Reisverslag uit Zwitserland : Saas Fee

Woensdag 16 augustus 2000

Een prettig weerzien met Saas Fee ! Na onze drie skivakanties in dit idyllisch, hooggelegen (1790 meter), verkeersvrij dorp, maken we gebruik van een verlengd weekend om de vergelijking te maken met Saas Fee in de zomer.

In Résidence Atlantic - we beginnen hier stilaan stamgasten te worden - krijgen we een ongelooflijk ruime kamer met apart salon toegewezen, helemaal in de nok van het chalet. Eerste toemaatje : een balkon langs de zonnekant. Tweede verrassing : een jacuzzi in de badkamer.

Opgemonterd starten we dan ook 's middags - eerst een dure wandelkaart gekocht - voor de eerste wandeling. Alleen de keuze is nog wat moeilijk : Plattjen, Maste4, Spielboden ? Na rijp beraad slaan we definitief richting Spielboden in. Eerst via een breed gravelpad, daarna toch al wat pittoresker langs een kronkelend, flink stijgend bospad. Hier lopen wel veel toeristen rond, waarvan een flink aantal eerst de kabelbaan naar boven neemt en dan de afdaling aanvat.

Na wat terrasjes die we stoïcijns links laten liggen (de euro is weeral gezakt tegenover de Zwitserse frank) komen we aan een kleine gletsjer. Vanaf hier gaat het in steile lussen verder omhoog, tot we eindelijk aan station Spielboden (2447 meter) op een steen kunnen uitpuffen. De wil is er wel, doch het vlees ...

De afdaling gaat dan weer wel gezwind, en via een leukere variant langs een kolkende rivier komen na zowat 4 uur wandelen aan ons zonovergoten terrasje toe. Het is hier snikheet, en na onze slappe Belgische zomer profiteren we hier met volle teugen. Een bubbelbad en apero verder zijn we helemaal opgekikkerd.

Het eten blijkt nog altijd even ongecompliceerd te zijn : Kraftbrühe und Schweinefleisch.

Morgen voorzien we een hele lange trektocht tot de Italiaanse grens ... als we op tijd wakker zijn.

Donderdag 17 augustus 2000

... wat niet het geval is zodat we voor een andere wandeling opteren, namelijk naar de Brittanniahütte via Plattjen. Met een lokaal brood in de rugzak gaan we meteen stevig aan de klim tot boven de boomgrens aan Plattjen Berghaus. Van hieruit gaat het zo mogelijk nog steiler naar Plattjen (2570 meter) langs een rotsig pad. Daar nestelen we ons tussen de andere toeristen om de bokes op te eten, lekker in het zonnetje. Een panoramabord toont ons hoe al die bergen hier heten. De Weissmiess is de meest opvallende met zijn ice cream look.

Vlak onder de Mittaghorn zien we plotseling 3 steenbokken die iets handiger (potiger ?) dan wij over de rotsblokken laveren. Gisteren al marmotten gezien, vandaag steenbokken, onze faunalijst begint stilaan vorm te krijgen.

Een heel mooi tracé boven ruige rotsblokken die door mekaar lijken gegooid brengt ons naar uitzichtpunt Heidefriedhof. Hier staat een groep Zwitsers lokale liederen te kwelen, daar komt regen van.

En inderdaad, een eerste bliksemflits, de wolken glijden samen en de eerste koude regendruppels vallen op onze kruin. Daar komt nog eens een ijzige wind bij, en dat juist op het zwaarste stuk : eerst een staalharde klim over puin tot de Chessjengletsjer. Dan steken we over rotsblokken een rivier over, en dan barst in alle hevigheid een hagelstorm los. Bliksemflitsen scheuren de hemel in stukken. We raken het spoor bijster, tot we plotseling iets verder gewenkt worden door 2 wandelaars die een rudimentaire schuilplaats onder een rotsblok gevonden hebben. Ik ben echter iets te breed - of eerder de rotsblok te smal - en zo word ik toch goed nat gehageld.

