Metasequoia glyptostroboides
De Chinese schijncipres, Chinese sequoia, watercipres of gewoon metasequoia ( Metasequoia glyptostroboides) is één van de drie soorten sequoia's (naast de mammoetboom, Sequoiadendron giganteum en de kustsequoia, Sequoia sempervirens).
Deze Aziatische naaldboom lijkt sterk op de Noord-Amerikaanse moerascipres ( Taxodium distichum).
Een levend fossiel Deze boom was ooit één van de meest voorkomende bomen in het noordelijk halfrond (tijdens het Tertiair).
In 1941 werden de eerste fossiele resten gevonden en gezien de gelijkenis met de Noord-Amerikaanse sequoia's werd hij Metasequoia, dwz. schijnbaar een sequoia, genoemd.
Botanici vermoeden dat hij de voorouder is van de hedendaagse Sequoia sempervirens. De boom was toen dus enkel gekend als een reeds miljoenen jaren uitgestorven naaldboom.
In 1947 vond een Chinese houthakker drie vreemde bomen die hun naalden verloren en tijdens een daaropvolgende expeditie bleken nogal wat bomen van de soort nog steeds in leven te zijn in een afgelegen streek in Zuidwest-China.
In 1948 ontdekte men dat deze soort tot het reeds beschreven fossiele geslacht Metasequoia behoorde en werd de boom onmiddellijk verspreid over vele arboreta overal ter wereld, waaronder ook een aantal plantentuinen in België en Nederland.
Op bovenstaande foto's is links een rij jonge metasequoia's te zien nabij kasteel De Eester in Sint-Lenaarts (met in de achtergrond onmiskenbaar de top van een mammoetboom). Rechts is de typische stamvoet van een iets oudere metasequoia te zien (in de plantentuin van de Universiteit Gent).
In tegenstelling tot de andere sequoia's verliest hij zijn naalden in de herfst. In de lente is kruin frisgroen en gaat over naar een mooi geel tot rood in de herfst.
Omwille van zijn prachtige kleuren en het feit dat hij gemakkelijk te vermenigvuldigen is via stekken, is hij de laatste tiental jaren een populaire sierboom geworden.
Op bovenstaande foto's is de metasequoia van de plantentuin van de Universiteit Gent te zien, pronkend in zijn herfstkleuren.
Hij is een hele snelle groeier en bereikt hoogtes van 30 tot 45 meter. De kruin is dun-kegelvormig. De naalden zijn plat, liggen in een vlak maar zijn toch spiraalsgewijs ingeplant. De takjes zijn tegenoverstaand.
Door intensief hakken van de Metasequoia-wouden in China (Hubei, Sichuan) staat deze soort op het randje van uitsterven in de vrije natuur.
Metasequoia's in Europa
Net zoals in het noordoosten van de Verenigde Staten, is deze boomsoort vrij veel aangeplant in de gematigde klimaatzones in Europa.
In bijna alle parken van enige omvang staat er wel ergens een mooie Metasequoia glyptostroboides.
De oudste watercipressen kunnen wegens de reden die hoger vermeld wordt, niet vóór 1948 geplant zijn en zijn dus maximaal
jaar oud.
- Verenigd Koninkrijk
De grootste metasequoia's in het Verenigd Koninkrijk zijn te vinden in een aantal botanische tuinen, waar zij in 1948 zijn aangeplant.
Er staan exemplaren in de plantentuin van de Universiteit van Cambridge, in de Royal Botanic Gardens of Kew nabij de Lily Pond, in Sheffield Park, Sussex; Emmanuel College, Cambridge, en in Bodnant.
De meeste bomen die dateren van de eerste aanplantingsgolf van 1949-1951 zijn nabij water aangeplant, zoals de grote metasequoia nabij de lelievijver (Lily Pond) in Kew op de bovenstaande foto. Dit werd gedaan omwille van de gelijkenis met de moerascipres (Taxodium distichum) die het liefst nabij water wordt aangeplant en daar zijn typische luchtwortels ontwikkelt en men niet goed wist op waar de metasequoia het best zou gedijen (op de foto is op de achtergrond een moerascipres te zien). Ondertussen is duidelijk geworden dat de metasequoia het ook goed doet op drogere standplaatsen[1].
