De wandelingen die wij deden waren heel rustig: op al onze tochten zagen we
maar enkele andere wandelaars.
Stafkaart (wij gebruikten de uitstekende kaarten van Ordonance Survey) en kompas
waren noodzakelijk, de aanduiding en bewegwijzering van de wandelpaden is heel
summier, vaak beperkt tot een aanduiding bij de start van het pad. Veel paden
of splitsingen zijn aangeduid door steenhopen (cairns). Deze cairns staan ook
de stafkaarten, hierop kan je dan prima je oriëntatie bepalen. Denk eraan
dat het weer snel kan omslaan, en dat zelfs op eenvoudige wandelingen bij slecht
zicht je weg vinden een serieus probleem kan zijn.
De paden op Arran en Mull die we volgden waren behoorlijk ruig, veel stenen,
af en toe moesten we ons door de struiken wurmen. Ook veel drassige stukken,
goede wandelschoenen zijn een must.
Arran – wandeling naar steencirkels van Machrie
Pad start vanaf de weg in het dorp Machrie, het is even zoeken naar het begin.
Er is parking voor een zestal auto’s recht tegenover dit startpunt (inham
rechts van de weg als je van het N komt).
De wandeling zelf start als een karrenslag, wordt later een nagenoeg vlak, lichtlopend
pad. Geen bewegwijzering maar je kan niet missen. Je passeert een aantal (restanten
van) steencirkels, de laatste cirkel is het mooist (een foto hiervan kan je
op vele brochures vinden): 3 rechtstaande smalle stenen, ca. 6 m hoog, in een
wilde omgeving. Wandeling is in totaal ca. 4 km heen en terug. Niets om speciaal
voor naar Arran te gaan, als je er toch bent kan je hier bij goed weer een mooie
halve dag mee vullen.
Arran – wandeling naar King’s Cave
Niet ver van Machrie begint het wandelpad naar deze grot, gelegen aan de zee.
Als je de weg richting Z volgt, net voorbij Ashlar Farm, zie je aan de linkerkant
van de weg een brievenbus, even verder is er eveneens links een inham waar je
kan pakeren.
Om het pad naar King’s Cave vandaar op te pikken zijn er twee mogelijkheden:
1) een eindje langs de baan terugwandelen (richting N dus), links een karrenspoor
inslaan richting zee, volgen tot het einde, dan links, evenwijdig met het strand
wandelen. Dan neem je steeds de rechtse afslag, tot je aan de basis van een
heuvelrug komt, bovenaan ligt het pad dat je moet volgen. Omhoog klauteren (geen
pad) tot aan de rand van het bos, het pad dat daar ligt naar rechts volgen.
2) weide tegenover de parkeerplaats (weg oversteken) gewoon lijnrecht omhoog
doorsteken, start bij hek tegenover de parking en mik op het gat in de haag
op het eind van de eerste weide. Vanaf daar naar bosrand klauteren, daar het
pad oppikken en naar rechts volgen.
Het pad loopt hoog boven de zee, knappe uitzichten, en daalt dan langzaam naar
een mooi strand, waar je aan de voet van de rotsen een reeks ondiepe, door de
zee uitgesleten grotten kan vinden, en in de verte enkele bizarre rotsformaties
kan zien. De grootste grot is King’s Cave, die om conservatieredenen met
een hek afgesloten is.
De wandeling heen en terug is ongeveer 6 km, veel stijgen en dalen, stevige
klauterpartij om het pad op te pikken (je kan ook verder N-waarts het begin
van het pad langs de weg vinden, dit is een serieuze omweg). Leuke wandeling,
de grot zelf valt tegen.
In het nabijgelegen Catachol kan je in het Catachol Bay Hotel voor weinig geld
in de pub heel lekker eten.
Info: http://www.mysteriousbritain.co.uk/scotland/arran/kingscaves.html
, http://www.aboutargyll.co.uk/pages/arran.htm,
http://walking.visitscotland.com/walks/southscotland/212738
)
Arran – bergen en Loch Tanna
De vorige wandelingen waren tof als aanloop, dit is andere koek. Als je op de
weg rond Arran rijdt krijg je niet veel van de bergen in het binnenland te zien.
Deze wandeling voert recht de bergwereld in. Wij wandelden hier op een zonnige
dag, en zelfs dan was het bovenop de heuvels behoorlijk guur. We kwamen op een
hele dag wandelen welgeteld 1 jogger (die hetzelfde pad als wij aan het lopen
was…) tegen, voor de rest niemand.
