Bouwkampen - Werkkampen - Work Camps
   

Verslag

Start ] Up ] Omgeving ] Foto ] [ Verslag ] Links ] Perm (ru) ]   

  

   

Moskou, 11 Juli, 2002

Zojuist heb ik een bijzondere onaangename verrassing gehad: na heel wat zoeken in het stof en de warmte van Moskou, was ik er eindelijk in geslaagd de juiste straat te vinden van de Russische vrijwilligersorganisatie. Het juiste kantoor vinden was nog een extra uitdaging: de benedenverdieping was een chique restaurant maar de portier wees me al gauw de weg naar een grauwe trappenhal. Met een gammele lift bereikte ik de juiste verdieping en na aan een paar deuren aangeklopt te hebben, bereikte ik de mensen van VSU-Moskou. Van een meetingplace wisten ze jammer genoeg niets. VSU-Perm' had hen niets meer laten weten en de afspraakplaats in Moskou was dus geannuleerd. Ik zou op eigen kracht Perm' zien te bereiken. En het reisgezelschap van de andere vrijwilligers zou ik dus ook kunnen vergeten. Mijn enige hoop was de boodschap die ik aan het prikbord in mijn hotel had gehangen. Gelukkig waren de mensen van VSU erg vriendelijk en ze boekten me een ticket op de Kama, het vlaggenschip van de spoorweglijn Moskou-Perm', een treinrit van maar liefst 21 uur. De trein zou vertrekken vanuit het legendarische Yaroslavl-station vanwaar dagelijks de treinen naar Beijing, Ulan Baator, Pyong Yang en Vladivostok aan hun 7 dagen lange treinrit beginnen.

Moskou zelf valt me overigens wat tegen. Moskou is een echt Russische stad, een enorme chaos die schril afsteekt met de elegantie en schitterende architectuur van Sint-Petersburg vorig jaar. Komt daarbij nog dat het hier snikheet en drukkend is en af en toe valt er nog een stortbui ook. Deze namiddag ben ik al wat gaan rondwandelen in de buurt van het Rode Plein en het Kremlin. Morgen ga ik voedsel inslaan om mijn treinrit te overleven en misschien kan ik voor mijn vertrek ook nog het Kremlin bezoeken. Meer nieuws uit Perm'.

Groeten,
Maarten

Moskou, 12 juli 2002

Het is zover, nog maar 2 dagen in Rusland en ik begin me al alcoholieker te voelen. Na een ontbijt met de Aussie waarmee ik de kamer deel, ging ik dadelijk op weg naar het Kremlin. Het was zo mogelijk nog warmer dan gisteren, maar eindelijk een blauwe hemel en het was iets minder drukkend. Om de dorst te lessen ging ik het eerste beste winkeltje binnen om een blikje fruitsap te kopen. Maar na de eerste slok proefde ik een onverwachte vodkasmaak. Was het blikje nu al zo lang vervallen dat het aan het gisten was geslagen? Uit een iets aandachtiger onderzoek van het blikje bleek dat ze me een blikje Vodka-Orange (otvjorka) hadden verkocht. Rare jongens, die Russen om me zoiets als appelsiensap te verkopen en dan nog zo vroeg op de ochtend !!

Gisteren was ik nogal teleurgesteld over Moskou: vuile gebouwen, een overvolle metro, drukkend heet, onverwachte regenbuien, … en dan nog de onzekerheid over de afspraakplaats en mijn treinticket. Vandaag leek alles echter stukken beter: een stralend zonnetje en warempel een heldere hemel. Het Kremlin en het Rode Plein waren nog mooier dan de foto’s die ik er al van gezien had. De rode Kremlinomwalling contrasteerde prachtig met de okergele regeringsgebouwen en de drie kathedralen met een feest van met goud bekleedde koepels die blonken in de ochtendzin. Na een uitgebreid bezoek aan het Kremlin, tijd voor een heerlijke borsjsj in de Yolki-Palki. Naar goede Russische gewoonte was het weer allemaal goed overdreven: het restaurant leek op een immense blokhut en de diensters liepen erbij als Duitse Heidi’s maar dan wel met kortere rokjes.

