Frankrijk

 

Italië

Frankrijk

Groot-Brittanië

Nederland

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bretagne 2006

Côte d'Emeraude - Smaragdkust

 

Voor we de natte herfst en de koude winter binnengaan pikken we nog vlug een kort najaarsreisje mee. De Smaragdkust, of misschien beter bekend als de Côte d' Emeraude, in het noorden van Bretagne, lijkt ons een fantastische streek om te verkennen.Wij verblijven in het kustplaatsje Saint-Briac-sur-Mer, ideaal gelegen om een paar stevige kustwandelingen te maken en enkele stadjes in de omgeving te bezoeken. Hieronder volgt een reisverslagje geïllustreerd met heel wat foto's.

_____________________________________________________________________________

zaterdag 9-9-2006 : het vertrek

Vertrek om 7 uur. We hebben 700 km voor de boeg maar de rit verloopt vlotjes via rustige en goed onderhouden snelwegen. Onderweg valt er niet veel te beleven, alleen de Pont de Normandie, iets ten zuiden van Le Havre, is zeker een vermelding en foto waard. De brug is 856 m lang en overspant de monding van de Seine. Ze werd geopend in 1995 en was gedurende vier jaar de langste hangbrug ter wereld. Omstreeks 3 uur in de namiddag bereiken we Saint-Briac. Het is schitterend weer. We nemen onze intrek in de residentie Ker Mael, op 80 m van zee, strand en rotsen. Vlug uitpakken, eten en daarna met de kippen op stok.

_____________________________________________________________________________

zondag 10-9-2006 : St-Lunaire en St-Briac-sur-Mer

De auto laten we vandaag aan de kant en gaan te voet naar St-Lunaire , het naburige badplaatsje. We hebben geluk, het is juist markt en we profiteren ervan om hier onze inkopen te doen voor de komende dagen. De kraampjes en stalletjes reiken tot aan de wandelpromenade die omzoomd wordt door bloemen en zelfs palmbomen. We genieten hier van het uitzicht op de baai waar vissersloepjes liggen te dobberen. Iets buiten het centrum ligt het 11de-eeuwse kerkje, één van de oudste in Bretagne. Binnen is het donker maar mooi, innemend en sober. Tijdens de terugweg volgen we het bordje "Pointe du Décollé". Door het zonnige en heldere weer hebben we hier schitterend zicht over de cote d'Emeraude.

Na de middag maken we een fikse wandeling langs de kust van Saint-Briac-sur-Mer . Hiervoor volgen we de GR34, het langeafstandspad dat langs de Cote d'Emeraude loopt. De kust is hier gewoonweg schitterend, een opeenvolging van zonnige kreken en steile rotspunten. Voor september is het uitzonderlijk warm (28°) en zonnig, waardoor het water smaragdgroen kleurt.

_____________________________________________________________________________

maandag 11-9-2006 : Fort La Latte en Cap Fréhel

Tegen de middag rijden we naar het indrukwekkende 13de eeuwse Fort La Latte , gebouwd op de rotsen en uitkijkend over zee. Het is een ritje van slechts 17 km maar we doen er bijna een uur over. De weg gaat langs rustige, secundaire wegen door tal van kleine dorpjes. Wat is het hier overal stil. Bij aankomst op de parking ziet de lucht gitzwart en het rommelt in de verte. Kort daarop breekt een hevig onweer los en noodgedwongen blijven we ruim een uur in de auto wachten tot het ergste voorbij is. Tenslotte wagen wij ons, met tal van andere toeristen, naar het fort. Voor 4,30 euro pp mogen we de binnenkant van het fort bekijken, een grote binnenkoer met een oven waarin de kanonskogels werden gemaakt, een waterput, een kapel en een vergeetput. Veel meer krijgen we niet te zien want alle vertrekken zijn gesloten voor het publiek. Vanop de vestingmuur hebben we een subliem uitzicht over de kust.

