|
Uitgebekerd na twaalf partijen
Een bekertornooi dat begon met de
instelling 'laat ik maar meedoen' eindigt voor mij in de kwartfinale
na twaalf partijen in drie ronden
met een +2 score. Conclusie is dat ik niet anders dan tevreden kan
terugkijken op het tornooi, dat met het knock-out-systeem een geheel
eigen
karakter kent dat niet te vergelijken is met de clubkampioenschap,
een rapidtornooi, zondagochtend blitz, of enig ander
schaakaktiviteit.
Hoe ga je in de volgende partij om met 'het vasthouden van een
voorsprong', of 'het moeten winnen om een verlenging te halen' is
een van
de hoofdingrediënten van het bekertornooi, waardoor je jezelf in dat
opzicht kunt ontwikkelen.
Doordat het te spelen uur in de
rapid-fase verdeeld wordt omgekeerd evenredig aan de parate kennis
van het schaakspel is er bovendien
een situatie ontstaan, waarin gelijke kansen zijn voor alle
deelnemenden die er echt voor gaan.
De verlenging middels de blitz-partijen maakt het spektakel-element
compleet.
De voorronde werd drie dagen vóór
de kwartfinale gespeeld in de speelzaal van Schaakkring Oude God in
Mortsel, waar ik bijtijds
aanwezig was om het bord, de stukken en de klok gereed te maken om
nog voor de strijd op het terras in het zonnetje te kunnen zitten
tussen de deelnemers van de Beker van sk Oude God. Ondanks dat ik
ingevulde formulieren van sk Deurne op het gereedgemaakte
bord geplaatst had was deze in gebruik genomen door leden van sk
Oude God.
De waardering daarvoor liet ik met passende doch beheerste toon
blijken tegenover de personen die het bord overgenomen hadden.
Het voornemen de partij 'voor
achteraf' te noteren ging door de irritatie over de bordscene snel
van de hand: de eerste zet van Pol
noteerde ik als: Pf3-g1, waardoor ik wist dat ik die avond van het
formulier af moest blijven. Hierdoor kon de irritatie plaats maken
voor strijd aan het bord. Met zwart kon ik in de eerste partij de
torens verdubbelen, waardoor er 5 zetten later een pion
niet meer af te stoppen is van promotie, met beide dames nog op het
bord.
De tweede partij kiest Pol voor
een scherpe aanval, maar gebruikt daarvoor veel tijd. Mede doordat
er toch wel voor de correcte
verdedigingszetten gekozen is. Pol verloor de tweede partij op tijd,
maar de stelling was bij het vallen van de vlag gelijk.
De achtste-finale was bereikt,
waarmee ik de kans kreeg een 'partij waar het om gaat' te spelen
tegen een speler uit Deurne 1.
Op een zomerse vrijdag was ik bijtijds op Rix, zodat het
sauna-gehalte in het speellokaal enigszins getemperd kon worden.
Ik zette alle ramen open, waardoor het zeer aangenaam was tegen de
tijd dat er gespeeld moest worden.
Tegen Pascal Francois mocht ik beginnen met wit, waarbij zwart snel
een paard op wits helft kreeg.
Ik meen dat ik de juiste zetten speelde en waagde het erop een
kwaliteit te offeren door een toren te geven voor de sterke
fianchetto-loper.
Deze keuze legde geen windeieren: ik kreeg een mooie aanval waarbij
de dame gewonnen werd, waarna er geen fouten gemaakt werd in het
uitspelen.
De tweede partij werd duidelijk
dat ik vóór de korte rokade toch echt van wits h-pion af moet
blijven. Dit werd genadeloos afgestraft. 1-1.
Er moest dus verlengd worden middels twee blitzpartijen. De eerste
partij met wit behield ik een goede stelling en kreeg een
niet weg te werken paardenkoppel op zwarts-damevleugel, waardoor
Pascal mijn stelling niet binnen de vijf minuten kapot kreeg. 1-0.
In de tweede partij lukte dat duidelijk wel: net zoals in de
rapid-partij werd mijn zwarte stelling in puin gespeeld: 1-1.
Bij de loting voor de derde blitz-partij hoorde je mij dan ook niet
klagen dat ik met wit mocht spelen. De stelling leidde snel tot
tijdvoordeel.
Met nog maar weinig tijd voor Pascal stond mijn stelling op
wankelen, doch de tijdsdruk maakte het ernaar dat Pascal mij de
mogelijkheid gaf
de toren terug te winnen. Met nog zo'n twee minuten tijd viel zwarts
vlag en was de kwartfinale bereikt.
De loting zorgde voor een
kwartfinale tegen Nicolaas Bes, waarbij ik met wit mocht beginnen.
Kwamen meteen overeen die partij
op vrijdag 19 mei af te werken. Een vrijdagavond waarbij het zowel
binnen Rix als daarbuiten flink zou stormen....
De eerste partij kwam er een
konings-indisch op het bord. De keuze met het paard een aangevallen
pion te dekken was de basis voor
de overwinning van Nicolaas in de eerste partij. Doordat ik een
aanval probeerde in te zetten op de koningsvleugel, terwijl hij zijn
sterke loper
nog heeft kan zwart met zijn toren het in een hoek gedreven paard
eraf spelen. Met een witte vrijpion op weg naar de achtste rij moet
zwart zorgvuldig spelen. Hij doet dit ook en het staat 0-1. Om nog
kans te maken op de halve finale moet er dus gewonnen worden.
De tweede partij komt er siciliaans op het bord. Met ruimte vóór de
zwarte e-pion lokt wit een zwarte loper naar f6.
Na het naar voren spelen van die e-pion wordt wit gedwongen een
kwaliteit te geven, terwijl de a-lijn open ligt.
Zwart maakt daar goed gebruik van, waardoor wit de aanval niet meer
kan stoppen. 1-1. Een verlenging is wederom bereikt.
De eerste blitzpartij kwam er
wederom een konings-indisch op het bord. In details anders dan in de
rapidpartij: ik koos in de blitzpartij
voor het solidere c3-d4-e3-pionnencentrum, i.p.v. het ambitieuze
c4-d4-e4-centrum. De partij werd in wits voordeel beslist doordat
zwart
zijn koning in schaak liet staan. Nicolaas kwam terug in de tweede
blitz-partij, waarin hij het afdwingen vanuit zwart van vroegtijdig
afruilen van de witte velden-lopers goed afstrafte.
Uit de loting kwam voort dat
Nicolaas in de beslissende blitzpartij met wit mocht spelen. Zwart
maakte een onzekere indruk en de fouten die
daarop volgden werden goed ingeschat, waardoor er halverwege de tijd
voor mij nog maar weinig te spelen viel.
Maar met een uitschakeling in de kwartfinale na 3-2 verlies kan ik
onmogelijk ontevreden zijn. Er is gestreden tegen een tegenstander
die zijn plaats in de kwartfinale ook niet cadeau gekregen heeft; ik
heb drie mooie bekerronden gespeeld met maar liefst 12 partijen in
totaal.
Kortom: ik kan tevreden terugblikken op mijn debuut in het
bekertornooi van sk Deurne.
Paul Koks
|