Le Centre Pompidou

 

 

Dit merkwaardig en veelbesproken cultureel centrum wend tussen 1972 en 1977 op het plateau Beaubourg (naam ontleend aan een middel­eeuws dorpje) gebouwd, op initiatief van president GeorgesPompidou. De Amerikaan R. Rogers en de ltaliaan R. Piano waren de architecten van dit avant-garde complex dat zo sterk contrasteert met de l9°eeuwse huizen uit de omliggende straten. Het telt bovengronds vijf verdiepingen (166 x 60m, 42,5m hoog) waarvan de ruimte geheel vrij is, omdat het structurele skelet, de electrische kabels, de sanitaire buizen, de trappen, liften en gangen aan de buitenkant zijn geplaatst. Aan de straatzijde (rue Beaubourg) zijn alle voorzieningen, zoals water, elektriciteit en airconditioning samengebracht. Vandaar zien we al die verschillend gekleurde pijpen en buizen aan die kant. Daardoor werd zoveel mogelijk ruimte vrijgehouden voor de inrichting van het museum. Een inrichting die op elk moment kan worden veranderd van vorm en afmetingen.  Aan de pleinzijde bevindt zich de met staal en glas. overdekte transportband die de mensen zigzagsgewijze omhoog voert naar de top van het gebouw. De vloeren worden gedragen door een zichtbaar stalen vakwerk, dat zeer nauwkeurig is opgehangen aan het structurele frame van massieve en holle stalen onderdelen, die het ingewikkelde geraamte vormen dat we van de buitenzijde zien. Binnen dit frame is het gebouw afgesloten met glas. Ondergronds zijn er busstations, parkings, winkels, cafe's, een bioscoop en tentoonstellingszalen.

Voor het centrum is er een lichthellend plein (parvis) waar heel wat activiteiten van het Parijse straatleven zich afspelen. Een van de bedoelingen van de ontwerpers van dit cultureel centrum was kunst en cultuur dichter bij het publiek te brengen. Het is dan ook geopend tot 10 uur 's avonds. Men vindt er een bibliotheek waarin men rechtstreeks toegang heeft tot boeken, dia's, video-banden enz., het Centre de creation industrielle, waar men zoekt naar een goede vormgeving voor onze dagelijkse gebruiksvoorwerpen, het Institut de recherche et de coördination acoustique et musical en vooral het Musée National d'Art Moderne.

 

Musee National d'Art Moderne

Dit museum is uitsluitend gewijd aan de belangrijkste stromingen en individueel werkende kunstenaars uit de 20ste E. O.a. fauvisme, expressionisme, kubisme, futurisme, constructivisme, surrealisme en na WOll abstract expressionisme, neo-dadaisme en assemblage, pop-art, op art en kinetische kunst, arte povera, hyperrealisme.... Dit museum organiseert ook regelmatig groots opgevatte tijdelijke tentoonstellingen over moderne kunst (op het gelijkvloers en op de 5° verdieping).

Nu telt het Centre Pompidou gemiddeld acht miljoen bezoekers per jaar, dat is twee keer zoveel als de Eiffeltoren en bijna evenveel als Disneyland. In feite is het Centre het meest bezochte kunstcentrum van de wereld. Het Louvre bijvoorbeeld ontvangt maar 3,2 miljoen nieuwsgierigen. Bij de opening met Pasen 1994 (drie dagen) kwamen hier 116.000 mensen over de vloer. Voor de eerste keer zijn alle elementen en alle vormen van de moderne cultuur verenigd op een plaats, die bovendien zeer toegankelijk is. Voor een groot deel van de tien miljoen mensen die hier de revue passeerden, was het de eerste keer dat ze een stay zetten in een museum voor moderne kunst, zo niet een museum in het algemeen. Heel het zwaarwichtige gedoe van de traditionele musea voor cultuur met een grote C en de daarbij behorende drempelvrees zijn meteen weggewist. Het publiek is gewonnen voor het ludieke aspect dat het Centre heeft weten te enten op een imago dat traditioneel eerder ernstig overkomt En dat is nu precies het wonder van Beaubourg: afgezien van het esthetische oordeel dat je velt over het gebouw, valt niet te ontkennen dat het 'Pompidolium' een vooraanstaande en onmisbare plaats heeft weten in te nemen in het culturele leven, niet alleen van Frankrijk, maar ook daarbuiten.  Doordat het op een zeer geanimeerde plaats ligt, heeft Beaubourg ook kunnen profiteren van de levendige activiteit op het voorplein. Goochelaars, jongleurs, vuurspuwers, straatzangers en dichters zorgen ervoor dat de laatste terughoudendheid verdwijnt. De architecten hebben het ook slim bekeken: doordat het plein zachtjes naar beneden helt wordt je als het ware  ongemerkt naar het Centre geleid.

 

 

 

Zonder Titel, 1962, 122 x 127 cm, Paris, Musée National d'Art Moderne, Centre Georges Pompidou