Moto Retro Wieze
11 & 12 februari 2012
De grootste internationale beurs voor klassieke motoren van België.
terug naar overzicht nieuws

Volle spots op de unieke Matchless
G80 "Super Clubman"

In 1935 introduceerde Matchless met de 35/G3 een 350cc ééncilinder kopklepper met high-level uitlaat die aan de basis zou liggen van de "Clubman"- reeks. Dagdagelijkse motorrijders waren best tevreden met een goedkopere zijklepper maar de "Clubman" was bedoeld voor de meer veeleisende sportieve motorrijders. Standaard uitgerust met een hele rits opties bracht Matchless de G3 niettemin aan een haalbare prijs op de markt wat onmiddellijk aansloeg bij het publiek. De "Clubman"  legende was geboren.
De G80 'Super' Clubman met o.a. zijn prachtige 'Upswept Twin Port' uitlaat.

In 1937 was de "Clubman" lijn uitgegroeid tot 9 modellen met o.a. de 250cc G2, de "Special" voor Trialsport en de 500cc G80. En nu komt het : de 500cc G80 versie kreeg ook een "Competitie" variant en uiteindelijk ook een "Super Clubman" uitvoering met een geperfectioneerd blok, duplex kader en een oogverblindende upswept Twin Port uitlaat. Anno 2012 zijn er van het 1939 model nog slechts 2 gekende exemplaren : één in het Motor Museum van Birmingham en één in Wieze, op 11 & 12 februari!

Van de Super Clubman uitvoering uit 1939 zijn nog slechts 2 exemplaren gekend. Een is er te bezichtigen in het Motor Museum van Birmingham. Met de tweede kan het publiek eenmalig kennismaken op 11 & 12 februari in Wieze natuurlijk!


 

AJS Matchless: de geschiedenis van
twee Britse motorlegendes

De pré 1914-18 periode:
glansrijke overwinningen in de Tourist Trophy op het eiland Mann
De namen Matchless en AJS doen de meeste motorrijders denken aan de glorieperiode van de Britse motorproduktie in de jaren ’50 toen het Verenigd Koninkrijk nog ‘s werelds grootste motorproducent was.
De doorwinterde Matchless & AJS liefhebbers weten beter. De familie Collier bracht op het einde van de 19de eeuw reeds fietsen en gemotoriseerde rijwielen onder de naam ‘Matchless’ op de markt. De serieproduktie stond in 1902 op punt en het waren de sportieve successen van Charlie Collier die de naam Matchless onder de brede aandacht brachten.

Zo won Charlie de allereerste TT race op het eiland Mann en hij zou die prestatie nadien nog tweemaal overdoen! De Colliers rustten hun allereerste modellen uit met motorblokken van J.A. Prestwich, beter gekend als JAP, alsmede van MMC en MAG. In 1905 telde de catalogus reeds 5 verschillende modellen. Matchless bood zowel één- als tweecilinders aan.


Voor de vintage fanaten op de showstand in Wieze!
Uit de periode toen AJS nog bij Albert John Stevens en de Stevens Motorfacturing C° werd geproduceerd:
een H6 model uit 1927 dat uitgerust werd met een
'Big Port' K6 motorblok, 350cc.

De jaren ’20 en de economische depressie
Vanaf midden de jaren ’20 waren de ééncilinders van eigen Matchless makelij terwijl de twins bij JAP en MAG betrokken werden. Sportieve successen bleven wat uit maar Matchless haalde begin de jaren’ 30 de pers met de lancering van de 400cc V-twin Silver Arrow die uitgerust was met (de toen ongebruikelijke) achtervering en de 600cc viercilinder Silver Hawk.
De economische depressie hield de wereld echter in haar greep waardoor meerdere fabrikanten over kop gingen zoals A.J.Stevens & C°, beter gekend onder de naam AJS.

