Reisverslag Mani

Dag 1 (Herman)

Ver van ons bed.

Zo leek het toen we beslisten om een verlaat vervolg aan onze Griekenlandreis naar Kefalonia te breien. We hebben de vinger laten rusten op Mani, een zuidelijk uitstulpsel van de Peloponnesos.

Ver van ons bed.

Jammer genoeg, want we hebben maar vier uurtjes geslapen. Om half vier zijn we uit onze zoete dromen gewekt, en die ruilen we in voor een Griekse droom ingeleid door een supervroege B-lightvlucht naar Athene. Ik word pas terug wakker (met een stijve nek) bij de landing in de Eleftherios Venizelos-luchthaven.

We krijgen van Avis een dubbele upgrade. Onze reiskoffers passen perfect in de Renault Scenic. 27°C – snel op bermuda en T-shirt overschakelen.

Mani moet nog even wachten. We gaan eerst een nachtje in Mystras doorbrengen. 250 kilometer rustige snelwegen brengen ons tot hotel Byzantion, aan een plein met een aantal restaurants (met nog de authentieke wankele rieten stoelen – ze bestaan dus nog …) waar we een Griekse sla met een lokale witte wijn doorspoelen. De burcht van Mystras ligt oninneembaar hoog boven het dorp. Het Byzantijnse vestingdorp is gesloten, maar we wandelen even tot de ingang. We ontdekken verschillende wandelpaden door het Taygetos-natuurgebied.

Een schoonheidsslaapje, en dan fris en monter een keuze uit de uitgebreide kaart op een binnenkoer. En dus uitgebreid eten … voor amper 24 euro voor twee. Een “kilo” wijn kost 4 euro.

En dan 10 kilo slaap …

Dag 2 (Herman)

It’s free today.

De dame achter de balie lacht ons toe en scheurt de gratis inkombiljetten uit haar boekje. Zo moeten we wel rijk worden, zeker.

Zonovergoten en haast geen volk. We flaneren langs de geplaveide straten in spinnenwebpatroon. Benedenstad, bovenstad, kastro. En overal kerkjes en kloosters. Eén ervan is nog bewoond door nonnen. Broekspijpen aan en uit. Mooie muurschilderingen, en prachtige kasteelruïnes op de top.

Na drie uur genieten rijden we naar Gythion, een havendorp aan de ingang van Mani. Een terrasje (één van de vele) aan het water ziet er verleidelijk uit. De Griekse sla ook.

Daarna steken we het schiereiland over richting Aeropolis. Weinig aanduidingen nog en zo rijden we aan de grotten van Pirgos Dirou verkeerd. Onderweg zien we overal sporen van de recente zware bosbranden. Enkele koeien en ezels versperren ons de weg.

Gerolimenas heeft smalle straten en nauwelijks parkeergelegenheid. Even te voet het Kyrimai-hotel zoeken. Schitterend, een torenhuis aan een baai. Zwembad, heerlijke terrasjes. Hier komen we helemaal tot rust. Ruime kamer met zithoek. Aan het zwembad krijgen we meteen gekoeld water geserveerd.

Plons, daar gaat Mireille. Haar plaats wordt meteen ingenomen door een jack russell. En die is moeilijk te overtuigen om ergens anders te gaan liggen.

’s Avonds dineren we in grandeur onder de luifel van het hotel. Het water klotst onder onze voeten. Moderne Griekse keuken, met zelfgebakken brood (onder meer op basis van de vrucht van de johannesbroodboom) erbij. Mireille gaat voor de geit. Een lekkere optie zo blijkt. Begeleid door een prima mounemvasiawijn. En nog één … Plus nog een likeurtje uit Samos.

Bob is gelukkig overbodig.

Dag 3 (Mireille)

Half tien – uitslapen kan eens deugd doen.

Het ontbijt wordt binnen geserveerd maar dan kennen ze ons nog niet goed ! We trotseren de hardnekkige wespen en een paar regendruppels en installeren ons op het terras aan de zee. Wat een luxeontbijt : 3 soorten brood, apple pie, cappuccinocrème, roereieren, kaas, ham, tomaat, komkommer. Of we nog yoghurt willen ? Oeps …

We grabbelen de wandelschoenen en het Sunflowerboekje vast en beginnen aan hike nummer 14: van Gerolimenas naar Alika, een middelzware tocht naar 550 meter hoogte naar verlaten en halfbewoonde torendorpjes. Fantastisch, mooie nieuwe wegwijzerbordjes, met soms zelfs een overzichtskaart ernaast.