4 km verder ligt Cap Fréhel , een spectaculaire landtong met kliffen die tot 70 m hoog reiken. Even overwegen we om de weg van het fort naar de cap te voet af te leggen maar dit lijkt ons niet erg verstandig bij deze dreigende onweerslucht. Terug de auto in. Het is alsof we naar het einde van de wereld rijden, een desolaat gebied begroeid met heide, brem , varens en zeldzame plantensoorten. In de verte staat een dame midden op de weg ons op te wachten om parkeergeld te innen. Voor 2 euro mag je dan tot aan de kaap rijden maar wij slaan prompt links af en parkeren ons langs de kant van de weg en wandelen het laatste stuk te voet. Prachtige natuur en wat een rust. We zijn zowat de enige bezoekers tot er, spijtig genoeg, twee propvolle toeristenbussen de parking komen opgereden. Al dat volk, wij ook, naar de vuurtoren en dan verderop helemaal tot aan de misthoorn voor het uitzicht. Het is inmiddels weer hevig aan het regenen en donderslagen weergalmen akelig over zee. Een panoramisch zicht over de kust is niet voor ons weggelegd, alleen een mistgordijn.

_____________________________________________________________________________

dinsdag 12-9-2006 : Cancale en Rothéneuf

Alweer bewolkt, miezerig en mistig. We rijden naar Cancale , het centrum van de oesterkweek, meer bepaald de platte oesters, die befaamd zijn om hun grote afmetingen. Bij het binnenrijden van het dorpje wijzen bordjes naar het lager gelegen haventje, La Houle. Wij verkiezen dwars door het hoger gelegen dorp te lopen richting zee en belanden uiteindelijk op het cliffpad. Van hieruit hebben we een schitterend zicht op de rots van Cancale enerzijds en het haventje anderzijds. Rond het haventje heerst er een gezellige drukte. De vissershuizen van weleer zijn verbouwd tot restaurants, cafés en winkels. Op de "petit marché aux huitres" , het kleine oestermarktje aan de pier, kopen we een dozijn oesters en eten ze op langs de kade. Goedkoop en vers maar echt lekker vinden we het niet. De zee is zich inmiddels aan het terugtrekken waardoor de oesterbanken komen bloot te liggen. We zien hoe traktoren volop bezig zijn met het binnenhalen van de oesters.

Het is al laat op de dag en een wandeling naar Pointe du Grouin, een lange klip bekend om zijn sublieme vergezichten over de Cote d'Emeraude en de baai van de Mont St-Michel, zit er niet meer in. Wel maken we tijdens de terugrit een kleine omweg naar Rothéneuf , een rustig dorpje aan de kust met enkele mooie stranden maar vooral bekend omwille van de gesculpteerde rotsen. Een zekere priester Fourré besloot in de 19de eeuw om het verhaal van een familie uit Rothéneuf in de rotsen uit te hakken. Hoewel hij gehandicapt was slaagde hij er in een 300-tal personages en dieren tot leven te brengen. Naar het schijnt is dit het mooiste voorbeeld van beeldhouwen uit rotsen in Europa.

_____________________________________________________________________________

woensdag 13/9/2006 : Dinard en St-Malo

Vandaag rijden we langs de kustbaan 9 km verder naar Dinard , een mondaine badplaats met luxueuze villa's en statige hotels. De engelse aristocratie heeft in de 19de eeuw hier voorgoed haar stempel achtergelaten. De binnenstad kan ons maar weinig boeien maar een wandeling langs de kustpromenade, mooi aangelegd tussen zee en rotsen, is des te aantrekkelijker. Halverwege de promenade hebben we een schitterend zicht op St-Malo. Gefascineerd door de stad, nemen wij op het uiteinde van de promenade de "bus de mer". Dit is een visserssloep die ons in 10 minuten van Dinard naar St-Malo brengt. Op de golven valt het contrast meteen op : achter ons de fraai versierde belle-époque villa's met palmboompjes en voor ons St-Malo, een robuste grijze blok.