Maar naast het Rusland van kortgerokte Heidi’s en van gouden koepels en machtige paleizen is er natuurlijk ook nog het Rusland van het Communisme. Het was al van in Oekraïne geleden dat ik nog monumenten had bezocht die de grootsheid van de USSR en het communistische ideaal moesten bezingen. Met het immense standbeeld voor Moeder Rusland in Kiev in gedachten, tijd voor wat nieuw propaganda. De ideale plaats hiervoor is het All Russia Exhibition Centre (VDNKh), slechts één metrostop van mijn hotel op Prospekt Mira. Op een internet top 10 van de meest overweldigende communistische monumenten prijkt dit al jaren op een onbetwiste nummer één. Op een gebied van enkele hectaren staan allerlei standbeelden, fonteinen en paviljoenen die de Sovjetsuperioriteit bezingen: een fontein van met goud bekleedde standbeelden van Russische landbouwsters en gigantische gouden graanhalmen moesten de miljoenen doden van de hongersnood in Oekraïne doen vergeten. Wat verder staat een monument met een gigantische obeliskachtige piek met op de top een Russische Sojoezraket, een monument dat de verovering van de ruimte door de Sovjet-Unie vereeuwigt. Lenin wijst de juiste weg, naast hem maken ingenieurs berekeningen, sleutelen technici aan nieuwe prototypes terwijl een andere man het hondje Laïka in een capsule propt.

Op de trein moest ik nog vaak terugdenken aan dit monument van Sovjetgrootheidswaanzin, dat de lof moest bezingen van een al lang vervlogen verleden van industriële en militaire suprematie dat waarschijnlijk enkel in de hoofden van Stalin en Brezjnev bestaan heeft. Op de trein werden de lange stroken van berkenbossen immers enkel doorbroken door de ruïnes van leegstaande fabrieken. Bij één van de fabrieken stond nog een standbeeld van Lenin die machteloos toekeek op het verval …

Perm, 14 juli 2002

Hoihoi,

Eindelijk aangekomen in Perm en nog internet gevonden ook. Het ontvangstcomité stond klaar aan het station. Voorlopig ben ik helaas nog de enige vrijwilliger. De anderen worden binnenkort verwacht. In ieder geval zal het een Oost-Europees clubje zijn: twee Polen, twee Slovaken en dan nog een hele hoop Russische vrijwilligers.

Ik logeer hier in Perm' bij een Russische familie. De man is prof aan de universiteit van Perm en werkt in zijn vrije tijd voor VSU. Zijn specialisatie is biologie en helaas is zijn appartement daar het bewijs van. Een aquarium centraal in de woonkamer, overal potten met salamanders en hagedissen en om de boel compleet te maken ook nog een hond. Ik ken het ras niet maar het is zo een beest met een natte kwijlende baard die constant tegen je benen aanspringt en zo.

De voertaal bij Sergej, zo heet de man, is Russisch. Zijn dochtertje spreekt wel wat Duits maar is voorlopig te verlegen om dat ook te bewijzen. Ik probeer me dus maar te behelpen. Ik heb gisteren wel al de volledige reeks albums met familiefoto’s moeten bekijken (studententijd van Sergej, legerdienst van Sergej, trouw, geboorte van de kinderen, …) en kreeg bijzonder lekker eten aangeboden. Vanaf nu geen commentaar meer op de Russische keuken!

Ik heb gisteren ook al kennis gemaakt met twee Russische deelneemsters aan het kamp. De een spreekt Engels, de ander Duits. Zij hebben wat getolkt zodat ik tenminste wat meer kon zeggen tegen mijn gastheer dan mijn beperkte kennis van de Russische taal toelaat.

