Reisverslag van een fietsvakantie in de Loire

19 juli 2006 (Herman)

La canicule. Europa kreunt onder een aanhoudende hittegolf. Wij hebben 5 dagen vrij en brengen onze fietsen over naar de Loirestreek. Het kwik bereikt recordwaarden van boven de 38°C en gelukkig zijn er bij aankomst in het Campanilehotel in Orléans nog plaatsen vrij op het terras van het restaurant. Maar als we om 23 uur de reiskoffers uit de auto willen halen breekt er een enorm onweer los. De regen valt met bakken uit de hemel.

Veel regenkleding meenemen op de fietstocht ?

20 juli 2006 (Herman)

Niet nodig, het kwik stijgt weer kwik tot boven de dertig. We ontbijten op het terras en parkeren de wagen daarna aan de Auchan op 3 kilometer van het centrum van Orléans. We fietsen naar de Loire en volgen een zandweg op de oever tot een brug waar we het drukke verkeer moeten trotseren voor een inkijkje in het fraaie centrum van Orléans. Mooi, maar te druk, en we besluiten een fietswegwijzer naar Beaugency te volgen.

De weg volgt de oever over grintpaden beschermd met slagbomen waartussen het moeilijk manoeuvreren is met de fiets. We vlammen voorbij dure optrekjes, verwijderen ons van de Loire en dan … stopt de bewegwijzering. Voorbij St-Ay komen we op een heus mountainbikeparcours terecht, en aan een park weet onze gps “het ook niet meer” en dus besluiten we om terug te keren. 36 kilometer op de teller, als ochtend”opwarmer” kan dat tellen.

Na een heerlijke picknick op het parkeerterrein rijden we met de auto naar St-Dyé-sur-Loire, en nemen we onze intrek in het imposante Manoir de Bel-Air. En wat een ruime kamer !

Maar geen tijd want we plannen nog een fietstocht. Een combinatie van de Loire à Vélo – een langeafstandsfietsroute langs de Loire – en le Pays des Châteaux à Vélo – 11 fietslussen langs de verschillende kastelen. We volgen de groene fietsbordjes, slalommen over grintpaden en staan plotseling oog in oog met het indrukwekkende renaissancekasteel van Chambord met de 365 torens. Heel veel volk, een terrasje (en wij een biertje), een kleine markt. We fietsen door de tuin rond het kasteel, en volgen dan de kaarsrechte weg door het natuurpark. Waar zitten die everzwijnen hier ? Die zijn slimmer, die liggen in de schaduw bij deze hitte.

Verderop brengen bossen verkoeling, en heerlijke fietswegen brengen ons na 37 kilometer via de brug van Muides naar ons gezellige hotel.

Culinaire hoogstandjes (“le menu à 34”) heerlijk op het buitenterras met zicht op de Loire. Het is nog steeds zowat dertig graden …

De perfectie benaderd … of zelfs overschreden ?

21 juli 2006 (Herman)

Belgische nationale feestdag … maar toch een typisch Frans ontbijt. Croissant. Petit pain. Café au lait.

We laten de auto op de parking achter en fietsen met beperkte bagage naar ons volgend hotel in Pontlevoy. Het beginstuk kennen we al, maar nu laten we Chambord links liggen. In Bracieux vinden we de wegwijzers naar Cheverny. Betere paden dan gisteren, meer asfalt. Pistes cyclables zonder verkeer. Aan het kastel van Cheverny is ons water op en ons buikje rammelt. Een terras … et ils ont des salades !

Gelukkig heb ik dorst, want anders had ik de pression over mijn hoofd gegoten om af te koelen.

Je krijgt het kasteel pas te zien als je afdokt, en dus kiezen we voor de goedkoopste formule: jardin + château. Weeral een weergaloos meesterwerk, nu classicistisch. Nu we toch betaald hebben, bezoeken we ook de binnenkant van het kasteel.

De la Belgique ?, en prompt krijgen we een Nederlandstalige brochure. En dat in hartje Frankrijk – er zijn geen Fransen meer. De slaapkamer van de koning (wat een kort bed), de ontvangsthal, de wapenkamer. En de tafel staat gedekt alsof er straks gasten arriveren.

De watervoorraad aanvullen en dan doortrappen naar Cormeray, Chatenay, … Luxe boerderijen met binnenkoer, sommige reeds chambre d’hôte, andere op de verlanglijst van Mireille. En hier en daar een kasteel, waarvan door het weelderige groen slechts een glimp valt op te vangen.

In Feings buigen we ons over de fietskaart, want we gaan nu hors circuit. Nog even verfrissen en de drinkflessen aanvullen aan een waterpomp, en dan trouw de gps-pijl volgen tot in Pontlevoy.