Het pad start in Catachol Bay, komend van het N kan je net over de brug, voorbij
de huizen, links van de weg parkeren. Te voet de brug oversteken, het pad start
net over de brug en volgt de rivier stroomopwaarts. Volg de wegwijzer ‘Loch
Tanna’. Tof wandelpad in U-vormige vallei. Volg dit gedurende ca. 2.5
km. Aan een steenhoop (cairn) splitsing naar links volgen, vrij onduidelijk
pad, geen wegwijzer. Dit pad loopt in de vallei Glen Diomhan. Zeer mooi pad,
doorheen de planten, klimmend voorbij een omheind natuurreservaat. Volg dit
pad tot het doodloopt (op de waterscheiding). Ga nog een eind verder rechtuit
tot je een schitterend zicht krijgt op de vallei erachter.
Je kan via dezelfde weg terug, of een ander pad oppikken aan de overkant van
een paar heuvels. Sla dan rechtsaf, klauter de helling omhoog (geen pad –
onze dochter kon hier niet echt mee lachen…). Vanaf de top van deze heuvel
zie je links Loch Tanna liggen, mik nu op de heuvel net rechts van dit meer,
en wandel die richting uit. Schitterende uitzichten: meren, meanderende rivier.
Eerst dalen, daarna naar de top van een volgende heuvel (Beinn Tarsuin), vanaf
deze top recht afdalen zodat je even rechts van Loch Tanna uitkomt. Vallei beneden
naar rechts volgen tot je aan een grote cairn (steenhoop) komt die het begin
van het wandelpad aanduidt dat je terug naar Catachol Bay zal brengen. Blijf
steeds rechts van de beek wandelen, anders geraak je er aan het einde niet meer
over. Het laatste stuk van het pad is hetzelfde als de heenweg.
Schitterende wandeling, ca. 15 km (wij deden er 7 uur over), veel stijgen en
dalen, 1/3 zonder pad (steil klauterwerk vol rotsen en struiken), stenig, soms
zeer nat. Goede wandelschoenen, kaart en kompas noodzakelijk. Geen wandeling
om bij slechte zichtbaarheid te doen.
We haalden deze wandeling uit het boek ’44 walks on the Isle of Arran”
(zie: reisgidsen).
Info over wandelen op Arran: http://www.buitensport-schotland.nl/law/law_acw.phpen
http://www.umsu.manchester.ac.uk/hiking/hikedests/arran/index.html
Mull – Carsaig Arches
Na een mistige ferry-overtocht Oban-Craignure en een eerste overnachting op
Mull rijden we naar Fionnphort, en dan via een éénbaansweg, die
elke bult in het landschap volgt, naar Carsaig. Het laatste deel duikt zeer
steil naar beneden en eindigt op de pier van Carsaig. Op het einde van de weg
is er een kleine parking voor een zestal wagens, als die vol staat heb je pech,
want je kan nergens anders je auto kwijt.
Vanaf de parking volg je het karrenspoor naar rechts, dat even boven het strand
loopt. Even later, na oversteek van een zompig deel, loopt het pad naast de
zee, tot aan het einddoel. Geen bewegwijzering, pad echter wijst zichzelf uit:
gewoon de kust volgen.
Zeer stenig pad, veel klimmen en dalen, soms over grote stenen, lastig stappen.
Sommige delen zijn zeer drassig.
Het is moordend heet als wij de wandeling doen, geen zuchtje wind, en bij elke
beek zoeken we verfrissing. Fraaie weidse uitzichten over zee en rotskust.
Na ca. 2 km komen we aan een ondiepe grot, temidden van het groen: Nuns Cave,
spijtig genoeg volgescheten door geiten. Deze wilde geiten zie je overal langs
het pad grazen.
We bereiken de Carsaig Arches, rotsbogen die door de zee uitgesleten zijn. Het
zicht hierop valt wat tegen, enkel de eerste boog is zichtbaar, de tweede boog
is enkel via een halsbrekende klauterpartij te bereiken. We passen hiervoor
en keren langs dezelfde weg terug.
Op de terugweg zien we nog een otter, die na een vispartij in zee zich in een
beek aan het spoelen is (de otter is uiterst schuw, dit is een zeldzame ontmoeting).
Met de verrekijker kunnen we gedurende een kwartier ook twee bruinvissen volgen
die niet ver van de kust zwemmen. Op het eind van de wandeling zien we ook nog
een ree.
We wandelden in totaal ca. 7 uur, afstand heen en terug ca. 15 km.
