Verslag Nice - Hawai, here I come !
28/06/07 21:00 |
Pers. resultaten -
triathlon (1/1)
Het weer
was prachtig 28 graden en zeer veel zon. Beter voor
mij kon niet. Ik hou wel van een wedstrijd in de
warmte.
Om half vier had ik mijn haantje laten kraaien om mijn laatste vaste maaltijd te verorberen; een ganse “painflute” met confituur heb ik naar binnen gedraaid,want ik besefte heel goed dat dit mijn laatste vaste voeding was tot na de wedstrijd.
Om kwart na zes ging ik mijn plaatsje zoeken op de keien van het strand tussen de 1499 andere atleten die ook popelden om van start te gaan en wachtten op het startschot van de 3de Ironman van Nice.
Half zeven : De start. Chaos. Het duurde wel een kilometer voordat ik behoorlijk kon doorzwemmen. Een stamp links, een stamp rechts en een ferm tegen mijn neus. Ik raakte even van slag, want ik had het gevoel dat ik een bloedneus had. Gelukkig had ik ongelijk en verdween de pijn langzaam.
Een uur elf minuten en zes seconden; ik kan het water uit. Tussen een muur van toeschouwers loop ik naar mijn fiets.
Het fietsen begon met een vlakke aanloop langs de Middellandse Zee, tot aan Saint Laurent du Vare. Dan begon het harde klimwerk. Het eerste stukje bergop was ongeveer een goeie kilometer lang, maar het stijgingspercentage was zeer hoog (18 procent). Ik heb collega-triathleten gezien die moesten afstappen.
De volgende beklimming was er een van twintig kilometer lang : loodzwaar. Focus op de top van Coll de Gatierre op 1126 meter hoogte. Bij die top haalde ik een Belg in Dany Dalle uit Blankenberge. Hij herkende me meteen en riep mijn naam. De rest van het fietsparcours hebben we samen afgelegd.
Wat met mijn positie ? Miguel had me toegeroepen dat ik 5de (in mijn categorie) was na het zwemmen. Ik wist zeker dat ik er ondertussen al twee had bijgehaald en had achtergelaten. Voor mij lagen nog de Belg John Redwood en de Fransman François Belben. Ze liepen maar verder uit op mij. Tot zeventien minuten voorsprong hebben ze gehad. Ik bleef kalm. Ik voelde dat ik nog niet te veel pijlen had verschoten en dat de weg nog lang was.
De natuur in Nice was ongelooflijk mooi, maar ik had niet de tijd om ervan te genieten. Ik moest me volledig concentreren op de wedstrijd. Op tijd voedsel opnemen en vooral heel veel water. Onoplettendheid op dat vlak zou wel eens fataal kunnen zijn. Maar alles was onder controle en verliep heel vlot. Al had ik wat krampen in mijn vingers tijdens de afdalingen, die zeer gevaarlijk waren.
Het einde van de fietsen kwam in zicht. De laatste twintig kilometer waren vlak, maar een hevige tegenwind richting Nice, maakt de aanloop naar de 2de wissel toch nog pittig.
Duizenden mensen stonden ons aan te moedigen, waaronder mijn vrouwke en Miguel. Ze riepen me toe een snelle wissel te maken, omdat mijn twee concurrenten op het einde van het fietsen (mijn fietstijd vijf uur vierenvijftig minuten en zestien seconden) verzwakt waren.
De schade aan het begin van de marathon was beperkt tot tot 9 minuten op Redwood en 8 minuten op Belben. Vier ronden van 10.500 km op de zonovergoten promenade “des Anglais” waren het strijdperk tussen ons gedrieën. Ik voelde me goed en begon zonder problemen te lopen op mijn vooropgesteld tempo. Alle Belgen langs de weg moedigden mij aan en dat gaf een ongelofelijk goed gevoel. Ook daardoor kon ik mijn tempo aanhouden.
Na de eerste loopronde hoorde ik dat Redwood “helemaal leeg” de wedstrijd had verlaten en dat Belben nog maar vijf en een halve minuut voorsprong op me had. Dat klonk goed, want dat betekende dat ik een kleine drie minuten goed had kunnen maken in de eerste ronde. Als er niets veranderde moesten drie ronden zeker genoeg zijn om mijn enige overblijvende concurrent in te halen.
Na de tweede loopronde had Belben nog maar een minuut tien voorsprong. Alles liep werkelijk volgens plan.
In de derde loopronde moest ik Belben kunnen bijhalen. Het duurde niet lang voor ik hem in het vizier kreeg. Wat een gevoel toen ik hem voorbij liep ! Nu moest ik mijn verstand gebruiken en zien dat ik mezelf niet opblies. Met nog 18 km voor de boeg kon er nog van alles gebeuren. Nog altijd durfde ik niet vooruit te lopen op de feiten en te denken dat ik als eerste in mijn Age-group over de meet zou lopen. Wat vorig jaar in Sherborne was gebeurd (gedwongen opgave op tien kilometer van de eindstreep) was ik nog niet vergeten.
Maar het Sherborne-scenario herhaalde zich niet. Integendeel. Met meer dan vijf minuten voorsprong op de tweede kwam de meet in zicht. Er kon mij niets meer gebeuren. Met alle aanmoedigingen van de zijlijn liep ik met ontroerde blik, tranen in de ogen van blijdschap over de eindmeet. Mijn eerste Ironman overwinning in Nice en mijn ticket waren binnen.