AJS : van stationaire motoren tot racemachines
Joe Stevens was een smid. Om het vuur van zijn smederij aan te jagen kocht hij een kleine Mitchell stationaire eencilinder die echter ondermaats presteerde. Eind 1800 ontwierp hij zelf een verbeterde versie waarmee hij voor zichzelf onverwacht een nichemarkt crëerde en aan serieproduktie mocht gedacht worden. Hiervoor werd de Stevens Motor Manufacturing C° opgericht.
Na wat geëxperimenteer werd het blok tot ieders tevredenheid in een BSA rijwiel gemonteerd. En in 1901 reeds werd het blok geleverd aan de Wearwell rijwielfabriek. Twee jaar later bouwde Stevens een eigen motorfiets maar het zou tot 1909 duren toen Wearwell overkop ging alvorens gedacht werd aan een eigen motorproduktie.
Als merknaam werden de initialen van Albert John Stevens genomen, AJS, en in 1910 waren de eerste exemplaren klaar voor verkoop. En na het sportieve succes in de Junior TT van 1914 - een 1ste en 2de plaats - was de naam AJS goed ingeburgerd geraakt in de motorwereld. Na de 1ste WO legde AJS zich toe op V-twin zijspannen zoals het Model D, een 748cc tweecilinder. In 1921 won AJS zowel de Junior als de Senior TT en in 1922 was het opnieuw zover. De sportieve successen vertaalden zich in een commercieel succesverhaal; de catalogus omvatte 350 en 500cc eencilinders, zowel zijkleppers als kopkleppers, alsmede de V-twins waarbij alle modellen moeiteloos hun weg naar kopers vonden.
Stevens had echter ook zwaar geïnvesteerd in nevenprodukten zoals vrachtwagens, autobussen, auto’s en zelfs meubels en de afzet hiervan liep minder gesmeerd, zeg maar verlieslatend. En met de beurscrash van Wall Street in 1929 die over de wereld stormde werd de financiële toestand bij de gebroeders Stevens zeer precair. In 1931 werd beslist de boeken neer te leggen en de merknaam en de modellen te verkopen aan Matchless. Matchless bracht de gehele produktie over naar de eigen fabriek in Plumstead maar de AJS catalogus bleef behouden. Zo bood Matchless in 1933 10 AJS-modellen aan en 3 zijspannen.

Associated Motor Cycles (AMC) groepeert Matchless, AJS en Sunbeam
In 1937 nam Matchless het merk Sunbeam over en werd er geopteerd voor een overkoepelende naam ‘Associated Motor Cycles (AMC). Ontwikkelingen gingen voor de 3 merknamen door maar dat bleek wat hoog gegrepen en in 1940 werd Sunbeam aan BSA overgelaten. Op de vooravond van WO2 ontwikkelde Matchless de G3/L 348cc een cylinder kopklepper voor het Britse leger. De modellen die na de WO 2 op de markt kwamen waren gebaseerd op de G3/L met zowel een 348cc als een 497cc uitvoering.

Vooral de introduktie van de Teledraulic hydraulische voorvork was een voltreffer.Tegelijkertijd verdwenen de verschillen tussen de AJS en Matchless modellen zodat uiteindelijk alleen het tanklogo nog duidelijkheid kon scheppen. Maar AMC had eind de jaren ’40 nog een belangrijke troef in petto : de hydraulisch gedempte achtervering waarmee ze de andere Britse fabrikanten met hun plunjerachtervering het nakijken gaven. Deze achtervering kreeg de naam ‘Jampots’ mee.
AJS liet opnieuw van zich spreken in de racerij met een 499cc parallelle Twin, de Porcupine die op Monthléry in 1948 18 wereldrecords op zijn naam zette en waarmee Les Graham in 1949 wereldkampioen werd. En daarnaast natuurlijk de legendarische 348cc 7R, de Boyracer.
Een racemachine die anno 2011 nog steeds alle ogen naar hem doet kijken op de Classic Races.
De Boyracer is 15 jaar in produktie gebleven en maakte al die tijd mooie sier op de internationale circuits; niet voor niets noemde AJS dit model
‘The Racebred Motorcycle’. In 1952 nam AMC Norton over waarna dit merk ook naar Plumstead verhuisde.



Het Britse Ministerie van Oorlog had in 1914-18 Matchless links laten liggen maar in 1939 kwam het wel aankloppen met een orderbrief voor 80.000 G3 en G3L 350cc motoren. Een goede zaak toen voor het Britse leger en later vooral voor de bloeiende tweedehands onderdelenmarkt. De Matchless G3 werd op 6 juni 1944 - D-day in Normandië onmiddellijk ingezet als koeriermotor. Op de showstand kan  u hiervan een exemplaar bewonderen..

Voor de racefanaten: de AJS Boyracer van Roel Blom zal een prominente plaats innemen op de AJS-Matchless showstand.

Het laatste hoofdstuk : de jaren ’60
De Britse motorindustrie zou vanaf de jaren ’60 echter ferme klappen krijgen en om te overleven leverden de verschillende merken aan eigenheid in.
Zoals in België en elders werden modellen gestandaardiseerd, een samenraapsel van meerdere merken - zoals een mix van Norton, Matchless en AJS - om produktiekosten te besparen en om wat opportunistisch in te spelen op de merkgetrouwheid van de klanten. Tegen de komst van de eerste goedkope, betaalbare auto’s, de Italiaanse scoorters en de Japanse machines was echter geen kruid gewassen.
AJS bracht in 1966 de laatste tweecilinder op de markt alvorens AMC in handen te kwam van het nieuwe Norton-Villiers. Van de AJS 250cc 2-takt produktieracer uit 1963 werden in 1967 nog een paar replica’s op de markt gebracht. Het merk Matchless hield het in 1969 voor bekeken. Voor AJS waren er begin jaren ’70 nog de 2-takt motocross Stormers maar Norton-Villiers zou ook spoedig de handdoek in de ring gooien. AJS kwam in handen van Fluff Brown die in de jaren ’80 de Stormers eveneens met Oostenrijkse Rotax blokken uitrustte.  Anno 2012 biedt Nick Brown, de zoon van Fluff, AJS-modellen aan in 50cc, 125cc en 250cc versie met ‘made in China’ label.

