Opmerkingen? Fouten? Contacteer de webmaster |
Schaakklub Desperado Leuven vzwEindstand Nationale Interclubs 2001-2002[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ]
Desperado 1 (afdeling 2B)
Desperado 2 (afdeling 4B)
Desperado 3 (afdeling 5H)
Desperado 4 (afdeling 5I)
Desperado 5 (afdeling 5K)
Resultaten Nationale Interclubs 2001-2002Ronde 1 (14-10-2001)[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ]
Voor onze eerste ronde stond een uitmatch op het programma. De tweede ploeg van de vurige stede. Mark Weiler had als ploegkapitein verordonneerd dat iedereen er om 12.45 h moest zijn. En inderdaad, zowat iedereen was deze keer eens op tijd. Mark zou ongetwijfeld heel tevreden gekeken hebben bij deze blijk van ploegliefde, ware het niet dat hijzelf als laatste om 13.00 h binnenstapte. Maar komaan, niet getreurd en fluks in de auto gesprongen. Gelukkig waren we met drie auto's, zodat ik nog net kon vermijden met Patje te moeten meerijden. Voor al diegenen die dit nog niet hebben mogen meemaken kan ik u vertellen dat dit waarlijk een belevenis is. Meestal stapt men met zware kramp in het rechterbeen uit, kwestie van reflexmatig op het rempedaal te duwen. Geharde kerels heb ik de blote grond weten kussen, enthousiaster dan de paus, na een ritje met Patje. De laatste jaren, als het echt niet anders kan, leg ik mij plat op de achterbank met een jas over het hoofd, en begin te bidden. Bij het sluiten der persen bereikte ons net nog het bericht dat genaamde Delanoeije zijn rijbewijs en auto tijdelijk heeft moeten inleveren bij de bevoegde stadsdiensten wegens overdreven snelheid. Zoals gezegd, kon ik mij in de auto van Raf Claes wringen, op iets dat alleen door BMW zelf wordt omschreven als een zitplaats. Edoch, de opluchting van het gemiste vervoer door ons zesde bord woog daar ruimschoots tegenop. Luik is zoals bekend een stad waarin met makkelijk kan verdwalen, maar wij hadden Koen Jans mee en die wist de weg. Gaandeweg stroomden ook de anderen toe behalve Patje. Die was uiteraard te ver gereden (weeral te laat op de rem dus) en bevond zich 10 km achter Luik. Erger was nog dat volgens zijn auto hij al 5 km zonder brandstof reed. Gelukkig vond hij net op tijd nog een benzinestation en kon een paar minuten te laat aan de partij beginnen. Uit deze auto kwam ook nog doodsbleek Eddy Van Espen gestrompeld, de arme man. Kortom, we konden eraan beginnen. Na een uur kon de eerste voorlopige balans worden opgemaakt. Raf Claes speelde al na 11 zetten remise. Bij het nalezen van de opstelling had ik al gemerkt dat hij het tweede bord zou bezetten. Gelijk had ik hem dan maar een mailtje gestuurd dat ik zijn spel met argusogen ging volgen en elk feilen literair ging begeleiden. Dit was niet in dovemans oren gevallen, de man schaakte met het wit rond de neus en keek na elke zet schichtig in mijn richting. Misschien speelde de gedachte om publiekelijk aan de schandpaal genageld te worden toch een rol, want hij nam opgelucht remise aan in een stelling waarin hij wat beter stond. Koen Jans was aan een paardenballet bezig met zijn tegenstander, waarin toch na een tijdje duidelijk werd dat hij de kneepjes van hogeschooldressuur beter onder de knie had dan zijn tegenstander. Iedereen voelde het al, Koen ging winnen als hij het lef had remise te weigeren. Deze Koen (Jans dus, itt Heynen) kan eigenlijk best wel schaken , maar helaas is dit vaak het best
te zien als hij in slechte stellingen geraakt. Het idee van nakende verlies doet bij hem onvermoede
krachten ontwaken. Keer op keer hebben we hem bezig gezien, dood ende begraven na een mislukte opening.
Maar plotseling rukte hij dan, als een ware Houdini, de boeien los en sprong de nietsvermoedende
tegenstander naar de keel. Onze ploegkapitein (op bord 5) deed het ook lang niet slecht. Maar hier was toch iets merkwaardigs
aan de hand. Op de zesde zet in een uiterst scherpe stelling, ging Mark een eindje wandelen. Toen hij
na een kwartiertje terugkwam, was zijn tegenstander nog altijd aan zet. Even later voerde hij er ook
een uit, waarna Mark ten tweede male (??!!) rokeerde. Naar het schijnt had een toevallige passant
enige stukken per ongeluk van het bord geduwd, en bij het terugzetten abusievelijk koning en toren
in de beginpostitie gezet. Patje dacht met zijn torens binnen te dringen, maar dit dapper tweetal werd geruild, waarna er niet meer veel muziek inzat. Remise dus. Ook Bart Van Praag stond lange tijd heel goed, maar wist niets beslissend te vinden en gaf dan maar remise in een nog altijd betere stelling. Voorlopig had het middenrif dus al puik werk afgeleverd. Hoe stond het met de sluitposten ? Het spijt ons, maar met onze keeper in de achterhoede liep het niet goed. Ronald toog nogal naïef ten aanval en toen zijn voze dreigingen eenmaal ontkracht waren, deed de betere positie van de tegenstander en zijn eigen tijdnood hem de das om. Eddy Van Espen was ondertussen op flanellen benen naar het eerste bord gewankeld. Met schrijver dezes liep alles deze keer wel naar wens op bord 3. Ik had in de auto bedacht
dat in feite niemand wist dat ik niks van theorie kende. Verder redenerend besloot ik steeds
a tempo theorie te spelen, in de hoop dat mijn tegenstander een waar theoretisch studiehoofd
aan de overkant van het bord zou vermoeden. En zo geschiedde, de man had inderdaad het script
gelezen en besloot als eerste af te wijken, net toen ik het ook niet meer wist. Verder was hij
ook nog zo vriendelijk om dit met een kemel te doen, zodat ik plots buitengewoon goed stond. Al
zijn stukken werden met grote tempowinst teruggeworpen. Ik kon een pionnetje winnen maar rook
groter wild en offerde een stuk vlak voor zijn koning. Voor al diegenen die niet op de hoogte zijn van het werk van Godfried Bomans; Clifford was een universeel genie die in schaken echter altijd verloor. Dit was voornamelijk te wijten aan het feit dat hij altijd al zijn stukken en op één na alle pionnen offerde, om dan met deze laatste zijner troepen de tegenstander voor schier onoverkomelijke problemen te stellen. Een houding die respect, maar geen navolging verdient. Eindelijk hield ook zijn snorretje op met zijn snelle bewegingen. Mijn tegenstander keek nog
even mistroostig naar de restanten van zijn stelling, keek mij aan en fluisterde het mooiste
compliment: Einduitslag 3½-4½ winst voor Desperado dus. En wat nog leuker was, bij de verzameling in Ons Huis bleek dat vier van de vijf ploegen ook gewonnen hadden. Alleen Boni's ploeg deed afbreuk aan de algemene feestvreugde door een nipte nederlaag. Een heuglijke dag voor Desperado Leuven dus. Koen Heynen
Romain had het eerste gedaan. In een Benoni kreeg hij een klein maar duidelijk voordeel.
Hij begon dat uit te melken door lichtjes te manoeuvreren, en kwam zeggen: Ik had als volgende gedaan. Mijn tegenstander verbruikte zeeën van tijd, en ging op zet 20
door zijn vlag. Hij stond toen een stuk en een pion achter. Op zet 17 had hij nog remise
voorgesteld met als argumentatie: Daarna volgde Paul: Hij had in de opening een pion gewonnen, maar de overgang naar het eindspel had hij niet goed aangepakt. Volgens Romain en ik stond hij toen zelfs verloren. Echter, in die afwikkeling had hij een tussenzet gemist; had hij die gedaan, dan won de stelling vlotjes. Zoals het nu ging, moest hij een moeilijk eindspel zien te redden, maar hij deed dat dan ook met verve. Hoewel het resultaat in Wilfrieds partij als eerste duidelijk was, rekte hij ze nog zeer lang. Dit lag niet aan zijn techniek, maar aan de aard van de stelling. een klein voordeeltje in een redelijk dichtgeschoven stelling met 2 torens en 2 lopers aan elke kant. Zijn tegenstander werkte nog een beetje mee, wat de winstvoering eenvoudiger maakte, maar daarom niet korter! Wilfried lette echter goed op, zodat het verwachte resultaat van de partij kon opgetekend worden. Steff
Tegen een uiterst zwakke ploeg scoorden we maximaal! Tony had het eerst gedaan. De opening speelde hij niet helemaal optimaal. Hij had wel een mooie a1-h8 diagonaal met z'n loper en precies op die diagonaal blunderde de tegenstander plots een stuk weg. Daarna ging het gemakkelijk: eerst een pion erbij, dan nog een paard en na een paard- en torenoffer tenslotte de dame. Ik paste weer al m'n 'kennis' van de f4-opening toe en met een verrassend (voor mij) 5... d4 brak hij de stelling open! Ik had weer een aantal zetten in de theorie verwisseld... Ik ruilde een pion en toren tegen loper en paard en begon een traditionele koningsaanval voor te bereiden. Hij stond passiever, maar zeker nog niet direct verloren. Dan deed hij echter een aantal zwakke zetten na elkaar en had ik 17.e7+ waardoor z'n toren op d8 viel. Hij gaf onmiddellijk op. Bart had het ook niet zo gemakkelijk in de opening. In een saaie partij stond hij een pion voor, maar z'n stukken stonden niet zo goed opgesteld. Het leek erop dat hij de partij zou moeten uitmelken, maar toen deed ook zijn tegenstrever een aantal zwakke zetten. Een paardzet, a tempo gespeeld, dat de lijn opende voor een mat achter de paaltjes won een dame en de partij. Louis zat ondertussen in tijdsnood. Hij had de partij rustig opgebouwd met veel druk op f7 en g6 via de open f-lijn voor z'n toren. Hij vond geen combinatie om de koning mat te zetten, maar kwam wel twee pionnen voor (een remise-voorstel werd uiteraard afgewezen). Hij had wel veel tijd verbruikt en met nog enkele zetten te gaan hield de jeugdspeler blijkbaar meer de klok in het oog dan de stelling. Louis zette een aantal schaakjes met de toren en plots (na een illegale zet?) was het mat! Robrecht Ronde 2 (28-10-2001)[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ]
Duitse troepenmacht ook te Leuven niet gestuit !!Het is met omfloerste stem dat ik U kond doe van de zwaarste nederlaag uit de geschiedenis van Desperado. Weliswaar hebben we ook eens een verschrikkelijk pak slaag gekregen van de Lustige Vrijpion, maar toen zat ik zelf in het andere kamp en was het leed te overzien. Nu echter, na onze eerste thuismatch van het seizoen, hangen de vlaggen halfstok. De voortekenen waren al niet gunstig. Was de Waverse divisie (olv Lieutenant) niet afgeslacht in de grensstreek met 7-1? En konden deze dappere Belgen geen gemiddelde rating voorleggen, veel hoger dan de onze? Ook de uitslagen van de laatste clubavond spraken onze eerste phalanx geen moed in. Mark Weiler verloor van Louis Maes, Patje Delanoeije van Steff Helsen en Bart Van Praag vond Boni Vandermeulen op zijn weg. Maar goed, nationale interclubs zijn een ander paar mouwen. Het zou kunnen dat de verplaatsing naar Leuven de Teutoonse horden voor zware logistieke problemen zou stellen. Helaas, vrienden, driewerf helaas, bij het betreden van het lokaal was de harde waarheid duidelijk. De legergroep Eynatten was in volle sterkte opgekomen, allen gekleed in het bekende camouflagegroen met het logo van Eynatten. Bart Van Praag trok mij geschokt aan de mouw en fluisterde dat deze ploeg in feite het monsterteam Eupen-Malmédy was, aangevuld met twee verdwaalde Eynatters. Vorig jaar heerste dit team souverein in de competitie in derde, tot de laatste ronden. Toen was schijnbaar het geld op, moesten de Eupenaars het zelf doen en faalden daarin jammerlijk. De Duitse huurlingen, in het geheel niet aangeslagen door deze omstandigheid, bedachten dat men evengoed kon promoveren door te transfereren en gingen en bloc over naar Eynatten. Onderweg werd Desperado 2 nog wel met 6-0 naar huis gestuurd. Dit is in feite een zware vorm van competitievervalsing. Immers de teams die de pech hadden in de eerste ronden tegen dit Eupen uit te komen, konden uiteraard geen vuist maken en verloren met enorme cijfers. Terwijl de ploegen die in de laatste 2-3 ronden mochten aantreden, een ploeg tegenkwamen die bestond uit louter goedwillende amateurs. Achteraf bleek dat deze omstandigheid allesbepalend was voor het degradatiedebat. Om maar een idee te geven, hun zesde bord had nog een rating, hoger dan die van ons all-time topbord Serge Vanderwaeren. Op hun derde bord