Islam en engelen, djinns en mensen

1. Engelen

Engelen, worden in de Islam aanzien als perfecte dienaren van God. Zij werden geschapen uit zuiver licht, en voeren altijd nauwgezet de Wil van God uit. Het zijn eerbare dienaren van God die hun taken op perfecte wijze uitvoeren en dag en nacht God's lof vieren.

Er zijn verschillende soorten Engelen, zoals bijvoorbeeld:

  • de Engelen die de Goddelijke Openbaring overbrengen. De Koran informeert ons dat de Engel Gabriël de hemelse Boodschapper is tussen God en Zijn menselijke Boodschappers (Profeten). Naast Gabriël zijn er ook andere Engelen die deze taak vervullen.
  • de Engel Bewaarder ("Hij [de mens] heeft een gevolg voor en achter zich die hem op God's bevel bewaken" - Koran 13:11)
  • Engelen die de daden van de mens noteren. ("Wanneer de beide ontvangers, aan de rechter- en linkerkant zittend, [hem] zullen ontvangen, kan hij geen woord uitbrengen zonder dat er een bewaker klaarstaat" - Koran 50:17-18). Gedurende het hele leven van de mens noteert de Engel aan de rechter kant de goede daden voor +10 punten, de engel aan de linker kant noteert de slechte daden voor - 1 punt. Uit die verhouding blijkt de Barmhartige God het goede in verhouding veel meer beloont dan Hij het kwade bestraft. Op de Dag des Oordeels zal er een boek zijn van alles wat men gedurende het leven heeft gedaan. Zo schrijft men zelf het scenario van de eigen oordeelsdag.
  • Er zijn nog verschillende andere Engelen met specifieke taken.

Volgens de Islam bestaan er geen gevallen Engelen. Satan wordt dan ook niet aanzien als een gevallen Engel, maar als een djinn.

2. Djinns

Djinns zijn schepselen uit vuur. Het Engelse woord genies is daarvan afgeleid.

Djinns hebben een vrije wil, zoals mensen, en bijgevolg dienen ze soms God, en schenden ze soms zijn Geboden.

Satan is een hooghartige djinn die weigerde voor Adam te buigen en daarvoor door God gestraft werd. Zijn straf is evenwel uitgesteld tot op Oordeelsdag, en Satan heeft zich voorgenomen tegen dan de meerderheid van de mensen van het pad van God te doen afdwalen en tot zijn eigen volgelingen te maken. Satan kan daarbij rekenen op de hulp van djinns die voor hem gekozen hebben.

Normaal gesproken is er geen contact tussen mensen en jinns. Maar volgens sommigen kan het dat een slechte djinn een mens bezet, kwelt. Dan spreekt men van een demonische bezetenheid.

Ook in de magie spelen djinns een rol. Het bestaan van de magie wordt door de islam erkend (het wordt trouwens ook in de Bijbel vermeld) maar het is muslims verboden magie te gebruiken. Men kan twee vormen van magie onderscheiden: het zuiver psychologische, waarbij men, zoals als een goochelaar, de mens de indruk geeft dat de werkelijkheid anders is dan ze is. Of de zwarte magie, waarbij slechte djinns ingezet worden. Beiden zijn voor muslims verboden terrein. Mocht een muslim slachtoffer worden van een magische aanval, dan zijn er verzen in de Koran die tegen magie beschermen.

3. De Mens

Tenslotte zijn er mensen, uit aarde geschapen. De Mens heeft ook een vrije wil, en kan dus vrij kiezen God al dan niet te volgen. Zich overgeven aan God, vereist immers dat men volledig vrij is om die keuze te maken. Zonder die vrijheid kan er van islam geen sprake zijn. Vandaar ook de centrale rol van godsdienstvrijheid in de islam.