Chromeren

Zelf verchromen?
Kleine voorwerpen (bv bouten en moeren) kun je zelf chromeren. Je hebt er een glazen pot, azijn, een blokje zuiver chroom (te verkrijgen in een sanitair of electriciteitszaak) en een spanningsbron voor nodig. De spanningsbron moet 12 tot 20 volt gelijkstroom leveren. Je kunt daarvoor dus ook een (auto-) accu gebruiken.

Ga als volgt te werk:

Maak het te verchromen werkstuk volledig schoon en vetvrij.
Vul de pot met azijn.
Verbind de min-pool van de stroombron met het te verchromen werkstuk.
Verbind de plus-pool van de stroombron met het blokje chroom.
Dompel beiden onder in de azijn.
Zorg ervoor dat je werkstuk volkomen vrij hangt in de azijn.
Schakel de stroom in.
Als alles goed is zie je wat belletjes verschijnen en wordt je werkstuk dof/blauw.
Het verchromen zal enkele uren duren. Bij een hogere spanning gaat het iets sneller.
Na het verchromen zit er een wat ruwe doffe laag op het werkstuk. Met fijn schuurpapier kun je dat opschuren. Voor een hoogglans zul je het moeten polijsten.
Bij het op deze wijze verchromen worden de chroom-moleculen door de stroom van het blokje naar het te verchromen werkstuk getransporteerd. In plaats van een blokje zuiver chroom kun je ook een oud verchroomd voorwerp gebruiken. Als dat groter is dan het te verchromen voorwerp heb je voldoende chroom om dit proces te laten werken.

Denk er aan dat het te chromeren oppervlak echt helemaal schoon moet zijn en vrij in de azijn moet hangen. Op elke plek waar nog vuil zit zal de chroom niet hechten. De hoogglans ontstaat niet automatisch. Daarvoor zal er nog driftig gepolijst moeten worden. In het echt worden te verchromen werkstukken eerst verkoperd. Dat gaat op dezelfde wijze. Uiteraard heb je dan een blok zuiver koper nodig.




Terug