Home Forum Te koop Geschiedenis Enkele foto's Links Database Veelgestelde vragen Catalogus Megazoeker


Geschiedenis van de munten uit de Zuidelijke Nederlanden

 Click Here to Visit!                                   Wapen van Brabant.



De munten van de Zuidelijke Nederlanden ten tijde van het Ancien Régime zijn om meerdere redenen zeer fascinerend. Zij getuigen immers van ons verleden en zijn een trouwe weerspiegeling van de belangrijke historische, culturele en artistieke veranderingen die in onze streken hebben plaats gevonden en zijn daarom niet meer weg te denken bij het onderzoek naar de wortels van onze samenleving. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de oude munten erg gezocht zijn en reeds van oudsher worden verzameld.


Een beetje geschiedenis


Men verstaat onder de Zuidelijke Nederlanden de feodale vorstendommen die de basis hebben gevormd van het huidige België en die in de 15e eeuw werden verenigd door Philips de Goede en zijn nazaten uit het huis van Bourgondië, met als voornaamste staten de hertogdommen Brabant en Limburg, de graafschappen Vlaanderen, Henegouwen en Namen, alsook het prinsbisdom Luik, dat evenwel tot het einde van het Ancien Régime onafhankelijk is gebleven.

    

Liège, double patard de Guillaume de la Marck, 1484


Tijdens de regering van Philips II wordt Europa verscheurd door de godsdienstoorlogen, die ook de afsplitsing van de Noordelijke provincies hebben teweeg gebracht en die de onafhankelijke Verenigde Provincies hebben gevormd, terwijl de katholieke Zuidelijke Nederlanden onder het juk van de Spaanse Habsburgers zijn gebleven. Begin de 18e eeuw komen onze streken, door erfenis, toe aan de Oostenrijkse Habsburgers, maar worden aan het eind van diezelfde eeuw bezet door Frankrijk. Na de nederlaag van Napoleon worden onze streken door het Congres van Wenen met de Noordelijke Nederlanden samengevoegd tot één Koninkrijk der Nederlanden, om in 1830 op te gaan in een onafhankelijk België.


De munten


    

Gouden gehelmde leeuw van Lodewijk van Male, 1365-1370, Gent


Een van de meest ingrijpende hervormingen van Filips de Goede was de invoering, omstreeks 1430, van een uniform muntstelsel dat geldig was voor alle streken van de Bourgondische Nederlanden. Dit nieuwe stelsel moest de oude feodale muntstelsels vervangen die een remmende werking hadden op de economische ontwikkeling van de jonge staat. De munten van de hertogen van Bourgondië zijn kenmerkend voor het einde van de Middeleeuwen. Ze werden geslagen op dunne muntplaten in een zeer fraaie laatgotische stijl. Overwegend treft men wapenschilden en feodale emblemen op deze munten aan, maar de gouden munten vertonen een grotere verscheidenheid aan types en zijn ook veel meer opzienbarend, zoals de hier afgebeelde gouden rijder van Philips de Goede of de Andreas goudgulden van Karel de Stoute.

    

Gouden rijder van Filips de Goede

    

Andreas goudgulden van Karel de Stoute


Met de Renaissance doet de portretkunst opnieuw haar intrede op de munten en medailles. De ontdekking van grote zilvervoorraden in Europa alsmede de enorme aanvoer van dat metaal vanuit de Nieuwe Wereld hadden een grote verandering in de aanmunting van zilveren munten tot gevolg. De dunne en lichte middeleeuwse munten werden vervangen door zware munten die werden geslagen op dikkere muntplaten. De eerste munt van dit type die in de Zuidelijke Nederlanden werd geslagen is de zilveren gulden van Keizer Karel, genaamd " Karolusgulden ". (zie de dergelijk stuk dat omstreeks 1540 werd geslagen te Brugge). De gouden munten van Keizer Karel (reaal, gulden en gouden schild) bleven echter middeleeuws van uiterlijk en men zal tot de regering van Filips II moeten wachten vooraleer het portret van de Spaanse koning de munten siert.

   

Zilveren gulden van Keizer Karel, genaamd " Karolusgulden " te Brugge


De onrust die in onze streken heerste tijdens de regering van Philips II maken de numismatiek van deze periode bijzonder interessant. De Nederlanden kwamen in opstand tegen het Spaanse gezag en het bestuur kwam in handen van de Staten Generaal die het bevel gaf nieuwe munten te slaan, weliswaar op naam van Philips II, maar van een geheel ander type (een halve statendaalder geslagen in 1578 te Brugge).