De lucht is donker en grijs wanneer we in St-Malo aanmeren. Vanop de kade oogt de stad saai en onvriendelijk door de hoge omwalling en door de strenge uniforme huizen met hun eigenaardige hoge, smalle schoorstenen. Eens de stadspoort binnen moeten wij onze mening herzien. Het is een bruisende stad waarvan alle straten bijna helemaal aan het toerisme ten prooi zijn gevallen. Een menigte kleine en grote restaurants, cafés en crêperies tussen de hoge herenhuizen. We lopen ons moe in de straatjes en nemen een tussenstop in één van de crêperies. Net wanneer we van plan zijn om onze pannekoek te helpen verteren door een wandeling op de stadswallen begint het te regenen...te gieten...een ware zondvloed. In een mum van tijd staan de straten blank, de riooltjes kunnen het water niet meer slikken. Paraplu's en regenjassen bieden al lang geen bescherming meer. Een verder stadsbezoek zit er niet meer in. We vluchten naar de overzetsloep. De schipper heeft blijkbaar medelijden en laat ons onderaan in de droge kajuit zitten.

_____________________________________________________________________________

donderdag 14/9/2006 : Mont St-Michel

Om de grote drukte en lange files te vermijden vertrekken we, een dikke portemonnaie op zak, vroeg in de morgen naar de Mont St-Michel . Na een uurtje rijden rijst het silhouet van de Mont hoog boven de polders uit. Het is onmogelijk om niet onder de indruk te zijn van het eerste zicht op de Mont St-Michel. De top wordt gedomineerd door een gigantische abdij die 80 meter boven de zeespiegel ligt. Maar ook zijn unieke ligging en het getij in de baai van de Mont St-Michel zijn redenen waarom dit pelgrimsoord zo beroemd is geworden. Langs de enige toegangspoort belanden we meteen in de Grande Rue. Het straatje is een opeenvolging van souvenirzaakjes, winkeltjes, cafés en restaurants. De sfeer blijft middeleeuws met de daken die elkaar bijna raken en de losliggende stenen. Iets hogerop komen we op de wallen terecht. Uren zou ik kunnen genieten van het prachtige uitzicht. Maar het hoogtepunt is natuurlijk het bezoek aan de abdij zelf, een indrukwekkend labyrint van zalen , galerijen, gangen, trappen en kamers.

______________________________________________________________________________

vrijdag 15/9/2006 : St-Malo - de wallen

Onze laatste vakantiedag. Het is koud en er waait een krachtige wind van over zee. We willen terug naar St-Malo want door het noodweer van eergisteren hebben we de stad niet naar behoren kunnen bezichtigen. In Dinard twijfelen we even of we de 'bus de mer' naar St-Malo wel zouden nemen. De zee ziet er erg ontstuimig uit en de boot die op ons ligt te wachten aan de kade gaat verraderlijk op en neer. We wagen het er op. De schipper maant ons aan achteraan plaats te nemen. We begrijpen al vlug waarom. De golven zwiepen over het dek en geregeld krijgen we de volle lading over ons. Gelukkig duurt de overtocht maar tien minuten en zetten we veilig voet aan wal. We beginnen onmiddellijk aan onze wandeling op de wallen. Dit is de beste manier om St-Malo in vogelvlucht te verkennen. Tijdens de ongeveer één uur durende voettocht over de bijna 2 km lange wallen hebben we voortdurend zicht, enerzijds op de binnenstad, en anderzijds op het water met tal van versterkte eilandjes. De voornaamste zijn het Île du Grand Bé waar Chateaubriand begraven ligt en het Fort National, een vesting gebouwd op een rots in zee en die de stad sinds het eind van de 17de eeuw domineert en beschermt.

 

top

 

Dit reisverslag kan u ook terugvinden op :

http://www.vakantie.nl/Artikel/Middeleeuwse+sferen+in+Bretagne.html

http://www.toerisme-frankrijk.nl/Bretagne/reisverslagen.asp

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Voor vragen of opmerkingen kan je me mailen of een bericht achterlaten in mijn gastenboek.