konden ze dan weer beroep doen op een oud steunpilaar van de Duitse nationale ploeg, IM Sonntag. Die had dus duidelijk zijn dagje. Tja, zo kunnen wij ook wel kampioen worden. Zoals Boni altijd opgewekt stelt, moeten de partijen nog gespeeld worden. We lagen wel gemiddeld zo'n 300 punten achter op de tegenstander en dat bleek. De Duitse Juggernaut deed geruisloos zijn werk en de éne na de andere diende zijn koning om te leggen. Zelf werd ik al na 2 uur opgerold na een openingskemel op bord 3. Sommigen onder ons trokken zich terug achter hun linies in de hoop hun tegenstander tot een loopgravenoorlog te verleiden. Echter, sinds '14-'18 kennen de Pruisen die taktieken ook en langzaamaan werden ze allen uitgerookt. Patje (bord 6) moest een vliegtuig halen en gaf als laatste op in een stelling die al niet meer veel perspectieven bood. Eddy (bord 1) had lang zicht op remise maar misgreep zich op het einde. Raf Claes (bord 2) stond lang goed en liet zich in tijdnood afmaken. Koen Jans (bord 4) keerde een koningsaanval, richtte zich dan op de damevleugel en posteerde daar zijn stukken niet optimaal, met het te verwachten resultaat. Mark Weiler (bord 5) werd langzaam in elkaar gedrukt. Gelukkig waren er ook nog echte Eynatters bij, vermoedelijk om de weg van en naar het eigen clublokaal aan te geven. Uiteraard bevonden deze jongens zich op de twee laatste borden. Bart (bord 7) maakte daar voorzichtig remise in 18 zetten en Steff (bord 8) wikkelde leep af naar een pionneneindspel dat op het eerste zicht verloren leek, maar nog net remise was. 7-1, vrienden, moet er een tekeningetje bij? We hebben al eerder nederlagen geïncasseerd, en deze zal ook wel niet de laatste zijn, maar dit laat toch een wrange nasmaak achter. Eynatten staat nu al een hoop punten voor op de rest en met deze ploeg zullen ze ongetwijfeld promoveren. Als, áls ze dit team bij elkaar houden dus. De Leuvense ploegen hebben altijd het principe hooggehouden dat er geen spelers betaald worden. Na deze afgang ben ik daar eens te meer van overtuigd. Immers de voorbeelden van clubs die het eerst met ingehuurde mankracht deden en daarna roemloos ten onder gingen, zijn legio. Eenmaal de geldkraan dichtgedraaid en de uittocht begonnen, is er geen weg terug. Eigen spelers, die nooit de kans hebben gekregen op een redelijk bord, worden dan plotseling voor de leeuwen geworpen. Zo heb ik al veel clubs weten ten onder gaan. Let wel, ik heb er geen bezwaar tegen dat men een armlastige Duitser een paar marken toesteekt voor enkele partijtjes, maar het inhuren van een vloot spelers is geen gezonde praktijk. De ramp is evenwel nog te overzien: als de Duitse pletwals betaald blijft en dus blijft rollen, zijn de rest van de tweede-klasse teams er ook aan voor hun moeite. In dat geval speelt dit team hors concours en zal deze uitslag geen invloed hebben op de degradatie (over promotie spreken we niet). Koen Heynen
De laatste ploeg blijft goed bezig, al had het er veel anders kunnen uitzien! Stijn kwam onze ploeg versterken en na een wondermooi Pb5 mocht de tegenstander opgeven. Hij speelde nog wat door, maar tegen 2 torens op open d- en e-lijnen, 2 actieve lopers en z'n eigen koning nog in het midden van het bord was natuurlijk niets opgewassen. Wat later had hij dat ook door... Tony bouwde z'n partij kalmpjes op, gebruikte weer veel tijd en in een stelling waar nog niet veel gebeurd was aanvaardde hij remise. Ik nam het eerste bord over van Bart en kreeg onmiddellijk een 1900 voor de kiezen. Niet getreurd dacht ik, die kan ik wel aan... tot ik in de opening (alweer!) zonder reden een pionnetje liet pakken. Dan maar aanvallen: f5 brak z'n stelling open, maar iets later moest ik al m'n stukken terugtrekken. Ik bleef echter stug verdedigen (dat pionnetje was ondertussen al op e2 gekomen) en kon eindelijk de pion terugwinnen. Bovendien kon ik ook in eer en geweten remise voorstellen, maar dat weigerde hij en gaf prompt een loper weg. Wat later werd die noodgedwongen omgezet naar een kwaliteit, maar de rest was gewoon techniek. Drama ondertussen op ons laatste bord. Louis zorgde vorige keer door z'n tijdsnood voor wat animo; dit keer vond hij het nodig de boel spannend te houden door domweg een loper weg te blunderen. Daarna was het prutsen en zwoegen om nog in de partij te blijven. Dit lukte, mede door de tegenstander, wonderwel: eerst één pionnetje erbij, dan een tweede. De pionnetjes rukten op en toen gaf de tegenstander zonder echte reden de loper terug. Louis speelde het toreneindspel beter en kon uiteindelijk promoveren. Robrecht Ronde 3 (25-11-2001)[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ]
Waver I - Desperado Leuven INa de bolwassing van vorige keer stond nu Waver op ons te wachten. Deze brave, dappere kerels hadden tot nu toe slechts 2 punten verzameld. Ook zij hadden de harde hand van de Mannschaft gevoeld (zie verslag vorige ronde) en waren ook al niet verder dan 1 punt gekomen tegen Bosvoorde. Tijd om te scoren dus. Bovendien is dit Waver een ploeg die ons buitengewoon ligt. Eigenlijk hebben
ze altijd meer Elo, maar toch krijgen ze vaak een nederlaag te slikken. De
laatste jaren heeft vrouwe Fortuna altijd een handje toegestoken in
kommervolle omstandigheden. Zo herinner ik mij een 5-3 overwinning waar 2
partijen voor ons eigenlijk al opgegeven waren en één partij met quasi
zekerheid remise. Het was dus duidelijk dat het geluk ons tegen deze ploeg toelachte. Maar
zoals iedere schaker weet, geluk en ongeluk zijn evenredig verdeeld en vroeg
of laat zouden ze toch stevig beginnen te scoren. Koen Jans kon een slechte loper (sommige bronnen spraken van een mobiele pion zonder promotiekansen) omruilen tegen een sterke toren en wist het volle punt dus binnen te halen. Eddy Van Espen stond eerst beter, daarna gelijk, even later slechter en op den duur verloren (een kwaliteit achter). Onze listige conducteur liet echter niet begaan. Met psychologische en schaaktechnische middelen wist hij het veld f3 om te vormen tot een ogenschijnlijk droomveld voor de toren. Het laat zich raden dat zijn tegenstander zich haastte om erop te gaan staan, zonder op de landmijn te letten die Eddy er even daarvoor onder gelegd had. De pionzet d5+ opende de lange diagonaal voor de loper en weg was de toren. Dat waren dus al twee mazzeltjes. De enige echt deftige winst kwam van Mark Weiler. Het eindspel stond al royaal beter door zijn goede loper tegen de slechte van de tegenstander. Maar op het eerste gezicht leek de stelling toch niet zo simpel te winnen. Met groot aplomb speelde zijn tegenstander ineens Kc3, waarna er Lb4+ volgde en de loper plots achter de pionnen kwam. Hierna had het nog weinig met schaken te maken en volgde er een bowling, met een strike beslecht. Over de kwaliteiten van Patje is er aan de toog al menig woord gesproken. Meestal geeft hij ze na enig aandringen gewoon weg. Sterker nog, voor het loperpaar hoeft er niet eens even nagedacht te worden door onze vriend. Vermoedelijk ziet hij veel liever het frivole gehuppel langs diagonalen dan de plompe rechtlijnigheid die de hoekstukken kenmerkt. Er is ook al gesteld dat elke materiele onbalans de zwendelkansen enorm verhoogt en dat dat precies is waar hij op uit is. Eénmaal is er geponeerd dat het te maken heeft met de vorm van de Stauntonloper en dat het dus een Freudiaans effect zou zijn, maar dat is welhaast zeker vuile achterklap. Hoe het ook zij, traditiegetrouw voerde hij het loperpaar aan in een aanval op des tegenstanders veste. Uiteindelijk leverde dat na veel vijven en zessen een eindspel op dat net remise stond. Over de opening kreeg ik de volgende dag een mailtje binnen van Luuk die aantoonde dat het pionoffer van de tegenstander (een vinding van Kasparov) niet adequaat beantwoord was door Patje, maar het halve punt was toen al binnen. Bart Van Praag kreeg enig positioneel overwicht, waar de tegenstander in ruil een behoorlijk initiatief tegen de koning had. Net toen alle gevaren bezworen waren en Bart zich opmaakte om het eindspel daadwerkelijk te gaan winnen, voerde hij een verkeerde afwikkeling uit, waarna het eindspel niet gewonnen, maar verloren stond. Op het laatste bord kreeg Ronald een stevige aanval in handen, maar zette zijn toren op een veld neer met de bedoeling hem daar te offeren. Dit had de aanval orkaankracht gegeven en zijn tegenstander was wel zo wijs hem daar te laten staan. Naderhand bleek het ding daar toch niet ideaal te staan en op het einde reste er niets anders dan een slecht staand eindspel, dat hij in tijdnood door een blunder volledig weggaf. Luuk had zaterdag nog een boemelavondje in Leuven met oude vrienden en kon ons dus komen versterken. Hij wist ons bovendien te vertellen dat zijn FM-titel vermoedelijk zou goedgekeurd worden. Hierbij onze welgemeende felicitaties. Heel leuk, zo'n titel, maar de laatste tijd kon hij naar eigen zeggen geen deuk in een pakje boter trappen. De tegenstand is natuurlijk ook van een heel ander gehalte dan wat we hier zoal over de vloer krijgen. Anciaux is echter een goeie speler en dat was eraan te zien. De hele tijd wisselde het voordeel van kamp en toen er nog slechts 2 torens en 2 koningen op het bord stelde besefte onze nieuwbakken FM dat winst er vandaag niet inzat. De blamage van de ronde werd weeral op het derde bord gespeeld. Verloor
deze kerel in de vorige ronde nog in 22 zetten, deze keer haalde hij er nog
slechts 18. En daarbij speelde zijn tegenstander ook nog ongelooflijk
slecht. Maar die Heynen speelde nog héél véél slechter. Zoiets is moordend
voor de moreel van een ploeg. Terwijl zijn collega's zich in het zweet staan
te werken in de verdediging, denkt deze man alleen maar aan de aanval.
Vrolijk staat ie in de spits wat te lummelen en op een kans te wachten,
terwijl er daar geen bal te zien is. De meeste spelers zouden al lang door
hun collega's van het plein getrapt zijn, maar bij Desperado mag je al een
potje breken. We moeten echter niet overdrijven!! Koen Heynen
De tweede ploeg moest naar Hoboken. We speelden met mezelve op 1, dan Werner, Wilfried en Daniël. Wilfried had ons goed op het hart gedrukt dat we minstens 4 punten moesten halen. De heenrit verliep redelijk vlot. We zijn in rechte lijn naar hun lokaal gereden. We waren daar als allereersten; er was nog niemand van Hoboken, op de tapper na. Daniël had als eerste gedaan na twee en een half uur spelen of zo. Zijn tegenstander begreep niet zo goed waar het in de opening om draaide, en dit leidde tot een dodelijke penning op c6. Voor de rest is er van die partij niet al te veel te vertellen. Vervolgens won Werner. In de opening werden veel stukken geruild, wat leidde tot een eindspel van goed paard tegen slechte loper. Werner weigerde terecht remise: hij kon immers zonder risico vanalles proberen. Paardmanoeuvres leidden niet echt tot iets. Dan maar het paardje gebruiken om de zwarte koning tegen te houden, en met de koning binnenlopen. Dit won vlotjes. Mijn partij was als volgende gedaan. Mijn tegenstander kan zich goed verdedigen als hij slecht staat, maar als hij gewonnen staat, speelt hij alleen maar slecht. In de opening ging hij op zet twee al de theorie uit de weg (1.e4, d5; 2.e5). Vervolgens bestormde hij met pionnen mijn koningsvleugel, wat tot verzwakkingen leidde, en uiteindelijk tot pionwinst voor mij. Dan moest ik nog even nauwkeurig spelen, en de buit was binnen. Maar dat deed ik natuurlijk niet. Ik verwarde twee varianten, en deed de slechtst mogelijke zet (op een dame afgeven na). Mijn tegenstander kreeg direct een winnende aanval. Gelukkig genoeg deed hij 5 zetten na elkaar een mindere zet. Toen stond ik dus weer gewonnen (dat pionnetje, weet je nog wel?). Op zet 40 had ik nog twee minuten, en verschillende winnende voortzettingen. Ik besloot een pion te pakken met schaak. Maar natuurlijk was dit oerslecht, en vergooide dit de winst. Eeuwig schaak was onvermijdelijk. Wilfried's partij was nog spectaculairder. In de opening blunderde hij een volle toren weg. Hij besloot nog een paar zetjes verder te spelen, en offerde nog maar een stuk voor een beetje aanval. Hij had waarschijnlijk compensatie voor twee pionnetjes of zo, maar zeker niet voor een toren en een paard. Zijn tegenstander was echter onzeker, en Wilfried won een stuk terug. Toen werd er een dameruil afgedwongen. Er restte een eindspel van toren + loper tegen loper. Nog gaf Wilfried niet op. En terecht: zijn tegenstander offerde de toren! Jammer genoeg (voor hem dan) was het niet correct. Er restte een remise ongelijke-loper eindspel. Dit werd ook nog ettelijke zetten verder gespeeld, totdat tenslotte Wilfried zijn loper offerde, om pat te staan. Geen 0-4, maar gezien de partijen is 1-3 toch zeker geen slechte uitslag! Steff