De treinrit was natuurlijk nog een ander verhaal. Via een communicatiefoutje had ik een ticket voor 3de klasse gekregen in plaats van 2de. Dit betekent dat je dus niet in een coupé slaapt maar in een wagon zonder tussenschotten met in het totaal zo een 60 buren die allemaal nieuwsgierig waren naar zo een vreemd figuur als ik. Gelukkig vielen de drie personen die in mijn buurt sliepen wel mee. Het waren twee mannen die in Moskou inkopen hadden gedaan voor hun cosmeticawinkeltje in Perm en een vrouw die in Moskou haar dochter op de trein naar Duitsland had gezet. Ze waren erg behulpzaam en vooral de vrouw deed erg haar best om wat te communiceren en zo traag mogelijk te spreken. Als tegenprestatie moest ik dan wel haar fotoalbumpje bekijken, goedkeurend knikken bij al wat ik zag en vooral zeggen wat voor een knap meisje haar dochter wel was.

Al bij al viel de lange treinrit wel nog mee ondanks het gebrek aan comfort. Mijn bed was namelijk te kort zodat ik de nacht dubbel gevouwen moest doorbrengen. Bovendien was het erg koud ‘s nachts omdat ik het raampje maar niet gesloten kreeg.

Goed, ik ga het hier bij laten. Vandaag staat de verkenning van Perm' op het programma. De twee vrijwilligsters van gisteren wouden me ook voorstellen aan hun vrienden want die hadden nog nooit een buitenlander gezien. Dat wordt weer lachen dus. Ook worden vandaag de vier andere buitenlandse vrijwilligers verwacht.

Tot nog eens,

Maarten

Gusel'nikovo,  juli 2002

De andere internationale vrijwilligers zijn nog altijd niet aangekomen. Wat ik eigenlijk al vooraf gevreesd had bleek de waarheid te zijn geworden: de visaproblemen hadden de andere buitenlanders de reis onmogelijk gemaakt. Eerlijk gezegd moet ik wel toegeven dat ik er even aan gedacht heb om mijn biezen te pakken en Via te contacteren om me in een kamp in de buurt van Moskou te plaatsen. Maar de gastvrijheid van Sergej Arkadevitch in zijn huis in Perm' en de zorg waarmee de Russische vrijwilligers me omgaven, deden me daar anders over denken. Constant kreeg ik aanmoedigingen als "всё будет хорошо, всё будет нормально", "alles komt goed, alles komt in orde". Bovendien was na een paar dagen Natasja aangekomen, een meisje dat perfect Engels spreekt en dus mijn leven heel wat vergemakkelijkte. En ook mijn Russisch werd elke dag beter, hoewel er nog dagelijkse misverstanden waren. Zo vroeg een meisje tijdens een vreselijk onweer of ik bang was. Ik had haar vraag echter niet goed begrepen, dacht dat ze iets zei als "zwaar onweer hé" en viel dus terug op mijn standaardantwoord "ja, heel erg". Zoiets versterkt natuurlijk nog het Russische vooroordeel dat alle westerlingen watjes zijn.

Laat ik even ingaan op het werk dat we hier al enkele dagen aan het verrichten zijn. Tot nu toe hebben we gewerkt aan de bouw van een banja. In het natuurstudiecentrum dat Sergej Arkadevitch hier aan het uitbouwen is, is er immers nog geen badkamer. Ons wassen doen we voorlopig in de banja in Sergejs datsja, maar het spreekt voor zich dat dit op lange termijn niet meer houdbaar is.

De volledige bouw van de banja gebeurt met natuurlijke materialen. Voor de fundering zijn we in een oude rivierbedding op zoek gegaan naar rotsblokken die het bouwwerk moeten dragen. Tijdens het voorjaar hadden lokale ambachtslui enkele dennenbomen gerooid en inkepingen gemaakt om de stammen perfect in elkaar te doen passen. Het is echt schitterend hoe deze stammen als puzzelstukken in elkaar passen. Om het geheel te kunnen isoleren, zijn we in de bossen “mos gaan plukken”. Onderweg hebben we ook enkele observatiehutten van Sergej Arkadevitch geïnspecteerd. Onze mosoogst werd dan boven elke laag van stammen aangebracht. Nadien hebben we tussen de spleten ook nog extra mos gestoken, een werkje dat eigenlijk wel te vergelijken is met het voegen van een huis.

