De Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaartkerk te Nieuwerkerken.

 

Dit werk is gemaakt door Ewout Eckeman, een leerling uit 5economie moderne talen B. Het werk handelt over De parochiekerk van Nieuwerkerken. Deze kerk heb ik gekozen omdat ik er mijn beide communies heb gedaan. In de buurt treft men de lagere school “De Linde”, in die school heeft mijn lagere schoolcarrière zich afgespeeld. Daarom sprak het me dan ook aan om over deze kerk een eindwerk te maken.

 

De parochiekerk van Nieuwerkerken, voorheen toegewijd aan de H. Leonardus, toont als bouwwerk een grote verscheidenheid aan restanten uit verschillende bouwperioden. Ze ligt nu op een groot, vrij recent heraangelegd plein, voorheen het kerkhof.

Het oudst bewaarde gedeelte is de onderbouw van de toren, een oude vieringstoren, die nog voorzien is van de oude ondiepe kruisarmen uit de 14e eeuw. In beide zijmuren van deze kruisarmen was telkens een rond rosasvenster of “oculus” aanwezig. De zuidelijke oculus werd dichtgemetseld en is aan de buitenzijde aan het zicht onttrokken door het dak van de sacristie, maar staat aan de binnenzijde nog duidelijk afgetekend in het pleisterwerk. Het noordelijke raam werd omgebouwd tot een rondboograam, naar analogie van de 18e-eeuwse ramen van het schip.

In 1563-68 werd het oude koor vervangen door een gotische koorpartij van twee rechte traveeën en driezijdige sluiting. De aanzet van beide oude koormuren tegen de vieringstoren is nog aanwezig. Het nieuwe koor is gekenmerkt door grote glaspartijen voorzien van gotisch maaswerk. Merkwaardig is de grafnis die zich aan de noordzijde bevindt en die nu verscholen zit achter de 18e-eeuwse lambrisering.

 

In 1772 werd het oude schip vervangen door een nieuw driebeukig schip van vijf traveeën en een uitspringend gedeelte aan de westzijde, ter breedte van de middenbeuk. De bouwdatum van deze laatste fase is aangebracht boven het westportaal.

 

Het jaar 1760 op de zuidmuur van de sacristie verraadt de bouwdatum van dit fraaie bijlokaal, dat, evenals de sokkel van het schip, met grote zandsteenblokken is gebouwd.

 

Het exterieur van de kerk is verder gekenmerkt door baksteenmetselwerk met speklagen van natuursteen voor schip en toren, endoor aanwenden van natuursteen voor het laatgotisch koor.

 

Wie goed kijkt kan op de zuidmuur van de toren nog restanten zien van de oude zonnewijzer, die bij de jongste restauratie werd “weggerestaureerd”; Op 14 september 1997 werden opnieuw uurwijzerplaten op de vier zijden van de toren gemonteerd, zodat men weer kan vaststellen hoe laat het is in Nieuwerkerken, ook ’s avonds want het uurwerk is dan uiteraard verlicht. De installatie werd geautomatiseerd; de klok slaat de halve en volle uren, evenals drie maal daags het angelus.

 

Het driebeukig schip vertoont rondboogvormige scheibogen op Toscaanse zuilen, rondboogvensters in de zijmuren en bepleisterde koepelgewelven tussen gordelbogen.

 

Het koor vertoont een kruisriboverwelving op laat-gotische consoles, waarvan er één bewaard bleef aan de oost – en één aan de westhoek. De andere zijn, evenals de sluitstenen van de kruisribgewelven, verzwaard met een neoclassicistische decoratie uit de tweede helft van de 18e eeuw.

Het orgel is afkomstig uit de Aalsterse Sint-Martinuskerk. Het werd gebouwd in 1703 Door J.-B. Forceville en stond tot ca. 1758 op het koordoksaal opgesteld. Bij de bouw van het nieuwe orgel op westdoksaal door Pieter Van Peteghem werd het door de orgelbouwer overgenomen en in 1760 opnieuw verkocht aan deze kerk, waar het onder licht gewijzigde vorm door hem werd opgesteld in 1761. De orgelkast heeft de vorm van een lier en is bekroond met het borstbeeld van de H. Marinus . Het orgel werd voor het laatst gerestaureerd in de jaren 1979-1981 door de firma J.P. Draps.

 

Beide zijaltaarschilderijen en de kruisweg werden geschilderd door Ninovieter Pierre De Clercg in 1858.

 

Het koorgestoelte, en groot deel van de lambriseringen in koor en kerk, en de kerkmeesterbanken, dateren uit het einde van de 18e eeuw.

 

De neogotische hoofdaltaartafel uit de 19e eeuw is van de hand van Mathias Zens uit Gent. Het retabel geeft een voorstelling van engelen met tamboerijn, het Laatste Avondmaal en Golgotha.

 

De grafnis van Steven Van Liedekercke (+1530), heer van Heestert en Van Zulte, en van zijn echtgenote Florentine Wielant (+1506), bevindt zich in de noordelijke koorwand en zit verborgen achter de eikenhouten lambrisering uit het einde van de 18e eeuw. Op de achterwand is een opschrift in het Nederlands geplaatst, de boog is versierd met de acht wapenkwartieren. Het is merkwaardig dat de decoratieve elementen verwijzen naar de renaissance en niet meer naar de Gotiek. De uitspringende lijst op het muurvlak is weggekapt. Een vergelijkbare grafnis van de familie de Liedekerke, uitgewerkt in Gotische stijl, bevindt zich in de kerk van Denderleeuw.

 

Tegen de oostgevel van het koor is een grafsteen geplaatst van Charles Philippe de Liedekercke (+1626), met voorstelling in reliëf van de afgestorvenen en acht kwartieren van de families Liedekercke, Labare, Gracht, Thiennes, D’ongnyes, Rybempré, Rosinbois en Helbault. Charles-Philippe is afgebeeld als militair, nl. als ridder van de militaire orde van Sint-Jacob. Het is de bedoeling aan deze merkwaardige grafsteen een meer beschermd onderkomen te bezorgen.

 

Rechts naast het hoofdaltaar in het koor bemerkt men nog de grafsteen van pastoor Johannes Van De Velde (+1763) en her en der zijn er in de kerk nog sporen van oude begravingen.

 

 

Als laatste voorbeeld ziet u hier nog een foto van het oude Dorpsplein van Nieuwerkerken met op de achtergrond de kerk.

 

Tot slot wil ik nog de Nieuwerkerkse cultuurvereniging LiNiAal bedanken. Zij hebben voor de nodige informatie gezorgd om dit werk tot een goed einde te brengen.