Varkensstaartje (montante)

 

   Een montante is een zeer lang tweehandig zwaard dat  vanaf de  Renaissance onder andere gebruikt werd in Spanje en Portugal.  De totale lengte schommelt rond anderhalve meter. Afgezien van het gebruik op slagvelden en in andere gevechtssituaties  werd de montante ook gebruikt in solotraining ter bevordering van kracht, behendigheid en uithoudingsvermogen tot  in de negentiende eeuw.

 

Het ‘Memorial Da Prattica do Montante’ van Diogo Gomes de Figueyredo uit 1651 werd vertaald door Eric Meyers en van een historische inleiding  voorzien door Steve Hick. Het bevat zestien eenvoudige en zestien complexe solo-oefeningen waarvan hier enkele beschreven worden.

 

De eerste eenvoudige regel.

 

Sta rechtop en frontaal met de linkervoet vooruit en de montante met de punt op de grond. Hou de montante vast bij het kruis met de rechterduim naar beneden  op de kling. Schop de montante met de rechtervoet omhoog en naar achter. Sla van rechtsonder diagonaal naar links omhoog terwijl je rechts stapt. Laat de montante vallen aan je linkerkant en sla met de valse snee van daaruit diagonaal naar rechts omhoog met een linkse stap. Doe hetzelfde terwijl je achteruit stapt. Stap dus linksachter en sla van rechtsonder naar linksboven en stap dan rechtsachter met  een slag van  linksonder naar rechtsboven. Geef op het einde stilstaand een slag naar de linkerschouder vanuit rechtsboven en plaats de punt van de montante terug op de grond zoals in het begin. Elke regel van de montante heeft dit einde.

Mocht dit onduidelijk zijn, wat je doet is het beschrijven van een liggende 8 met opwaartse slagen. De tweede eenvoudige regel is identiek, alleen betreft het hier neerwaartse slagen met steeds de echte snee.

 

De vierde complexe regel.

 

Deze regel dient om te vechten tegen mensen die voor en achter je zijn.

 

Zelfde begin als eerste eenvoudige regel. Sla opwaarts in de linkerdiagonaal met de linkervoet voor (stilstaand of schuifpas) en neerwaarts in de rechterdiagonaal met een rechtse stap, laadt een steek over de rechterarm die je naar achter geeft terwijl je de rechtervoet achteruit zet en omdraaiend links instapt met een neerwaarste slag in de linkerdiagonaal. Geef dan in de rechter diagonaal een neerwaartse slag (stilstaand of schuifpas en de overgang gebeurde op heupniveau) gevolg door een neerwaartse slag in de rechterdiagonaal met een rechtse stap (de overgang gebeurde op schouderniveau) waarbij je een steek laadt over de rechterarm die je geeft met rechts achter stappen en omdraaiend stap je links in met een neerwaartse slag in de linkerdiagonaal. Dan geef je weer die twee slagen in de rechterdiagonaal en dit alles doe je in overeenkomst met de weerstand die je ondervindt.

 

 

 

 

 

 

 

 

                                                                                                                                                                                       

Tekstvak: .
Tekstvak:

ka

aikido

iaido

jodo

kata

info

nieuws

hoekje

shikado

varkens-

staartje