Kinderziekten

 

Vijfde ziekte

Symptomen

Het kind krijgt kleine en grote vlekjes door elkaar, soms iets verheven boven de normale huid en felrood van kleur, eerst in het gezicht, dan op billen, armen, benen en romp. De huid gloeit en voelt warm aan. Het kind kan hangerig zijn in lichte verhoging hebben. Vlekjes verbleken in vier tot zes dagen. Koorts is mogelijk, maar meestal wordt het kind nauwelijks ziek. Speciale behandeling voor het kind is niet nodig. De uitslag is na 5 tot 9 dagen weer weg, maar kan onder invloed van warmte, kou, inspanning of stress weer terugkomen.
De ziekte kan -ook door artsen - gemakkelijk worden verward met andere vlekjesziekten. Zekerheid is alleen te krijgen door gepaard serologisch onderzoek, wat vrijwel nooit zal gebeuren aangezien dit geen therapeutische consequenties heeft.

Maatregelen

Het is belangrijk dat de school van het kind wordt ingelicht. De school zal de ziekte meestal melden bij de GGD om het verdere beleid te bepalen.
De school moet goed ventileren om verdere besmetting te voorkomen. Omdat de besmetting al heeft plaatsgevonden op het moment dat de ziekte zich openbaart is het moeilijk om preventieve maatregelen te nemen (doch zie hieronder in geval van zwangerschap).

De zesde ziekte

De zesde ziekte, ook wel driedaagse koorts genoemd, is een kinderziekte die niet helemaal zo onschuldig is als de vijfde ziekte, maar toch nog vrij ongevaarlijk.

De Latijnse benaming is "exanthema subitum" of "roseola infantum". De ziekte wordt veroorzaakt door het humaan herpesvirus type 6, een virus dat verwant is aan de verwekker van de koortslip en van genitale herpes. In tegenstelling tot deze andere virussen geeft de verwekker van zesde ziekte geen terugkerende problematiek.

De ziekteverschijnselen bestaan uit een vrij plots optredende, enige (meestal 3 tot 5) dagen durende hoge koorts, (39 tot 40,5 įC), meestal zonder duidelijke lokaliserende symptomen zoals oorpijn of een zere keel. De koorts zakt dan vrij abrupt waarna het kind een uitslag ontwikkelt. Soms gaat de uitslag gepaard met keelontsteking, oorontsteking en/of vergroting van de lymfeklieren in hals en nek. Het kind hoeft geen erg zieke indruk te maken en een koortswerend middel zoals paracetamol is meestal reeds voldoende. Meer is er trouwens niet aan te doen, de ziekte geneest vanzelf.

Mazelen

Mazelen (rubeola) is een kinderziekte die veroorzaakt wordt door een Morbillivirus.  Het virus wordt verspreid via de lucht (hoesten, niezen). De eerste verschijnselen lijken op een stevige griep of verkoudheid (koorts, hoesten, loopneus, ontstoken ogen). In deze fase is mazelen het meest besmettelijk. De ziekte wordt vaak pas herkend als voor de ziekte kenmerkende vlekjes op de binnenkant van de wangen verschijnen, enkele dagen later gevolgd door een kenmerkende huiduitslag. Kinderen kunnen behoorlijk ziek zijn van mazelen, maar de ziekte is het meest gevreesd om de ernstige tot zeer ernstige gevolgen, zoals middenoorontsteking, longontsteking en vooral hersenvliesontsteking. Mazelen kan dodelijk verlopen. Er is geen behandeling voor deze ziekte. De ergste symptomen treden bij kinderen onder de 5 jaar en volwassenen boven de 20 jaar op.

De eerste vaccinatie met het BMR-vaccin (bof, mazelen, rodehond) beschermt vrijwel volledig tegen deze ziekte. De vaccinatie is opgenomen in het Vlaamse vaccinatieprogramma van Kind en Gezin.

Een andere "behandeling" voor de mazelen is een mazelenparty. Daar worden niet-gevaccineerde kinderen die de mazelen nog niet hebben samengebracht met kinderen die het wel hebben. Zo maken de gezonde kinderen zelf antistoffen aan. Het fenomeen mazelenparty is zeker niet zonder gevaar maar al zo populair dat het "woord van de week" was in de van Dale in juli 2005.