Het eerste dorpje – Ano Boularii – ziet er bewoond uit al is er geen levende ziel te bekennen. We verlaten de asfaltweg en lopen even langs de oude en verweerde Ayios Stratigoskapel, gesloten maar wel pittoresk gelegen. Vanaf hier lopen we constant over een ezelspad, gestaag klimmend. Alleen enkele koeien versperren wel eens de weg, maar schrikken zich rot als ze ons in het oog krijgen.

Met honderd schrammen extra op mijn benen klauteren we een allesbehalve stevige murenwal over en doemt plots het halfvervallen dorpje Pepon op. Ook hier is het uitgestorven. De zon toont zich bij flarden en dus onderneem ik verschillende digitale fotopogingen. We klimmen verder en staan dan in Leontakis. Een oud vrouwtje roept haar grote hond bij zich. Ons toch maar snel uit de voeten maken. Ook Mountanistika maakt een sombere indruk. De meeste torens zijn vervallen. Vanaf daar is het even zoeken, vooral omdat achteraf blijkt dat de bordjes verkeerd geplaatst zijn. Het resterende stuk bestaat uit 8 kilometer asfalt: amai mijn voeten. Eentonig en met massa’s lastige vliegen.

In de vliegvrije zone van het hotel krijgen we te horen dat we een nieuwe kamer krijgen, wegens uitbreidingswerken naast ons huidige kamer. We mogen kiezen en opteren voor kamer 307: zicht op zee, terras, bubbelbad en tv met dvd-speler. En dat zonder meerkost.

Nog even verfrissing zoeken in het zwembad en dan uitgebreid gebruik maken van het terrasje. Zalig. Wanneer we ’s avonds op zoek gaan naar een restaurant valt het op hoe weinig toeristen er nog zijn. Op elk terras zien we alleen nog Grieken zitten. Het laatste eethuis – hotel heeft een grote verlichte kaart hangen. Wanneer we die aan het overlopen zijn komt een jongen ons vertellen … dat er bijna niets voorhanden is. Enkel nog souvlaki (kalf en lam) en sla. De keuze is dus snel gemaakt.

En het doet geen zeer aan de portemonnee : 22 euro voor 2 personen, 2 maal een karaf wijn en een fles water inbegrepen.

Dag 4 (Herman)

Kaap Tenaro ligt in het uiterste zuidpuntje van het Mani-schiereiland, en onze Sunflower-wandelgids heeft er een staptocht van respectievelijk Porto Kayio en Kokkinoyia naar beschreven.

Voorbij ons hotel staat een bordje “Last Gas Station” en dus laten we de auto nog eens vol slurpen. Een kronkelweg brengt ons niet zo dynamische wagentje langs het majestueuze torendorp Vathia, een dreigend silhouet aan de blauwe hemel. Vanaf hier vinden we alleen nog maar verroeste en half onleesbare richtingbordjes in het Grieks, en samen met 2 camperwagens rijden we ons vast op een doodlopende weg in het kustdorp Marmaris. Iedereen terug gedraaid en een andere zijtak voert ons naar Porto Kayio, een dorp aan het strand met 3 restaurants en wat woontorens. De beloofde wandeling valt niet te traceren (er staat veel nieuwbouw in de weg) maar we ontdekken wel een heerlijk maar helaas kort kustpad dat naar en voorbij een kapel (Agios Nicolaos – waar hebben we dat nog gehoord ?) voert. Heerlijk flaneren bij 27°C.

Bij het terugrijden ontdekken we een verborgen pijl naar Tenaro. Via een zwartgeblakerd gebied (bosbranden van 2001) komen we op een apocalyptische vlakte – grauwe stenen, stekelige bloemen en maquis, en een sombere Poseidontempel. Dit is Kokkinoyia – in de verte zien we Kaap Tenaro liggen.

De namiddag brengen we door aan (en in) het zwembad, waar we regelmatig gekoeld water krijgen voorgeschoteld.