't Gaat achteruit (4, 3½ en nu 3), maar we staan nog steeds op kop. Louis bewees nog maar eens z'n vorm. In de opening kon hij een stuk winnen. Kón, want a tempo speelde hij de verkeerde zet zodat het gelijk bleef, maar wel met een slechtere pionstelling (hmm, eigenlijk niet gelijk dus). Gelukkig werd het nog remise. Stijn maakte opnieuw geen fouten. Rokeren aan verschillende zijde vraagt gewoon om een koningsaanval (of ben ik bevooroordeeld?) zeker als de a-lijn al (half-)open is (enkel nuttig als niet jij maar de tegenstander lang rokeerde). De ander gaf enkele zetten voor mat op. Bij Tony heb ik waarschijnlijk iets gemist en ik was dan ook in opperste verbazing toen ik even van m'n bord wegkeek (toen was het het bekijken niet waard) en Tony zomaar een toren achter stond! Ik weet dus niet of het een offer was of een blunder. Ik gok op een correct offer want hij won de toren met interest terug... ware het niet dat eeuwig schaak niet te vermijden was :-( M'n eerste partij met zwart (in interclubs) en dat smeekt gewoon om h6-g5. Voor Koen (Heynen) waren deze zetten op voorhand al verloren (of was dat enkel vanaf f5?), maar bij mij lukte het min of meer. Probleem was wel dat m'n damevleugel onderontwikkeld (niet?) was en hij een vrijpion kon creëren (waardoor één van m'n torens wegens nodige dekking niet meespeelde). Hij wisselde echter twee zetten met elkaar en ik kwam een loper voor (even tussendoor mat dreigen). Nog even opletten, stukken afruilen/winnen, mat zetten en een pintje drinken... Robrecht Ronde 4 (09-12-2001)[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ]
De vierde ronde alweer, opnieuw een uitmatch en opnieuw zwaar geschut. Bosvoorde was vroeger een vaste waarde in eerste afdeling, maar zijn vorig jaar gezakt. Het Brusselse schaak zit een beetje in een crisis, want ook de vele andere clubs uit de hoofdstad schijnen problemen te hebben. Problemen of niet, Bosvoorde speelt nog altijd een voorname rol in tweede klasse. Tijdens de partij vertelde JF Jourdain mij nog dat Bosvoorde eigenlijk niet serieus denkt aan promotie, vooral omdat in onze reeks ook Eynatten meespeelt (zie verslag tweede ronde). Koen Jans had de weg mooi afgeprint, maar dat bleek niet helemaal te kloppen, want we moesten volgens het kaartje door een bosdreef die helaas afgesloten was. Dan maar terug en gelukkig kwamen we de anderen tegen, die het eerste plan hadden weggegooid en op een ander waren verdergegaan. Onmiddellijk al een fout plan, dat voorspelde niet veel goeds. Het lokaal bleek een soort kelder te zijn, waar de bar door vrijwilligers gedaan werd. Het team van Bosvoorde was ook niet van de minsten. Geenen, Henris, Lacroix, Bernard, De Villers, Jourdain etc. Voor diegenen die deze namen niet kennen, een zeer homogeen team met twee FM's van 2300+, gevolgd door twee spelers van 2200+, en dan een aantal stevige experten om af te sluiten met zo'n 2050. Dit kon zeer gaan doen. Vooral de partij op het eerste bord (waar Luuk ons nog eens kwam versterken) baarde mij zorgen. Marc
Geenen is namelijk een zeer sterk speler, die alleen zijn potentieel niet volledig kan realizeren door zijn
aanpak van het schaken. We kennen allemaal kerels die achter een bord gaan zitten en daar onmiddellijk het
wiel beginnen her uit te vinden. Deze Brusselaar gaat nog veel verder. Als ie toch bezig is, bedenkt hij
gelijk ook maar de motor, de stuurinrichting, de remmen én de kreukelzone om af te sluiten. Op elke nieuwe
zet die hij ziet, gaat hij er eens stevig voor zitten. Dat kan best meer dan een uur in beslag nemen. Daarna
is hij natuurlijk in tijdnood en kan er met gerust geweten remise gegeven worden. Allerfraaist is dan de
analyse achteraf. Waar de meeste spelers er zich vanaf maken met zoiets als Op een of andere wijze moet Eddy Van Espen er zich weeral uit gezwendeld hebben, want volgens mij stond ie wel ergens verloren. Maar als Eddy zijn act van stervende zwaan opvoert, naar de borst grijpend, theatraal ter aarde stort, enig getrekkebeen en bewegingloos voor dood in een hoekje van het bord blijft liggen, moet je dubbel zo voorzichtig zijn. Zoals in een klassieke western is hij nog niet helemaal dood, en de ongelukkige die zich naderbij waagt zonder dat terdege te controleren heeft al vaak in extremis het onderspit gedolven. Ik kan daarvan meepraten, want een paar maanden terug heeft hij me dat nog gelapt in het klubkampioenschap. En in de ontmoeting met Waver leverde dat ook al een vol punt op. Henris bakte het niet zo bruin en kwam met remise weg. Koen Jans kwam met gelijk spel uit de opening, maar werd er in het verre middenspel zuiver afgespeeld tegen Bernard. Marc Weiler verwisselde in de opening twee zetten, moest daarom twee pionnen offeren waarvan hij er maar één terugzag. Dat bleek op den duur dodelijk want dat onnozele ding marcheerde helemaal tot aan het einde en kostte Marc een toren. De koning bleek zijn eigen vrijpionnen net niet genoeg te kunnen steunen om tegenvuur te bieden. Patje speelde een zeer dubieuze variant tegen de Benko, geraakte niet weg, wist nog ergens een toreneindspel te bereiken, dat door zijn tegenstander netjes uitgeschoven werd. Steff had de dag tevoren bij wijze van voorbereiding één enkele variant bekeken (om zijn geweten te sussen). Om ook weer niet te overdrijven met de preparatie had hij zijn oog laten vallen op een klein zijvariantje van het Weens. Kreeg hij die toch niet op het bord zeker! Voor zo'n secondanten word er zwaar geld geboden onder topschakers. De theorie bleek duidelijk iets waard te zijn want hij kwam uitermate goed uit de opening. Een voordeel dat hij wist uit te bouwen tot een gewonnen stelling. Hij kreeg een gouden kans op winst, eigenlijk zeer eenvoudig maar zag het niet. Zijn tegenstander had het ook niet gezien en liet nog een tweede maal de mogelijkheid open. Wederom zag onze wiskundige het niet. Merkwaardig, het was nochtans een zet zoals hij er in blitz drie per partij uit zijn mouw zou schudden. Maar nu niet dus, gelukkig was zijn stelling zo buitengewoon feestelijk dat hij geen problemen had om remise te maken. Ronald was duidelijk niet uit Gent gekomen om de gebeurtenissen lijdzaam te ondergaan. Hij had zijn oog
laten vallen op zijn twee lopers en dame, die mooi op de vijandelijk koningstelling schenen en weigerde van
dit latente voordeeltje afstand te nemen. Zijn tegenstander (Jourdain) had dit natuurlijk in de mot en begon
zelf aan te vallen. Omdat Ronald de verdediging iets te economisch wilde voeren kwam hij in de problemen.
Zoals Filiberke al zei in 'De straalvogel' Na de dramatische gebeurtenissen van de vorige ronde (verlies in 18 zetten!!!) had ik schriftelijk gesmeekt
om niet opgesteld te worden. Onze ploegkapitein bleef echter spijkerhard en doof voor mijn beden. Ik diende
dus aan te treden. Om weeral niet als eerste te verliezen begon ik maar zeer voorzichtig te spelen tegen Bruno
Lacroix (2215). Of mijn tegenstander de vorige ronde ook verloren had, weet ik niet, maar hij stelde zich ook
zeer gedegen op, zodat er de eerste 20 zetten niks gebeurde dat de moeite waard was. Een stevige nederlaag dus (6½-1½), maar nu hebben we al twee van de topteams gehad en kan het alleen maar beter worden. Koen Heynen
Ronde 5 (23-12-2001)[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ]
Met dank aan de familie TonoliEindelijk weer eens een thuismatch. De verwachtingen waren nu hooggespannen. Het ooit zo fiere Anderlecht is geen schim meer van de ploeg van een tiental jaar geleden, toen af en toe kleppers als Speelman en Timman meespeelden. Vorig jaar was dan ook de eerste ploeg al weggevallen uit de eerste afdeling. Ook in tweede afdeling breken ze niet echt potten. Hoe dan ook, van hun trotse vaandeldragers waren er niet veel gebleven. Slechts 2 boven 2200 (Beeckmans en Faybish), de rest aangevuld met experten en A-klassers. Op het laatste bord had vader Tonoli zelfs in de familieton moeten grabbelen en Benjamin voor de leeuwen smijten. Maar voor een ploeg in tweede is het nog altijd behoorlijk natuurlijk. Zou Desperado eindelijk zijn langverwachte klim naar de veiligheid inzetten? Onze ploeg was alleszins op zijn sterkst. Luuk, Eddy, Raf, Koen H., Koen J., Mark, Patje en Bart. Hierdoor kreeg ik dus voor de vierde keer van het seizoen zwart. Maar ja, wat doe je eraan, de schaker wikt en de ploegkapitein beschikt. Luuk had wat moeite met de Nederlands spoorwegen en kwam een half uur te laat binnen. Dit weerhield hem niet om een goede stelling te bereiken, maar Beeckmans speelde even snel als ons eerste bord. Hierdoor bleven de klokken immer nog een serieus deficit voor Luuk vertonen. Om die reden besloot hij geen ijzer met handen te breken en stelde remise voor, wat zijn tegenstander verheugd aannam. Inderdaad bleek bij de analyse dat Luuk duidelijk beter stond, maar met een vlag die al naar het laatste kwartier begint te kruipen was het toch te gevaarlijk. Het derde bord werd bemand door Raf, die traditiegetrouw zich niet op avonturen inliet en een half punt kon bijschrijven. Uw aller correspondent bezette het vierde bord. Helaas had ik al mijn inspiratie in de artikels gestoken, zodat er niets overbleef voor de partij. Ik liet een paard toe op d6, met de bedoeling het met tactische middelen te veroveren. Dat bleek een serieuze misrekening, want toen zijn (die van José Tonoli dus) damevleugel aan het rollen ging, was het snel afgelopen. Maar Koen Jans zou mij op het vijfde bord wreken. Voor deze ene keer pakte hij het Engels geschuif eens actief aan en dat betaalde zich in een schitterende stelling. Zijn opponent vond niks beter dan twee pionnen te offeren om een blokkade op de zwarte velden te beginnen. Ei zo na was dat nog gelukt ook, maar tenslotte blies hij zijn eigen koningstelling op en werd in hoge tijdnood mat gezet. Puik werk van Koen J. Mark speelde een positionele partij, wist de vrijpion van de tegenstander te blokkeren en met zijn overwicht in het centrum en op de koningsvleugel de tegenstander in grote verlegenheid te brengen. Helaas waren er te weinig pionnen overgebleven, een stukoffer van zijn tegenstander veroverde zijn laatste kanshebbers op promotie en remise was dan ook een feit. Patje speelde het Stauntongambiet op zeer merkwaardige wijze, stond ergens gewoon een pion achter, maar kon nog remise maken. Bart kwam tegen de jonge Benjamin Tonoli verschrikkellijk slecht te staan in de opening, kwam er nog enigszins uit, zelfs beter, maar liet dan een geweldige aanval over zich heen komen en moest opgeven. Uw tweede bord is nog niet aan bod gekomen en dat heeft zijn redenen. In de opening had Eddy tegenover de volledig ontwikkelde troepenmacht van zijn tegenspeler slechts een enkel paard . Dit paard stond -toegegeven- bijzonder fraai op c4. Dit edele ros hield op zijn eentje de stelling van Eddy recht en is nu onder glazen stolp te bezichtigen ten huize Van Espen. Uiteraard trachtte Faybish dit beestje te ondermijnen, maar met tactische middelen hield Eddy het op bord. Gaandeweg vervlakte de ontwikkelingsvoorsprong van Eddy's tegenstander. Tot deze plots blind werd en losweg een stuk afgaf in een betere stelling. Dit is tenminste de mening van een objectief toeschouwer, waar ik mijzelf voor het gemak toe reken. De hr. Van Espen had echter een volstrekt andere partij gezien en ik laat hem dan ook even aan het woord.
