstandelijk kijkt Girkis toe hoe Hamilcar vanuit het Carthaagse Gadir de verbeten weerstand van de strijdvaardige doch innerlijk verdeelde Iberische stammen breekt, geholpen door een schier onuitputtelijk arsenaal van strategische hulpmiddelen. In Zuid-Spanje ontdekt Girkis bij Ewa de verrukking van de lichamelijke liefde. Hier ook voegt de op macht beluste hogepriester Ithobaal zijn aspiraties bij die van Hamilcar. Ithobaal poogt de jonge Hannibal onder zijn hypnotische invloed te brengen, waarbij Girkis' doorzicht telkens weer zijn plannen dwarsboomt. Listig weeft de hogepriester zijn web van intriges. Eerst wordt Girkis' vader uit de weg geruimd. Dan duidt de tempelslang nogal erg toevallig Girkis aan als offer voor de wrede goden. Ondanks Hannibals tussenkomst houdt Hamilcar voet bij stuk: Ithobaal mag eenvoudigweg geen bedrieger zijn, omwille van de 'hogere politiek' en dus moet Girkis de vuurdood sterven. Doch Ewa lapt alle argumenten aan haar laarsjes en bevrijdt 's nachts haar geliefde. Girkis ontsnapt. Uiteindeliljk valt hij echter in handen van een Carthaags koopman, die hem uitlevert aan Ithobaal. Aan Hannibal, die macht boven vriendschap stelde, voorspelt hij in het uur van zijn dood de ondergang van Carthago.

 

Bespreking

" Als de buffels vechten, wordt het arme gras vertrapt" (p. 36)

"In het vlakke landschap van de Nederlandstalige jeugdliteratuur heeft de Hasseltse leraar Ed Franck zich in uiterst korte tijd ontwikkeld tot een waar fenomeen. De boeken rollen in een verbijsterend tempo uit zijn schrijfmachine. Verbazingwekkend is niet alleen die kwantiteit of de soepelheid waarmee hij zich schijnbaar moeiteloos aanpast aan verschillende leeftijdscategorieën, doch vooral de kwaliteit van het geleverde werk." Sinds ik dit in 1989 voor het eerst verklaarde, heeft Franck een indrukwekkend oeuvre bij elkaar geschreven en alle beloften meer dan ingelost!

Met In de greep van de macht componeerde hij een historische adolescentenroman, die hem in één klap op een voor ons taalgebied eenzame hoogte tilt! Het gebeurt niet vaak dat een oorspronkelijk in het Nederlands geschreven werk glansrijk de vergelijking kan doorstaan met een grootmeester als de Engelse Rosemary Sutcliff. Aan het boek gingen langdurige gedegen historische opzoekingen vooraf, wat tot uiting komt vanaf de schitterende kaft met de afbeelding van een werkelijk bestaande en zeer welsprekende Griekse helm tot de beknopte bibliografie op de laatste bladzijde. Toch trapt Franck nergens in de val van de schoolmeesterachtige pedanterie. In de greep van de macht kreeg o.i nooit de aandacht die het verdiende. Lange tijd zag het er naar uit dat de restanten van de eerste druk geluidloos zouden verdwijnen naar de vergeetput van de ramsj. Gelukkig is het boek opnieuw verkrijgbaar in herdruk.

Het traditionele cliché dat een korte inhoud het boek onvoldoende recht laat wedervaren, geldt hier met verdubbelde kracht. Franck herschept een lang vervlogen wereld, vibrerend van leven, met zijn kleuren, zijn geuren, planten, bezigheden, liederen ...

De incantaties van Ithobaal -uiteraard grotendeels taalkundige creaties van de auteur- hebben niets van hun hallucinerende exaltatie verloren. En vooral: de hoofdpersonen zijn mensen van vlees en bloed, schitterend getekend. In het bijzonder de karakterontwikkeling van Hannibal komt buitengewoon uit de verf. Geboren leider, treedt hij al snel in de voetsporen van zijn geduchte vader. Ondanks zijn genialiteit is hij te naïef om de drijverijen van Ithobaal te doorzien zonder de hulp van Girkis. Aanvankelijk krijg je de indruk dat deze laatste een halfzacht pacifistisch weglopertje is uit onze twintigste eeuw. Spoedig merk je dat hij en Hannibal twee verschillende denkwerelden en benaderingswijzen vertegenwoordigen, zodat ze elkaar perfect aanvullen.

