Back to Orientaal's class-room

Vertaaloefening: zinnen in de voltooid tegenwoordige tijd (VTT).
(c) Johan Vandewalle 2015

1. Vertaal. Vragende zinnen in de VTT.


1. Heb je thee gedronken in het Turkse café?
 
2. Hebben jullie vandaag gewerkt?
 
3. Ben je in de vakantie naar Turkije gegaan?
 
4. Is Orhan zijn huiswerk vergeten?
 
5. U hebt twee jaar verbleven in België, hebt u zich daar vreemd gevoeld?
 
6. Hebt u het secundair beëindigd in Turkije?
 
7. Zijn de kinderen weggevlucht?
 
8. Ben ik verloren?
 
9. Zijn uw moeder en uw vader gescheiden?
 
10. Hebben jullie dorst gekregen, vrienden?
 
11. Heb je voldoende gegeten (ben je verzadigd)?
 
12. Heeft Aydın de brief van de minister in het Turks vertaald?
 
13. Heeft onze gids de passagiers geteld die in de bus zitten?
 
14. Heb ik je gestoord?
 

2. Vertaal. Vragend-ontkennende zinnen in de VTT.


1. Heeft Ahmet de kaart niet aan de muur opgehangen?
 
2. Heb je vanavond niet naar het nieuws geluisterd?
 
3. Hebben jullie ons niet herkend?
 
4. Heeft de president niet gesproken op het feest?
 
5. Zijn onze gasten nog niet gekomen?
 
6. Heeft jullie leraar dit spreekwoord niet uitgelegd in de les?
 
7. Is ons vliegtuig nog niet vertrokken?
 
8. Heeft uw oom (broer van vader) zijn huis in Emirdağ niet verkocht?
 
9. Hebben we vanmorgen tegen jullie niet "Goeiemorgen" gezegd?
 
10. Heb jij niet opgelet in de les?
 
11. Hebben de gasten niet aan de deur gebeld?
 
12. Zijn Ahmet en Ayşe nog niet getrouwd?