Alle schakers, die deze blasfemie aanhoorden (aan de toog) deinsden achteruit, in de verwachting van een blikseminslag, of toch minstens een plafond dat naar beneden kwam. Het was duidelijk dat de gebeurtenissen van de laatste ronden onze veteraan in de bol geslagen waren (zie ook verslagen ronde 3 en 4). Het moet zijn dat Caïssa al haar kruit de laatste weken verschoten heeft met Eddy's stellingen recht te breien, want verder dan een ver gerommel kwam het niet. Naar mijn mening past bij de gebeurtenissen van de laatste ronden bij Eddy slechts een grote deemoed, misschien een kaars, en zeker een schrijn ter ere van Caïssa. Voorwaar, Eddy, men kan de goden niet eeuwig blijven verzoeken. Wien de goden verderven willen slaan zij met blindheid. Je tegenstanders kregen de laatste tijd de volle laag, maar de effecten nu ook in de periferie merkbaar. Kom tot inkeer, zoon, en breng hulde aan zij die het verdiend. Weeral een draw dus, en Anderlecht mag zeker een kaars branden voor de Tonoli's, die met drie man voor meer dan de helft van de punten zorgden. Onze situatie is nu nog altijd niet bijzonder rooskleurig, maar we hebben de kanonnen al gehad en het kan slechts beter gaan. Tot de volgende ronde. Koen Heynen
De tweede ploeg was verantwoordelijk voor de zaal. Het opstellen verliep redelijk vlot, hoewel de tegenstanders van de eerste ploeg niet tevreden waren. Dank aan Alex en Guido voor hun hulp. Daniël was het eerste klaar. Toen zijn tegenstander (met zwart) op zet 14 remise voorstelde, was de stelling al vervlakt. Daniël wachtte nog eventjes met het aannemen om de andere borden te bestuderen, maar nam de remise toch aan. Toen kon hij beginnen met ont-ontnuchteren. Romain had als tweede gedaan, zo'n 3 uur later. Hij kwam wreed slecht uit de opening. Hij probeerde een pion te offeren voor tegenkansen, maar zijn tegenstander liet die gewoon staan, en hield een duidelijk betere stelling over. Romain verdedigde zich inventief, en in de tijdnood van zijn tegenstander slaagde 'ie erin om veel stukken te ruilen en twee pionnetjes voor te komen. De tegenstander had nog altijd wel een beetje druk, maar met rustig en voorzichtig spel zou die wel afgewend kunnen worden. Romain slaagde er echter in een matgrapje te missen, en zo een stuk achter te komen. De volgende zet verloste hij zichzelf uit zijn lijden door een tweede matgrapje te missen. Ik was als volgende klaar. Met wit ging ik de theorie uit de weg (Frans, bah!), en we kwamen in een rustige positionele stelling. Mijn tegenstander manoeuvreerde handiger dan ik, maar hij deed de verkeerde breekzet. Ik won een pionnetje, dat redelijk snel doorliep naar de zevende rij. In tijdnood maakte ik het eventjes taktisch, en er werden een hoop stukken geruild. Op zet 40 blunderde ik een stuk weg, maar mijn tegenstander zag het niet. Vijf zetten later kon ik de pion (en ook de partij) verzilveren. Werner had nog een uur langer nodig. In de opening dacht ik dat hij gewonnen kwam te staan, maar dit leek niet het geval: de tegenstander kon zeer veel druk genereren. Er werd afgewikkeld naar een dubbel toren-eindspel, waarin de tegenstander actievere torens had, en een pluspion. Werner dacht wel dat hij het remise kon houden. Er werd een stel torens geruild, en Werner begon te dreigen met zijn eigen vrijpion. Daardoor kon hij pionnetjes snoepen, zodat hij uiteindelijk nog twee pionnen meer had. Een toreneindspel waarin zwart een f- en h-pion had, en wit geen pionnen meer. Theoretisch remise, jammer genoeg, maar wel zeer moeilijk. De tegenstander deed echter goede dingen, en was hard op weg naar de remise. Toen hij hem in 1 zet kon pakken, miste hij die, en kreeg Werner terug goede winstkansen, die van dan af ook steeds groter werden, en ook een punt opleverden. Steff
Vorige keer hadden we een bye en onze dichtste concurrent (Ludisan) profiteerde daarvan om 4 punten uit te lopen. De moeilijke opdracht stond ons dan ook te wachten om minstens even goed te doen (Ludisan was deze ronde bye). Eigenlijk viel één en ander goed mee. Het weer bijvoorbeeld. Het winteroffensief werd ingezet en blijkbaar waren de wegen in Ottignies iets minder berijdbaar dan in Leuven: de bezoekers kwamen ongeveer drie kwartier te laat aan. Ik moet eerlijk zijn dat ik de partijen deze ronde niet volledig gevolgd heb. Alle Desperado-ploegen speelden immers thuis en dan is het altijd wel eens leuk om wat rond te lopen en de mensen van de andere ploegen gade te slaan. Bovendien is de bar voor mij een natuurlijker habitat. Over mijn partij kan ik bijzonder kort zijn: ik won zonder al te veel tegenstand. Ook Bart deed geen enkele slechte zet (behalve misschien de eerste want hij speelde geen f4 ;-)) en won gemakkelijk. Enkel de twee partijen op de laatste borden waren enigszins interessant en gingen een lange tijd gelijk op. Stijn zag z'n aanval in het middenspel afgeslagen en kwam in een gelijk(ig) eindspel terecht: gelijke lopers, ongeveer dezelfde pionstelling en twee torens. Hij wou toch nog eens proberen omdat z'n koning iets sneller in het centrum kon komen en plande daarom de torens af te ruilen. Tot ieders verbazing zag de tegenstander het echter anders en gaf gewoon de toren weg. De rest was techniek... Tony gebruikte weer veel tijd - het tijdsvoordeel van drie kwartier werd al snel teniet gedaan zodat sommigen zich afvroegen wie nu eigenlijk te laat aangekomen was - maar met reden. Hij kreeg een iets betere stelling doordat de zwarte stukken van de tegenstander totaal niet goed opgesteld stonden. Tony zag echter iets meer en wou op mat spelen, maar dat ging niet door. Eigenlijk was de aanval toen gedaan, maar in Tony's tijdsnood kreeg hij plots het geluk aan z'n zij en won een loper en daarna een toren. Nog even de 40 zetten halen en de 4-0 was binnen. We blijven dus, gedeeld met Ludisan, op kop staan. Als we niet teveel puntjes laten liggen zit de titel erin. Sleutelmatch wordt waarschijnlijk het onderlinge duel in de 10de ronde. Robrecht Ronde 6 (06-01-2002)[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ]
Ook de tweede en de derde ploeg speelden samen. Ook wij speelden volgens een thema: gemiste kansen. Wie zich vragen stelt over alle 'ooks', moet eerst maar het verslag van Robrecht lezen. Voor beide ploegen werd de score geopend met een zuivere overwinning. Boni's tegenstander weigerde het Morra-gambiet, en kwam in een slechtere stelling terecht. Boni won een stuk, en toen de dames geruild moesten worden, kreeg hij een hand toegestoken. Werner maakte van een handige zetverwisseling in het Frans gebruik om een stuk te winnen. Eigenlijk offerde zijn tegenstander dit ding voor een aantal schwindelkansen, die in een partij over twee minuten misschien wel voldoende waren. Met twee uur op de klok wist Werner rustig te blijven, zijn tegenstander te dwingen nog meer materiaal te offeren, en ook een uitgestoken handje te ontvangen. Dit zouden jammer genoeg de enige twee Desperado-overwinningen zijn. Louis hield lange tijd gelijke tred in een moeilijke stelling, maar viel voor een 'petite combinaison', en kwam een stuk achter. Toen zijn vrije a-pion, zijn enige tegenkans, van het bord verdween, hield hij het voor bekeken. Bert kwam iets minder uit de opening en heeft dat nooit echt recht kunnen zetten. Spelen onder druk is lastig, en ook hier bleek dit teveel: er werd materiaal weggegeven. Onder druk van Robrechts' verslag probeer ik tijdsaanduidingen te vermijden, maar ik kan het toch niet laten: de volgende uitslag was weer een reguliere. Wilfried wist met zwart zeer snel het witte openingsvoordeel te neutraliseren en ruilde direct af naar een ietsiepietsie beter eindspel. Hij trachtte zeer lang dit voordeel uit te buiten, maar het mocht niet baten. Het werd remise. Ik lette weer niet goed op in de opening, en mijn tegenstander kon een loper nemen met een paard. Mij niet gelaten, ik begon een koningsaanval. Ik genereerde zeer veel druk, en won ook een kwaliteit. Toen was mijn aanval echter gedaan. Mijn tegenstander verbruikte ook zeer veel tijd. Ik weigerde remise, om een paar zetten later iets belangrijks te missen. Ik moest een kwaliteit terug geven, om kansen te behouden. Het eindspel wist ik ook bijzonder efficiënt de nek om te wringen. Guido stond ook heel de partij iets beter, om zich in het eindspel beet te laten nemen. Hij had dit eindspel kunnen winnen, hoewel het niet zo eenvoudig was, maar door een truuk werden verbonden vrijpionnen geisoleerd, vervolgens opgegeten, en dan was het leuke er wel af. De grootste gemiste kans echter op bord 4 van de tweede ploeg. Daniël speelde de opening secuur en bereikte voordeel. Iets te enthousiast in de aanval draaide hij twee zetten om, wat hem duur te staan leek te komen. Op ingenieuze wijze wikkelde hij echter af naar een eindspel met een pluspion. Na een tijd was die pluspion ook vrij, maar snel daarna werd die veroverd. Daniël had echter de actievere stelling, en hoogstwaarschijnlijk was dit een winnende stelling. Tijd was echter duur: hij had nog maar een kwartier voor dit eindspel. De tegenstander maakte hier gebruik van, en wist een kwaliteit buit te maken. Daniël had toen nog steeds uitstekende remisekansen, maar nog maar 3 minuten. Hij gaf in een verloren stelling op met nog maar 40 seconden voor de rest van de partij. Life just isn't fair! Steff
Met twee ploegen naar Fontaine-l'Evêque (dichtbij Charleroi). Bart had de weg op het Internet opgezocht (en met PowerPoint aan elkaar geplakt), maar de wegbewijzering was niet altijd even correct... Na slechts een kleine omweg kwamen we uiteindelijk toch, na een klein uurtje rijden (waarom moesten we er dan om 12u30 zijn?) bij het lokaal aan. Een traditioneel (zie vorige speeldagen) verslag lijkt een chronologisch verhaal van wie wat deed en wanneer, maar deze keer kunnen we het meer thematisch aanpakken: de (roekeloze) koningsaanval. Van Desperado speelden vier spelers met wit. Iedereen die me een beetje ken, weet dat ik slechts één enkele zet theorie ken: 1.f4, een zet die zowiezo altijd gewonnen is - zélfs in een willekeurig middenspel - tenzij de speler ervan redelijk beschonken is (in een alcohol-vrije maand hiervoor geen gevaar). Eindelijk begint de rest van de club deze algemene wijsheid ook in te zien: al onze witspelers speelden f4 (weliswaar niet als eerste zet)! En allen vonden de weg naar de koning; de één al wat aarzelender dan de ander... Roekeloze koningsaanval, part 1: 1.e4 e5 2.f4, Koningsgambiet. Een opening die Stijn af en toe speelt met wisselend succes. Dit keer was er echter geen bal aan. De zwarte dame gaf schaak op h4 en daarna werd ze door Stijn het bord rondgejaagd (telkens met een ontwikkelingszet) totdat ze uiteindelijk op a6 genomen werd na een familieschaak. Zwart had ondertussen slechts vier andere stukken aangeraakt: drie pionnetjes die geruild waren en een loper die hij ook al kwijt was. Geen ontwikkeling, geen dame en Stijn won dus snel de partij. Roekeloze koningsaanval, part 2: 1.f4, Bird. Ondertekende stelt de winnende zet niet uit en gaat onmiddellijk voor de winst. Geen omwegen: daar staat de koning... kill kill kill. Ditmaal werd ik wel wat geholpen door de tegenstander: hij wou een fianchetto spelen, maar vergat na z'n g6 ook daadwerkelijk loper g7 te spelen! In plaats daarvan ontwikkelde (?) hij het naar c5. Zelf nam ik wél de diagonaal met Lb2, een loper die de hele partij mooi de koningsstelling binnenscheen (hij rokeerde inderdaad kort). Wat pionnen bijbrengen (g4,g5,h4), pionstelling openbreken voor de toren (h5,hxg6), vluchtvelden van de koning wegnemen (dwingen tot Tf7), torenoffer op h7 en mat op h8 (loper op b2 dekt dit veld). Roekeloze koningsaanval, part 3: f4 in 't Siciliaans (Morra). Ook Johan heeft het licht gezien. Hij durft (?) wel nog niet z'n g- en h-pionnen mee de aanval in te sturen; in plaats daarvan pakt hij het vanop een afstandje aan met z'n lopers, torens en dame. Zwart verzwakt z'n koningsstelling, zet z'n stukken wat slecht en Johan wint uiteindelijk een loper. Met ook wat pionnen meer is zo'n stelling zonder problemen gewonnen (elk nog één toren op het bord en Johan dus een loper meer). De tegenstander zag het echter zo niet. In plaats van op te geven stond hij naast het bord rustig z'n boterhammetjes op te eten (mat of torenverlies was toen onvermijdelijk). Johan had uiteindelijk pas als laatste gedaan... Roekeloze koningsaanval, part 4: f4 in 'n eigen-gebrouwen opening. Dries ziet wel de klepel maar de klok niet hangen: zijn f4 kwam op het volledig verkeerde moment! Soms is dé zet inderdaad een verzwakking... Dries verloor alle controle over de zwarte velden en omdat het centrum voor de rest dichtzat kon hij ook niet met z'n lichte stukken de koningsstelling bedreigen. De tegenstander kon kwaliteit winnen (ook door een foutje van Dries: normaal werd enkel zijn slechte loper afgeruild), maar dit wel ten koste van één van z'n verdedigende stukken. Doordat de zwarte damevleugel niet meespeelde kon Dries toch z'n pionnen vooruit smijten en de zwarte koning bedreigen. Uiteindelijk wint hij nog een stuk voor wat pionnen, wint een toren en de partij. Roekeloze koningsaanval, part 5: niet al onze spelers hadden wit natuurlijk; ongeveer de helft had zwart en f4 is iets minder gemakkelijk te spelen met dit kleur (f5 is dan, ter voorbereiding, ongetwijfeld een goed alternatief). Bart trof echter een tegenstander die ook geïnspireerd werd door een roekeloze opmars van de koningspionnen, gevaar voor de eigen monarch totaal negerend. Bart kwam wat in de problemen doordat hij op f6 moest terugnemen met een dubbelpion en een gat in de koningsstelling tot gevolg. De tegenstander speelde het echter niet helemaal goed, zette z'n h-toren op h2 buiten spel (ipv op g1 dat de aanval misschien kon doorzetten) en ruilde dan de andere toren af... Bart kon de toren op h2 aanvallen én mat dreigen. Even later was mat onvermijdelijk. De rest van de mensen had niet door dat dit een thema-namiddag was en speelden (weliswaar met zwart) totaal iets anders. Thomas bouwde de partij rustig op. De tegenstander hield een lange tijd gelijke tred, maar eerst hier en dan daar kwam er een verzwakking in de stelling. Thomas won dan ook eerst hier en dan daar een pionnetje. Uiteindelijk had hij er genoeg meer voor de overwinning... Hij moest dat echter niet in een eindspel bewijzen want hij kreeg ook nog een extra toren. Romain vertelde vooraf in "Ons Huis" dat hij vrijdag iets had bijgeleerd over een eindspel van toren en twee extra pionnen tegen loper en paard. Hij had naar het eindspel afgeruild omdat hij dacht dat het gemakkelijk te winnen was. Dit bleek echter niet het geval: z'n tegenstander in de Limburge Interclubs kon de stelling gewoon dichthouden, z'n koning 'goed opstellen' en 'niets doen'. Romains toren kon nergens meer iets beginnen. Dat de geschiedenis zich herhaalt weet elk klein kind... De partij van zondag ging lange tijd gelijk op. Er werd afgeruild naar een eindspel met loper (Romain)
tegen paard. Langs de koningsstelling brak Romain door en kreeg een dubbel-vrijpion. Ik zag niet direct de winst
dus fronste ik even en wat later kwam hij zeggen: Tony had in de opening niet zo goed gespeeld. Op een bepaald moment zette hij z'n loper verkeerd (e7 ipv c5) en daardoor had z'n paard geen vluchtvelden meer. Wit viel het paard aan met een afruil van paard, loper en dame tot gevolg, plus een pion achter. De partij werd dus snel een eindspel: elk twee torens en een paard (Tony) tegen loper. Op dat moment begint wit echter slecht te spelen. Hij laat z'n loper lange tijd langs de koningsvleugel gepend staan (open g-lijn met een toren op g8) ipv de koning weg te spelen en de loper naar de damevleugel te brengen (in een kleine analyse achteraf bleek Tony toch iets beter te staan omdat het paard centraal heel sterk stond). De tegenstander zag een mat of zo (niemand weet waar of hoe) en verloor op enkele zetten z'n extra pion en loper! Nog wat zetjes doen tot een familieschaak de partij besliste. 7½ op 8 (logisch gezien de elo-verschillen). Vijfde ploeg blijft samen met Ludisan aan de leiding (ook zij scoorden opnieuw een 4/4) en de vierde ploeg rukt op naar de derde plaats, op een half punt van de leider. Niet slecht gewerkt! Kunnen we met twee ploegen van vijfde naar vierde promoveren? De terugweg zorgde voor nog wat problemen door de mist en de gekke wegbewijzering, maar uiteindelijk kwamen we allemaal gezond en wel terug in Leuven aan. Robrecht Ronde 7 (20-01-2002)[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ]
De vijfde ploeg kreeg een jeugdploeg van Fous du Roy op bezoek. Voor de 'kampioenenploeg' niet echt een groot probleem... Gunther kon, nadat de h-lijn geopend was, met z'n pionnen en stukken de koningsstelling openbreken. Doordat de tegenstander wat tegenkansen zocht op de damevleugel trof Gunther er niet veel verdedigers aan en kon uiteindelijk matzetten. Mijn tegenstander speelde de opening redelijk goed. Hij kwam wel een pionnetje achter en, toen hij het te snel terug wou winnen, een stuk (tussenschaakje niet gezien). Daarna gingen snel nog wat pionnetjes van hem van het bord en hij gaf op toen hij een tweede stuk zou verliezen. In de opening bij Tony werden heel snel heel wat stukken afgeruild. Tony had wel het loperpaar, maar de pionstelling was gesloten. De tegenstander rokeerde echter een zet te laat en daardoor kon Tony met een toren op de zevende rij komen. Een pionnetje viel, een kwaliteit werd gewonnen en wat later ook de partij. Louis had het snelst gedaan. Een half-stikmat met paard en loper op f2. Louis had er met plezier
'n dame voor over... We hadden dus alle vier eigenlijk snel gedaan. 4-0 was ook nodig want Ludisan moest deze ronde niet spelen omdat Mons forfait gaf (op de site van de Limburge Liga staat dat ze 2-2 speelden; nochthans kreeg Johan 'n brief van de forfait... Op de site van Ludisan staat echter wél 4-0ff!). We blijven dus met twee aan de leiding. De rest van de namiddag dan maar wat rondgelopen... Langs ploeg 4 bijvoorbeeld: Romain kwam niet helemaal goed uit de opening. Z'n stukken stonden wat passief totdat f4-f5 de stelling openbrak en z'n loper, paard en torens beter in het spel kwam. Uiteindelijk werd het een eindspel van loper tegen paard waarbij Romain een pion meer had. Hij had nog de beste kansen, maar het werd toch remise. Dries begon met bijna een uur tijdsvoordeel aan de partij en lanceerde met z'n pionnen een ingewikkelde koningsaanval. De stelling van de tegenstander was helemaal ingedrukt en Dries won een stuk voor wat pionnen. In de tijdsnoodfase, dit keer niet van Dries, blunderde de tegenstander z'n dame weg... Thomas stond de hele partij eigenlijk slechter. Op een bepaald moment verloor hij zelfs een
kwaliteit. Die gaf de ander in het eindspel terug, waarschijnlijk hopend op een remise (ongelijke
lopers en één pion voor). Uiteindelijk werden ook de laatste stukken afgeruild en
begon er een pion-wedren voor de dame. Die kregen ze allebei en Thomas had nu een randpion meer.
