Wist je dat ?

Enkele leuke weetjes over het paard.

Koudbloed
Koudbloed, warmbloed en volbloed. Deze benamingen hoor je vaak als een bepaald type paard wordt aangegeven. Je zou misschien denken dat het te maken heeft met de temperatuur van het paardenbloed, dit is echter niet zo. Het heeft te maken met het temperament van het paard.
Koudbloeden zijn veelal de zwaardere, rustige paarden (denk maar ons trekpaard). Volbloeden zijn temperamentvolle paarden zoals de Arabische of Engelse volbloed. Warmbloedpaarden kan je qua temperament tussen de koudbloeden en volbloeden plaatsen. Hoe hoger in het bloed, zoals ze dat wel eens zeggen, hoe meer temperament. Dus hoe meer Arabisch of Engels bloed er in het paardenras zit (door kruising), hoe hoger in het bloed.
Toch is er wel degelijk verschil tussen het bloed van een koudbloed en een volbloed. Het heeft te maken met het aantal rode bloedcellen in het bloed. Rode bloedcellen hebben als functie het transporteren van zuurstof naar de cellen. Hoe meer zuurstof er naar de cellen getransporteerd wordt, des te beter is het uithoudingsvermogen. Volbloeden hebben in verhouding veel meer rode bloedcellen dan koudbloeden en daardoor hebben ze een groter uithoudingsvermogen en een pittiger temperament.


Hoe oud is je paard in verhouding tot jou?
  Leeftijd paard     Leeftijd mens  
5 20
10 40
15 50
20 60
25 70
30 80
35 90



Eitjes
Een paard dat wormen heeft kan per dag een paar miljoen eitjes uitscheiden. Goed ontwormen en regelmatig ontwormen is dus belangrijk!

Ontwormen
Wilde paarden hebben nauwlijks problemen met wormen. Omdat wij in verhouding tot het wilde paard onze paarden op een klein stukje weiland houden, is de kans dat het paard wormen krijgt groter. Er komt mest terecht in de buurt waar je paard moet grazen, dus veel eieren en larven die een gastheer zoeken. De kans is dan groot dat er ernstige wormbesmettingen ontstaan als er niet preventief wordt opgetreden.
Het eerste wat je moet doen is zo veel mogelijk de mest uit de weide en stal verwijderen. Voor het voorkomen en behandelen zijn er vrij veel wormmiddelen beschikbaar. Hoe vaak je een kuur moet toedienen is afhankelijk van het middel dat je gebruikt. Het is daarom goed dat je samen met je dierenarts een schema opstelt en zoekt naar het juiste middel. Hij of zij kan namelijk kijken of er al een besmetting is of dat er enkel preventief moet toegediend worden.
Als je paard deze winter op stal staat, kan je best een kuur beginnen voordat het weer de weide opgaat. Als er een nieuw paard of pony op stal komt, moet deze ook meteen ontwormt worden.


Veulenbrood
Bij de geboorte van een veulen komt tegelijk met de nageboorte het zogenaamde veulenbrood naar buiten. Het is een ovale, bruine substantie van zo'n 15 centimeter lang. De functie ervan is niet bekend. Men denkt dat het een overgebleven voedsel is uit de baarmoeder. Vroeger hingen de paardenverzorgers het veulenbrood aan de staldeur als gelukssymbool voor het veulen.


Strelen
Het strelen van een paard is natuurlijker dan een klopje geven als beloning. Strelen lijkt meer op het likken van de moeder en zal bij een paard veel meer als liefkozing overkomen. Dus een klopje is meer een aangeleerde beloning (hierdoor niet fout), terwijl strelen een aangenamere beloning is omdat het paard dit herkent. Probeer maar eens!


Hersenen
De hersenen van een paard wegen ongeveer 650 gram, die van een mens 1500 gram.


Het kleinste paard
Het kleinste, geregistreerde paard is de hengst Little Pumpkin (Kleine Pompoen). Hij is geboren op 15 april 1973 en eigendom van J.C. Williams uit Della Terra Mine Horse Farm, Inman, South Carolina, VS. Hij had op 30 november 1975 een schofthoogte van 35,5 cm en woog 9,07 kg.


Gebit
Heeft je paard opvallend minder conditie of gewichtsverlies? Laat het proppen hooi of gras vallen bij het eten? Heb je problemen bij het inbrengen van het bit? Laat het gebit van het paard dan eens nakijken.
De paarden van vandaag worden verwend door de hedendaagse manier van voederen. Het gebit groeit tot zes jaar. Het bovengebit is breder dan het ondergebit en slijt af door de draaiende beweging bij het eten. Bij te weing kauwen, slijt het gebit te weinig af waardoor er gemakkelijk scherpe randen en haken op de kiezen ontstaan. Het slijten gebeurt namelijk door het maalproces, dus hoe meer te kauwen hoe beter voor de tanden. Geef dus genoeg ruwvoer.
Het is belangrijk dat een gebit eens per jaar wordt nagekeken en onderhouden, ook als er geen klachten zijn. Het onderhoud bestaat uit het verwijderen van scherpe randen en haken, tandsteen, wolfskiezen die last veroorzaken en melktanden en -kiezen die te lang blijven zitten. Hierdoor vermijd je wondjes in de mond, voorkom je ontstekingen enz. Dit onderhoud moet gebeuren door een vakman/vrouw, want onkunde kan veel schade veroorzaken.


Bananen
Heb jij een erg zenuwachtig paard? Dan kan het zijn dat het paard een te kort heeft aan magnesium. Een banaan per dag is genoeg om het paard hiervan te voorzien. Vaak werkt het ook al als de ruiter wat rustiger wordt!