Rond 450.000 kinderen sterven jaarlijks aan de gevolgen van mazelen. De mortaliteit is het hoogst in ontwikkelingslanden. Sinds 1999 is de mortaliteit door een vaccinatiecampagne in deze landen gehalveerd.

Roodvonk

Roodvonk of scarlatina is een relatief zeldzame infectieziekte die wordt veroorzaakt door streptokokken bacteriŽn. Het kan op elke leeftijd voorkomen, maar komt het meest voor in de leeftijd van 3-12 jaar. Besmetting vindt plaats door direct contact met een zieke of door aanhoesten. Besmettingsgevaar bestaat vanaf het begin van de klachten tot het moment dat de vlekjes zijn verdwenen. Het ziekteverloop is plotselinge koorts en keelpijn, hoofdpijn, misselijkheid en braken, ťťn dag na het uitbreken van de ziekte ontstaan op de huid op warme lichaamsplaatsen donkerrode spikkels die soms jeuken, opvallend rode wangen, roodvonkmasker, witte driehoek rond de mond en onder de neus. Na vijf dagen verdwijnen de vlekjes en de koorts. Op het hoogtepunt van de ziekte is de tong vuurrood en gezwollen (frambozentong), geen eetlust, veel transpireren.

Krentenbaard

Krentenbaard, ook wel impetigo of kinderzeer genoemd, is een meestal tamelijk onschuldige infectieziekte die wordt veroorzaakt door bacteriŽn. In 80% van de gevallen is Staphylococcus aureus de boosdoener, in 10% van de gevallen Streptococcus pyogenes en in nog eens 10% van de gevallen beiden tegelijk.

Krentenbaard is een huiduitslag die vaak in het gezicht begint, maar overal op het lichaam kan optreden, van het behaarde hoofd tot de voetzolen. Aanvankelijk ontstaan bultjes die snel veranderen in blaasjes, die kapot gaan en waaruit dan vrij veel vocht vloeit dat tot honinggele doorzichtige korstjes stolt. Door krabben en peuteren krijgt men de bacteriŽn aan de vingers en kan dan gemakkelijk zichzelf op andere plaatsen of andere personen besmetten. Besmetting vindt plaats door direct contact. Via rechtstreekse aanraking of via bijvoorbeeld speelgoed raken ook andere kinderen besmet. HygiŽne is een goed medicijn, vaak handen wassen wordt aangeraden.

Krentenbaard kan op iedere leeftijd voorkomen, maar komt duidelijk veel vaker voor bij kinderen, vaak tussen 2 en 12 jaar. Volwassenen hebben er inmiddels een bepaalde weerstand tegen ontwikkeld.

De beste remedie tegen krentenbaard is niet aan de blaasjes krabben. Meestal zal de huisarts in eerste instantie een crŤme met b.v. fusidinezuur of tetracycline voorschrijven waarmee het besmettingsgevaar binnen 48 uur is verdwenen. Kinderen met krentenbaard kunnen zodoende 48 uur na behandeling weer naar school, behalve wanneer ze er ziek en hangerig van zijn. De zalf werkt het beste als de blaasjes of wondjes open zijn en de werkzame stof dus bij de bacteriŽn kan komen. Het is daarom van groot belang de dunne huid op de blaren te verwijderen voor het aanbrengen van de zalf; op plaatsen waar de huid dun is kan dit het gemakkelijkst door er een keer krachtig over te wrijven met een ruw, vochtig washandje. Dit is in het algemeen nauwelijks pijnlijk. Op voetzolen etc. waar de blaarhuid dik is zal er met schaar en pincet gewerkt moeten worden. Bij uitgebreide gevallen kan eventueel een kuur met orale antibiotica worden gegeven; omdat bij een zorgvuldige plaatselijke behandeling met zalf genezing meestal snel optreedt is dit zeker geen eerste keus. Orale antibiotica geven veel meer kans op ernstige bijwerkingen.

Op plaatsen waar de opperhuid dik is (voetzolen, handpalmen) heeft de infectie vaak de vorm van grote blaren met vocht (impetigo bullosa), die zich door druk makkelijk uitbreiden. Doorprikken en het blaardak verwijderen stopt deze blaaruitbreiding en maakt het wondbed toegankelijk voor zalfbehandeling.

Krentenbaard geneest doorgaans ook vanzelf door de blaasjes te laten indrogen. De genezing wordt echter sterk bespoedigd door lokale antibiotica. Het gebruik van desinfecterende middelen zoals povidon-jood is duidelijk minder effectief, zoals ook uit onderzoek gebleken is. Zolang de blaasjes nat zijn, blijft de patiŽnt besmettelijk.

