Pastei van Konijn



Ingrediënten:

80 gram boter - 1 groot konijn - 250 gram bloem - 2 dl water - 2 eetlepels olie - 2 dl cognac -
200 gram borstspek - 2 eieren - 300 gram bardeerspek - peper, zout - tijm - varkensgehakt -
laurier 

Bereiding:

Ontbeen het konijn. Weeg het vlees. Dit gewicht moet U ook aan gehakt hebben. Haal de vliezen
weg. Leg de stukken konijn in een schaal, geef er zout en peper over, besprenkel met de cognac
en laat in de koelkast gedurende een nacht marineren. Maak het deeg. Zeef de bloem in een kom,
maak er een trechter in. Doe hierin boter, 5 gram zout, olie en een eidooier. Geef er langzaam
onder het kneden het water bij en kneed het tot een soepel en stevig deeg. Maak hier een bal van
en laat het minstens 2 uur rusten in de koelkast. Beboter een pasteivorm. Rol 2/3 van het deeg uit
en bekleed er de vorm mee zodat het deeg ruim over de rand hangt. Draai een gedeelte van het
vlees van het konijn, samen met het gehakt 2 keer door de vleesmolen, met de fijnste plaat, voeg
wat cognac van de marinade toe, geef er zout en peper bij en meng het zeer goed. Snij het
borstspek in fijne juliënne. Bekleed de vorm met een laag bardeerspek. Leg een laag farce op de
bodem van de vorm, hierop een laag konijn, een laag spek enz. en eindig met een laag farce. Leg
er een laag bardeerspek over en plak er een deksel op, gemaakt van de rest van het deeg. Maak
een gaatje in het deksel, zet er een kartonnen schoorsteentje in. Klop de tweede eidooier los en
bestrijk hiermee het oppervlak van de pastei. Zet de pastei een uur in een oven van 200 graden C.
Laat ze afkoelen alvorens ze uit de vorm te halen.