Aan de ene kant van het gevoelsspectrum staan Hamilcar, Hannibal en Ithobaal; aan de andere kant Abdimon, Girkis en Ewa. Hamilcar Barcas, schitterend veldheer, charismatisch volksmenner, bespeelt de technieken van de macht, begeestert de massa, zoals voor hem Alexander de Grote, na hem Caesar, Napoleon, Hitler. Lees hoe hij zijn intrede doet op de rug van een olifant en de Raad schaakmat zet (p. 26). Ithobaal, de hogepriester is de enige voor wie hij de duimen moet leggen. Ithobaal is de religieuze fanaticus die, in plaats van op trouw en begeestering, inspeelt op de angsten van de mensen, zodat zij zelfs bereid zijn uit vrije wil hun bloedeigen kinderen te offeren aan de goden. Hij incarneert de gevaarlijkste soort leiders: de eeuwige inquisiteurs, van Torquemada over Lenin tot Khomeini. Voor 'grote mannen' als Hamilcar en Ithobaal zijn mensen slechts werktuigen van de macht, zonder eigen waarde of waardigheid.

Hierin schuilt de belangrijkste kracht van Francks boek: hij laat zien hoe de structuren van de macht -alle macht- functioneren. Doch tevens toont hij hoe 'zachtmoedige dromers' als Girkis en Ewa het gezond boerenverstand vertegenwoordigen, het fundamenteel bij het rechte eind hebben, maar uiteindelijk door hun beste vrienden zonder scrupules geofferd worden op de brandstapel van de macht.

 

Didactische verwerking (zie ook Concreet werken met historische romans in de klas)

Advies: huislectuur, al dan niet in groep, voor ervaren lezers derde en vierde jaar ASO - cursorische lectuur in vierde en zelfs vijfde jaar.

1. Literair:

Indien je voldoende ervaren lezers hebt, kan je vrijwilligers het boek van Franck laten vergelijken met dat van Gisbert HAEFS, Hannibal. Kroniek van Carthago, waarin gedeeltelijk dezelfde hoofdpersonen optreden.

 

2. Waardeverduidelijking:

- Hoe handelt een idool (= analyse)?

  1. Passages uit het boek analyseren: Hamilcar, Ithobaal, groei van Hannibal tot idool. Laat Francks visie confronteren met die van Livius en Mommsen. Zie hiervoor: Livius. Hannibals tocht over de Alpen, vertaling dr. W.P. THEUNISSEN, Houten, De Haan, 1988 3de druk en MOMMSEN, Th., Romeinse geschiedenis,dl.1, (Pantheon der Nobelprijswinnaars), Hasselt, Heideland, 1959.
  2. Idool op tv: Hitler, Elvis Presley ... moderne popgroep (analyse van videoclip: totale enscenering, optreden, kledij enz.)

 

3. Historisch luik

- Leerlingen zoeken in traditionele naslagwerken of op cd-rom gegevens op over Carthago, scheepsbouw enz.

 

Voorbeeld van klassikale uitwerking bij enkele hoofdstukken

Vooraf

Na de voorstelling van het boek lezen de leerlingen het in zijn geheel. Tijdens het lezen leggen zijn een leesdagboek aan, met losse notities over hun ervaring, de stijl enz. (Zie: Concreet werken met historische romans in de klas. )

De eerste hoofdstukken zijn door de leraar zelf als model uitgewerkt. Elke leerling kreeg als opdracht het hoofdstuk dat aan bod was te herlezen en een lijstje aan te leggen met de woorden die hij/zij niet kende, niet begreep. Woordverklaring bij hoofdstuk 1 bevat bijvoorbeeld alleen woorden waarvan kon verondersteld worden dat ze voor de meeste leerlingen onbekend waren. Het eerste hoofdstukje is volledig voorgelezen, gedeeltelijk door de leraar, gedeeltelijk door leerlingen.

Cursief gedrukt zijn de stukken die leerlingen (al dan niet na vragen van de leraar) op opengelaten plaatsen bijschreven.

De redevoeringen van hoofdstuk 6 en 7 werden door enkele vrijwilligers voorbereid en expressief (en verkleed in 'toga' e.d. ) gebracht. Eerst na elkaar, met de klas als 'menigte', dan nogmaals met tusen de beide bespreking van de argumentatie door de klas. Verdere bespreking kwam van de leraar: hier maken de leerlingen voor de eerste keer in hun leven kennis met de redevoering als genre.

 

Eerste deel. De wanhoopsbeslissing

 

Hoofdstuk 1. De sombere trom

 

De auteur steekt onmiddellijk van wal, hij introduceert de hoofdpersonen en de droom van Hamilcar op zeer directe manier. Nu al is duidelijk dat Girkis, de boezemvriend van Hannibal, belangrijk is. De woedeuitbarsting van Hamilcar schetst voor de lezer de situatie in Carthago.

