|
le mans |
15 & 16.04.00 | |
|
|
||
|
|
Vliegende
Le Mans start |
|
|
|
De
Belgische kolonie… … in Le Mans is niet slecht. Drie Belgische raceteams weten zich te kwalificerenen. Bovendien treedt Stéphane Mertens weer naar goede gewoonte aan in het Engelse Phase One Team. Genoeg om 24 uren lang naar uit te kijken. Het donker is nog maar goed gevallen als Louis Wuyts op een nogal onorthodoxe manier afstapt van de bloedmooie VTR sp. Daarmee krijgt het Wim Motors Team de dubieuze eer als eerste Belgisch team uit te vallen. Louis is ongedeerd, maar de VTR is er erger aan toe. Die is namelijk niet gewoon onderuit geschoven, maar ook nog een paar keer in de grindbak over de kop gegaan. Als motorrijder raakt je dat in het diepst van je ziel. Ik krijg het gevoel afscheid te nemen van een opgebaard dierbaar wezen als de afdekhoes weggehaald wordt. De volgende uitvaller is het Team Zone Rouge van Nickmans, Humblet en de Fransman Jaulneau. Even voor middernacht geeft de R1 de geest. Als duidelijk wordt dat de motor het begeven heeft, kan teammanager Michel Nickmans alleen maar de handdoek in de ring gooien. Het Quick Motor Service Racing Team (Benny Pister, Marc Fissette en Bruno Hubert) mag op zijn eentje als Belgisch team de nacht ingaan. Ongeschonden komen ze er evenwel niet uit … |
|
|
|
Berekoud
Vraag het maar aan Marc Fissette. Hij geraakt eventjes van het 'platgereden' pad en komt meer dan waarschijnlijk op een ijsplek terecht. Weg voorwiel, weg Fissette, al is het maar voor heel eventjes. Een nieuwe radiator en uitlaatsysteem maken de RSV weer klaar voor de strijd. Voordien wist Bruno Hubert ook al de zwaartekracht aan een proef te onderwerpen. Alleen wat blikschade is niet zo onoverkomelijk en daarmee zit de RSV bijna geheel in het nieuw … Uiteindelijk wordt QMS 31ste algemeen. Slechts 2 Aprilia's rijden de volle 24 uren uit. |
|
| IJzersterke
combinatie Stéphane Mertens en het Phase One Team rijden er niet zomaar bij voor spek en bonen. Dat bewijzen ze vooral door de 5de stek te bezetten … tot 12 uur zondagmiddag. De GSX krijgt motorische kuren en slaat dit team eerst naar de 11de plaats terug. Wanneer ook het koelsysteem in de allerlaatste uren van de race begint te lekken, moeten ze vrede nemen met een 23ste plaats. De frequente binnenkomsten om water bij te gieten zijn daar wellicht niet vreemd aan. |
|
|
|
|
En
de winnaar is … Reeds van bij zijn introductie kon de Honda VTR 1000 in de straatversie vriend en vijand imponeren. De laatste beker in de Belgische competitie 'Battle of the Twins' was voor deze machine, op 1 èn 2. Dit jaar verschijnt de SP versie. Bedoeling is deze machine in te zetten in het Wereldkampioenschap Superbike (tegen de Ducs). Dat lukt, zoals bekend, niet zo overtuigend. In het Wereldkampioenschap Endurance is het echter een ander verhaal. Reeds op 'Belgisch' niveau ondervindt Wim Motors het enorme potentieel van deze motor : de speciale 'Endurance' achterbrug (vlugge wielwissels) kan het enorme potentieel van de motor niet aan en zorgt voor nogal wat kopbrekens … totdat het team uitvalt. Honda France heeft duidelijk meer know how en middelen. Ze leveren een beest van een motor af waar de concurrentie in lang niet meer aan kan tippen. Teammanager Bernard Rigoni laat op de persconferentie verstaan dat de motor aan het begin van zijn evolutie staat. Nog dit jaar zal hij in de komende Endurance wedstrijden nog performanter uit de hoek komen. En voor volgend jaar rekent hij al op een nog beter exemplaar … Blufpoker ? De toekomst zal het ongetwijfeld bevestigen als bittere waarheid, vooral voor de andere grote merken. Honda nr. 111 wordt eerste, op 3 ronden gevolgd door de Suzuki nr. nul (Jean-Michel Bayle, Christian Laveille en Arnaud Vandenbossche). Derde is de Yamaha R7 met nr. 16 (Brian Morrison, Bernard Cazade en Thierry Paillot). |
|
alle foto's
© SCRIBENT, tenzij anders vermeld.
E-mail