De snelst groeiende metasequoia's zijn te vinden in gebieden met een relatief warme zomer. In gebieden met veel neerslag en koele zomers, zoals in Schotland, waar soorten als de mammoetboom (Sequoiadendron giganteum) en de kustsequoia (Sequoia sempervirens) hun Europese recordhoogtes bereiken, zijn enkel traag groeiende, erg middelmatige metasequoia's te vinden.
- België
De oudste watercipressen in België staan in de Nationale Plantentuin in Meise.
Het zijn allemaal zaailingen van de eerste lading zaden die in 1948 de wereld rondgingen.
De zaden in Meise werden verkregen via het Arnold Arboretum van de Universiteit van Harvard (VS).
Het volgens de databank van de Belgische Dendrologische Vereniging (BELTREES) dikste Belgische exemplaar (3,08 m [5]) is te vinden in Herent in de familiecollectie Kapelleberg. Dit exemplaar zou eveneens één van de eerste in België geweest zijn.
Op de website van het domein zijn enkele foto's terug te vinden.
Persoonlijk heb ik mijn twijfels of deze boom werkelijk de dikste metasequoia is. Volgens Koen Camelbeke, beheerder van BELTREES, is de provincie Antwerpen iets ondervertegenwoordigd in de databank, iets wat ik ook al ondervond bij de gegevens over Sequoiadendron. Een bepaalde Antwerpse metasequoia in het dierenpark Planckendael bij Mechelen die niet in deze databank zit, heeft volgens mij een grotere omtrek (locatie van de boom). Als iemand Planckendael binnenkort eens zou bezoeken, mag die zeker eens een touwtje of meetlint rond deze boom leggen op 1,5 meter.
- Nederland
De voor zover gekend dikste metasequoia van Nederland staat in het park Kalheupink in Oldenzaal .
Deze boom heeft een omvang van 4,75 m op 1,30 m hoogte (op grondniveau 7,20 m)[2].
Een aantal andere "oude" en dikke exemplaren staan in het Cantonspark in Baarn.
De zaden werden tijdens een dendrologische conferentie in juni 1948 door de heer E.D. Merrill, directeur van het Arnold arboretum in Boston, VS gegeven aan de botanische tuinen in Utrecht. Het zaad werd naar de botanische tuin het "Cantonspark" in Baarn gebracht waar het korte tijd later kiemde. Verschillende jonge boompjes zijn de jaren daarna verdeeld onder boomkwekers en andere botanische tuinen.
De dikste metasequoia in het Cantonspark heeft een stamomtrek van 4,22 m en de tweede 3,39 m (gemeten op 1,3 m) [3].
Het zijn mooie exemplaren met een gerichelde stam, zo typisch voor de metasequoia.
Ook is een van de eerste boompjes cadeau gedaan aan Koningin Juliana. Dit boompje kreeg een plaats in de paleistuinen van paleis Soestdijk.
Een ander oud exemplaar staat op het domein Laag Keppel in Gelderland. Het domein is eigendom van Baron Van Lynden en is niet vrij toegankelijk. Een oom van de eigenaar, de bioloog prof. Mörzer Bruins, kreeg de zaden in 1950 van een Chinees.
Het exemplaar van het arboretum Poort-Bulten zou in 1949 aangeplant zijn.
Bovenstaande foto's tonen het groepje metasequoia's in winterkleed die te vinden zijn in het stadspark van Eindhoven. De dikste metasequoia van dit groepje haalt 3,16 m omtrek op 1,5 en 3,22 m op 1,3 m hoogte (meting Nardo Kaandorp, 2007).
Zelf planten?
De metasequoia is een prachtige laan- en tuinboom met frisgroene, zachte naalden in de lente tot geelrode naalden in herfst. Ze zijn relatief moeilijk te kweken vanuit zaad, dat zich in de kleine kegeltjes bevindt, maar waarom zou je die moeite doen als het anders kan: de metasequoia is héél gemakkelijk te stekken.
Snij enkele takjes af van een metasequoia in de buurt en gewoon in potgrond steken. Als je de potgrond vochtig en warm genoeg houdt, wortelen de takjes vanzelf.
Voor de meer ongeduldige mensen die het niet leuk vinden om te experimenteren: de metasequoia is doorgaans relatief goedkoop verkrijgbaar in planten- en tuincentra (net omdat die zo goed te vermeerderen is).
Wetenschappelijke classificatie: Metasequoia glyptostroboides Hu & Cheng 1948. Het is de enige soort in het geslacht Metasequoia S. Miki 1941, oorspronkelijk enkel fossiel gekend[4].