     

Halve statendaalder geslagen in 1578 te Brugge


De herovering van onze streken door de Spaanse legers ging gepaard met soms langdurige belegeringen van verschillende grote steden, zoals Maastricht, Brussel, Doornik en Antwerpen. Tijdens die belegeringen zagen de steden zich verplicht noodmunten te slaan om aan hun dagelijkse behoefte aan geld te voldoen. Afgebeeld zijn de nooddaalder van 36 stuiver met Sint Michiel, geslagen tijdens het beleg van Brussel in 1580 en de " Robustus " daalder geslagen tijdens het beleg van Antwerpen in 1584.

                                                    
Noodmunt van 36 stuivers met Sint Michiel, beleg van Brussel in 1580

    

" Robustus " daalder, beleg van Antwerpen in 1584


De zilveren munten ondergaan na de regering van Filips II vrijwel geen enkele wijziging meer en blijven qua uiterlijk onveranderd tot het einde van de 18e eeuw : op de voorzijde het portret van de regerende vorst en op de keerzijde zijn wapenschild. De zware zilveren munten (onder Filips II de daalder en later de dukaton en de patagon) vormen de basis van een systeem met vele soorten fracties en kleingeld in zilver, biljoen en koper. De voornaamste gouden munt uit die periode is de dubbele souverein die werd ingevoerd onder de aartshertogen Albrecht en Isabella en die werd aangemunt tot aan het einde van de Oostenrijkse periode (een dubbele soeverein van Filips IV, geslagen in 1644 te Brugge). Zeer uitzonderlijk werden er ook zilveren munten geslagen op zeer dikke muntplaten, met een gewicht van dubbele, drievoudige en zelfs viervoudige zwaarte. Deze stukken, pieforts genaamd, werden geschonken aan hoge functionarissen. Afgebeeld is een dukaton (1618 geslagen te Brussel) van Albrecht en Isabella, geslagen op dubbel gewicht. De portretten op deze munten van de 17e eeuw getuigen van een grote artistieke kwaliteit.

                  

    

Dubbele souverein van Philips IV, geslagen in 1644 te Brugge

    

hele dukaton van Albrecht en Isabella, geslagen te Brussel.


Een belangrijke vernieuwing vond plaats tijdens de regering van Karel II (1665-1700). Tot die tijd werden alle munten met de hand geslagen met een hamer. Dit was het gevolg van zeer oude privileges die waren verstrekt aan de munters en die het gebruik van machines (muntpers) verboden. Op het einde van de 17e eeuw werden deze privileges opgeheven, met het gevolg dat vanaf die tijd de productie van de munten een meer uniform karakter kreeg. De uitvoering van de stempels werd toevertrouwd aan zeer talentvolle stempelsnijders, zoals de Roettiers (eind 17e eeuw-begin 18e eeuw) of Theodore van Berckel (eind 18e eeuw). Van hun hand zijn enkele van onze mooiste munten uit die tijd. Als voorbeeld een stuk van 8 souverein in goud (ook gouden dukaton genaamd), een stuk van uitzonderlijke kwaliteit dat werd geslagen op naam van Filips V te Antwerpen in 1704, alsook een dubbele souverein van Karel VI, onze eerste vorst van de Oostenrijkse Habsburgers, geslagen te Antwerpen in 1725.

    

8 souverein in goud (gouden dukaton), geslagen op naam van Philips V te Antwerpen in 1704

    

Dubbele souverein van Karel VI, geslagen te Antwerpen in 1725.


De Brabantse Omwenteling van 1790, die was gericht tegen het regime van Jozef II, is eveneens terug te vinden op de munten. Als bevestiging van de onafhankelijkheid besloot het nieuwe bestuur munten te slaan van een geheel nieuw type. Op de voorzijde staat een leeuw afgebeeld die een schild vast houdt met daarop het woord Libertas. Deze nieuwe munt kreeg dan ook de naam van zilveren leeuw. Deze munt illustreert één van de fundamentele aspecten van de numismatiek tijdens het Ancien Régime, nl. de propaganda. In een tijd waarin het grootste gedeelte van de bevolking analfabeet was en waarin de berichtgeving verre van optimaal was, speelden juist de munten een zeer belangrijke rol. Zij kwamen immers in omloop in het hele gebied (en ook daarbuiten) en werden gebruikt door het grootste gedeelte van de bevolking. Vandaar ook het enorme belang van de keuze van de afbeeldingen die men er op aanbracht.

    

Zilveren leeuw


Met de bezetting door de Fransen op het einde van de 18e eeuw kwam een einde aan de muntslag in onze streken. Deze zou slechts worden hervat tijdens het Koninkrijk der Nederlanden met de munten die te Brussel werden geslagen. Maar dat is weer een andere geschiedenis !

    

3 gulden van Willem I, Brussel 1823


Jaartallentabel
Muntstelsels uit het Verleden

 Webmaster: Beirnaert Rudy   (Klik voor e-mail).