|
|
Thea Beckman
Lemniscaat, 1973, 12+, 306 blz. 
Korte inhoud
De 15-jarige Dolf Wega laat zich vanuit de 20ste eeuw terugflitsen in de tijd. Hij komt terecht in Duitsland in 1212, op het moment dat duizenden kinderen voorbij trekken, op kruistocht naar het Heilig Land. Dolf weet de ongedisciplineerde massa te organiseren. Maar gaandeweg wordt deze pelgrimstocht een echte calvarieweg: epidemische ziektes (roodvonk, 'de Scharlaken Dood'), gevaarlijke bergtochten en aanvallende boeren zorgen voor heel wat slachtoffers. Velen keren terug, maar een harde kern beroepszwervers trekt verder. Dolf weet niet meer of hij nog wel terug wil
Situering in tijd en ruimte
Het verhaal situeert zich in 1212, het jaar waar Dolf heen werd geflitst met de tijdsmachine. Hij komt in Duitsland terecht, waar zijn tocht door Europa begint. Via de Alpen trekt de kinderkruistocht naar Genua.
Domeinen van de socialiteit
De kruistocht bestaat uit arme kinderen. We komen in hun leefwereld, met hun noden en behoeften terecht. Het verhaal beschrijft dus het volk.
Historische correctheid
Thea Beckman baseerde zich op historische feiten. Ze bestudeerde nauwkeurig geschiedenisboeken, plattegronden en archieven voor ze aan haar boek begon. Ook bezocht ze verschillende plaatsen in Duitsland, Frankrijk, Zwitserland en Italië, om ze precies te kunnen beschrijven. Dit alles om geen geschiedkundige blunders te maken.1 Het is wel zo dat Thea Beckman haar verhaal laat afspelen onder het gewone volk en daar tref je in geschiedenisboeken maar weinig informatie van aan.2
Het belangrijkste feit uit het boek om te bespreken, is volgens mij het gegeven van de kinderkruistochten. Hierover doen verschillende versies de ronde: sommigen geloven dat er twee kinderkruistochten waren, maar de meeste historici aanvaarden dit niet. Ook in het boek wordt op het einde duidelijk dat de tocht geen kinderkruistocht was, maar wel een slavenhandel.
De kinderkruistochten
In het voorjaar van 1212 vertrokken er twee kinderkruistochten richting het Heilig Land. In de bronnen waar de kinderkruistochten als 'echt gebeurd' aangenomen worden, worden deze twee tochten beschreven.
In Frankrijk zou Etienne, een 12-jarige herdersjongen uit het stadje Clocys, een boodschap gekregen hebben van Christus. Etienne verzamelde duizenden kinderen in en rond Vendôme om naar het Heilig land te trekken. Tijdgenoten spreken van 30.000 jongens, van wie niet één ouder dan 12 jaar. Vele kinderen stierven onderweg van honger of van dorst. Anderen probeerden terug te keren naar huis. Maar het grootste deel van deze kruistocht bereikte toch Marseille. De hele expeditie trok dadelijk naar het strand om te zien hoe de zee voor hen zou wijken. Maar het mirakel gebeurde niet. Sommige kinderen trokken teleurgesteld weer naar huis. De meeste bleven echter bij Etienne. Na enkele dagen boden twee kooplui uit Marseille hun diensten aan. Zij stelden zeven schepen ter beschikking om de kinderen gratis over te brengen naar Palestina. Het zou achttien jaar duren vooraleer nog iets van hen werd gehoord. Toen kwam een priester met het verhaal dat de Arabieren de schepen overvallen hadden en alle kinderen verkocht waren als slaven. Hijzelf was bij de kinderen gebleven en werd later vrijgelaten door de Arabieren.
In Duitsland begon een zekere Nikolaas te preken in Keulen. Net als Etienne zei hij dat de kinderen meer succes zouden hebben dan volwassenen en dat de zee voor hen zou wijken. Het grote verschil was dat de Duitse kinderen het Heilig Land zouden veroveren door de bekering van de ongelovigen en niet door geweld, zoals Etienne verkondigde. Na enkele weken was een leger van kinderen verzameld in Keulen. Zij waren ouder dan de Fransen en er waren veel meer meisjes bij. Zij werden vergezeld door allerlei boeven en prostituees die in de hele expeditie wel meer zagen dan een religieuze bedoening.
