HOMILIE WACHTEN OP DE HEER
32ste Zondag (A-Jaar)

Broeders en zusters, zijn wij wijs of dom?
In de teksten van deze viering draait alles rondom de wijsheid:
In de eerste lezing hoorden we dat we de wijsheid pas kunnen aanschouwen als we haar ook met ons hart zoeken.
In het evangelie luisterden we naar het bekende verhaal van de vijf wijze en vijf domme meisjes.
En dan opnieuw de vraag: zijn wij wijs of dom? Of is de vraag: zijn wij wijs of heel dom?
Je moet namelijk weten dat het in het Palestina van die tijd de bruidegom op de vooravond van het huwelijk

zijn bruid ging ophalen in het huis van haar ouders. Ze werd dan feestelijk in een draagkoets naar de huwelijksceremonie gebracht.

Daarbij gingen steeds meer mensen met haar mee, zodat het op het laatste stuk een echte stoet was, met muzikanten en natuurlijk de bruidsmeisjes.

De bruidsmeisjes zorgden ook voor het licht. Daarvoor hadden ze olielampen mee.
Nu was het de gewoonte dat de bruidegom die avond, bij het ophalen van de bruid, ook ging onderhandelen over de bruidsschat.

Dat kon dus wel even duren. Daarom brachten de bruidsmeisjes altijd genoeg olie mee.

Deed je dat niet dan was je niet dom, doch heel dom:

Het was niets bijzonder als die bruidegom lang wegbleef - het was eer een gewoonte dan een uitzondering.

En toch hebben die domme bruidsmeisjes er niet aan gedacht  dat het kon gebeuren.
Speciaal verhaal - is het niet?
Dat zou ons zeker niet overkomen.
Laten we de parabel eens vertalen naar onze leefwereld.
De bruidegom zou Jezus kunnen zijn.
We wachten op Jezus al 2000 jaar en heel ons leven lang.
We weten ook heel goed wat Hij van ons verlangt:
Hij wil dat we leven naar zijn voorbeeld, onszelf wegcijferen, leven voor de andere, met liefde voor de medemens.
De olie voor de lampen staat voor in hoeverre je dat doet.
Die olie is de naastenliefde. Zonder de olie van de liefde blijft de lamp van het geloof onmogelijk branden.

Zonder daadwerkelijke liefde gaat het geloof dood. Als je niet leeft zoals je denkt, dan ga je denken zoals je leeft.

Zonder de liefde ga je leven als een ongelovige. Dan ken je God niet meer.
Als Jezus komt - en we kennen dag nog uur - dus bijvoorbeeld wanneer we sterven - dan wordt onze olie gemeten.

Op dat ogenblik is het te laat om olie te kopen. Je kan dat niet even goedmaken.
Daar gaat de kans om aan het feest deel te nemen. Je blijft buiten in het duister - met tranen en tandengeknars - lezen we ergens anders.
We weten dat al heel lang! Zijn we genoeg voorbereid? Hebben we genoeg olie? Hebben we genoeg naastenliefde?

Of zijn ook wij heel dom? Denken we dat we dit nog even snel op het laatste moment kunnen goedmaken.

Zeker in de tijd van vandaag moeten we ons ervan bewust zijn dat het laatste moment heel onverwacht kan komen.

Een hersenbloeding, een hartinfarct, een verkeersongeval, twintig jaar geleden een kogel bij het gaan naar de Delhaize, vandaag rellen of terroristische aanslagen.
Vele mensen denken: ik geloof in God en ik ga zelfs naar de kerk - dan is het toch allemaal in orde?
Dan luistert God wel naar me, wanneer ik Hem nodig heb.
Toch zo werkt het niet. God komt niet wanneer wij Hem nodig hebben, Hij komt wanneer het Hem uitkomt, op zijn eigen tijd.

Wij zijn waakzaam voor vele dingen: het verkeer, vuur, of onze rekening in de supermarkt wel klopt, dat men ons geen nadeel berokkent.

We weten van minuut tot minuut wat we op een dag moeten doen. Maar daar komt God dikwijls weinig in voor.
Daarom waarschuwt Jezus dat we God zullen mislopen als we niet bereid zijn om Hem een plaats in ons leven te geven.
Zij we wijs of zijn we heel dom?
Hopelijk hebben we nog de tijd om olie te kopen.