Slangengif
Tegenwoordig bestaan tegen haast alle gifslangen antisera. Wanneer je na een slangenbeet dit serum snel toedient, is het risico van schade door het gif redelijk beperkt.
Antisera worden verkregen door het injecteren van steeds toenemende hoeveelheden slangengif in een paard. Het paard raakt immuun voor het gif door het produceren van antistoffen. Deze door het paard gevormde antistoffen worden uit het paardenbloed gehaald en gebruikt bij mensen.


Biest
Een drachtige merrie geeft tijdens de dracht nog geen afweerstoffen door aan het veulen. Deze stoffen krijgt het veulen via de eerste melk, kort na de geboorte. Deze eerste melk wordt biest genoemd.
Biest geeft de afweerstoffen door die de moeder heeft opgebouwd. Het is dus belangrijk dat de merrie goed geënt is. Normaal drinkt een veulen binnen 20 minuten. Onmiddellijk na de geboorte wordt de biest volledig opgenomen door het bloed maar er is na 6 uren al 20% minder opname. 24 uur na de geboorte is deze opname nog maar maximum 10%.
Het is dus aan te raden een veulen dat na 2 uur nog niet gedronken heeft biest te geven via de fles of een maagsonde. Als de merrie bij de geboorte sterft, moet ze zo vlug mogelijk gemolken worden.
Veel paardenmelkerijen hebben deze biest op voorraad. Bloedtransfusie is ook mogelijk om het veulen de nodige antistoffen te geven. Vanaf drie maanden zal een veulen zijn eigen weerstand gaan opbouwen.


Paardenmelk
Rond het jaar 800 voor Christus schreef Homerus in zijn verhaal 'De Ilias' over de strijd om de stad Troje. Het verhaal waar de Grieken de stad innamen door zich te verbergen in een groot houten paard dat als trofee door de Trojanen werd binnengehaald. De Grieken verlieten 's nachts de holle buik en namen de stad in. In hetzelfde verhaal wordt ook gesproken over hippomolgen, wat paardenmelkers betekent.
Zoals je ziet, ging de mens al heel snel de paardenmelk met zijn zoete smaak gebruiken voor eigen consumptie.
Volgens heel wat hippomolgen uit deze tijd zou paardenmelk niet alleen lekker zijn, maar ook een ideale gezondheidskuur. Paardenmelk zou de weerstand verhogen, het lichaam zuiveren, helpen bij huidaandoeningen, etc...
De melk lijkt het meeste op menselijke melk en is vaak een goed alternatief voor mensen die allergisch zijn voor koeienmelk.
De merries worden normaal om de twee uur (vijf keer per dag) gemolken. De prijs van een liter melk ligt tussen de € 5 en de € 8 en blijft na het invriezen 6 maanden goed.


Het gehoor van een paard
Een ding is zeker. Een paard hoort beter dan wij. Ze kunnen meer geluiden onderscheiden en horen ook scherper dan de mens. Volwassenen horen ongeveer 20.000 cycles per seconde, bij paarden is dit 25 000 cycles per seconde. Dit betekent dat paarden geluiden horen, die wij niet kunnen horen. Net zoals bij de mens, neemt het gehoor ook bij het paard met de jaren af.
De oorschelpen van een paard zijn net radars. Elk oor kan ongeveer 180 graden draaien. Op deze manier kan een paard zijn oren richten naar het geluid en zo perfect bepalen waar een geluid vandaan komt.
Omdat een paard zo'n gevoelig gehoor heeft, voelt hij zich vaak niet prettig in een lawaaierige omgeving. Een wei of stal vlak bij een drukke weg, een vliegveld of een spoorweg kan daarom een oorzaak zijn dat een paard zich niet helemaal kan ontspannen. Het is voor zo'n paard hetzelfde alsof wij in een discotheek zouden wonen.
Het is jammer dat veel mensen weinig gebruik maken van het goede gehoor van hun paard. Je kunt het paard stemcommando's leren, die je maar heel zacht uit hoeft te spreken. Woorden als halt, stap, draf, galop, ja, nee, voet e.d. kan een paard makkelijk leren.


Hoe slapen paarden?
Heb je ooit wel eens een gezond paard betrapt in een diepe slaap? Waarschijnlijk niet. Paarden slapen heel anders dan wij. Dit komt door hun manier van leven in het wild. Het paard is een vluchtdier en moet altijd klaar zijn om te vluchten voor roofdieren of ander gevaar. Daarom slaapt een paard voor het grootste gedeelte staand. Een paard zal alleen maar liggend slapen als hij zich veilig voelt. In een kudde houden andere paarden op zo'n moment de wacht.

Een paard kan op drie manieren slapen:
1. Het soezen
Bij het soezen blijft het paard staan en is hij eigenlijk nog wel wakker. Hij laat bijna zijn hele gewicht op de banden en pezen rusten en kan zo zijn spieren ontspannen. Per dag soest een paard ongeveer twee uur, maar telkens maar een paar minuten achter elkaar.
2. Slaapfase
In de slaapfase ligt het paard op de grond, maar houdt hij zijn hoofd nog overeind. Zijn zintuigen zijn nog maar minimaal actief. In totaal slaapt een paard twee uur per dag op deze manier.
3. Diepe slaapfase
Tijdens de fase van de diepe slaap ligt het paard op de grond en legt hij ook zijn hoofd neer. Nu kan hij zijn lichaam en zintuigen echt helemaal ontspannen. Vaak duurt deze fase slechts 5 tot 10 minuten. Over de hele dag is het paard nog geen uur in een diepe slaap. Tijdens deze fase schijnen paarden ook te dromen.
Alles bij elkaar heeft een paard dus maar een paar uur 'slaap' per dag nodig.


Bron: Gratis Paardentips Magazine
©eds · All Rights Reserved · E-mail: onsbelgischtrekpaard@pandora.be