De gekoeld rosé is voor straks …

Dag 5 (Mireille)

Een dagje relaxen aan het zwembad. Van de wandeling komt niets in huis want de paprika’s van gisteren zijn ons niet goed bekomen.

Met de huishond Chica aan de voeten bestaat de grootste inspanning van de dag uit enkele plonspartijen. Aperitief wordt geschrapt, we houden het bij een karige slamaaltijd. Tijdens het eten komen Aziatische jongens met rugzakjes vol kitscherige spullen toe: papegaaien met oerwoudgeluiden, compacte vislijnen, flitsende kruisbeelden, mp3-spelers, … En ze hebben nog veel succes bij de Grieken ook.

Dag 6 (Herman)

Afscheid van het rijkelijke ontbijt, de zee, het fantastische hotel en de hond Chica.

En ook van het mooie weer ? Tien kilometer noordelijker zitten we immers reeds in de wolken en wat verder vallen de eerste regendruppels.

Voorbij Gythion klaart de hemel gelukkig weer op en in Mykene is het weer “volle bak” zon. We krijgen voor het eerst wat massatoerisme met bustoeristen die mekaar geen millimeter uit het oog willen verliezen en zo compleet de weg versperren maar voor de rest totaal ongeïnteresseerd naar de dame met de paraplu luisteren.

We slagen er toch in om de grandioze leeuwenpoort en de prachtige tholosgraven rustig te bezoeken, tanken de auto nog eens vol en rijden vlotjes naar de luchthaven van Athene waar de inlevering van de wagen efficiënt verloopt.

Metro 3 brengt ons in drie kwartier naar het levendige Syndagmaplein. Ons hotel Central ligt vlakbij, maar oogt van buitenaf zo onopvallend dat we het haast niet vinden. Weer een upgrade: een comfortabele kamer met balkon. En op de bovenverdieping een arendsblik op de Akropolis.

En na de maagperikelen … een gezellige italiaan in de buurt. Heerlijk buiten op het terras. Dat wordt een gewoonte !

Dag 7 (Herman)

Aha, de klassiekers.

Op de Akropolis worden we door de gigantische horden toeristen haast van de trappen gelopen. Veel steigers, maar toch grandioos in aanblik. Een fanfare speelt naast het Erechtheion voor een of andere plechtigheid; de wapenbroeders in minirokjes (!) komen afgemarcheerd. Zes kariatiden, Ionische zuilen, het theater van Dionysos. Digitale voltreffers.

Een Aefa-biertje op Syndagma, en dan opgeladen naar het Archeologisch Museum. Wat een rust hier. Het masker van Agamemnon (niet van Agamemnon), de bronzen ruiterjongen van Kaap Artemision (volop in galop), de naakte kouroi (Mireille wordt terug wakker), de talloze gouden en bronzen juweeltjes (niet geprijsd), de vazen- en kruikenafdeling (wel 30 soorten !), twee geraamtes met talloze gebreken (je zou voor minder dood zijn), de in de jaren 90 van vorige eeuw gevonden dame van …….. (zeer mooi gerestaureerd). Te veel om op te noemen. Een topper !

Een wit wijntje in de zwoele avondlucht.

Tot het onweer losbarst.

En onmiddellijk duiken van overal parapluverkopers op … “Umbella, umbella” (sic). En de Plaka-toeristen happen toe voor 5 euro.

Wij hoppen van winkel naar uitstalraam en vinden dan een trendy restaurant. Lekker maar 5 keer te veel.

En dan dag zeggen tegen de verlichte Akropolis van op het zevende.

Dag 8 (Herman)

Een geplunderd ontbijtbuffet en een hyperkinetische dame die “om de twee happen” de tafel wil afruimen.

De Romeinse agora (met het Huis der Winden dat een wateruurwerk blijkt te bevatten) en de veel grotere Griekse evenknie. Met een fantastisch bewaarde tempel van Hephaestus als hoogtepunt.

En dan een moderne agora als afsluiter: de Plata Syndagma waar een grote spinningstand staat opgesteld om de Grieken onder opzwepende muziek te laten kennismaken met sport.

Wij houden het bij een zonovergoten terras bij 26°C. Straks wacht de airco van de metro, luchthaven en vliegtuig. En de kou in België.

Straks … nu even niet.