Sequoia's

in BelgiŽ, Nederland en Luxemburg

Ziektes bij mammoetbomen

Mammoetbomen (Sequoiadendron giganteum) hebben het potentieel erg oud te worden. In hun natuurlijk verspreidingsgebied, het Sierra-Nevadagebergte in CaliforniŽ, zijn vele exemplaren terug te vinden die millenia oud zijn. De oudste mammoetboom waarvan de leeftijd na het omzagen exact bepaald kon worden door het tellen van de jaarringen bleek maar liefst 3266 jaar oud te zijn.

Mammoetbomen zijn bij ons echter niet inheems. De oudste mammoetbomen in onze streken kunnen pas na 1852 zijn aangeplant en zijn dus maximaal jaar oud. Toch lijkt het me zo dat een aanzienlijk deel van de mammoetbomen in onze streken nooit de leeftijden zullen bereiken die de boomsoort wel haalt in de Californische bergen. Hoewel ons klimaat de groei van mammoetbomen toelaat en er zeker tientallen exemplaren zijn die het erg goed doen en ongetwijfeld minstens meervoudige eeuwelingen zullen worden, is ons klimaat (en dan vooral tijdens de zomer) eigenlijk net iets te droog voor mammoetbomen.

Belangrijkste doodsoorzaak: de droogte
De grootste doodsoorzaak bij mammoetbomen is de droogte. De mammoetboom heeft een groot aantal kleine haarwortels, die eerder in de breedte dan in de diepte in de bodem groeien. Deze wortels zijn verantwoordelijk voor de watervoorziening van de boom en kunnen relatief snel beschadigd worden. Het is erg belangrijk dat deze wortels nooit volledig uitdrogen, ook al is het maar voor een korte periode.

Een onderbroken of niet optimale watervoorziening kan optreden:

  • tijdens langdurige droge periodes tijdens de zomer waarbij de boom geen toegang heeft tot water, zoals een waterhoudende grondlaag of bijkomende bevloeiing
  • door bodemverdichting - dit kan het gevolg zijn van betreding of asfaltering (een parking of weg te dicht bij de boom)
  • door wortelbeschadiging - door graafwerken nabij de boom (de wortels van een mammoetboom gaan zoals eerder vermeld eerder in de breedte dan in de diepte)
  • door een te zoute bodem (eerder zeldzaam)

 

Op bovenstaande foto's is links een bevloeiingssysteem te zien rond een pas aangeplant mammoetboompje in Spijkenisse, Zuid-Holland. Het is werkelijk ideaal om een dergelijk buisje aan te sluiten aan een zachtjes lopende waterleiding net na de aanplant, of tijdens droge zomerperiodes.
Rechts is een dode mammoetboom in het West-Vlaamse Banhoutbos te zien, die na meer dan 120 jaar het loodje legde. Volgens de eigenaar ging de boom zichtbaar achteruit na de een aantal droge zomers. Na bevloeiing kwam de boom er terug door, maar verloor dan uiteindelijk toch de strijd.

Bij een ander gestorven exemplaar in de Hof te Dieren in de Nederlandse IJsselvallei ligt de verlaagde grondwaterstand wellicht aan de oorzaak van het overlijden van de boom. Sinds de jaren '80 zou de grondwaterstand er door activiteiten van het drinkwaterbedrijf Vitens met anderhalve meter gezakt zijn.

Schimmelinfecties

Eens de boom verzwakt is, of omdat het nu eenmaal om een iets zwakker exemplaar gaat, kan de boom gevoelig worden voor schimmelinfecties. Op onderstaande foto's zijn een aantal mammoetbomen te zien waarop tonderzwammen (Ganoderma) op de stam te zien zijn - het begin van het einde.
Tonderzwammen op mammoetbomen zijn echter relatief zeldzaam: van de vele honderden mammoetbomen in de Benelux weet ik er slechts een handvol staan waarop zichtbare paddestoelen te zien zijn.

 

Vaker voorkomend zijn de fungusinfecties met minder spectaculaire vruchtlichamen (hoogstens zwarte puntjes op de stam). Schimmelinfecties treden zijn zeer algemeen in streken waar de zomers warm en vochtig zijn - daarom vinden we heel weinig mammoetbomen in de VS ten oosten van de Rocky Mountains en geen enkele sequoia in de tropen waar ze ten onder gaan aan Cercospora- en Kabatina-infecties.

In Nederland werden op de wortels van een gestorven mammoetboom in Rheden, na wat graafwerk, zwamvlokken gevonden. Hoewel er geen vruchtlichamen te zien waren, zou het vrijwel zeker om de honingzwam gaan[1].

Misschien gaat het hier ook om een Phytophtora-infectie[2]. Van deze bacterie is geweten dat deze in het noordwesten van de V.S., waar deze infectie de "Sudden Oak Death" genoemd wordt, op grote schaal verschillende boomsoorten aantast. Misschien zijn deze door de Rhododendrons, die rondom de mammoetboom aangeplant stonden, overgebracht.
Welke infectie het ook zij, wellicht heeft deze de genadestoot geleverd: de boom is vermoedelijk in eerste instantie achteruit gegaan door de verlaagde grondwaterstand, die op die plaats sinds de jaren '80 met anderhalve meter verlaagd zou zijn[3].

Het wegsnoeien van geÔnfecteerde takken en het behandelen van de stam en overige takken met een fungicide zou een oplossing voor dit probleem zijn.

Boomkanker
Heel zelden kan je zien dat er een gezwel optreedt, ook wel eens "boomkanker" genoemd. Bij mijn weten is er maar ťťn mammoetboom in de Benelux waarbij dit fenomeen te zien is. Levensbedreigend lijkt het me echter niet: ook in CaliforniŽ zijn er enkele eeuwenoude mammoetbomen met een dergelijk gezwel op de stam.

 

Op bovenstaande foto's zijn dergelijke gezwellen te zien. De boom links is een eeuwenoud exemplaar in het Sequoia & Kings Canyon National Park, de boom rechts is een Nederlands exemplaar in Roermond.

Overig

  • Een enkele keer vertelde iemand me dat de mammoetboom in zijn tuin was gestorven omwille van een onbekende reden. In de takken van de dode mammoetboom vond hij later echter een hele hoop larvengangen terug - wellicht was de boom aangetast door ťťn of andere keversoort. Het is me echter niet duidelijk of deze infectie de doodsoorzaak van de mammoetboom was of er eerder is gekomen omdat de boom al stervende was.
  • Na een blikseminslag (iets waar oudere mammoetbomen vrij vaak het slachtoffer van zijn) kan de boom een aanzienlijk deel van zijn kruin verliezen, waardoor de mammoetboom niet meer in staat is zichzelf van de nodige bouwstoffen te voorzien.

Beperkte hoogtegroei
Waar mammoetbomen in hun natuurlijk verspreidingsgebied tot meer dan 80 m hoog kunnen worden, is ook de hoogtegroei van mammoetbomen in BelgiŽ en Nederland eerder beperkt. Een belangrijke oorzaak is wind- en stormschade aan de groeipunt van de boom.

Meer informatie op deze pagina...

Referenties en bronnen

  1. email Joan de Vries, december 2008
  2. vermoeden Jeroen Philippona, december 2008
  3. email Wilke Schoemaker van Stichting Twickel, beheerder Gelderse bezittingen, december 2008

Inhoudstafel - top van pagina

© Tim Bekaert