Rode hond

Rodehond of rubella is een meestal onschuldige virale kinderziekte die veroorzaakt wordt door het rubellavirus. Het kenmerkt zich na een incubatietijd van 14 tot 21 dagen door opgezette lymfeknopen achter de oren, gevolgd door huiduitslag met rode vlekjes. Deze uitslag begint op het gezicht en in de hals, waarna het zich verspreidt tot op de romp en ledematen. Tevens is er koorts, oogbindvliesontsteking en gewrichtsklachten. Over het algemeen worden de geinfecteerde mensen nauwelijks ziek, en is de ziekte snel over. De kans op complicaties of een ernstig verloop is zeer klein. Niettemin wordt van rijkswege in Nederland iedereen tegen Rubella ingeŽnt omdat het doormaken van de ziekte in het begin van de zwangerschap tot ernstige aangeboren afwijkingen van de vrucht kan leiden: het rubellavirus is teratogeen. Het bekendste voorbeeld van dergelijke complicaties betreft prinses Christina die een oogafwijking opliep doordat haar moeder, koningin Juliana, tijdens de zwangerschap besmet raakte met het virus.

Om aangeboren afwijkingen te voorkomen werden in Nederland sinds 1974 meisjes in hun elfde levensjaar ingeŽnt tegen rodehond. Vrouwen die een kinderwens hadden en nog niet waren ingeŽnt kregen de mogelijkheid zich te laten vaccineren.

Met deze maatregelen werd rodehond echter niet geheel uitgeroeid in Nederland. Dit komt omdat er mensen zijn die na vaccinatie nog geen antistoffen maken en dus niet beschermd zijn (non-responders). Verder missen sommige meisjes de vaccinatie en jongens werden niet gevaccineerd. Hierdoor bleven er zoveel niet-immune mensen in de bevolking bestaan dat het optreden van rodehond-epidemietjes mogelijk bleef. Daarom worden sinds 1987 in Nederland alle kinderen, jongens en meisjes, al als baby gevaccineerd. Hiermee is het percentage niet-vatbare personen in de populatie zo hoog geworden dat het virus zich niet meer kan handhaven en ook de weinige niet-beschermde individuen dus profiteren van het kudde-effect (herd immunity).

Rond de jaarwisseling 2004-2005 is ook in Nederland in de zgn. bijbelgordel, waar relatief veel mensen wonen die zich uit religieuze motieven niet laten inenten, weer een dergelijk epidemietje opgetreden met minstens 128 serologisch bevestigde gevallen. Meer dan 90% van hen (118) was om religieuze redenen niet gevaccineerd. Bij geen van de bevestigde gevallen was wel gevaccineerd. Het werkelijke aantal zal vele malen hoger gelegen hebben aangezien er vaak geen serologisch onderzoek wordt verricht en de ziekte vaak ook onopgemerkt verloopt. Naderhand berichtte het RIVM dat er tot juli 2005 29 bevestigde gevallen bij zwangeren waren gemeld met minstens 1 geval van congenitaal rubellasyndroom als resultaat.

 Waterpokken

Waterpokken (Varicella) is een infectieziekte, die wordt veroorzaakt door het Varicella-zoster virus. Het is een van de zgn. kinderziekten. Andere benamingen zijn windpokken en wijnpokken.

Deze ziekte ontstaat door besmetting met het virus, meestal door aanhoesten of lichamelijk contact. De incubatietijd is ca. 14 tot 21 dagen. Na een prodromale fase van wat koorts en op verkoudheid gelijkende verschijnselen die een paar dagen duurt, verschijnen eerst kleine rode plekjes, die na ca. een dag overgaan in de kleine met vocht gevulde blaasjes op een rode ondergrond, overal op het lichaam, vaak het eerst in de nek. Kenmerkend zijn de plaasjes op het behaarde hoofd. Het aantal kan variŽren van minder dan tien tot honderden. Na ongeveer een week zijn de meeste blaasjes ook weer verdwenen; wat rest is een enkel ondiep putje, vooral waar een bultje door een bacterie geÔnfecteerd is geraakt, bijvoorbeeld als gevolg van openkrabben. Om de kans op littekens zo klein mogelijk te maken kan de heftige jeuk enigszins onderdrukt wordt door menthol-talkpoeder op de waterpokken te strooien.