De tegenstander begon de laatste fase met wat schaakjes met de dame, oa op g6. Johan won redelijk vroeg een pion en die behield hij tot een eindspel met elk twee torens. De tegenstander speelde het (denk ik, maar in de trainingssessie van volgende week zal Johan iets meer vertellen over toreneindspelen) niet helemaal goed en kwam nog een extra pion achter. Hij gaf toen op. Ploeg 4 komt nu ook aan de leiding in hun reeks met 'n punt voor. Ook zij moeten nog het onderlinge duel met de tweede spelen, maar er zijn nog meer kanshebbers... En wat verder speelde ploeg 3: Ik vond dat Kristien in het begin wat beter stond, maar heel duidelijk was dit voordeel niet. De tegenstander kwam plots met dame en toren binnen en toen werden heel wat stukken afgeruild. Kristien moest een paard voor twee pionnen geven om een promotie tegen te gaan. Dit leek echter nog goede kansen te geven. Toen ook de laatste torens werden afgeruild kon enkel Kristien nog winnen (2 extra pionnen tegen een paard), maar dat lukte niet... Remise. Ook Bert stond heel de partij beter, maar hij kon niet direct de stelling van de ander binnendringen. Dan maar op tijd spelen: hij verloor 'n pion maar won de partij. Alex had ook het betere spel. In het eindspel had hij een vrijpion-kandidaat-promovendus op de 6de rij. Ook z'n paard was sterker dan de loper en hij kon de partij toen gemakkelijk winnen. En dan Marc op het laatste bord; hij won eenvoudig een stuk in de opening, maar maakte het zichzelf daarna moeilijk. Hij liet een loper voor z'n koning lange tijd in penning staan en toen de tegenstrever genoeg stukken erop kon zetten verloor hij die dus weer. Toen was de partij terug in evenwicht, maar Marc had wel veel minder tijd verbruikt. Ook hij won toen het vlagje viel. Nog wat verder speelden ploeg 2 en 1. Op die partijen 'deskundige' commentaar schrijven gaat echter wat m'n petje te boven. Steff en Koen zijn daar beter voor geschikt. Robrecht Ronde 8 (03-02-2002)[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ]
Ploeg 2, 3 en 4 moesten naar Humbeek. 't Is te zeggen, naar Strombeek-Bever dus. Om kwart na één (het afgesproken vertrekuur) was iedereen aanwezig, op Dries en Daniël na. Thomas rook onraad, en besliste naar Daniël te bellen. Hij lag inderdaad nog in zijn bed. Alex was al vertrokken met een volle auto, en Thomas ging dan maar langs Daniël. Johan bleef in "Ons Huis" wachten op Dries. Ik zat ook bij in Thomas' auto (net als Romain) en we waren niet echt zeker hoe we moesten rijden. Romain dacht dat 'ie het wel wist. Een tijdje onderweg komt Johan ons echter voorbijgereden. Da's gemakkelijk, dan moesten we gewoon maar volgen. Dat viel tegen. Johan's rijstijl is niet echt geschikt om de weg te wijzen: veel van baanvak verwisselen, en redelijk laat richting afrit bewegen. Op de terugweg vertrouwde hij me toe dat hij niet graag gevolgd wordt. Waarschijnlijk wou hij ons dus gewoon afschudden. Proficiat Thomas, het is hem niet gelukt! Ploegen 3 en 4 hadden een leuke namiddag. Dries had redelijk snel gedaan. Toen ik hem vroeg hoe hij had gewonnen, was het droge antwoord: met mat! Ietsje later volgde Romain. Hij had een truukje waardoor hij een pion won. Zijn tegenstander trachtte te redden wat er te redden viel, en blunderde zijn dame weg. Ondertussen stonden Bert en Alex al een stuk voor. Hun partij duurde dus ook niet meer lang. Bert speelde trouwens tegen een 'oude' bekende: Joris Maggen. Humbeek 5 had misschien beter ex-Desperado genoemd, want ook Charlotte speelde mee, net als Dries Heremans. Thomas won zijn partij ook, maar iets minder gestroomlijnd. De opening daar was op een paar zetvolgordes na identiek aan die op Romain zijn bord, alleen werd bij Thomas lang gerocheerd door wit, bij Romain kort. Die lange rochade kostte Thomas' tegenstander een pion. Thomas ruilde dus professioneel stukken, om het eindspel te gaan winnen. Dit bleek echter een misrekening (of misschien heeft hij het later minder handig aangepakt). De torens van de tegenstander kregen veel druk over de verkregen open lijn, en dat paard op d6 was ook niet echt zwak. Volgens mij had de tegenstander voldoende druk om met een pion achter remise te houden. (de eerlijkheid gebied me om te zeggen dat had 'onze' speler dergelijke druk gehad voor een pion, ik gerust in winstkansen geloofd zou hebben). Thomas bleef echter zijn best doen. Ik begon al matbeelden te zien, maar de tegenstander blunderde een toren weg, wat een opluchting was. Guido's partij was iets rechtlijniger. Hij had het in de opening niet echt gemakkelijk tegen het Frans, maar weerde zich goed. Er werden veel stukken geruild. Er verscheen een eindspel van paard tegen loper. Juist, Guido's paard tegen de slechte Franse loper. Ik stel voor dat over het thema paard-loper in het eindspel ook les word gegeven, en ik stel Guido voor als lesgever. Hij won verdienstelijk. Johan's partij was ook behoorlijk vlot. Hij pakte de opening rustig aan, en veroverde na een tijdje een pion. Zijn tegenstandster bood nog wat weerstand ('tegenstand'), maar Johan kon de partij toch meer en meer naar zich toetrekken. Op het einde promoveerde hij zelfs met zijn pluspion. Voor ploeg 2 verliepen de zaken iets minder rooskleurig. Tot nu toe had Werner 6 uit 6, maar deze ronde moest hij een nederlaag slikken. (zoals later zou blijken, was dit de enige Desperado-nederlaag deze ronde, om nog een beetje zout in de wonde te strooien). Wit en zwart trokken allebei ten strijde op de koningsvleugel. Het was moeilijk te zeggen wie dat het beste lukte, maar ik vond het wel dubieus dat Werner zijn damepaard en -toren gewoon op hun beginveld liet staan. Werner had goed gezien dat hij een pion op f5 kon gaan pakken met zijn dame, maar vergat een tussenschaak. Nu had de ander een venijnige stille zet (Pc5!) die de dame op f5 haar laatste velden afpakte, zodat ze een zet later ten onder ging. Hij kreeg er wel een toren en een paard voor, maar daarbovenop kon hij nog steeds zijn damevleugelstukken niet ontwikkelen omdat ze anders gewoon gepakt zouden worden. Opgave was onvermijdelijk. Daniël zag dat Werner al gedaan had, maar was vergeten te checken wat er gebeurd was! Omdat mijn stelling ook al goed was, stelde hij maar remise voor. Hij stond inderdaad minder goed, maar als hij doorhad dat we al een nederlaag hadden moeten slikken, had hij wel verdergespeeld. Soit, remise dus. Mijn partij verliep vlotjes. Mijn tegenstander koos voor een Colle-achtige setup met e3, d4 en c3. Hij leek te zeggen: kom maar af. Dat deed ik dus ook met een front e5, f5 en g5. Ik zag geen concrete breekpogingen, dus ik deed maar rustige zetten die mijn stelling nog een beetje verstevigden. Hij vond geen verdediging, en blunderde ergens. Dit kostte hem een stuk (zijn zwartveldige loper zijn enige zet: zichzelf op f4 offeren om erger tegen te gaan!). Hij speelde nog heel lang door, tot ik uiteindelijk een volle toren voorkwam. Toen vond hij het welletjes. Wilfried werd een beetje overrompeld in de opening. Wat wil je als je tegenstander 1.b4 speelt. Hij puurde er een aanvaardbare stelling uit en kreeg zelf een redelijke aanval. Zijn tegenstander vergallopeerde zich niet, en toen Wilfried remise uit de weg ging, leek de tegenstander zelfs de beste kansen te krijgen in het eindspel. Wilfried is echter wel meer gewoon, en kon toch nog remise houden. Terug aangekomen in Ons Huis bleek iedereen al naar huis. Op Robrecht na dan. En de helft van de eerste ploeg moest nog arriveren. Eindelijk konden ze daar volgen met tappen! Steff
Op weg naar de kampioenstitel moesten we ook nog voorbij onze broeders en vrienden van de Lustige Vrijpion. In 'n normale situatie zouden we hier misschien 'n half puntje kado kunnen doen maar we waren gekomen voor een 4-0 en dus dat zouden ze krijgen; daar worden die mannen hard van... Hun laatste ploeg was zoals verwacht zwak - naast Ludisan zijn wij blijkbaar de enigen met wat kwaliteit in de ploeg - maar de partijen moeten natuurlijk nog gespeeld worden. Bart kweet zich bijzonder goed van zijn taak met wat hulp van de tegenstander natuurlijk. Bart smeet z'n damevleugel-pionnen naar voor en had twee mooie lopers die beide vleugels controleerden. Toen wat pionnetjes langs de damevleugel van het bord gingen, ging de Vrijpionner in de fout: hij wou een kwaliteit winnen, maar zag niet dat Bart eerst kon doornemen tot b2 (met aanval op de toren op a1). Daardoor won Bart twee stukken voor 'n toren. Wat later volgde nog een (gepend) stuk. Geen problemen dus en vlug naar huis... Ikzelf had het wel gemakkelijk, maar het duurde een tijdje voordat ik de weg naar de koning gevonden had. Alles begon natuurlijk op onnavolgbare wijze met 1.f4. Daarna ook dame, lopers, paarden en torens in de juiste richting bewegen en de rest van de pionnen vooruitschuiven. 't Ging echter niet helemaal zoals het moest omdat er een sterk paard vanuit het centrum m'n bewegingen wat belemmerde... Die ruilde ik er dan maar af maar had toen iets minder stukken om te offeren. Uiteindelijk verzwakte z'n koningsstelling toch en kon ik via min of meer juist bewegen de partij winnen. Bij Tony is het altijd het hart vasthouden als je hem bezig ziet in de opening. Heel passief en niet helemaal (of is dit 'helemaal niet'?) correct. Deze keer was het weer van dat. In 'n Weense variant verloor hij 'n pion. Bovendien had Tony de stukken op z'n damevleugel nog niet kunnen ontwikkelen. Maar dan gebeurde wat Tony altijd overkomt: hij kreeg een stuk (die liet de ander gewoon instaan zonder reden). Daarna gaat het meestal vlotter... Toonbeeld van gewaagde combinaties voor de koningsstelling van de tegenstander, Stijn,
deed het vandaag veel rustiger. Hij had duidelijk overwicht qua bewegelijkheid van z'n
stukken en op het moment dat hij dan meestal offert of stukken bijbrengt voor de laatste
dodelijke aanval koos hij deze keer voor Alweer de opdracht volbracht: 4-0. Bovendien liet Ludisan 'n half puntje liggen zodat we eindelijk alleen aan de leiding komen. Robrecht Ronde 9 (17-02-2002)[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ]
Desperado gaat zich redden!!Inderdaad, beste vrienden, ondanks alle wanprestaties van uw correspondent ter plaatse gaat Desperado I zich handhaven in tweede afdeling. Hiermee blijven we één van de weinige Belgische clubs die erin slagen op een hoog niveau te spelen zonder beroep te doen op betaalde spelers. Lang, lang zag het er kwalijk uit voor onze dapperen. Twee rammelingen tegen de topploegen lieten het ergste vrezen zo halverwege, maar klaarblijkelijk moest iedereen onder het Duitse juk door en ook Bosvoorde deed een aardige duit in het zakje. Alhoewel, de laatste (9de) ronde won Luik met 6.5-1.5 van Bosvoorde, een uitslag die doet vermoeden dat Bosvoorde de hoop op promotie heeft opgegeven én dat Luik versterkt aan de aftrap verscheen. Immers, het team dat tegen ons verloor kan moeilijk een bedreiging geweest zijn voor Bosvoorde op volle oorlogssterkte. Maar kom, er staan er nog genoeg achter ons en ook daar moeten nog enige onderlinge matchen gespeeld worden. Mark is ongetwijfel al bezig met alle mogelijke doemscenarios te bedenken, zodat we voor de laatste ronden precies zullen weten hoeveel halve punten nodig zijn voor de mathematische zekerheid op behoud. Sommigen onder jullie is misschien opgevallen dat er plots geen verslagen over de eerste ploeg meer verschenen van mijn hand. Wel, beste collega's, dit had alles te maken met het geknoei dat ik ten toon spreidde. Ik schaam mij diep het te moeten erkennen, maar ik ben dit jaar het zwakke broertje van het team. De éne na de andere verdiende nederlaag werd mijn deel en slechts in de laatste twee ronden kon ik enigszins mee met de rest. De rest van de verslagen houden jullie nog te goed, maar hier geef al alleszins de gebeurtenissen tegen Namen weer, tot lering ende vermaak. Van tevoren was al gesteld dat Namen-Desperado voor ons een sleutelmatch zou worden. De Walen stonden serieus wat achter op ons, maar een nederlaag in de onderlinge match zou hun volledig terug brengen. Gezien de uitslag van de vorige ronde (5-3 winst tegen Midden-Limburg), mochten we ons met een draw tevreden stellen, terwijl zelfs een kleine nederlaag nog toelaatbaar was. Een overwinning echter, zou ons een voorsprong in bord- én matchpunten geven die het behoud omzeggens zeker stelde. Qua elo's was het ongeveer gelijk, een kleine voorsprong op de eerste drie borden voor Namen werd goedgemaakt door wat mindere spelers in de achterhoede. Mark had dan ook voor alle zekerheid de allersterkste opstelling gekozen. Luuk en Raf erbij, dat scheelt een slok op een borrel. Ook was het de moeite waard de hr. Heynen zo veel mogelijk naar achter te duwen, want veel maakt hij niet klaar tegen sterkeren. Op het eerste bord speelde Luuk. Traditiegetrouw kwam hij weer te laat, maar hij blijft een kinderlijk vertrouwen koesteren in de spoorwegen dat menigeen verbaast. Hij speelde tegen Roger Mehdi, waar ik vorig jaar mijn beste partij ooit tegen won. Had ik dit van te voren geweten, had ik hem terdege kunnen voorbereiden, want deze kerel is een zwendelaar en optimist van de eerste orde. Hij is een aanhanger van het Engelse systeem (in voetbal ook gebezigd), dwz men gooit alles naar voor en hoopt op het beste. Zoals ik zelf kan getuigen is dat niet het ware schaak en mislukt het ook maar al te vaak. Edoch, als de keeper staat te suffen levert het soms een doelpunt op. Tegen zo iemand moet je direct op de bal spelen en niet achter de goal over de veldbezetting staan te zwammen. Dat deed Luuk dus wel en hij verloor. Achteraf ontving ik een mail waarin hij klaagde over het geluk van zijn tegenstander en daarin heeft hij volledig gelijk. Ik geef hier de volledige analyse van Luuk zelve, zie toe, vrienden, en huiver, heden Luuk, morgen gij.
