a a a a a a

   
   

CLIM

CLIM – Coöperatief Leren In Multiculturele groepen
Een werkvorm die elke leerling tot leren aanzet

De leerlingen verschillen op duizend en één manieren van elkaar. Ze hebben elk hun eigen achtergrond, hun eigen karaktereigenschappen, vaardigheden, omgangsvormen, intelligentie, ….  . Wij willen al die leerlingen gelijke kansen geven en ervoor zorgen dat iedereen op school participeert. Dat kan, door de leerlingen intercultureel leren aan te bieden.

Waarvoor staat CLIM?

1.De ‘C’ van coöperatief

Enkele kenmerken van coöperatief leren op een rijtje:

Interactie: de leerlingen overleggen, zoeken samen, luisteren naar mekaars ideeën, bekijken een probleem vanuit verschillende hoeken.

Onderlinge onafhankelijkheid: Coöperatief leren creëert leersituaties waarbij leerlingen afhankelijk worden van elkaar om tot een oplossing te komen. Ze hebben mekaar nodig. Ze leren daardoor ook mekaar waarderen en de aanwezige diversiteit wordt intensief aangesproken.

Individuele verantwoordelijkheid: Iedereen is verantwoordelijk voor de eigen bijdrage, maar ook voor het groepsproduct.

Sociale vaardigheden worden aangesproken: De taken bieden een groeiveld waarbinnen sociale vaardigheden zich voortdurend kunnen ontwikkelen.

De groepsdynamiek wordt bevorderd: Door het groepswerk, binnen een gestructureerde aanpak, schept CLIM een veilige leeromgeving. Het kunnen verder bouwen op de aanwezige regels, kennis en vaardigheden, stimuleert de leerhouding in de groep.

2.De ‘L’ van leren

Leren is het proces waarbij de leerder zich een aantal kennisinhouden, vaardigheden en houdingen eigen maakt, zodat hij ze kan toepassen in andere situaties. Uitnodigende en uitdagende taken worden de leerlingen aangeboden. De rol van de leerkracht verschuift van leiden naar begeleiden.

3.De ‘M’ van multicultureel

Niet alleen de etnische diversiteit speelt mee, maar ook ook de verschillen in leeftijd, familiale achtergrond, karakter, vaardigheden, omgangsvormen, intelligentie…  . Daarom verloopt coöperatief leren binnen heterogene groepen. Voor het samenstellen van de groepen wordt rekening gehouden met de verscheidenheid aan intelligentievormen en de daaruit voortvloeiende vaardigheden en de verschillen in status.

‘IEDEREEN KAN IETS, NIEMAND KAN ALLES’

Leerlingen die altijd de boodschap krijgen dat ze het niet kunnen, fout, dom of zwak zijn, ontwikkelen een negatief zelfbeeld. In een CLIM-klas krijgt de leerling in de beginfase een rol toebedeeld die sterk aansluit bij zijn eigen kunnen; de leerling verwerft status, omdat hij goed is in iets. Dit zet hem meteen in een sterkere startpositie om een rol aan te vatten waarin hij minder sterk is. Er zal een verhoogde deelname aan de interactie zijn, verhoogde motivatie om te leren en worden meteen meer leerkansen gecreëerd.

Wij werken ‘climmig’ vanaf de eerste kleuterklas tot en met het 6de leerjaar.