 

Woordverklaring

p.9

Hamilcar:

hij die door Melkart beschermd wordt

p. 9

Barcas

bliksem

p.12

Hannibal

Baäls (gods) gunst

p.9

ebbehout

harde, zware, kostbare houtsoort die zich goed laat bewerken en polijsten (nieuwe spelling: ebbenhout)

p. 9

heraut:

officiële aankondiger

p. 9

lagune

door een lange, smalle landtong van de zee gescheiden klein strandmeer, bv. aan de noordwestkkust van de Adriatische Zee

p. 9

porfier:

fijnkorrelige bruine of grauwe granietsoort waarin grotere kristallen van een ander gesteente verspreid liggen.

Taal en stijl

1. Veel aandacht voor zintuiglijke indrukken: dit noemt men plastische stijl.

a) Het gezicht: p. 9: hij tuurde in de verte; een goudkleurige nevel; een rode ader;
 
b) Het gehoor: p. 9: hijgend; het geratel van de schepraderen; weggorgelde;
 
c) De reuk: p.9: Tijm en de geur van de zee;
 
d) Het gevoel:
  • p. 10: trilde;
  • p. 11: frisse ideeën.

2. Klanknabootsing: nadruk op de klinker o omwille van het doffe geluid van de trom (gebruik van assonantie of klinkerrijm, d.w.z. rijm van woorden door gelijkheid van klinker maar niet van daaropvolgende medeklinkers) p.9: gebonk - trom, trom - klonk.

3. Vergelijkingen:

4. Metaforen: (metafoor = vergelijking zonder als )

5. Tijdaanduidingen via natuurelementen:

 

Samenvattend: de taal is modern, korte zinnen zorgen voor een overzichtelijk geheel.

De historische achtergrond wordt niet uit het oog verloren. De auteur vermeldt: schalen met het heilig vuur; aan de maan gewijde sluiervissen; schepraderen; het kruisigen van generaals.

Ruimte: realiteit van de omgeving; inlevingsmogelijkheid door kleine, betekenisvolle details.

Spanningscurve: op het einde, door onopgeloste vragen.

 

Hoofdstuk 4. Het mierennest

Woordverklaring

Historische achtergrond

Verwijzingen naar de thematiek van het boek

Karakters

 

Hoofdstuk 5. De draagstoel en de olifant

Woordverklaring

Karakters

Beschrijving

p. 26: 'Toen schalden de bazuinen voor de tweede keer...' tot einde. Dit is weer een plastische beschrijving (= waarvan men zich een levendige voorstelling kan maken, zoals van een driedimensioneel beeld) waarbij verschillende zintuigen worden aangesproken.

De opkomst van Hamilcar en Hanno: deze passage is verbonden met de thematiek: de structuren van de macht. Hoe functioneert idolenvorming? Het uiterlijke functioneren van de macht, van superstars, Hitler, Saddam Hoessein enz. (zie verder: het optreden van Ithobaal).

 

Hoofdstuk 6. De beschuldigende vinger

Dit hoofdstuk opent met een tegenstelling. De laatste regels van hoofdstuk 5 "de strijd der reuzen" wekten door de woordkeuze een verwachting, vooral omdat Hamilcar op p. 26 reeds vaag beschreven was: 'machtige gestalte'. Wie is nu de 'reus' Hanno (p. 27)? Eerder een karikatuur van een man, een vet, vadsig varken: 'dikke gestalte, schommelde het trapje op...'

Opgelet, laat je niet misleiden door zijn uiterlijk: hij is wel degelijk een gevaarlijk man, een te duchten tegenstander.

1. De redevoering van Hanno: "Hij doet niets trillen in de mensen." (p. 28)

Commentaar:

Hoofdstuk 7. De les van de muilezel

2. De rede van Hamilcar Barcas

Hij geeft meteen voedsel aan de dadendrang van de opgekropte frustraties in de menigte; die druk zoekt een uitweg.
Hamilcar wijst hun een weg, geeft hun hoop op een uitweg in de vernedering, toont licht aan het einde van de tunnel.

p. 31 'dromer': het scheldwoord van Hanno neemt hij over als een eretitel, vgl. 'geuzen' = bedelaars (1566).

p. 32 Tweede demonstratie: de rol met de geloften - zijn zelfverzekerd optreden: "Ik mag gekruisigd worden..."

Nota: Hanno gaat ervan uit dat je met de Romeinen in vrede kunt leven, als je maar 'braaf' bent. Hamilcar heeft hen anders ingeschat. Hij is ervan overtuigd dat er hoe dan ook oorlog komt, dat de Romeinen eender welk voorwendsel zullen aangrijpen zodra zij volledig klaar zijn voor de strijd. Hij wil die oorlog voeren op zijn condities en vanuit een sterke uitgangspositie. Het is zeker niet zo dat hij door blinde haat of wraakzucht wordt meegesleept.

