Een stukje geschiedenis...

 

De patrones van Appels is de heilige Apollonia, een diacones uit Alexandrië in Egypte, uit de derde eeuw na Christus. Omdat ze weigerde te offeren aan de Romeinse goden werd ze gevangen genomen, gemarteld en gedood. Bij haar marte­ling werd ze doorde beulen de tanden uitgeslagen. Daarom wordt ze aanroepen tegen tandpijn. Feestdag 9 februari -Appels kermis. Niets logischer dus dan te vermoeden dan Appels van Apollonia zou afgeleid zijn. Toch niet, Appels (in 1125 aangeduid als Apls) is vermoedelijk een Keltische naam voor water, en was in leen aan de abdij van Zwijveke en deel van het graafschap Vlaanderen en Henegouwen. Op kerkelijk vlak viel Appels onder het bisdom Kamerijk (Cambrai in Noord-Frankrijk), sedert 1559 onder het  aartsbisdom Mechelen, en vanaf 1801 onder het bisdom Gent. De kerk stond eerst aan de oevers van de Schelde, niet ver van het Veer. Ze had veel te lijden door de overstromingen en op het eind an de 15 de eeuw en in 1533 werd ze zwaar door brand geteisterd. Men besliste toen ze iets verder te herbouwen. Nog in 1553 begon men met de bouw van de kerk op haar huidige plaats. Een zandstenen jaarsteen herinnert aan deze gebeurtenis. De kerk kende een bewogen geschiedenis, in 1579 werd ze geplunderd en verwoest door de geuzen. rond het midden van 18 e eeuw was de kerk te klein te geworden voor de 600 kerkgangers, in 1785 werd de kerk geleidelijk gesloopt, op het oude koor na en herbouwd in haar huidige vorm. De wijding van de nieuwe kerk ging door in 1788.

Ook als geklasseerd monument is de kerk van Appels zeker en bezoek waard. Het interieur is van een uitzonderlijke kunstwaarde, zeker het houtwerk en de houten beelden verdienen meer dan een vluchtige kijk, en het stemmig geheel nodigt uit tot bezinning en gebed.  De pastorie stond aanvankelijk langs de Gentse Steenweg, ongeveer tegenover de huidige schoolstraat, een heel eind van de kerk vandaan. In 1769 werd door pastoor Plasschaert, een Brussels edelman, een nieuwe pastorie gebouwd op haar huidige plaats. Aan de zijgevel van de kerk is nog steeds de grafsteen van pastoor Plasschaert te zien. De plannen en uitwerking van de pastorie zijn van de hand van Simon van Zwaervelde en Pieter Johannes Oste.

Appels bleef, op een paar onderbrekingen na, bezit van de abdij van Zwijveke tot de Franse Revolutie. Het kerkelijk bezit werd verkocht, de toenmalige pastoor Johannes Emmanuel van Grootven terechtgesteld in 1796. Appels bleef toen 9 jaar zonder pastoor. Na de Franse Revolutie en de korte Hollandse periode keerde de rust weer met de oprichting van het Belgisch Koninkrijk in 1830. Ook in de 20ste eeuw werd de kerk verfraaid. De algehele restauratie werd afgesloten in 1993 met de hernieuwing van de schilderwerken binnenin.