Referenties
- "Alan Mitchell's Trees of Britain", Alan Mitchell, 1996, HarperCollins, London, England. ISBN 0-00219972-6.
- Meting door Arthur de Vries, 2008
- Meting door Nardo Kaandorp, 2008
- The gymnosperm database
- Meting op 1,5 m door Wim Peeters voor BELTREES, december 2008
De moerascipres (Taxodium distichum)
De Metasequoia glyptostroboides lijkt sterk op de moerascipres ( Taxodium distichum), die echter vaak luchtwortels (kniewortels of pneumatoforen) heeft nabij water. De takjes van de moerascipres, of moerascypres in niet correct Nederlands, zijn ook niet tegenoverstaand en eindigen eerder puntig terwijl de takjes van de Metasequoia eerder afgerond zijn.
Links is een takje van de moerascipres te zien, rechts van de watercipres.
Al van toen ik klein was, had de moerascipres voor mij een vrij exotisch en mysterieus imago. In de lagere school van het dorpje waar ik opgroeide, leerden we namelijk dat in ons park een aantal bijzondere moerascipressen groeiden. Wist ik veel in hoeverre die nu echt bijzonder waren, maar intrigerend waren ze zeker. Er staan enkele grote exemplaren en op een klein eilandje stonden er nog enkele. Het eilandje bestaat volledig uit luchtwortels en ook op de oever van de parkvijver zijn er nogal wat. Met de scouts kwamen we er vaak langs en toen er nog een brugje was naar het eiland, gingen we vaak spelen en klimmen op het eilandje.
Nu, vele jaren later, zijn de meeste moerascipressen op het eilandje omgezaagd en kan ik met enige ervaring zeggen dat deze moerascipressen inderdaad bijzonder zijn.
Op bovenstaande foto kan je deze moerascipressen zien. Ze staan in het park van Heule (in de voormalige kasteeltuin van de familie Goethals) en zouden ruim 100 jaar oud zijn (het Engelse landschapspark werd in 1893 aangelegd).
Het is vanuit deze hoek wel niet zo duidelijk te zien dat er vrij veel luchtwortels zijn in de oeverzone en op het eilandje links.
Ik ben zeer geïnteresseerd in oude foto's waarop deze bomen te zien zijn, bijvoorbeeld van voor, tijdens of kort na de tweede wereldoorlog. Als iemand hier iets meer over weet, mag die mij steeds contacteren (mail rechts bovenaan).
Moerascipressen komen van nature voor in het moerassige deltagebied van de Mississippi in het zuiden van de Verenigde Staten, waar ze bij vloed in het water staan. Omdat de wortels op die manier niet aan voldoende lucht kunnen raken, ontwikkelt deze boom nabij water uitsteeksels die boven het water uitkomen.
Deze luchtwortels of pneumatoforen zien eruit als termietenheuvels en zijn heel karakteristiek voor deze soort. Moerascipressen die echter niet met hun wortels in of nabij water staan, ontwikkelen deze echter doorgaans niet.
Moerascipressen in België en Nederland
- In België
De dikste moerascipres van België is een exemplaar met een omtrek van 8,6 m zijn nabij het château de Marchienne in het Henegouwse Harveng nabij Bergen. Dat is werkelijk een gigantische omtrek, zelfs veel meer dan de dikste Britse exemplaren, zodat het hier misschien om een meerstammig exemplaar gaat. Op de foto's is daar echter helemaal niets van te zien.
- In Nederland
Het is mij niet bekend hoe dik moerascipressen in Nederland al geworden zijn. In het park Sonsbeek in Arnhem staat alleszins een flink exemplaar. Volgens de Nederlandse bomenkenner Jeroen Philippona zijn er maar heel weinig met een omtrek van meer dan 5 m.

De dikste moerascipres van Nederland staat in het prachtige kasteelpark van Kasteel Neubourg in Gulpen. De omtrek is 6,71m (hoogte ongeveer 17m).
De omtrek is gemeten op 1 m hoogte (het smalste punt), want op 1,3 m (de standaardmeethoogte in Nederland) is de boom ietsje dikker (metingen en foto's door Nardo Kaandorp, 2009).
Moerascipressen in de VS
Moerascipressen komen van nature voor in het moerassige gebieden in het zuiden van de Verenigde Staten, zoals de enorme rivierdelta van de Mississippi.
Inhoudstafel - top van pagina
|