Sterke spelers zeggen vaak dat je juist je verliespartijen moet analyseren, omdat je daarvan het meest kan leren. Dit zal ik dan ook doen met onderstaande interclubpartij. Een andere reden voor het feit dat ik geen winstpartij uitgekozen heb, is dat ik dit seizoen er nog geen enkele voor Desperado heb mogen scoren. 1. d2-d4, Pg8-f6 2. c2-c4, g7-g6 3. Pb1-c3, Lf8-g7 4. e2-e4, d7-d6 5. Lf1-e2, 0-0 6. Pg1-f3, e7-e5 7. 0-0, Pb8-c6 8. d4-d5, Pc6-e7 9. b2-b4!? [De Bajonet-aanval - mijn hoofdwapen tegen het Konings-Indisch - die mij al bijna net zoveel vreugde heeft bezorgd als verdriet...] 9..., Pf6-h5 10. Tf1-e1, f7-f5 11. Pf3-g5, Ph5-f4 12. Le2-f1?! [Dit is niet de beste zet van de stelling; ik wist dat 12.Lxf4,exf4 13.Tc1,Lf6 14.Pe6,Lxe6 15.dxe6,Lxc3 16.Txc3,fxe4 17.Lf1,e3 nog bekend was, maar had geen idee hoe het ook al weer verder ging in al die partijen van Volodya Kramnik. Vandaar dat ik de tekstzet speelde, op zichzelf een merkwaardige gedachtegang.] 12..., h7-h6 13. Pg5-f3, f5xe4 14. Pf3-d2, Pf4-d3 15. Lf1xd3, e4xd3 16. Pd2-e4, Pe7-f5 ['The clash of principles' is begonnen. Zwart staat een mooie witveldige loper voor en heeft een open f-lijn. Wit daarentegen heeft een sterk paard op e4 dat het halve bord controleert en de opmars c4-c5 ondersteunt. Bovendien is de loper op g7 potentieel zwak. Wellicht was nu 17.Tb1 interessant om a7-a5 altijd met a2-a3 op te vangen. Het nadeel daarvan is, dat al wits stukken op de diagonaal b1-f5 gaan staan.] 17. Dd1xd3, a7-a5! 18. Lc1-a3 [Waarschijnlijk beter dan 18.bxa5,Txa5 19.a4,Pd4 en wit kan niet netjes Pb3 opvangen.] 18..., a5xb4 19. La3xb4, b7-b6 20. a2-a4, Tf8-f7 [Tijdens de partij vond ik dit een merkwaardige zet, maar hij blijkt niet zo slecht. Op 20...,Pd4 zou 21.Ta3!? volgen.] 21. a4-a5!?, b6xa5 22. Lb4xa5 [Na 22.Txa5 is 22...,Tb8! lastig; dan is 23.La3 niet goed mogelijk wegens 23...,c5! en op 23.Pb5 volgt 23...,Pd4 24.Pxd4,exd4. De tekstzet brengt in sommige gevallen Lxc7 in de stelling.] 22..., Dd8-h4!? 23. Pc3-b5!?, Pf5-d4 24. Pb5xd4 [Gedwongen omdat 24.Pxc7,Txa5 en 24.Lxc7,Txa1 25.Txa1,Pxb5 niet mogelijk zijn.] 24..., e5xd4 25. La5-c3? [Dit blijkt - achteraf beschouwd - niet goed te zijn, al hadden beide spelers dat op dit moment niet voorzien. De twijfel was groot tussen de gespeelde zet en 25.Pg3!?,Df6 26.f3, waarna het onduidelijk is.] 25..., Ta8xa1 26. Lc3xa1, Lc8-f5 27. g3 [Helaas noodzakelijk want op meteen 27.Lxd4 komt 27...,Lxd4 waarna wit meteen verliest. Immers, 28.Dxd4,Te7! 29.Pf6+,Dxf6! is ontnuchterend en ook de 'Zwischenzug' 28.g3 werkt niet wegens 28...,Lxf2+! 29.Pxf2 (29.Kxf2,Lxd3+; 29.Kh1,Lxg3) 29...,Lxd3 30.gxh4,Lxc4 en zwart moet gewonnen staan.] [nvdr: Diagram]
27..., Dh4-g4! 28. La1xd4?! [Wederom niet handig; wit had de remise moeten nemen via 28.f3,Lxe4 29.Dxe4 (29.fxe4,Tf3 en 29.Txe4,Txf3 zijn slechter) 29...,Dxf3 30.Lxd4. De lezer merke terecht op dat deze variant niet de hoogste moeilijkheidsgraad heeft.] 28..., Tf7-e7! ['This hurts big time'] 29. Ld4xg7? [Dit verliest op slag, de enige kans is 29.f3, waarna 29...,Lxd4+ 30.Dxd4,Dxf3 31.Pf6+,Kf7 32.Txe7+,Kxe7 33.Pg8+ nog steeds rommelig is. Op 33...,Kd7 heeft wit dan nog 34.Dg7+,Kc8 35.Pe7+ en 36.Pxf5 (gemist in de weinige tijd die mij restte).] 29..., Te8xe4 [Wint, maar 29...,Lxe4 30.De3,Dh3 (30...,Kxg7 31.f3!) 31.f3,Lxf3! zou nog sneller zijn geweest.] 30. Te1xe4, Lf5xe4 31. Dd3-d4, Dg4-f3 32. Kg1-f1, Le4-d3+ 33. Kf1-g1, Df3-d1+ 34. Kg1-g2, Ld3-f1+?! 35. Kg2-g1 [Hier had ik nog kleine hoop dat mijn tegenstander iets als 35...,Db1 zou spelen, waarna 36.Da1!,Dxa1 37.Lxa1,Lxc4 38.Lf6,Lxd5 39.Ld8,c6 40.Le7 en 41.Lxd6 remise zou zijn. Helaas kan hij de stelling van zet 34 opnieuw op het bord krijgen...] 35..., Lf1-d3+! 36. Kg1-g2, Dd1-f1+ 37. Kg2-f3, Df1-e2+ [Na 38.Kg2 loopt het mat middels 38...,Le4+ en 38.Kf4,g5# sorteert hetzelfde effect.] Wit geeft op. Dat was al dramatisch, maar ook Eddy, onze boeienkoning, kon het niet bolwerken. Hij speelt wel een schitterend seizoen, maar laat zich nogal graag opsluiten in een klein hoekje, waar hij zijn tijd afwacht om met een klap eruit te komen en de partij naar zich toe te trekken. Deze keer mislukte de Van Espen-show op de vierkante centimeter en werd hij zodanig in elkaar gedrukt dat de opgave als een bevrijding kwam. Raf Claes speelde op het derde bord magnifiek in de opening en middenspel, offerde tijdelijk een pion en verkreeg een ijzersterke vrijpion. Dit kleine houtje kostte zijn tegenstander een kwaliteit en de overwinning scheen nog slechts een kwestie van tijd. In de technische fase (normaal een sterk punt van Raf) liet hij het afweten en slechts doordat de tegenstander een zetherhaling toeliet kwam er nog een half punt op de scoreborden. Halverwege zag het er dan ook niet best uit. Koen Jans had ook al remise gemaakt maar de rest stond bepaald niet denderend, zodat de contouren van een nederlaag zich aan het zwerk aftekenden. Alleen Mark had een mindere opening overleeft en stond nu beter. Op het vierde bord durfde niemand hopen. Mijn tegenstander was zo leep om mij een Lb5 Siciliaan op te dringen en deze spelsoort ligt mij helemaal niet. Dat bleek ook al snel, na enige onnauwkeurigheden in de opening stond ik gruwelijk slecht, continu moest ik rekening houden met een doorbraak in het centrum. Er werd heel nauwkeurig spel verwacht van mij en het team maakte zich dus al op voor een volgende nul. Deze keer echter, liep alles naar wens, tot verbazing
van het publiek speelde ik het inderdaad zuiver en slaagde
erin een acceptable stelling te bereiken. Tijd voor een
remise-voorstel, dacht ik. Namen zat echter in nauwe
schoentjes en had de bordpunten broodnodig, zodat dit op een
krachtig De volgende zet dwong mijn tegenstander mij ertoe en het bleek ijzersterk. Twee zetten later diende hij zijn materiaal al terug te geven en bleef een eenvoudig gewonnen eindspel over. Het Leuvens toeschouwerscorps slaakte een zucht van verlichting, wachtte de winst niet af en ging twee borden verder kijken. Ploegkapiteins plegen doorgaans zwak te presteren, de stress om iedereen op tijd op zijn post te krijgen is bepaald niet bevorderlijk voor het eigen spel. Des te meer applaus voor Mark, die dit jaar één van de topscorers is. Een paar weken terug legde hij mij nog uit dat je in een partij, om ze daadwerkelijk te winnen, tenminste drie- of viermaal verder moet zien als je tegenstander. In deze partij bewees hij alleszins zijn gelijk. De opening was geen succes, maar gaandeweg overspeelde hij zijn tegenstander, won een stuk en maakte het puntgaaf af. De kansen waren nu duidelijk gekeerd. Patje stond in een volledig dichtgeschoven paard-eindspel. Als toeschouwer is zoiets ondoenlijk om adequaat te beoordelen. Weliswaar dacht iedereen dat hij verloren stond (behalve Patje uiteraard), maar op één of andere manier won hij zowat alle pionnen en haalde het punt binnen. Het laatste bord zag een betere stelling voor Bart die gaandeweg verwaterde tot remise. Volgens mij moet hij ergens gewonnen hebben gestaan en ergens verloren, maar dat vraagt U beter aan Bart zelf. Uw correspondent was nu als laatste bezig. Mijn tegenstander was al bij zet 30 in grote tijdnood geraakt, maar ik vond niet zo direct een winstplan en begon mee te denken. Uiteindelijk haalde ik zelf maar net met de hakken over de sloot zet 40, nog altijd met mijn winststelling. Hierop dook mijn tegenstander opnieuw onder om een verdediging te bedenken. Alras had hij maar minuten over. Ik probeerde rustig te blijven maar slaagde daar niet geheel in, eerst gaf ik een pion terug weg en vervolgens ook nog een stuk. Vermoedelijk was het toen remise, maar zijn vlag stond op vallen en ik had nog zeker 4 minuten. Enige zetten later ging hij door zijn vlag. Einduitslag dus 4½-3½ voor Desperado. Koen H
Vandaag moesten we tegen Roosdaal. Die stonden twee punten boven ons, dus die moesten we absoluut inmaken. Omdat de eerste ploeg op volle sterkte speelde, kregen we versterking van Ronald, zodat de kansen daarop nog redelijk waren. Tot mijn verbazing was die ploeg echt niet zo sterk. Ik vroeg mij af hoe het kwam dat zij zo hoog stonden. Wat er ook van zij, enkel Ronald had een tegenstander met meer elo, en het verval ging van +100 op bord twee tot +200 op bord 4. Zou dus inderdaad een redelijke score moeten worden. In een opening waar ikzelf de theorie na zet twee al kwijt was werd er op bord 1 door zowel wit als zwart rustig gemanoeuvreerd. Ronald was moeite aan het doen om een voordeeltje uit de opening te halen, en zijn tegenstander om dat te verhinderen. Daar slaagde die ook in, maar toen hij zelf op voordeel begon te spelen, kwam dat Ronald weer ten goede. Er werd lang nagedacht, zodat beide spelers nog 3 minuten hadden voor 15 zetten of zo. De 40 zetten werden zonder problemen gehaald, en toen de rook was opgetrokken stond er een toreneindspel te pronken dat voor Ronald gewonnen was. Pion meer en veel actievere stukken dan de tegenstander. Een paar zetten later werd het punt dan ook geïncasseerd. Mij verging het nog ietsje beter op bord 2. Mijn tegenstander speelde de opening zo passief dat ik met zwart na 10 zetten al voordeel kon claimen (of ik dat daadwerkelijk ook had weet ik niet, maar ik claimde het wel; in elk geval stond ik niet slechter). Wit had kort gerokeerd en ik gooide dan maar mijn koningsvleugelpionnen naar voor. Mijn tegenstander gooide dan maar zijn damevleugelpionnen naar voor, maar sneu genoeg voor hem had ik gewoon niet gerokeerd! Ik zette hem redelijk zwaar onder druk, en daaraan bezweek hij dan ook. Werners tegenstander leek heel goed uit de opening te komen. Werner stond op zijn minst redelijk louche, en trachtte zijn problemen tactisch op te lossen. Dat werkte niet helemaal, zwart had ergens kunnen winnen. Op dat moment maakte zwart echter de verkeerde keuze, waardoor hij een vol stuk achterkwam. Werner moest alleen nog de 40 zetten zien te halen: nog 15 te gaan en hij had nog maar 5 minuten. Dat halen was geen probleem, maar na de 40e had de tegenstander al twee vrijpionnen als compensatie voor het stuk. Dit was niet afdoende, maar het moest toch nog nauwkeurig gespeeld worden. Dat deed Werner ook, en hij scoorde het derde punt. Wilfried ontwikkelde zich niet, maar vond dat helemaal niet erg. Vervolgens rokeerde hij lang, terwijl hij al a6 en b5 had gespeeld, en hij nog altijd achterstond in ontwikkeling. Ik zag al vanalles mislopen, maar Wilfried had goed gezien dat hij bijna verplicht de dames kon ruilen. Snel mat zou het dus niet gaan. Wit had nog altijd wel een beetje druk. Eventjes later won de tegenstander ook nog eens een zwakke pion, waarna het rommelen was geblazen: objectief was de stelling niet meer te winnen, en zelfs remise was al (te?) optimistich. Wilfried kon niet meer genoeg kansen creëren en de tegenstander maakte ook geen al te grote fouten meer, zodat de uiteindelijke uitslag 3-1 werd. Steff
Een gezellig thuismatch stond op het programma. De druk zat wel nog steeds op de ketel dus moest er ook gescored worden. Voor Louis en mezelf niet echt een probleem; bij Stijn en Tony hield ik toch even m'n hart vast. Louis speelde gedurfd het Falkbeer-tegengambiet in het koningsgambiet. De tegenstander speelde het niet goed (wat tempi verloren) en verloor al snel z'n dame tegen een toren. Hij bleef nog een tijdje doorspelen, maar verloor zonder glans. Ik amuseerde me terug kostelijk met een koningsaanval. Hij rokeerde lang zodat in
tegenstelling tot vorige partijen ik niet eens m'n g- of h-pionnen naar voor moest smijten.