Toen de ruwbouw afgewerkt was, hielden we met zijn allen een dronk op het bouwwerk. Een meiboom werd niet geplant maar wel werden enkele druppels vodka op de banja geplengd.

Moskou, 30 juli 2002

Привет,

Hehe, eindelijk terug in de beschaving zou ik zeggen. Nooit gedacht dat Moskou de beschaving zou lijken voor mij maar toch.
Eerst het belangrijkste: alles is in orde met mij; ik heb een bijzonder fijn en interessant kamp achter de rug, heb steeds voldoende en lekker eten gekregen (elke dag verse groenten en melk vers van de koe), voldoende geslapen, hard gewerkt maar niet al te vermoeiend, geen geldproblemen en zo voort.

Wel heel wat communicatieproblemen gehad met mijn Russische vriendjes, maar ze hadden gelukkig erg veel geduld met mij. Het waren allemaal erg sympathieke en fijne mensen, allemaal studenten van de biologiefaculteit. Elke avond vonden ze ook wel een excuus om iets te vieren. Zo zeiden ze een van de eerste avonden dat dit een deel was van het cultureel programma van het kamp, kwestie van de Russische cultuur te leren kennen. De speechliefhebbers zouden er hun hartje kunnen ophalen want bij elke dronk of toast moest er gespeecht worden en als er een buitenlander bij het gezelschap is, dan is de keuze wel erg gemakkelijk.

De omgeving viel wel wat tegen. Hoewel ik wist dat de Oeral een oud gebergte is, had ik er toch wat meer van verwacht. Het landschap was slechts heuvelachtig en geen ruw hooggebergte maar natuurlijk wel zo ongerept en zo gigantisch uitgestrekt zoals alleen maar Rusland kan zijn. Het dorpje waar we leefden, Gusel’nikova, telde maar veertig huizen en was enkel te bereiken via pistes of modderige wegen. Het was pittoresk gelegen naast de Silva-rivier. Dit riviertje was de voornaamste bron van ontspanning: tochtjes maken met de roeiboot, zwemmen, vissen, ... Daarnaast hebben we ook nog een aantal excursies gedaan: naar de Kungur ijsgrot, naar Chochlovka, een Russische versie van Bokrijk, een fabriek van samovars, alwaar ik een ongelofelijk kitscherig cadeau cadeau kreeg en dan nog een bezoek aan een ander werkkamp, alwaar ik weer eens een woordje mocht placeren. Daarnaast werden we ook regelmatig ergens uitgenodigd. Als een lokale boer ons even ter hulp riep bij het hooien, mochten we als beloning aanschuiven aan zijn tafel en wel euh ... weer eens iets drinken.

De eerste dagen bestond het werk uit het bouwen van een banja, een soort van sauna gemaakt van boomstammen met mos als isolatiemiddel. Daarna werkten we in de bossen waar de onderste laag van twijgjes moest verwijderd worden van de boomstammen.

Gisterenmiddag ben ik dan vertrokken uit Perm', uitgewuifd door al mijn Russische kampvriendjes. Opnieuw 20 uur trein, de Kama. Opnieuw 20 uur door dichte bossen en uitgestrekte weilanden, opnieuw 3e klasse (deze keer geen vergissing maar op mijn aanvraag). “Democraat spelen”, zo noemde Sergej Arkadevitch dat.

Voila, dat was zo wat het voornaamste. Meer nieuws uit Yerevan.


Groetjes,
До свидания,
Maarten

      

 

 

 

Start ] Up ]

 

© 2003-2004, Maarten Peeters, postmaster - at - bouwkampen.be , Geen gebruik van tekst of afbeeldingen zonder voorafgaande toestemming,  laatst bijgewerkt op 29.05.03 . All rights reserved.