Hawai, here I come !!!!
Om half vier had ik mijn haantje laten kraaien om mijn laatste vaste maaltijd te verorberen; een ganse “painflute” met confituur heb ik naar binnen gedraaid,want ik besefte heel goed dat dit mijn laatste vaste voeding was tot na de wedstrijd.
Om kwart na zes ging ik mijn plaatsje zoeken op de keien van het strand tussen de 1499 andere atleten die ook popelden om van start te gaan en wachtten op het startschot van de 3de Ironman van Nice.
Half zeven : De start. Chaos. Het duurde wel een kilometer voordat ik behoorlijk kon doorzwemmen. Een stamp links, een stamp rechts en een ferm tegen mijn neus. Ik raakte even van slag, want ik had het gevoel dat ik een bloedneus had. Gelukkig had ik ongelijk en verdween de pijn langzaam.
Een uur elf minuten en zes seconden; ik kan het water uit. Tussen een muur van toeschouwers loop ik naar mijn fiets.
Het fietsen begon met een vlakke aanloop langs de Middellandse Zee, tot aan Saint Laurent du Vare. Dan begon het harde klimwerk. Het eerste stukje bergop was ongeveer een goeie kilometer lang, maar het stijgingspercentage was zeer hoog (18 procent). Ik heb collega-triathleten gezien die moesten afstappen.
De volgende beklimming was er een van twintig kilometer lang : loodzwaar. Focus op de top van Coll de Gatierre op 1126 meter hoogte. Bij die top haalde ik een Belg in Dany Dalle uit Blankenberge. Hij herkende me meteen en riep mijn naam. De rest van het fietsparcours hebben we samen afgelegd.
Wat met mijn positie ? Miguel had me toegeroepen dat ik 5de (in mijn categorie) was na het zwemmen. Ik wist zeker dat ik er ondertussen al twee had bijgehaald en had achtergelaten. Voor mij lagen nog de Belg John Redwood en de Fransman François Belben. Ze liepen maar verder uit op mij. Tot zeventien minuten voorsprong hebben ze gehad. Ik bleef kalm. Ik voelde dat ik nog niet te veel pijlen had verschoten en dat de weg nog lang was.
De natuur in Nice was ongelooflijk mooi, maar ik had niet de tijd om ervan te genieten. Ik moest me volledig concentreren op de wedstrijd. Op tijd voedsel opnemen en vooral heel veel water. Onoplettendheid op dat vlak zou wel eens fataal kunnen zijn. Maar alles was onder controle en verliep heel vlot. Al had ik wat krampen in mijn vingers tijdens de afdalingen, die zeer gevaarlijk waren.
Het einde van de fietsen kwam in zicht. De laatste twintig kilometer waren vlak, maar een hevige tegenwind richting Nice, maakt de aanloop naar de 2de wissel toch nog pittig.
Duizenden mensen stonden ons aan te moedigen, waaronder mijn vrouwke en Miguel. Ze riepen me toe een snelle wissel te maken, omdat mijn twee concurrenten op het einde van het fietsen (mijn fietstijd vijf uur vierenvijftig minuten en zestien seconden) verzwakt waren.
De schade aan het begin van de marathon was beperkt tot tot 9 minuten op Redwood en 8 minuten op Belben. Vier ronden van 10.500 km op de zonovergoten promenade “des Anglais” waren het strijdperk tussen ons gedrieën. Ik voelde me goed en begon zonder problemen te lopen op mijn vooropgesteld tempo. Alle Belgen langs de weg moedigden mij aan en dat gaf een ongelofelijk goed gevoel. Ook daardoor kon ik mijn tempo aanhouden.
Na de eerste loopronde hoorde ik dat Redwood “helemaal leeg” de wedstrijd had verlaten en dat Belben nog maar vijf en een halve minuut voorsprong op me had. Dat klonk goed, want dat betekende dat ik een kleine drie minuten goed had kunnen maken in de eerste ronde. Als er niets veranderde moesten drie ronden zeker genoeg zijn om mijn enige overblijvende concurrent in te halen.
Na de tweede loopronde had Belben nog maar een minuut tien voorsprong. Alles liep werkelijk volgens plan.
In de derde loopronde moest ik Belben kunnen bijhalen. Het duurde niet lang voor ik hem in het vizier kreeg. Wat een gevoel toen ik hem voorbij liep ! Nu moest ik mijn verstand gebruiken en zien dat ik mezelf niet opblies. Met nog 18 km voor de boeg kon er nog van alles gebeuren. Nog altijd durfde ik niet vooruit te lopen op de feiten en te denken dat ik als eerste in mijn Age-group over de meet zou lopen. Wat vorig jaar in Sherborne was gebeurd (gedwongen opgave op tien kilometer van de eindstreep) was ik nog niet vergeten.
Maar het Sherborne-scenario herhaalde zich niet. Integendeel. Met meer dan vijf minuten voorsprong op de tweede kwam de meet in zicht. Er kon mij niets meer gebeuren. Met alle aanmoedigingen van de zijlijn liep ik met ontroerde blik, tranen in de ogen van blijdschap over de eindmeet. Mijn eerste Ironman overwinning in Nice en mijn ticket waren binnen.
Hawai, here I come !!!!