Mijn Stijn speelde z'n opening weer degelijk en, net als vorige keer, zonder al te wilde capriolen. Het leverde hem een pion op en een duidelijk betere stelling. Maar dan nam hij een pionnetje teveel. Ik kwam juist langs het bord en in één oogopslag zag ik een mat-in-twee achter-de-paaltjes! Wat later klopte m'n hart al terug normaal want de tegenstrever raakte 'n verkeerd stuk aan (pièce touché) en stond toen zélf in elke zetten mat! En dan Tony... Die deed het in de opening eigenlijk niet slecht. De tegenstander zette wat stukken buiten spel en Tony kon zich opmaken om de koningsstelling open te breken. Dit deed hij echter een paar zetten te vroeg, verloor een 'trukje' uit het oog en moest z'n twee lopers voor 'n toren afgeven. Eigenlijk stond hij toen verloren, zeker toen hij een schijnaanval probeerde te lanceren via een (absoluut verkeerd) paard-offer. De andere durfde het echter niet aannemen en zo blufte Tony zich naar remise. Oef! Volgende keer de sleutelmatch voor de titel: uit naar Ludisan (blijkt dat ze 1½ lieten liggen op Charleroi; we staan nu dus 2 volle punten los!). Robrecht Ronde 10 (03-03-2002)[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ]
We maken het onszelf nog moeilijkDeze ronde moest ons vlaggeschip (ahum) het behoud proberen veilig te stellen. Te dien einde dienden we slechts een handvol punten te scoren tegen WTTC, een club uit het Brusselse. Hoewel de hoofdstedelijke verenigingen het al jaren niet zo best doen, kunnen ze tegen ons toch altijd dat ietsje meer. De nederlagen tegen Bosvoorde en CREB bv. liggen nog vers in het geheugen. WTTC (heeft niks te maken met 11 september, puur toeval) had zich voor de gelegenheid wel op zijn sterkst opgesteld. Maar ook wij waren bijna volledig ter plekke, alleen Luuk werd gespaard voor de laatste ronde. Om maar onmiddellijk met de deur in huis te vallen, het is een zwaar verdict geworden. Tekenend is dat onze twee puntenmachines bij uitstek (Mark en Eddy), beiden het onderspit dolven. In het begin zag het er nochtans goed uit. Koen Jans speelde snel remise tegen good old Zamparo en Ronald kreeg een makkelijk gewonnen stelling. Vervolgens maakten Patje en Raf nog remise. Mijn tegenstander maakte het mij niet moeilijk in een Najdorf en ik kreeg schitterend spel. Wijs geworden door de recente tegenslagen probeerde ik deze keer eens niet het punt snel binnen te halen, maar schoof ik voorzichtig verder. Even later was bij mij de remise ook een feit. Wie nu gedacht had dat dit totaal onverwachte halve punt de ploeg tot grote daden zou inspireren kwam bedrogen uit. Bij het opmaken van de stock bleek dat Ronald nog altijd goed stond, maar al een kans op groot materieel voordeel had laten liggen. Eddy en Mark stonden moeilijk, maar Bart stond een pion voor. In het volle vertrouwen (Eddy zou er wel uit zwendelen, Mark zou remise maken en Ronald en Bart zouden winnen), stapten we in de auto. Zonder de morele steun van de rest lieten de achterblijvers het schijnbaar volledig afweten. Eddy wist het tegen FM Le Quang niet te houden, Mark verloor en Ronald bedierf alles. Slechts Bart wist nog een half punt uit het Brusselse vuur te redden. Nu, nog altijd is er geen man overboord. We staan nog altijd 1.5 bordpunt en twee matchpunten voor op Midden-Limburg. Het spijtige is dat dat het nu tussen ons gaat, want Namen zal zich nooit kunnen redden en er moet er nog èèn sneuvelen.. ML moet nog tegen Rochade, dat er alle belang bij heeft te winnen (voor hun wenkt de tweede plaats) en wij moeten nog tegen Eisden, die niks meer te winnen of te verliezen hebben. Het zou als vreemd moeten lopen als de Limburgers twee punten meer dan ons gaan scoren, terwijl ook de andere uitslagen dan nog volop in ons nadeel moeten uitvallen. Hans (Renette) had al aangekondigd dat het een moelijk jaar ging worden voor ML en hij heeft helaas gelijk gekregen. Helaas, omdat wij toch altijd goeie banden met Limburg hebben gehouden (Geert Verbeek speelde jaren voor ons, Boutersem speelt in het klublokaal van ML, Hans kwam ons in blitzen belachelijk maken onlangs ...). We moeten de huid van de beer niet verkopen voor hij geschoten is, vrienden, en daarom MOETEN er nog belangrijke punten gesprokkeld worden deze zondag. Daarom adviseer ik ALLE spelers strenge zelftucht, schaakstudie en contemplatie. De smiecht die zich geen 200% inzet deze belangrijke ronde, zal door mij hoogstpersoonlijk neergesabeld worden op de site. Ook het voorbeeld van onze webmaster is niet de juiste wijze (zie zijn verslag) van preparatie, maar hij haalde tenminste nog remise. Indien de ronde met goed gevolg word afgesloten, kunnen we ons nog altijd laten vollopen, en dan smaakt het ook beter. Tot dan,
Deze keer stond de uitmatch tegen Ludisan op het programma. De enige andere ploeg in deze reeks met wat `kwaliteit' in de rangen... in zoverre onze ploeg daar ook voor kan doorgaan. Een blik op de Elo-lijst maakte al snel duidelijk dat dit inderdaad een lastige dobber zou kunnen worden: voor het eerst dit seizoen lagen de elopunten van onze tegenstander op bord 3 nog boven de onze. Maar meestal kan Desperado in zulke omstandigheden net iets meer... Gelukkig hadden we ook nog een bonus-voorsprong van twee punten in de stand. Het begon namelijk al onmiddellijk slecht. Ondertekende had het nodig gevonden de dag ervoor nog maar eens zwaar op stap te gaan. Met een `nachtrust' van amper vier uurtjes achter de kiezen kan zoiets fataal zijn. Bovendien had de rijstijl van Bart en de zenuwachtigheid over hetgeen te wachten stond een plotselinge misselijkheid naar boven gebracht. Een misselijkheid die enkel erger werd toen na amper een half-uurtje spelen ik een blik op de stelling van Bart wierp: om geen enkele reden had hij een loper weggegeven! Hij stond (een paar zetten ervoor) nochtans niet slecht... Wat later gaf hij op. Eén punt achter al. Dit beloofde niet veel voor de rest van de namiddag want ik was ondertussen slecht aan m'n partij bezig. Ik had uiteraard f4 gespeeld maar de tegenstander rokeerde lang en kwam zélf met z'n pionnen m'n koningsstelling openbreken! Dit lukte zelfs zo goed (met wat hulp van mijn algemene gezondheidstoestand en de warmte in de zaal - ik had al een aantal keer buiten een luchtje moeten gaan scheppen) dat ik een kwaliteit moest opofferen voor de verdediging ervan... één die echter weinig nut had want hij kon een (simpel) mat in vier à vijf op het bord krijgen. Die zag hij niet, kwam onder de indruk van mijn zich-stilaan-ontwikkelend loperpaar en begon verdedigend te spelen ipv de (nog steeds dodelijke) aanval verder te zetten. Toen ik zelf dreigde z'n koningsstelling binnen te dringen kon ik een herhaling van zetten afdwingen en remise binnenhalen. Pfft. Stijn had, net als mij, het hele jaar nog geen punt laten liggen. Nu ik een remise had moeten aanvaarden zag hij z'n kans schoon om als enige de 100-percent score te behouden. En net als het hele jaar had hij er niet zoveel problemen mee. De tegenstander hield lange tijd gelijke tred. Stijn kon toch de koning wat in z'n blootje zetten en het spel ingewikkeld maken via z'n goed loperpaar en een steeds-dreigende dame. Dan leek de ander er wel wat uit te komen en een pion in het centrum te winnen... Leek, want Stijn speelde het met z'n dame sluw, kwam de pion onmiddellijk terug aanvallen en toen de ander een paard verzette om het (in tijdsnood) te verdedigen was het mat! Anderhalf punt al! Genoeg om al zeker een punt voor te blijven in de stand. Bovendien had een blik op het bord van Tony voor de eerste keer dit jaar niet het effect dat m'n maag binnenste-buiten leek gedraaid te worden. Tony had een dodelijke aanval waar onmogelijk geen beslissend voordeel uitgehaald kon worden... Tijd om, nog maar eens, een namiddag-buitenlucht-wandeling te maken om ervoor te zorgen dat dit ook niet zou gaan gebeuren (dat effect met m'n maag bedoel ik dan). Een kwartiertje en een blik op m'n ontbijt later zag de stelling van Tony er al iets minder uit. Tijdens de partij had hij de winstcombinatie niet gevonden en onder de druk van een steeds meer stijgend vlaggetje had hij een afruil van z'n meeste aanvalsstukken niet kunnen vermijden. Bart en ik vonden wel dat hij nog het beste spel had... als hij maar z'n tijdscontrole zou halen! Dit lukte, maar hij had het wel niet helemaal goed gedaan. Remise was echter nog altijd de logische uitslag. Een verre vrijpion moest de ander met z'n loper tegenhouden zodat alles vastzat... Totdat Tony de verdediging van een cruciaal pionnetje opgaf en het laatste kenmerk van 'n remisestelling eruit verdween. Jammer want het was Tony's beste partij. De enige match van het seizoen van enige betekenis hadden we gelukkig wel tot een goed einde gebracht. We blijven ons punt voorsprong behouden en, zonder ongelukken, worden we volgende week kampioen. Tijd om dus de `overwinning' in "Ons Huis" te gaan vieren. Helaas besliste m'n toestand daar anders over. Na een `sanitaire' stop onderweg (ondanks de zorg van Bart) leek het me beter m'n roes thuis uit te slapen... Volgende week op het clubfeest hopelijk meer plezier. Een gelukkige `ploegkapitein' Ronde 11 (10-03-2002)[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ]
Beste vrienden, Gaarne had ik jullie een verhaal gedaan van moed en doodsverachting, partijen op het scherp van de snede en geniale Despi-manoeuves die het tij onverwacht deden keren. De waarheid echter heeft zijn rechten en daarom zou ik dan over de eerste ploeg in alle toonaarden moeten zwijgen. Niets van dat alles bij deze jongens. Erger nog, na drie kwartier was het beklonken en waren we virtueel zeker van het behoud in tweede afdeling. Dat dit op zich een knap staaltje is hoeft geen betoog: we hebben quasi een heel seizoen met de rug tegen de muur gestaan. Vele spelers zouden onmogelijk kunnen gemist zijn en achteraf bleek elk punt van goud waarde. Bijna elke ronde speelde we op het maximum van ons kunnen en daarom, en alleen daarom hebben we ons gered. Helaas moet ik nu verslag doen van de laatste ronde en dat was een ontgoocheling van de eerste orde. Eisden had niets meer te winnen, wij alleen maar iets te verliezen en daarom kwamen er zo snel remisevoorstellen op alle borden. Echte vechters zouden dat moeten afgeketst hebben, maar in het zicht van een veilige haven de loods weigeren is gevaarlijk. Indien deze dapperen alsnog de winst zouden binnenhalen en alzo de ploeg van een degradatie redden wacht hun onvergankelijke roem. Indien echter (ook een reëele mogelijkheid) één van hen door een kemel in hoge tijdnood de partij en het eventuele behoud vergooit, wacht hem het hoongelach en spot zijner ploegmaats. Geconfronteerd met dit dilemma en een koude zaal zonder voldoende verlichting, kozen allen voor de lafhartige oplossing. Redding dus, zij het zonder glorie. Je kan niet alles hebben. Achteraf werd ik op het clubfeest hierover behoorlijk geïnterpelleerd en nu begrijp ik ook beter waarom. Iedere Despi-speler met het hart op de juiste plaats ziet GRAAG zijn club zo hoog mogelijk vertegenwoordigd, en tweede afdeling is niet mis. Maar iedereen ziet NIETS LIEVER dan een Despi die zich 100% (of 200%) geeft voor de goede zaak en of hij nu wint, dan wel zelf in vlammen opgaat is pas in tweede instantie van belang. Dit aspect heeft de eerste ploeg en bloc over het hoofd gezien. Hierbij bied ik uit naam van de eerste ploeg mijn excuses aan voor deze platte houding, een Despi onwaardig. Volgend jaar zal de rest van de ploeg beterschap beloven, maar kom dan ook niet zeuren als ze degraderen. Waar ik ook zeer terechte klachten over hoorde was betreffende het geluidsniveau dat we daarop produceerden. De opluchting was inderdaad nogal groot. Hiervoor eveneens mijn excuses. Wie hebben allemaal bijgedragen tot deze prestatie? Luuk Van Kooten liet een paar stevige remises optekenen en twee nederlagen, maar op het eerste bord is zulks te verwachten. Ook ging de verplaatsing hem bepaald niet in de kouwe kleren zitten. Geen overwinningen echter en dat stak hem. Hij kan beter en hij weet het. Volgend jaar revanche. Eddy Van Espen speelde een bijzonder goed seizoen. Vooral in het midden van het seizoen was hij een rots in de branding en wellicht springt hij over Luuk naar het eerste bord. Zijn