Historische non fiction

 

Asterix en de wijde wereld

 

De auteurs volgen Asterix en Obelix op hun reizen buiten Gallië. Eerst trekken ze naar Britannia om een door de Romeinen bedreigd Keltisch dorp een toverdrank te bezorgen. Vervolgens brengen ze een aan de Romeinen ontsnapte gijzelaar terug naar Spanje. In Rome gaan ze een ontvoerde Gallische bard opsporen. Ten slotte nemen ze in Griekenland aan de Olympische Spelen deel. Deze verhalen zijn met meer dan honderd tekeningen uit het stripverhaal geïllustreerd.

Belangrijker dan het verhaal is de commentaar van de auteurs. Voortdurend toetsen ze de gegevens (vooral die van de opgenomen striptekeningen) aan teksten uit de Oudheid en aan archeologische vondsten. Ze kunnen opmerkelijk veel elementen confirmeren met de massa citaten en tientallen foto's van beelden en voorwerpen. De kleinste details krijgen daarbij hun aandacht: bij een tekening van een restaurant met wat wingerdranken geven ze een citaat van Cicero die een tuinarchitect complimenteert omdat hij een villa overvloedig met wingerd liet begroeien. Ze wijzen er zelfs op dat een voorstelling van een buurt (Noord-Londen) goed overeenstemt met recentere archeologische vondsten. Dikwijls zijn de gegevens van het verhaal een aanleiding tot uitweiding, bv. over de Olympische Spelen, de thermen, de zeevaart, de verovering van Numantia.

In vele gevallen geeft hun commentaar eerder informatie over vergelijkbare gevallen dan een echt bewijs van historische juistheid: als er in het verhaal een paraplu opduikt (die pas van de 18de eeuw dateert) hebben ze het over parasols,die wél al in de Oudheid bekend waren; een zuiderse vakantiefile vergelijken ze met de volksverhuizing van de Helvetii; een rugbywedstrijd is goed voor een uitweiding over balsport in de Oudheid. Zelfs totaal verkeerde voorstellingen weten ze elegant te verklaren: het beeld van Athena is nu vóór het Parthenon opgesteld ter ere van de Gallische bezoekers, en het luxueuze paleis van Nero (met een citaat over het gouden huis van Nero) is gewoon een cadeau van de auteurs aan de keizer…

De auteurs hebben n.a.v. de Asterix-verhalen een massa informatie over de Oudheid verzameld, en die vlot in hun verhaal verwerkt. In de inleiding stellen ze Obelix wat moraliserend tot voorbeeld: doordat hij zo ongeremd zijn opmerkingen over vreemde toestanden uit, doen de anderen dat ook, en daardoor begrijpen ze elkaar beter. Ze geven wel nogal vlug de indruk dat ze de historische juistheid van het verhaal bewezen hebben, ook als ze n.a.v. een gegeven gewoon wat uitweiden. Maar door de luchtige en prettige toon van hun verhaal kunnen we hen dat niet kwalijk nemen.

 

 

Jef Ector

eerder verschenen in Leesidee

Referentie:

Asterix en de wijde wereld / René van Royen, Sunnyva van der Vegt. - Bakker, 2000. - 171 p. : ill.



Copyright © 2001 VVLG, 20.03.2001