Historische jeugdboeken: lectuursteekkaart

Thea Beckman De val van de Vredeborch. Rotterdam, Lemniscaat, 1989, 251 blz.

 

Thematiek: Tachtigjarige Oorlog, familiezin

Doelgroep: tweede graad

Situering in de tijd: 16de eeuw

Inhoud

Jan Jacobs Van Leemputte, brouwersknecht, wordt verbannen uit Antwerpen als zijn oom Daniël, die hem heeft opgevoed, is veroordeeld en terechtgesteld wegens ketterij. De inquisitie heeft niet kunnen bewijzen dat ook Jan een ketter is, maar een goed katholiek is hij evenmin. In de buurt van Utrecht ontmoet hij Catharina Berges van Voorne, een rijke brouwersdochter. De twee jonge mensen worden verliefd en trouwen. Ze werken hard, erven de brouwerij en krijgen vier kinderen: Digna, Daniël, Adam en Catrientje.

En dan is het 1566. Het kalme leven van de Van Leemputtes verandert totaal. In Utrecht breekt, in navolging van het Zuiden, een beeldenstorm uit en de stad komt op de zwarte lijst van Filips II. Willem van Oranje vlucht voor de hertog van Alva. De Spanjaarden bezetten Utrecht. Het gezin Van Leemputte wordt verscheurd door het verschil in opvattingen en de liefde van Digna voor een Spaanse officier, Francisco D'Avila. Als de Spanjaarden tenslotte toch de stad moeten opgeven, is het de wilskrachtige Catharina die, samen met de vrouwen van Utrecht, de 'Vredeborch' begint te slopen. Deze vesting was voor Utrecht immers het symbool geworden voor macht en onderdrukking.

 

Bespreking

Tot daar de verhaalgegevens van De val van de Vredeborch. Het lijvige boek was na amper een jaar reeds aan een vijfde druk toe, voldoende bewijs dat het belangstelling geniet bij de lezers.

Ook nu weer wordt een belangrijke periode uit de geschiedenis zeer verdienstelijk tot leven gewekt door de vlotte toon, de directe taal van de dialogen en de mogelijkheid tot identificatie met de verschillende hoofdrolspelers.

De personages, gewone burgers, raken toevallig nauw betrokken bij historisch belangrijke feiten. Het begin van het verhaal heeft onmiddellijk de juiste toonaard: de onrechtvaardigheid die Jan treft, raakt ook de lezer; de humor waarmee zijn eerste Utrechtse avonturen worden beschreven, maakt hem een sympathiek hoofdpersonage. Na zijn huwelijk met Catharina is er echter een breuk in het verhaal op te merken. Ergens hebben van dat moment de geloofwaardigheid en de uitdieping van de personages moeten wijken voor de eisen van de geschiedenis. De drie oudste kinderen blijken zeer gepast elk tot een categorie te behoren: Adam is geusgezind, Daniël overtuigd katholiek en Digna wordt de minnares van een Spaans officier. In een naschrift wordt erop gewezen dat de hoofdpersonen echt hebben geleefd. Er is echter geen verteltijd genoeg om de oorspronkelijke indruk van authenticiteit te bewaren. In een paar situaties komt de betrokkenheid bij de personages terug: als Digna haar geheime liefde moet verbergen, als ze vlucht en tenslotte ontgoocheld naar huis komt, als Adam een door de Spanjaarden mishandelde geuzendochter leert kennen. Daniël verdwijnt helemaal uit het verhaal, al leek hij een belangrijke rol te zullen gaan spelen.

Toch beantwoordt het boek aan de verwachtingen die een 'Beckman' oproept: het is een meeslepend verhaal over de bijdrage die gewone mensen leveren aan de geschiedenis. Bovendien houdt Thea Beckman eraan een paar algemeen-menselijke waarden te verdedigen. Net zoals voor het doorbreken van het rollenpatroon, gebruikt de schrijfster dit verhaal over een bezetting in een kleine stad ook om aan te tonen dat zwart-wit denken in de realiteit niet kan. Vijanden veranderen in mensen, als men ze beter leert kennen. D'Avila is in feite een sympathieke man, die als kapitein zelfs bereid is Utrecht te helpen vanuit de Vredeborch. Discriminatie en geweld, zegt Beckman, stammen vooral uit onwetendheid. Vandaar wellicht de keuze om alle strekkingen binnen één gezin te verenigen. De positieve rol die een gezin kan spelen in het leven wordt daarbij zeer duidelijk benadrukt. De verloren dochter kan in vrede terugkeren naar huis; Daniël helpt zijn moeder als ze ervan wordt verdacht opruiende geschriften in haar bezit te hebben. Uiteindelijk blijken mensen als Jan en Catharina de overwinnaars in elke strijd: zij hebben de vrijheid van geest om te relativeren en een eigen weg te gaan. Dat toont de kringloop in de roman: Jan is de enige die als jonge knecht bij Van Voorne een zogezegd gruwelijk monster aanpakt. Dat het slechts een kat was, zou niemand zelfs geloven. Net zo gelooft geen der leiders van de stad dat de Vredeborch op te ruimen is. Deze keer verslaat Catharina het monster.

 

Didactische verwerking

 

Myriam Paquet & Jos Martens

 




Copyright © 1999 VLG, 04.11.1999