Niet onbelangrijk: ’s avonds blijken we allemaal vol teken te zitten,
het kan bijna niet anders dan dat we ze op deze wandeling opgescharreld hebben.
We verwijderen ze allemaal, en hebben er verder geen last van ondervonden. We
informeren ons, het blijkt inderdaad dat er op sommige plaatsen in Schotland
zeer veel teken zitten, de Schotten zelf lijken zich daar echter weinig zorgen
om te maken…
Info: http://www.isle.of.mull.com/Ross_of_Mull/carsaig.htm
Mull – wandeling naar en overnachting op Traigh Gheal (White Beach)
Het mooiste strand van Mull ligt afgelegen in het natuurreservaat Tireragan
en is enkel te voet bereikbaar. Startpunt van de wandeling: volg het baantje
dat naar Fidden Bay loopt verder tot Taigl Site (net voor Knockvologan, waar
de weg doodloopt op een hek), links van de weg is een parking, daar hangt ook
een wegwijzer ‘walks 200m’.
Volg de wegwijzer, het pad start voorbij een vooruitspringende groene landbouwhangar,
er hangt een infobord en een postbus met infofolders over het natuurreservaat.
Het eerste stuk is een ruw stenig karrenspoor. Na een eerste hek volgt een grassig
pad tot een tweede hek. Aan de splitsing na het hek heb je de keuze: rechtsaf
via een breed pad recht naar het strand (ca. 5 km vanaf parking), links kom
je op een zeer avontuurlijk ‘natuurpad’ terecht. We kiezen voor
het laatste, dat in theorie met rode stippen op de bomen aangeduid is, maar
deze aanduidingen blijken heel schaars te zijn. Het smalle pad loopt door de
planten, en we worstelen ons letterlijk door manshoge varens en onder lage boompjes.
Ons tekenavontuur van de dag tevoren indachtig zijn we er niet meer zo happig
op om veel contact met de planten te maken.
We komen in een gebied met een wirwar van kronkelende paadjes, door de hoge
plantengroei kunnen we ons niet meer oriënteren en raken van het goede
pad af. Door op kompas in de goede richting te lopen komen weer op het correcte
pad.
De hoge planten maken plaats voor drassig gras, het pad takt even later af naar
een vallei die naar zee loopt, aan het eind ligt White Beach, waar we op een
grasveld net boven het strand een sublieme kampeerplaats vinden. We hebben zowat
7 km gestapt. Ook hier is een kaart en kompas noodzakelijk, het summiere kaartje
in de folder volstaat niet. De paden lijken anders te liggen dan op onze stafkaart,
we gaan meer op richting en reliëf af om onze weg te vinden.
White Beach is omzoomd met hoge rotsen, heel knap, en wij zijn er volledig alleen,
een zalig gevoel.
Het is inmiddels reeds laat, we verheugen ons erop om met een stralende zon
wakker te worden, maar helaas, de volgende morgen horen we de regen op onze
tentjes vallen. In een druilerige regen breken we op en wandelen terug naar
onze auto. We kiezen nu wijselijk voor het rechtstreekse pad en staan na anderhalf
uur stevig doostappen (en drijfnat, voornamelijk omwille van de hoge en zeer
natte varens) terug aan het beginpunt. We vullen onze auto en rijden naar Bunessan,
waar we in het Reef Restaurant zeer lekker eten.
Schitterende wandeling naar een subliem strand. Bij goed weer moet je hier ook
zalig kunnen baden en zwemmen, het strand ligt in een afgeschermde baai.
Info: http://www.highlandrenewal.org/tmpwo.pdf,
http://www.blackshouse.demon.co.uk/beaches.htm)
Mull – wandeling naar Ardmore Bay (http://walking.visitscotland.com/walks/argyllisles/ardmore_bay
en http://www.forestry.gov.uk/website/ourwoods.nsf/SearchAgentView/ScotlandArgyllandButeNoForestArdmoreArdmoreCarParkArdmoreBaywalk)
Gebied onder beheer van de Forestry Commission. Een aftakking van de weg tussen
Tobermory en Calgary leidt naar het startpunt, een kleine parking voor het hek
van een grintweg. Het grijze mistige weer, de gekapte bossen (de zin van een
wandelpad tussen boomstronken ontgaat mij), het brede saaie pad, het uitkijkpunt
voor zeehonden waar niets te zien is, het valt ons allemaal tegen. Totaal 8
km heen en terug, 2 uurtjes stappen.