Dit is een prachtig staaltje inlevingskunst vanwege Ed Franck. Je kan argumenteren dat hij het als schrijver gemakkelijk heeft, want hij weet hoe de echte geschiedenis van de strijd tussen Carthago en Rome is afgelopen. Doch juist het verloop van die echte geschiedenis speelt hem bij de psychologische uitdieping in de kaart: Hamilcar -en Hannibal later- zullen handelen alsof ze inderdaad gedacht en gevoeld hebben, zoals de auteur hier beschrijft!!

Bespreking

De twee toespraken zijn parels van klassieke redekunst, te vergelijken met de redevoeringen van Brutus en Marcus Antonius na de moord op Caesar, bij William Shakespeare, Julius Caesar, III,2.

Franck herstelt een verloren traditie in ere: de Romeinse geschiedschrijver Livius, een van zijn belangrijkste bronnen, last zoals alle grote auteurs uit de Oudheid om de haverklap kunstig geconstrueerde redevoeringen in. Voor ons is geschiedenis een wetenschap; voor de antieke geschiedschrijvers was zij veeleer een onderdeel van de welsprekendheid. Voor hen was de literaire vorm in wezen belangrijker dan de mededeling van de feiten. Maar Franck herschept de klassieke traditie in een moderne en functionele vorm. De toespraken zijn geen ballast, ze vertragen de actie niet, doch maken en integraal deel van uit.

Hier is geen sprake van improvisatie of spreken voor de vuist weg. Dit is wel degelijk een klassieke redevoering, een weloverwogen, vooraf ingestudeerde tekst, met bij Hamilcar goed geplande en voortreffelijk geënsceneerde 'speciale effecten' met als doel: de menigte totaal en onvoorwaardelijk op zijn hand te krijgen, tegen de Grote geslachten in.

Toetsmogelijkheden

 

1. OVERHORING: deel 1 - 3 t.e.m. p. 124

  1. Bij welke categorie van historische romans breng je In de greep van de macht onder? Bewijs elk onderdeel van uw antwoord aan de hand van duidelijk aangegeven fragmenten uit het boek (blz. aanduiden!). je mag ook elementen van de volgende vragen in dit antwoord inwerken of duidelijk naar je antwoord op de volgende vragen verwijzen.
  2. Hoe droeg het boek bij tot het vergroten van je historische kennis? (Geef fragmenten, verwijzingen, blz...)
  3. Ed Franck wil ons niet alleen laten zien wat Hamilcar of Ithobaal deden, maar vooral HOE het uitoefenen van macht over mensen in zijn werk gaat, toen en nu. Werk concreet uit voor Hamilcar aan de hand van hoofdstuk 6 en 7 en voor Ithobaal aan de hand van hoofdstuk 22. (Je mag, waar nodig, eveneens verwijzen naar relevante fragmenten in andere hoofdstukken.)
  4. Bespreek hoofdstuk 26. (Geen woordverklaring of korte inhoud!) Werk van hieruit de karaktertekening uit van Hannibal en Girkis (met de nodige terug- en vooruitwijzingen.)
  5. Evalueer wat je ervaringen waren in verband met het werken met het boek. De volgende vragen kunnen je helpen:
    • Ik heb geleerd dat ....
    • Ik ben me bewust geworden van het feit dat ik ...
    • Ik heb opgemerkt dat ik ...
    • Ik was verbaasd dat ik ...
    • Ik was ingenomen met het feit dat ik ...
    • Ik was weinig ingenomen met het feit dat ik ...

 

2. Afsluitende toets: hoofdstuk 39

  1. Lees de titel, de eerste 13 regels en de laatste van p. 186 onderaan tot p. 187.
    Dit hoofdstuk heeft wat men noemt een cirkelvormige structuur. Leg uit. Geef de verschillende onderdelen van het hoofdstuk.
  2. Werk uit:
    1. Vertelperspectief
    2. Tijd
    3. Ruimte
    4. Voornaamste karakters (soort?) - gebruik hiervoor desnoods vooruit- of terugwijzingen. (Duid nog altijd en overal de blz. aan!!)
  3. Dit hoofdstuk is als het ware het hele boek in miniatuur. Neem nu opnieuw de eerste en de laatste regels. Met welke literaire term kun je ze benoemen?
    Wat is de betekenis van de laatste zin? Leg het verband met de thematiek.
  4. In welke categorie van historische romans plaats je het boek op basis van dit hoofdstuk? Motiveer.

 

Link

Ed Franck: voor een overzicht van leven en werk: zie Schrijver gevonden. Encyclopedie van de jeugdliteratuur, Tielt, Lannoo - Den Haag, Biblion, 1998, p. 106 e.v.

 

 

Jos Martens




Copyright © 1999 VLG, 15.11.1999