Als het iets mindert zijn we helemaal verkleumd , toch besluiten we in het zog van de 2 anderen langs de gletsjer te lopen naar de Brittanniahütte. Het is ijskoud, regelmatig tuimelen we in de sneeuw. We hebben geen gevoel meer in onze handen - is dit vakantie ?

Na lang geploeter door de sneeuw - de hut blijkt nog steeds een flink eind verwijderd - denk ik : nog even doorzetten, en dan een heisse Chocolademilch in die hut. Mireille montert me meteen op met de opmerking dat de hut onbemand is (wat na verder nazicht trouwens niet bleek te kloppen).

Opeens zitten we helemaal vast : voor ons de Brittanniahütte, maar daartussen spekglad ijs en links zelfs een poel ijswater. Terugkeren dan maar, nu bergaf strompelend door de sneeuw, terug tot aan de rivier. Gelukkig komt de zon nu en dan een kijkje nemen van tussen het wolkendek.

We besluiten verder naar station Fellskin te trekken - weeral klimmen zegt Mireille dat op 2991 meter ligt, om geen 3000 te zijn.

Een flinke klim over een rotsig pad, en daarna een afdaling met weeral acrobatie door de sneeuw brengen ons naar het station waar we de kabelbaan naar ons vertrouwde dorpje nemen.

De timing is perfect : nu we verkleumd zijn is de sauna annex bubbel in het hotel open. Aandringen is dan ook overbodig.

Vrijdag 18 augustus 2000

Vandaag sneller wakker dan de wekker, dus kunne, we wel de lange wandeling naar de Italiaanse grens aanvatten. De Zwitserse Frank De Bosere heeft stralend weer voorspeld voor de komende 2 dagen, dus dat zit wel snor.

De start is wat teleurstellend : eerst een braaf dalend bospad tot het buurdorpje Saas Almagell, vervolgens flankeren we de Vispo-rivier over een pad door een weide, met zelfs een stuk asfalt tussenin. Dan slaan we een keienweg links in, en moeten langs een versperring. De bedoeling ervan snappen we als we in de verte koeien zien staan. We groeten een boer die ons geen blik waardig gunt. En plotseling staan we voor 4 uit de kluiten gewassen stieren, waarvan er 2 een gevecht leveren voor het meesterschap over de kudde.

Opeens komen ze met de hoorns in de aanslag recht op ons aangestormd. Ik duik achter een rots en roep Mireille toe om ook dekking te zoeken. Ze reageert echter wat traag en met de stieren vlakbij glijdt ze uit en valt languit op de rotsstenen. Gelukkig kan ze nog net op tijd wegkruipen. Voorzichtig sluipen we verder langs de kant van de weg. Mireille moet verder met een gehavende enkel. Wedden dat ze volgende keer een rode lap meebrengt ?

Na nog wat klauterpartijen komen we aan het Mattmark-stuwmeer. We zitten nu op 2203 meter hoogte. Hier hebben nogal wat toeristen hun auto gestald. We lopen een stukje langs de oostkant van het meer, waar we een bord zien met de mededeling dat de rondwandeling tot Saas Almagell vanaf hier nog 7 uur en 30 minuten duurt ... Dat vinden we nogal lang (dan komen we pas om 20 uur in het hotel terug) en dus beslissen we om een heen- en terugtocht naar een andere grensovergang met Italië te maken : de Passo di Antonine voor de Italianen, de Ofentalpas voor de Zwitsers.

We slaan een stenig pad links in dat aanvankelijk stevig aan de klim gaat. Daarna gaat het wat milder, we moeten regelmatig een klaterend stroompje oversteken. We ronden enkele heuvelruggen, de ene wat scherper stijgend dan de andere, en laten de splitsing naar Jazzilücke links liggen. Het laatste stuk is ongelooflijk steil : een muur van rotsen en losliggende steenplaten. Na een kwartier krijgen we de grenspaal in het vizier, en kunne we de symbolische stapjes in Italië zetten.