Zo'n 20.000 Duitse tieners trokken onder leiding van Nikolaas de Alpen over via de Mont-Cenis. Velen stierven onderweg. Toen zij in Genua aankwamen, werden zij zeer ontgoocheld door de zee, die ook hier niet wou wijken. Vele kinderen bleven in Genua, maar Nikolaas en de meeste van zijn volgelingen trokken verder langs de Italiaanse kust, in de hoop dat de zee zich wel ergens zou terugtrekken. Twee schepen namen in Pisa enkele kinderen op. Wat er met hen gebeurd is, weet niemand. Nikolaas bereikte eindelijk Rome waar hij ontvangen werd door paus Innocentius III. Die zei de kinderen vastberaden dat het genoeg was geweest en dat zij naar huis moesten gaan. Wellicht bleven er toch velen in Italië, want uiteindelijk belandden slechts enkelen weer in het Rijnland. Wat er met Nikolaas is gebeurd, weet niemand.3
Andere bronnen vermelden enkel dat grote aantallen uit Frankrijk en Duitsland op kruistocht vertrokken. Ze strandden in Marseille en Genua waar ze de overtocht naar het heilige land niet konden betalen en door Marseillaanse en Genuaanse kooplieden als slaven aan de Arabieren in Egypte verkocht werden.4
Sommige historici denken dat de kinderkruistocht een legende was, die voortkwam uit het feit dat er in de 13de eeuw veel dakloze families door Europa zwierven.5 Anderen baseren zich op het feit dat in de kruistochten vele arme mensen meeliepen. Men sprak over 'de kleine lieden', waaruit later het misverstand zou ontstaan zijn dat er ooit kinderkruistochten geweest zouden zijn.
Het gebeuren van de kinderkruistochten wordt door velen niet aanvaard.
Kruistocht in Spijkerbroek baseert zich hoofdzakelijk op de eerste speculatie. Ook in het boek worden de kinderen als slaven verkocht, maar hier was deze bedoeling met voorbedachten rade gepland door de priester. Voor volwassenen bestaat er ook een goede roman over kinderkruistochten, namelijk 'De kinderkruistocht' door Evan H. Rhodes (Uitgeverij Antwerpen, 1978).
Bruikbaarheid
Kruistocht in spijkerbroek is ongetwijfeld één van de bekendste historische jeugdromans over de Middeleeuwen. Ondertussen is de 60ste druk al verschenen. Voor velen is dit het enige jeugdboek dat ze zich nog herinneren, voor jongeren nu blijft het een boeiend boek. In elke klas zitten wel enkele leerlingen die het boek gelezen hebben en die over kinderkruistochten beginnen tijdens de geschiedenisles. Dan moet je als leerkracht kunnen uitleggen dat het weinig waarschijnlijk was dat er echt kinderkruistochten waren.
De leerlingen mogen zeker het fictieve boek niet verwarren met de realiteit. In het boek wordt een zogezegde kinderkruistocht beschreven, maar reeds van in het begin was dit opgezet spel. Enkele priesters trokken met de kinderen naar Genua, onder het mom van een kruistocht, maar met als doel de kinderen te verkopen als slaven. De kinderen, maar ook de lezer, ontdekken dit pas op het laatste moment.
Toch blijft het boek een aanrader voor de leerlingen die zich willen inleven in de Middeleeuwse wereld. De tocht en de steden worden realistisch beschreven.
Omwille van de omvang is Kruistocht in Spijkerbroek het best geschikt als huislectuur.
2 Schrijver gezocht, encyclopedie van de jeugdliteratuur, Lannoo/Van Holkema en Warendorf, 1988.
3 http://users.pandora.be/krisvp1/Ernstig5.htm
4 http://www.terugblik.com/voor1900/1200/1200.html
5 De kruistochten, Christine Hatt.