taaiheid in verdediging en eindspel zijn legendarisch. Hij nam elke pion en verdedigde hem met grote hardnekkigheid, wie hem niet matzette had een zware pijp te roken in elk eindspel. Ook Raf Claes stond fraai te keepen. De Duitser van Eynatten bleek een te taaie brok, maar anderen hield hij vakkundig op remise (soms zat er zelf meer in) en toen de CREB-speler wat te enthousiast erin vloog werd hij terdege teruggewezen. Ikzelf (Koen Heynen) bakte er niet veel van. Vooral halverwege van de competitie kwamen de nullen zomaar aanwaaien. Eigenlijk zat ik iets te hoog (wat ik al vreesde voor we begonnen). Volgend jaar is dat opgelost. Koen Jans speelde 9 maal met wit en twee maal met zwart en kon dus met zijn geliefkoosde spelletje beginnen. De ijzeren vuist in de fluwelen handschoen, wie in slaap gewiegd werd door een ogenschijnlijk weinig ambitieuze opening en zelf iets riskeerde werd zuiver weggezet. Ook hier was de Pruis het enige station dat te ver op de lijn was. Maar er kwamen ook een behoorlijk aantal volle punten op zijn conto, ik geloof zelf dat hij de topscorer was. Ook Mark Weiler was onmisbaar. Negen maal verdedigde hij met verve de zwarte stelling en zijn partij tegen de Luikenaar (waar de man twee maal achtereen speelde zonder dat Mark dit zag) zal hij niet licht vergeten. Mark zorgde verder ook voor vreselijk belangrijke punten tegen Midden-Limburg en Namen, ploegen die we net achter ons lieten. Verder was zijn optreden als ploegkapitein onberispelijk. Hij schroomde niet zichzelf de zwarte stukken toe te kennen door een verstandig opstellingsbeleid. Dit siert de kapitein én de speler. De 2100+ gaat hij binnenkort zeker opnieuw halen. Zijn Achilleshiel is voorlopig dat hij weigert niet-klassieke zetten te overwegen. Wie het geweer maar vaak genoeg van schouder veranderd heeft goeie kansen tegen hem. Zijn mentaliteit en concentratie achter het bord waren een voorbeeld voor het team. De enige keer dat hij een wat langere wandeling deed was in Luik. Patje Delanoeije was weer zijn oude creatieve zelf, zo creatief soms dat hij alle gezond verstand overboord zette om toch maar in zijn geliefd soort stellingen te komen. Af en toe mislukte het ook wel, maar toch kon hij de punten waar ze nodig waren aantekenen. Zijn redding tegen CREB bv. was een staaltje verdedigen van de bovenste plank. Bart Van Praag stelde niet echt teleur, maar was hij in vorm geweest had hij nog veel beter gescoord. Zo halverwege het seizoen hebben we eens een avondje gefilosofeerd over het fenomeen vorm. De conclusie was dat gebrek aan vorm zich veelal manifesteert in één, hoogstens twee mindere zetten. Maar dat veranderde de uitslag helaas maar al te vaak. Tegen Waver bv. had hij moeten winnen maar verloor, tegen WTTC moeten winnen maar maakte remise en tegen Anderlecht was er normaal ook een punt ipv een nul uit de bus gekomen. En als je weet dat de vorm er niet is, speel je vanzelf wat minder overtuigend, durf wat minder en begin aan het eigen rekenwerk te twijfelen. Wat weeral resulteert in minder gewonnen partijen, daardoor minder zelfvertrouwen en ... U ziet zelf waar dit doemdenken uiteindelijk toe leidt. Ronald Doornbusch speelde scherp, soms te scherp en had ook te kampen met zijn vlag, die zich meer haastte dan hijzelf. Daarentegen scoorde hij wel volle punten in de super-belangrijke match tegen Midden-Limburg en tegen CREB. Enige openingstudie is hem toch wel aangeraden, iemand die na drie zetten in een Schotse partij het al niet meer weet is op dat niveau een vogel voor de kat. Steff Helsen was als eerste reserve een plezierige verrassing. Bijna niet om te krijgen en snel op de bal als de kans zich aanbood. Tactisch is ie bijzonder geslepen en ook positioneel zit het wel snor. Het enige punt van kritiek dat ik kan bedenken is dat hij soms nogal lichtvaardig de stelling het werk wil laat doen. Hij kan diep rekenen en verzuimde dit soms. Het idee dat de stelling zo goed is dat ze zonder rekenwerk kan is vragen voor problemen. Zo heeft hij er al een paar laten ontsnappen. In Bosvoorde bv. was het simpel gewonnen en speelde hij a tempo verder om tenslotte remise te maken. Het lijkt mij dat de hybride Weiler-Helsen een buitengewoon sterk schaker zou opleveren. Dit waren de geweldenaars die het dit jaar in tweede konden redden. Verdere speciale vermeldingen zijn er ook nog voor Robrecht Jacques die dit jaar slechts een remise weggaf. Stijn Van Noten had tot de laatste ronde het maximum der punten toen hij iets te bruut te keer ging en verloor. Werner Taelemans speelde een geweldig seizoen en is kandidaat eerste ploeg (tenzij hij liever zijn ploeg van dit jaar naar de titel voert). Nu is er volgend jaar een extra plaats vrij in de eerste ploeg, want hoogstvermoedelijk ben ik er volgend jaar niet meer bij. De discussies over de aanwezigheid op vrijdagavond zitten me tot hier (de hr. Heynen wijst op zijn boordknopje, nvdr). Nooit ofte nimmer heb ik een plaats OPGEEIST, maar als de eventuele kandidatuur zelf verboden gaat worden omdat je op vrijdag niet komt is het hek van de dam. Volgens sommigen zou de top-zes van de Elo-lijst ter wille van dit heilig principe moeten sneuvelen. Het krasse van de zaak is dat met een rating van zo'n 1000 punten minder er vermoedelijk in het geheel geen probleem zou geweest zijn. Een dossier van alle schimpscheuten en beledigingen heb ik nog niet aangelegd, maar het zou stuitende lectuur zijn. Schaken heb ik altijd voor mijn plezier gedaan tot nu en ik ben niet van plan daar verandering in te brengen. Wie hierop kritiek, commentaar en/of aanmerkingen heeft, kan mij altijd bereiken via email: Kheynen39@hotmail.com. Koen Heynen
Afsluiting interclubs 2001-2002[ Eindstand ] [ R1 ] [ R2 ] [ R3 ] [ R4 ] [ R5 ] [ R6 ] [ R7 ] [ R8 ] [ R9 ] [ R10 ] [ R11 ] [ Clubfeest ] Vooraf wil ik 5 dingen zeggen: ten eerste schrijf ik dit artikel niet om onze talentrijke huisschrijver Koen Heynen van zijn troon te stoten want die zit daar, terecht, stevig op; ten tweede is dit idee er gekomen na een ongetwijfeld interessant gesprek tussen Koen en mij in de uitloop van het clubfeest; ten derde zegt mijn tante Julia altijd dat g'u aan uw beloften moet houden en ten vierde is `t nu tijd om eraan te beginnen. Ten vijfde ben ik vergeten maar ik vind dat dat ook moet kunnen. Zondag 10 maart en ongeveer zestien voor twee. Een zeer zalig zonnetje stuurt sterke stralen naar o.m. de aarde; vier vinkjes vliegen vlug voorbij een, voorlopig iets minder, krolse kater die meesmuilend mijmert over de weer woelige kattenjacht van de voorbije nacht en zoekt naar verse kracht. De buitentemperatuur is reeds zeer aangenaam, maar toch nog iets te fris om de voornamelijk mannelijke liefhebbers van natuurlijk schoon echt waar voor hun geld te geven en op StuBru vertelt Stefanski, of een andere echt goeie grapjas met een verpoolste naam, een sketchke dat zo goed is dat ik nog even in de auto blijf zitten om het einde ervan te kunnen horen. (Het ging vooral over een kennis van hem die dopte en daar zo goed in was en die, ..., nog vanalles, en alhoewel ook ik er van overtuigd ben dat het overbodige zeer belangrijk is, zou dit ons toch, ten eerste, te ver leiden en ten tweede ben ik er al veel van vergeten maar, zoals reeds gezegd, vind ik dat dat ook moet kunnen.) De laatste ronde van het huidige interclubkampioenschap kondigt zich dus veelbelovend aan. Weer spelen alle ploegen thuis, voor de gelegenheid in de grote zaal. Ploeg 5 kan zich verzekeren van de titel indien alle 4 partijen gewonnen worden en de eerste ploeg kan met een score van ongeveer 4 op 8 zo goed als zeker in tweede afdeling blijven, wat toch zeker gezien mag worden om het met de woorden van Van Rossem over Brigitta Callens te zeggen. Bovendien is er het fantastische vooruitzicht op het afsluitende clubfeest dat door Ida georganiseerd wordt. Om ongeveer twee voor twee betreden de spelers als strijdvaardige gladiatoren de voor de gelegenheid door ploeg 5 tot in de puntjes geprepareerde arena. Sommigen zijn er van overtuigd dat ze hun tegenstrever zullen afslachten en anderen zijn toch op zijn minst van plan hun vel van de beer zo duur mogelijk te verkopen tot ze geschoten worden. Boni en Bert (toeval?) kunnen bijna onmiddellijk in het café van wal steken (met een onderlinge partij). Na minder dan een uur ontstaat er opeens veel rumoer in de zaal. Blijkt dat de partijen van de eerste ploeg allemaal afgelopen zijn en op remise eindigden. Ogenschijnlijk beleven de spelers hier zo veel genot aan dat dit het ontbreken van enig schaakplezier op deze dag ruimschoots compenseert. Na enige tijd keert de rust in de zaal weer en de andere spelers kunnen zich dan volop op hun eigen partij concentreren. Onze potentiële kampioenenploeg (5) heeft reeds 1 punt binnen want ook de tegenstrever van Gunther komt niet opdagen. Bart en Robrecht winnen hun partij ook zodat het wachten is op Stijn. Deze heeft met een zeer krachtige koningsaanval met alle zware stukken en een paard zijn tegenstrever volledig vastgezet en het ziet er dus zeer goed uit. Temeer omdat Stijn tot nu toe al zijn interclubpartijen van dit seizoen gewonnen heeft! Stijn besluit tot een loperoffer op f4 om de stelling helemaal binnen te kunnen dringen. Dit blijkt echter niet helemaal (of beter: helemaal niet) correct te zijn en zijn tegenstrever kan zich nog net verdedigen. Stijn verliest. Enige troost: als beste tweede zal Desperado 5 waarschijnlijk toch nog promoveren. In ploeg 4 wint Tony heel snel, Dries speelt iets langzamer remise en Thomas en Johan verliezen nog eens. (Merk op dat door het verleggen van de intonatie, de laatste drie woorden een enigszins andere betekenis kunnen krijgen.) Ploeg 3 wint voor de derde keer na mekaar met het maximum van de punten. Ploeg 2 wint met 3,5 op 4. Romain is de eerste die zijn punt binnenhaalt. Steff wint met een mooie aanval na enkele `pionoffers' en het weigeren van remise in een mindere stelling wat blijk geeft van de echte, meer gewenste desperadogeest. Werner wint `op techniek' na 2 pionnen voor te zijn gekomen en Paul staat in een pionneneindspel 1 pion voor en legt zich neer bij remise. Na de partij laat Werner met `nen truuk van de foor' zien hoe Paul toch nog had kunnen winnen maar ik denk dat we dit nog wel eens te zien zullen krijgen op één van de volgende schaaklessen op zondag. Dus: drie ploegen eindigen op de tweede plaats, één op de derde en de eerste ploeg handhaaft zich toch weer prachtig in de tweede afdeling . Al bij al zeer mooie resultaten en op naar het clubfeest ! We worden onthaald op lekkere warme en koude, droge en hete, door Ida en Lisette klaargemaakte hapjes; Bart is DJ met dienst, die hierin even gedreven is als Fredje Deburghraeve bij het behalen van zijn olympische medaille, en na een deskundige ingreep van Boni maakt ook de goudgele bierstroom menig ouder wordende man stikjaloers. Gast is gustspreker en gaat terug tot bij de oprichting van Desperado. Twee van de oorspronkelijke leden, Peter Beckers en Armand Michoel, horen mee hoe enkele van de oorspronkelijke clubvoorschriften worden aangehaald. Hieruit blijkt nogmaals dat de Leuvense SchaakDesperado's (LSD) toch wel een apart volkje zijn. Wat mij betreft mogen een aantal van de door Gust geciteerde artikels opnieuw in de statuten worden opgenomen! Gust vertolkt dan nog in `t echt Brussels een sketch van een muisje dat cognac leert kennen en welke diepzinnige gedachten hieraan ontspruiten. Als ere-voorzitter ontvangt Boni dan een mooi beeld van het Leuvens Fonske en hij is hierdoor zichtbaar even fel gepakt als Karel Pinxten ten tijde van de dioxinecrisis. Dit gaat zelfs zover dat hij belooft zich ook in de toekomst te zullen blijven inzetten voor de club. Hiermee wordt het officiële gedeelte afgesloten doch nog niet het feest want nog menige uurtjes zal er geschaakt, gediscussieerd en gedronken worden omdat je `als je vreugde wil vermenigvuldigen, je haar moet delen!'. Ik vond het in ieder geval plezant en ik denk dat de banden binnen de club weer wat hechter aangehaald zijn. Van de vroege uurtjes ben ik al heel wat vergeten, maar ja, ik vind dat dat ook moet kunnen. Ergo Bibamus! Lowie |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Laatste wijziging: 04-06-2002 |