De terugweg over de losse stenen wordt eerst nog heel voorzichtig aangepakt, maar daarna zet ik mijn turbo op om mijn dalerscapaciteiten nog eens uit te testen. De verdere terugtocht vanaf het meer verloopt zonder noemenswaardige problemen, al lopen we wel een stuk langs het asfalt om een nieuwe rodeo te vermijden. Mireille krijgt trouwens al schrik van zodra ze een "koeienpla" ziet liggen. Het is ondertussen weer gaan regenen. Het laatste stuk eentonige weg tot Saas Almagell, en daarna naar Saas Fee kost ons uiteindelijk nog de meeste moeite - vooral psychologisch.

Uiteindelijk parkeren we onze wandelschoenen aan het hotel na ruim 9 uur wandelen. Maar na een kwartiertje aperitieven zijn we helemaal bij onze positieven.

Al wordt de traditionele avondwandeling geschrapt ...

Zondag 19 augustus 2000

Onrustig geslapen (een hele nacht gedroomd van de dodentocht van Bornem).

Een stralend zonnetje - met groeten van de weerman - komt schuchter over de bergtoppen piepen, en dus besluiten we om terug onze stoute (wandel)schoenen aan te trekken voor een "rustige" wandeling. Keuze van Mireille : de Hanig.

Het beginstuk is een fraai bospad - licht glooiend terrein. We lopen wel een stuk verkeerd : Sengg, Senggboden, Unter den Senggboden, die Zwitserse namen lijken nogal op mekaar. Enkele steenbokken springen behendig naar omlaag, een eekhoorn spurt naar de kruin van een boom.

En dan volgt ... de zwaarste beklimming van deze reis : een half uur loodrecht omhoog door een bos. Er is geen ontkomen aan, voetje voor voetje schuifelen we naar de top waar we boven de bomen zicht krijgen op de omliggende bergtoppen. Er staat een waarschuwing te lezen dat de Höhenweg naar Grächen afgesloten is, doch wij slaan het Steinwild-Pfad in, dat meteen flink over de rotsen slingert.

Het is een schitterende route : we laveren over rotsen en steenplaten, soms moeten we over gigantische rotshopen klauteren. Na elke bocht wacht een nieuwe beklimming, veel Zwitsers komen uit de tegenovergestelde richting naar beneden (Gruezi !).

In een 360° panorama eten we de boterhammetjes op, en na nog een korte inspanning bereiken we de top op 2764 meter hoogte. We herkennen vanaf hier al de skistations die we van de voorbije jaren nog kennen : Maste4, Fellskin, Mittelallallin (verscholen tussen de wolkjes), Spielboden, Längflüh.

Na een korte afdaling volgt weer een "kletter" partij over gigantische rotsen. Ik neem een foto van de route, en plots zie in links een steenbok staan. Ik wenk Mireille stilletjes naderbij te komen, we klimmen nog wat rotsen omhoog, en dan staan we oog in oog met dit majestueuze dier. Het stoort zich niet aan onze aanwezigheid en blijft rustig verder herkauwen. Net nu moet ik natuurlijk eerst nog een nieuw filmpje insteken, doch de steenbok blijft rustig zitten voor de waw-fantastisch !-foto's.

We ronden de top van Mellig en dalen (gemakkelijk) af naar het station van Hannig. Onderweg vraagt een vermoeide toerist die naar boven komt geklommen of er "Steinbücke" zitten. Na mijn bevestigend antwoord geef ik nog wat extra tips in het Engels, doch hij haalt niet-begrijpend de schouders op en sjokt verder.

Vanaf Hannig volgt nog een saaie afdaling tot Saas Fee, waar we onder een dreigende hemel nog wat winkelen en fotootjes nemen. En ons voorbereiden op het feest : vandaag kennen we mekaar 12 jaar. En dat moeten we vieren ... met Kraftbrühe en Schweinskoteletten ... ?

Voor de aperitief zullen we alvast al maar zelf zorgen - zeker is zeker ...