Historische non fiction

Impact

 

TAHON, E., e.a., Impact. 1902 Revisited. Brugge, 2002, 80 blz.

 

Brugge heeft een respectabele traditie op het gebied van tentoonstellingen van oude kunst. Het begon in 1902, met een baanbrekend overzicht dat aan de basis lag van nieuwe wetenschappelijke inzichten en dat de Vlaamse Primitieven bij een groot publiek bekend maakte. Dichter bij ons was er de Memling-tentoonstelling (1994) die licht wierp op een van de grote meesters.

'Brugge 2002' verkocht in het totaal 700.000 tickets.

De Van Eyck-tentoonstelling haalde 318.000 bezoekers. 'Hanze@Medici' trok 50.000 bezoekers (maar verwachtte er 100.000 en wordt dus bij de 'missers' gerekend!); de manuscriptententoonstelling 'Besloten Wereld, open boeken' sloot af met 70.000 verkochte kaartjes. De rest gaat naar concerten enz.

Toen we het Arentshuis (bij het Gruuthusemuseum) betraden voor de kleine tentoonstelling 'Impact. 1902 Revisited' waren we daar de enige bezoekers. Aan het loket vroegen we twee tickets. Dat ging niet. Daarvoor moesten we terug naar de overkant, waar ondertussen enkele honderden in dichte drommen stonden aan te schuiven voor 'De eeuw van Van Eyck'. "Schitterende organisatie, he", zei de man achter het loket. "We hebben ze nochtans voorop gewaarschuwd." Of we dan niet zo binnen mochten? Dat ging evenmin. Ook niet als we de catalogus kochten? Ook dan niet. Dus zijn we in arren moed maar vertrokken, met het kleine, relatief prijzige boekje (15 euro) dat tevens als catalogus fungeerde. Toch de moeite. Door die legendarische, nog steeds besproken expositie ontwaakte in ons land de belangstelling voor de Vlaamse Primitieven uit een lange en diepe winterslaap. Huizinga bezocht ze, klaarblijkelijk minstens twee keer en deed hier de definitieve inspiratie op voor zijn baanbrekende Herfsttij der Middeleeuwen, waaraan hij tot 1919 zou werken en dat een vergreen zou blijven tot over de grenzen van het millennium heen. Aan het einde van zijn leven noemde hij de Brugse tentoonstelling "... een ondervinding van het hoogste gewicht" (1).

De organisatie liep in 1902 nochtans absoluut niet van een leien dakje, gehinderd en vertraagd door kleinzielige intriges en politieke bekrompenheid. Nil novi sub sole dus. Brugge exposeerde meer dan 400 stralende schilderijen, in een tijd dat nog geen kleurenfotografie bestond. Wegens overdonderend succes werd ze verlengd tot 5 oktober en sloot haar deuren na 35.000 bezoekers. Ongeveer een tiende van het aantal in 2002! Niet alles is dus achteruitgang en verloedering van de massa's in de voorbije eeuw.

Jos Martens

Noten

1. HUIZINGA, J., Herfsttij der Middeleeuwen, Amsterdam, Contact, 1997, 22ste druk, A. van der Lem, Nawoord, p. 387.



Copyright © 2002 VVLG, 26.11.2002