We stallen onze fietsen aan het hotel de l’Ecole, en een dame komt vragen of we wel gereserveerd hebben, want alles is vol. Yep. Het is een hyperkinetische dame, ze blijft maar tateren. Elke zin herhaalt ze 3 – 4 keer, en constant: Ca va ?

Pontlevoy heeft een oude abdij met een kerkruïne en gezellige straten met oude huizen, en een bar Le Commerce op de place du Collège. Eén probleem: die is toe. Siësta tot half zes. Maar het is al vijf over half zes. Er is ook 1 winkeltje, en die hebben zowaar enkele koele blikjes frisdrank. Een uur later gaat het café discreet open, en we nestelen ons tussen de platanen met een pression.

Aan de muren van de abdij hangen allemaal foto’s uit de oude doos: “Le musée dans la rue”. Een ingedommeld dorp. Er is nauwelijks beweging in de straten.

(Mireille)

Door de toenemende onweersdreiging wordt het avondeten binnen opgediend. Een slaatje met chèvre chaud, gevulde kalfsrollade met veel groenten en tot slot een passievruchtensorbet met bavarois.

Later zoeken we een plaatsje op het overdekte terras bij de fontein en genieten lekker droog van het klank- en lichtspel.

22 juli 2006 (Mireille)

Wakker worden met de geur van versgebakken croissants. Uitgebreid ontbijt buiten in de zon: croissants, broodjes, geroosterd stokbrood, verse appelmoes, fruit, yoghurt, fruitsap en cake toe. Hiermee halen we zeker Blois.

Klokslag tien rijden we de hotelparking af. Alleen de eerste 3 kilometer zijn dezelfde als gisteren. We vervolgen onze weg langs een rustig baantje omzoomd door duizenden zonnebloemen. Heel de weg blijft glooiend, soms een steil klimmetje, dan weer een stevige afdaling. De zonnebloemen moeten de plaats ruimen voor wijnvelden. Een informatiebord leert ons dat we in de Touraine rondfietsen. En ook de wijngaarden verdwijnen. We volgen twee lange boswegen, vlak en schaduwrijk. De laatste kilometers zijn onvermijdelijk langs de grote weg naar Blois. Gelukkig ligt op de drukste plaatsen een afzonderlijk fietspad. Hotel Coté Loire spotten we zonder een blik op de gps.

Weer krijgen we een rustige kamer aan de binnenkoer toegewezen. Wat een rust. Fietskleding omruilen voor bermuda en T-shirt en de stad in. Leistenen daken, witte huizen en bakstenen schouwen. Een slaatje onder de platanen, en een niet zo bijzondere rosé.

Het plein voor het château straalt klasse en gezelligheid uit. Lodewijk XV zit statig op zijn paard. Binnen in het kasteel is het nog heel wat trappen op- en aflopen, langs sobere kamers.

Een drankje en een krantje bij de rozentuin, onder de goedkeurende blik van onze Louis. Dino’s komen piepen, hap hap door de grote vensters. En de kinderen maar joelen. Even later gaan de vensters weer dicht en lijkt het of er helemaal niets gebeurd is.

23 juli 2006 (Herman)

We verlaten Blois langs enkele drukke invalswegen, gelukkig doorgaans met fietspaden. We rijden helemaal naar het zuiden van het netwerk, een grote lus door het woud van Cheverny. Een hert staart ons verschrikt aan, en huppelt dan weg.

We spreken de knapzak aan (stokbrood, geitenkaas, tomaten) en stomen dan door naar Candé-sur-Beuvron. 70 kilometer op de teller. Nog even zoeken naar ons hotel, net buiten het dorp. Een mooie tuin, vriendelijke ontvangst, gerieflijke kamer.

We drinken een pintje onder de bomen en zoeken een ligstoel uit. Ik word wakker van het geschuifel van stoelen en het gerinkel van bestek en glazen: het diner wordt klaargezet.

We kiezen voor het duurdere menu découvertes maar het valt wat tegen: weinig verrassend, er valt weinig te ontdekken.

Maar het zwoele avondje maakt veel goed.

24 juli 2006 (Herman)

Hoe Mireille erin slaagt is niet duidelijk maar zelfs op deze slotdag vindt ze nog altijd fietswegen die we nog niet onder de wielen hebben gekregen. Wel ook een stuk La Loire à Vélo, veel minder goed bewegwijzerd, en we moeten ons beredderen met de gps. De Loire ligt steeds in de buurt, maar toch krijgen we ze pas helemaal op het einde te zien, na enkele stevige kuitenbijters.

We vinden de auto terug aan de Manoir de Bel-Air, zeggen de kastelen vaarwel en rijden met full airco terug naar ons Vlaanderland.

Voorbij de kathedralen van Vincennes, Fontainebleau, …