Historische jeugdboeken: lectuursteekkaart

 

Jan SIMOEN. En met Anna? Querido, 1999, 216 p.

 

Situering in de tijd: Eigentijdse geschiedenis

Situering in de ruimte: Joegoslavië

Thema's: verdrietig zijn, gezin, burgeroorlog

Doelgroep: derde graad

 

In 1996 verscheen van Jan Simoen de adolescentenroman Met mij gaat alles goed. Het opvallend origineel vormgegeven verhaal over twee stiefbroers: Jonas, die een verloren strijd levert met de aids-oorlog die in zijn lichaam woedt en Michaël, die geconfronteerd wordt met de oorlog in ex-Joegoslavië. En met Anna? wordt gepresenteerd als het "langverwachte vervolg" Zeggen dat En met Anna? niet zelfstandig leesbaar is, zou overdreven zijn. Maar de lezer die Met mij gaat alles goed gelezen heeft, zal veel beter de ruimere, achterliggende context en de vele connotaties en associaties kunnen vatten. Al moet daar onmiddellijk bijgezegd dat Jan Simoen wel degelijk op zoek is gegaan naar nieuwe verhaalstof en dito invalshoeken.

Dat er sprake is van een sterke band tussen de twee boeken, moge al meteen blijken uit de titel, die niet toevallig met het nevenschikkende 'en' begint, en wordt uitdrukkelijk versterkt door de korte, in een nogal ongeloofwaardig soort magisch realisme gedrenkte proloog: in de ikvorm blikt de overleden Jonas anno 1999 terug op zijn ziekte- en sterfbed in 1994, slaat hij als het ware de brug tussen het verhaal van toen en de realiteit die zich thans aandient. Zijn zus Anna -- indertijd 11, nu 16 -- fungeert daarbij als bindmiddel. Anna is de enige protagoniste in het boek. Een beperkt aantal, weinig uitgewerkte of uitgediepte nevenpersonages fungeren in de eerste plaats als klankbord, botspaal en/of katalysator in wat ze in korte tijd ervaart en krijgt te verwerken. Tussen deze personages zijn -- door het lot, door het toeval en soms door des mensen doen -- een aantal draden geweven die voor Anna aanvankelijk amper of niet zichtbaar zijn, maar uiteindelijk in één punt samenlopen, convergeren of elkaar kruisen: zijzelf.

Het verhaal omspant een periode van één maand: van 17 juni tot 15 juli 1999. Een lange vakantie en vooral een open toekomst dienen zich aan. Op het eerste gezicht stelt Anna het niet slecht, maar onderhuids woekert een verleden van dood, afscheid, verdriet en gemis: om de aan aids overleden broer Jonas; om de drie jaar later spoorloos verdwenen en doodgewaande broer Michaël, op dat moment werkzaam voor UNICEF in het door oorlog geteisterde Bosnië; om de splinters en scherven die achterbleven bij mama, papa en haarzelf. Volgens Anna komt het erop aan dat verleden dood te zwijgen, in de hoop dat met het verzwijgen het verleden zal oplossen. Een hopeloze paradox. Dat het verleden zich niet zomaar laat kisten, blijkt wanneer ze een brief ontvangt uit Kroatië waaruit blijkt dat Michaël mogelijk nog in leven is. De brief zet Anna letterlijk en figuurlijk in beweging, dwingt haar de confrontatie aan te gaan met het, haar verleden.

De roman is opgebouwd uit drie delen die liggen ingebed tussen een proloog en een epiloog: een brief die Anna schrijft aan Daniel Devolder (Beste doc,) waarin ze probeert de stroom van de voorbije gebeurtenissen rationeel te schikken. Aandacht voor structuur en compositie is het werk van Jan Simoen niet vreemd. In Met mij gaat alles goed was het een wezenlijke én intrigerende én functionele component. In En met Anna? is dat veel minder het geval. Zo ademt de structuur hier geen ragfijn mazenwerk, schraagt ze niet daadwerkelijk de inhoud. Het gebruik van wisselende vertelstandpunten (in het eerste deel) waarin diverse nevenpersonages aan het woord komen, is een beetje in hetzelfde bedje ziek als de structuur. Behalve enige afwisseling hebben ze in feite weinig of niets te bieden. In de rest van de roman is Anna in de ikvorm aan het woord, in een soort monologues intérieur waarbij ze geregeld afstand neemt van zichzelf en commentaar levert zoals een alwetende vertelinstantie dat zou doen. Dat levert enkele leuke vondsten en originele uitspraken op, maar daar staat tegenover dat hier en daar te nadrukkelijk de auteur doorschemert in wat ze denkt en in hoe ze de dingen verwoordt. Het zou evenwel oneerlijk zijn dit punt van kritiek te laten primeren op de overwegend vinnige en vaardige pen die Simoen hanteert, waarbij hij een stijl etaleert die ook die van vele jongeren is: met dat eigen taalgebruik, vaak ogenschijnlijk laconiek, over ironisch tot cynisch; met snel wisselende wendingen waarbij meermaals snel heen en weer gezapt wordt zoals in videoclips.

En met Anna? is een roman die moeiteloos kan concurreren met de betere doorsnee, maar genoemde kanttekkeningen beletten dat het boek even sterk weet te schitteren als zijn voorganger. Vanaf 15 jaar.

 

Luc Lannoy

eerder verschenen in Leesidee Jeugdliteratuur




Copyright © 2001 VVLG, 25.05.2001