En nog voor de race liefhebbers: Bob Puers en Martin Colpaert haasten
zich op een AJS M31 naar de showstand van Moto Retro Wieze

Maak kennis met Paul Saint-Mard,
Brusselaar en AJS-adept

De eerste motoren waarmee Paul Saint-Mard tijdens zijn jeugd kennismaakte in het Brussel van de jaren ‘50 waren de luidruchtige Matchless-motoren van het Belgisch leger. Het waren de kandidaat officieren van de Koninklijke Militaire School die dagdagelijks op de Tervuurselaan met het nodige kabaal voorbij raasden. Een piepjonge Paul en zijn vrienden luisterden en keken vol bewondering.
Toch zou het een Saroléa 350cc Vedette zijn die hij bij de familie Brel in 1961 op de kop wist te tikken. Na zijn legerdienst huwt Paul en is er geen plaats meer voor de Saroléa welke hij van de hand doet. En het zou tot 1988 duren alvorens hij op aanraden van een vriend terug een motor in huis haalt. Motor is veel gezegd, het is een wrak die Matchless G80 Candlestick waaraan meer ontbreekt dan gedacht. Kleine prijs, groot project want Paul moest ook op zoek naar een motor en versnellingsbak. Dankzij de hulp van een ex-motocrosser uit Waals-Brabant kon Paul niettemin met zijn Matchless 500cc uitpakken op meerdere rallys in binnen- en buitenland. Ook BSA bekoorde hem maar hij haalt uiteindelijk nog een sportieve, laag liggende Métisse met Triumph motor in huis.
Wanneer hij niet rijdt pluist Paul de motortijdschriften uit en in het magazine van de VMCC ontdekt hij in 1996 het verhaal van een verstrooide Londense professor die in zijn kelder een AJS Typhoon had gedemonteerd en er niet toe kwam hem opnieuw te monteren. Bovendien ging hij verkassen naar een andere universiteit en moest die kelder leeg... Paul belt, maakt een deal en trekt naar Londen. Paul heeft zijn merk gevonden maar er is nog werk aan de winkel. Saint-Mard vertrouwt het motorblok, de versnellingsbak en het chassis toe aan gekende Britse motorspecialisten. En dan wordt het 18 maanden wachten op zijn gestaureerde AJS Typhoon uit 1959. Slechts 1100 exemplaren zijn er van gemaakt en dan nog specifiek om deel te nemen aan wedstrijden in de Mojave-woestijn in de V.S. Het motorblok is een aluminium 600cc ééncilinder en is één en al compressie: er is wat brute overredingskracht nodig om de motor aan de praat te krijgen.

De AJS Typhoon heeft ook een hoge wegligging en Saint-Mard kiest voor gewone ritten evenzeer zijn Matchless G12 650cc uit 1959, een comfortabel baanmodel om de kilometers of miles er al fluitend door te malen. Door de band wisselt Paul beide ‘zustermotoren’ om beurten af voor zijn ritten doorheen de Pyreneeën, Wales, Normandië en op Belgische bodem natuurlijk. De AJS-Typhoon van Paul Saint-Mard valt te bewonderen op de showstand en Paul zelf kan u ontmoeten op de C.M.B. stand net ernaast (zie het C.M.B. artikel.)

Paul Saint-Mard maakte 30 jaar geleden met de C.M.B., de Classic Motorcycles Belgium, en is er reeds 25 jaar voorzitter van. Deze club voor oude motoren heeft een 200-tal betalende leden en is verbroederd met de VMCC South Wales Section. De CMB is ook aangesloten bij de Antique Motorcycle Club of America, de B.F.O.V./F.B.V.A. en de Pétochons Oloronais (Béarn Motos Anciennes). Er is bovendien ook uitwisseling met meerdere buitenlandse clubs. De CMB publiceert een maandblad. Als Brusselse club is ze tweetalig, de helft van de leden is afkomstig uit Brabant. De andere helft komt uit de andere provinciën en sommigen uit het buitenland. De enige regel die geldt is dat de moto minstens 25 jaar oud moet zijn. De club biedt motorverzekeringen aan en hier geldt die regel ook.
Jaarlijks zijn er een paar rondritten, dikwijls in samenwerking met andere clubs maar de club maakt er een erezaak van om deel te nemen aan de activiteiten van andere clubs in binnen- en buitenland. Eenmaal per maand wordt er vergaderd in Duisburg (Tervuren), dat is steeds de 3de vrijdag van de maand en iedereen is welkom vanaf 20u.

Inlichtingen: Jacques Bastiaens, tel 02 660 59 68 na 20u , of per mail jacques.bastiaens@telenet.be

Tiger 80 1938

 

terug naar overzicht nieuws

 

Copyright © 2012 Bema 
Bema is de organisator van Moto Retro Leuven en
 Moto Retro Wieze