|
Het is een hergieting in 1849 van een klok uit 1732 met toevoeging van 412 kg brons. De klokgieters waren Joseph en Paul Drouot uit Maisoncelle in de Haute Marne (Frankrijk). Het was een gift van de parochianen. Ze is toegewijd aan Maria en Amandus. Peter was Jacques Hollebecq en meter mevr. Pierre Ign. Vanneste, Constance Lanneau. In 1869 werd de kleinere klok ter ere van de heilige moeder Anna gegoten uit "d'oude schelle" van 1732 door Sev. Van der Schadt uit Leuven. De peter was Arnoldus Verhouwen, de meter Anna De Villers. Jules Dendoncker, 50 jaar klokkenluider, was de derde generatie van
een familie klokkenluiders. Het was bijna een beroep. Iedere dag werd
het uur geluid. 101 treden hoog diende er geklommen om met de "terdstoel"
de klokken in gang te stampen. De Otegemse klokken werden vroeger niet
met een "kommel" (zwaar gevlochten touw) bediend. Heden ten dage
gebeurt dat elektronisch met een hamer die op de klok slaat zoals je
op de foto's kunt zien. Het uurwerk van de kerk wordt trouwens
ook zo geregeld en toont nu altijd de juiste tijd wat vroeger niet altijd
het geval was. Wanneer iemand overleden was werd de "endeklokke" menigmaal geluid tot op de dag van de begrafenis. Verder was er nog het angelus, de aankondiging van de mis en andere plechtigheden. Jules was 25 jaar stoeltjeszetter en had gedurende 45 jaar in opvolging van zijn vader de zware taak van grafdelver. Op het einde van de Tweede Wereldoorlog heeft de Duitse bezetter
de grote klok weggehaald met het doel er kanonnen mee te gieten. Gelukkig
kreeg Otegem zijn klok heelhuids terug op 12 november 1945. Ze werd
feestelijk in de toren gehesen door 15 man onder leiding van Maurice
T'Joens. En het opstel op het bord bij "Meester Charel" eindigde
met de zin: "De klok kwam niet terug uit Rome, maar uit Hamburg". |
|
|