De Katyusha

De Katyusha multi-raket laceerders (MRL) zijn een type van raket-artillerie, gebouwd en gebruikt door de Sovjet-Unie in het begin van de Tweede Wereldoorlog, als antwoord op de Nazi-Duitse Nebelwerfer. Het zijn multi raket lanceerinstallaties die de mogelijkheid hebben om een verwoestende hoeveelheid explosief materiaal ter plaatse te brengen (16 130mm raketten) in een korte periode, alhoewel ze onnauwkeurig zijn en lange herlaadtijd hebben werden en worden ze vaak gebruikt. In vergelijking met andere types van artillerie zijn ze kwetsbaar maar heel goedkoop. Katyushas waren de eerste Russische zelf-aangedreven artillerie toestellen die in massaproductie werden gebracht.

Betekenis

Tijdens de Tweede wereldoorlog betekende de naam Katyusha de BM-13, BM-8 en de zware BM-31. Vandaag de dag refereert de naam ook naar de nieuwere MRL (o.a. de BM-14, BM-21 en BM-27) en hun nakomelingen wereldwijd. Het kan ook verwijzen naar de aparte Katyusha-raketten die individueel gebruikt worden. Deze manier van aanvallen wordt dikwijls gebruikt door guerrillastrijders, militaire stooraanvallen (harassing fire) of aanvallen tegen de bevolking door het Nationale Front voor de Bevrijding van Vietnam, Hezbollah, Irakese opstandelingen en de Taliban.

Benaming

Het Rode Leger haalde naam Katyusha van Mikhail Isakovsky's populaire liedje van tijdens de oorlog "Katyusha". Het gaat over een meisje dat verlangt naar haar geliefde, die naar de oorlog is moeten gaan.. Katyusha is de Russische equivalent van "Katie", dat op zijn beurt een afkorting is van Katherina. Duitse troepen noemden het wapen 'ein Stalinorgel', naar de Sovjet premier Joseph Stalin, het vreemde lawaai tijdens de lancering, en de vergelijking van de geladen installaties met orgelpijpen.

Gevechtsgeschiedenis

De MRL waren behandeld als topsecreet aan begin van de oorlog. Ze kregen dan ook verschillende namen, o.a. Kostikov guns en guards mortars. Er werd een speciale eenheid opgericht om hen te bedienen. Op 7 juli 1941 werd een experimentele artillerie batterij van 7 lanceerinstallaties werd gebruikt in de slag bij Orsha in Wit-Rusland, onder het commando van Ivan Flyorov. Er werd een station met verschillende ondersteuningstreinen vernield, en er vielen véél Duitse slachtoffers.

Als gevolg van deze succesvolle operatie organiseerde het Rode Leger onmiddellijk een batterij voor de ondersteuning van infanteriedivisies. Een batterij werd standaard uitgerust met 4 lanceerinstallaties.

Op 8 augustus 1941 gaf Stalin persoonlijk het order tot oprichting van 8 nieuwe regimenten die onder directe controle stonden van de het Algemene Reserves Hoofdkwartier (STAVKA-VGK). Elk Regiment bestond uit 3 bataljons van elk 3 batterijen, dus een totaal van 36 lanceerinstallaties. Ook werden er verschillende onafhankelijke bataljons gevormd bestaande uit 36 lanceerinstallaties (3 batterijen van elk 12 installaties). Tegen het einde van 1941 waren 8 regimenten, 35 onafhankelijke bataljons en 2 onafhankelijke batterijen in werking. Wat een totale kracht van 554 lanceerinstallaties is!
In juni 1942 werden nieuwe bataljons gevormd ter besturing van de nieuwe M-30 static lanceerinstallaties. In 1943 werden nieuwe brigades en nieuwe divisies gecreëerd.

Katyushas sinds Wereloorlog 2

Het succes en de kostprijs van de MRL heeft geleid naar een verdere productie na het einde van Wereldoorlog 2. Tijdens de Koude Oorlog heeft de Sovjet-Unie nieuwe versies van de WO-2 era Katyusha gemaakt. Ze werden geëxporteerd naar de Volksrepubliek China, Noord-Korea en Iran. Ook Westerse landen gebruiken MRL, maar deze zijn eerder ingewikkeld en duur. Denk maar aan de M270 MLRS van de VS.

De Katyushas hebben ook meer geavanceerde munitie gekregen doorheen de geschiedenis, zoals cluster raketten, remote-geplaatste landmijnen en chemische munitie.
In meer recente krijgsgeschiedenis is de Katyusha gebruikt door Russische troepen in de Tweede Tsjetsjeense oorlog en door de Armeense en Azerbeidjaanse troepen in de Nagorno-Karabakh-oorlog. Maar ook buiten de (ex-)Sovjet-Unie zijn Katyusha in gebruik (geweest). In het bijzonder door de Hezbollah, een Libanese militie, bij bombardementen van het Noorden van Israël. Men neemt aan dat deze terroristische organisatie beschikt over ongeveer 5000 Katyusha raketten.

Januari 2002, in operatie Noah's Ark entert Israël Palestijnse vrachtschip Karine-A in de Rode Zee. Aan boord werden 12-mijl Katyusha raketten gevonden, alsook antitank raketten en explosieven.

Israël en de Verenigde Staten beschuldigden de Hezbollah van een link met de Palestijnse wapensmokkelaars. 3 Hezbollahleden werden gearresteerd in Jordanië bij een poging Katyusha raketten te smokkelen in de Palestijnse gebieden. Een andere vissersboot vol wapens werd tot zinken gebracht door de Israëli's net voor de kust van Libanon in mei 2002.

In oktober 2005 stelde het Israëlische leger een nieuwe gesofisticeerde radar in werking bij de Gaza-strook. Hij is gemaakt om een vroege waarschuwing te geven wanneer er Katyusha raketten, Kassam raketten of mortiergeschut wordt afgevuurd. Doordat de Israëli's de mogelijkheid hebben de bron te vinden en terug te vuren, zoeken en gebruiken de terroristen speciale methodes om schade te voorkomen. Zo vuren ze op dezelfde targets van op verschillende plaatsen tegelijk, veranderen ze constant van locatie en gebruiken ze steeds nieuwe posities.

Tijdens het recente Israël-Libanon conflict. De Hezbollah maakte gebruikt van BM-21 afstammelingen, en opmerkelijk de Fajr-3 (Noord-Koreaanse – Iranese origine) die een grotere reikwijdte heeft. Op die manier konden de grote steden; Haifa en Nazareth bereikt worden.

Bron: Wikipedia & global security