De Grieken gebruikten geen notenbalken of iets in deze aard: zij schreven kleine tekens boven de tekst, die aangaven, wat er daar gespeeld moest worden. Deze muzikale tekens zijn stuk voor stuk verdraaide, verminkte of vervormde Griekse letters.
Jammer genoeg zijn er slechts zeer weinig muziekfragmenten uit de Griekse Oudheid teruggevonden, zeker omdat ze tamelijk goed te ontcijferen waren. De bekendste overblijfselen zijn:
Het totale aantal gevonden muziekfragmenten uit de Griekse Oudheid levert nog geen twee uur durende muziek op. Er is veel óver muziek geschreven, maar nauwelijks muziek zélf. Veel muziek werd mondeling doorgezegd, en enkel de werken die belangrijk werden bestempeld, werden opgeschreven. Van de meest gebruikelijke muziek zijn geen partituren. Wat de Grieken speelden en zongen terwijl ze zich op slaginstrumenten begeleidden, is onbekend.
De vertaling van Euripides' "Orestes" is in het Nederlands de volgende:
Ik bejammer jou
om het bloed van je moeder, Orestes,
dat jou krankzinnig maakt.
Het lot is de mensen nooit voor lang goedgezind.
Zoals een scheepje heen en weer
wordt geslingerd door de storm,
zo ook wordt de mensheid geteisterd
door het noodlot.
De vertaling van Seikilos' "Skolikon" luidt als volgt:
Wees, zolang je nog leeft, het zonnetje,
treur niet te veel.
Het leven duurt immers kort,
De tijd eist zijn tol op.
Het Skolikon werd gevonden op een grafzuiltje in Aydin (Turkije).