De ziekte is erg besmettelijk, en de meeste mensen (meer dan 90 %) lopen het dan ook al in hun kindertijd op. Hoewel iemand de ziekte maar ťťn keer kan krijgen, komt soms een secundaire infectie voor die de naam gordelroos draagt. Gevaarlijk is de ziekte alleen voor mensen die een slecht functionerend immuunsysteem hebben, bijvoorbeeld doordat zij geneesmiddelen tegen afstoting van een niertransplantaat slikken.

Het is de vraag of het verstandig is om kinderen uit de buurt van een waterpokkenlijder weg te houden - het is nagenoeg zeker dat zij de ziekte eens zullen doormaken en het is beter de ziekte als kind dan als volwassene te krijgen, aangezien hij bij volwassenen meestal wat erger verloopt. Vaccinatie is mogelijk, maar wordt in Nederland nog niet routinematig gedaan.

Een bijzonder risco lopen (hoog)zwangere vrouwen die als kind geen waterpokken hebben gehad. Het kind loopt dan het risico met waterpokken ter wereld te komen, wat een groot risico voor de baby met zich brengt. De kraamafdeling van een ziekenhuis is derhalve een plek waar kinderen met waterpokken beslist niet thuishoren.

Het virus dat waterpokken en gordelroos veroorzaakt behoort tot de herpesvirussen en is familie van de verwekker van de koortslip, Herpes simplex virus.

Bof

Bof (parotitis epidemica) veroorzaakt door het paramyxovirus, is een tamelijk onschuldige, aerogeen of via speeksel overgedragen, virale kinderziekte. De incubatietijd is 14 tot 21 dagen. Klinisch is de parotitis met de zwelling van de grote speekselklier letterlijk het meest in het oog springend. Tijdens de kindertijd is de infectie echter vaak subklinisch (30%) of is er slechts sprake van een bovenste luchtweginfectie.

Als complicatie van bof treden meningitis, encefalitis, oŲphoritis, orchitis en pancreatitis op. Meningitis wordt in 0,4-1% van de gevallen gezien, de andere complicaties zelden. De prognose van de complicaties is gunstig. Na de kindertijd gaat een hoger percentage van de klinische gevallen met complicaties gepaard.

Orchitis, bij 25% van de postpuberale mannen met bof, is gevreesd vanwege de vermeende kans op vruchtbaarheidsstoornissen. Maar onvruchtbaarheid is uiterst zeldzaam aangezien het doorgaans eenzijdige orchitis betreft; 1 op de 6 patiŽnten heeft bilaterale orchitis en zelfs dan leidt het zelden tot steriliteit. In grote surveys van steriele mannen komt bof ook nauwelijks als onderliggende oorzaak naar voren. Zowel bij artsen als publiek staat deze onterechte zorg toch vaak voorop en blijkt moeilijk te sussen.

Waterwratten

Waterwratten (mollusca contagiosa, enkelvoud molluscum contagiosum), in Nederland soms ook wel (onterecht) apenpokken genoemd, zijn een vorm van wratten en worden (dus) door een virus veroorzaakt. Het zijn kleine (meestal 1-3 mm, soms tot 8 mm), iets glanzende parelmoerachtige verhevenheden die wat ůp de huid geplakt lijken te zitten en meestal een centrale indeuking (delle) vertonen. Hieruit is bij rijpe mollusca een wittige substantie te drukken. Waterwratten ontwikkelen zich veelal op de romp onder de oksel, op de bovenarm en elleboogplooi, het bovenbeen en de knieholte. Na een periode van enige maanden tot 1 ŗ 2 jaar verdwijnen de wratjes vrijwel altijd vanzelf doordat het lichaam er weerstand tegen begint te ontwikkelen. Een eerste teken hiervan is dat ze dan vaak wat gaan ontsteken, met roodheid. De wratjes laten bij afwachten tot ze vanzelf verdwijnen vrijwel nooit een litteken achter. Bij agressieve behandeling is hier echter wel meer kans op! Daarna is het kind immuun voor waterwratten.

Vooral kinderen met eczeem zijn er vatbaar voor, omdat zij door het eczeem meer krabben en het virus dus in hun huid wrijven, die door het eczeem ook al beter doorlaatbaar is voor het virus. Het is een volstrekt goedaardige huidaandoening.

Terug